Zaterdag 25/06/2022

InterviewJames Cooke en Gert Verhulst

‘In het begin dronken we een glaasje mee met de gasten, maar daar moesten we mee stoppen’

null Beeld SBS
Beeld SBS

Na vijf jaar samen talkshows maken, eerst op de boot en daarna in de studio, plukken Gert Verhulst (54) en James Cooke (37) de microfoons uit hun jasje. Het nieuwe seizoen van De Cooke & Verhulst Show betekent ook het vrolijke vaarwel van het televisieduo. Nog één keer leggen bekende medemensen hun hart op tafel, communiceren politici voortijdig hun besluiten en demonstreert Gert hoe goed hij getergd met de ogen kan rollen. Op de valreep voert het duo nog een belangrijke vernieuwing door: voor het eerst wordt het programma live uitgezonden.

Joris Bellwinkel

Terwijl ik in het Pop-Up Theater van Studio 100 in Puurs op een bankje bij de artiesteningang wacht, passeren achtereenvolgens de catering, de koormeisjes, de orkestleden, het voltallige ballet en Koen ‘meneer Spaghetti’ Crucke. Over twee uur staan ze allemaal op het podium voor de show waarin Samson zijn baasje Gert uitzwaait. Een uitzwaaisessie waar, dankzij corona, maar geen einde aan lijkt te komen.

Gert Verhulst: “Je hebt van die mensen die jaren over hun afscheid doen en op den duur wordt dat een beetje triest, maar zoiets was helemaal niet de bedoeling. We hadden het goed gepland, maar plots moesten we alles abrupt stilleggen. Het is een gek gevoel, we staan hier nu met de cast alsof we de vorige reeks shows gisteren hebben gespeeld, maar er is twee jaar uit ons leven weggenomen.”

En daar dient het vol­gende grote afscheid zich al aan.

Verhulst: “Dat klinkt nu wel heel dramatisch.”

James Cooke: “We ervaren dat niet zo heftig, omdat we elkaar elke dag blijven horen of zien. We werken bijvoorbeeld nog samen in ons productiehuis Dedsit, waarmee we onder meer De Verhulstjes en James de musical maken, en #weetikveel voor Eén. Dit is geen afscheid van elkaar, het is een afscheid van het programma.”

Verhulst: “Het is ook niet zo dat we ruzie hebben of nooit meer samen iets willen doen, maar na elf seizoenen stoppen we wel met onze talkshow.”

Waarom?

Verhulst: “Je moet ­ophouden op een punt waarop ­iedereen zegt: ‘Waarom stop je nu?’ Voor je het weet, ben je twintig jaar bezig en ben je een deel van het behang van de kijker, en heb je spijt dat je geen nieuwe, verrassende dingen hebt gedaan.”

Jullie samenwerking bleek vanaf het begin een schot in de roos.

Cooke: “Wat helpt, is dat we elkaar erg goed kennen. We zijn al langer bevriend dan we de talkshow maken. Maar onze belangrijkste troef is dat we twee totaal andere profielen hebben, onze karakters verschillen enorm. Het maakt het spannend voor onszelf én voor de kijker.”

Verhulst: “We vullen ­elkaar aan. Ik ben ouder, hij is ­jonger. Ik ben hetero, hij is homo.”

Cooke: “Jij hebt echt héél veel geld.”

Verhulst: “En jij hebt ­gewoon veel geld. Je hebt een contrast nodig, je kunt geen duo vormen met twee dezelfde mensen. In een goed duo is er een slimme en een domme, of een dikke en een dunne. En ­zodra je doorhebt hoe dat conflict werkt, ga je het opzoeken. We ontwikkelden een manier van omgaan met elkaar, waarbij we dicht bij onszelf bleven, maar de werkelijkheid een tikkeltje uitvergrootten. Soms zijn we bijna typetjes.”

Cooke: “We willen vooral stoppen vóór het een trucje wordt.”

null Beeld Johan Jacobs
Beeld Johan Jacobs

Waarin zijn jullie het meest gegroeid?

Cooke: “Gert laat in elk ­seizoen iets meer van zichzelf zien. Tijdens de eerste seizoenen op de boot bleef hij erg op de vlakte, maar nu durft hij tijdens een gesprek te zeggen: ‘Sorry, wat je hier vertelt, vind ik quatsch.’ Het toont zijn betrokkenheid bij het onderwerp, en de kijker ziet een mens van vlees en bloed.”

Verhulst: “En James heeft rust gevonden. In het begin was hij heel hevig, en erg bezig met hoe anderen naar hem keken. Dat was ook logisch, want alles was nieuw voor hem. Nu werkt hij veel meer in functie van de gasten die we ontvangen.”

Cooke: “Vóór we met de talkshow begonnen, had ik ­alleen aan realityshows meegedaan, waarin het om mij ­draaide, terwijl het op de boot om de gasten ging. Mijn rubriek ‘Bedgeheimen’ was een belangrijke leerschool: luister naar wat de andere te vertellen heeft, laat die uitspreken. Soms moet ik iemand ademruimte gunnen, ik hoef niet elke stilte op te vullen.”

In de voorbije vijf jaar ben je uitgegroeid tot één van de belangrijkste gezichten van Play4.

Cooke: “Ja, ik mag mezelf gelukkig prijzen. Ik ben erg blij dat ik de tijd heb gekregen om zoveel te leren. De programma’s die ik nu breng, had ik vijf jaar geleden niet kunnen maken. Ik ken mijn gebreken, dus ik wil pas een stap zetten als ik denk dat ik het aankan. In een programma als Leef!, bijvoorbeeld, portretteerde ik mensen die terminaal zijn: dan moet het niet om James Cooke draaien.

“De eerste seizoenen herbekeek ik de afleveringen om te zien wat beter kon, wat grappig of sterk was en wat niet.”

En besprak je dat dan met Gert?

Cooke: “Ja, van de zender kregen we heel veel vrijheid, dus legden we elkaar onder de loep. Dan zei ik tegen hem: ‘Stel jezelf eens open.’ Of hij vertelde mij dat ik wat rustiger moest zijn. Ik heb zijn commentaar altijd met liefde ontvangen. Samen pingpongen helpt enorm als je onzeker bent.”

Verhulst: “We beleven ook alles samen en dat schept een band. Tijdens de productie zijn wij de enigen die precies van elkaar weten wat we aan het doen zijn, we voelen hetzelfde en hebben ­dezelfde stress. We moeten samen springen, maar we weten dat we er niet alleen voor staan.”

Waren er soms span­ningen?

Verhulst: “Eén keer per seizoen was er weleens iets banaals, maar nooit iets onoverkomelijks. Het stelde weinig voor, als ik hoor wat andere duo’s soms meemaken. Telkens zat de stress er voor iets tussen, bijvoorbeeld als een gast had afgebeld of de cijfers iets minder goed waren.”

Zijn jullie veel bezig met die kijkcijfers?

Verhulst: “Elke dag. We kijken meteen als ze om twintig over tien binnenkomen.”

Cooke: “En dan checken we alles. Van de marktaandelen tot de volumes. Niet alleen in de weken waarin we onze talkshow maken, maar echt alle dagen van het jaar. Zeg me een programma, en ik geef je de cijfers. Het is interessant om te weten wat werkt en wat niet, zo leer je waar Vlaanderen graag naar kijkt.”

En zijn jullie slecht­ge­zind als die cijfers tegen­val­len?

Verhulst: “Toch wel een uur.”

Cooke: “Ik wat langer, zeker tot de volgende middag.”

Verhulst: “We zoeken ook naar een verklaring. Soms is de reden simpel, zoals een voetbalwedstrijd op een andere zender. Maar soms vinden we geen duidelijke verklaring. En we zitten nochtans lang genoeg in het vak om te kunnen aanvoelen hoe we bezig zijn. Vlak na de opnames weten we zelf ook wel of we een goede show hebben gemaakt en welke interviews wat minder waren.”

Cooke: “Door het uitgesteld kijken is er ook veel veranderd. Vroeger waren we blij als we na een populair programma als Blind gekocht werden uitgezonden: dan snoepten we wat van die kijkers mee. Nu is het omgekeerd: als veel mensen een halfuur later beginnen te kijken, zijn wij die kwijt. En het is ook interessant om te zien hoeveel mensen je programma later opvragen om het op een voor hen geschikt moment te bekijken.”

Hebben jullie na vijf jaar nog stress voor een uitzen­ding?

Verhulst: “Weinig, alleen gezonde stress. Op den duur weet je dat er weinig echt fout kan gaan. Nu we voor het eerst live gaan, hoop ik wel dat er een keer wat misloopt.”

Cooke: “Jinx dat nu toch niet! ‘Ik hoop dat er iets misgaat’, wat is dat nu weer?”

Verhulst: “Wat is nu het ergste dat kan gebeuren?”

Cooke: “Een grote lamp die op ons hoofd valt.”

Verhulst: “Dat is ook erg als je niet op tv bent.”

In het allereerste sei­zoen gingen jullie al een keer live.

Verhulst: “Dat was een hoogtepunt. We hadden de dag ervoor beslist om 24 uur wakker te blijven en we belden de directrice of het mogelijk was om de hele nacht door te filmen. Toen kregen we een kleine ­cameraploeg mee.”

Cooke: “We zijn ’s nachts naar Karen Damen gereden en hebben haar uit bed gehaald.”

Verhulst: “We zeiden dat we live op tv waren, maar dat wilde ze niet geloven. We hebben toen de televisie bij haar aangezet en naar onszelf gekeken. We hebben zó moeten lachen.”

Hoho, amai!

En nu is er dus elke avond een live-uitzending.

Cooke: “Eigenlijk wilde Gert dat al vanaf het begin. Elk seizoen vroeg hij het me opnieuw, maar ik heb al die tijd de boot afgehouden. Ik voelde me er niet klaar voor. Nu ik al die televisiekilometers heb gelopen en het ons laatste seizoen is, dacht ik: bring it on! Maar ik vind het nog altijd ­gigantisch spannend.

“Het kan de inhoud van ons programma ook ­interessanter maken. Zo kunnen we live overschakelen naar kijkers of, zoals in het nieuws, onze reporter ter plaatse aan het woord laten.”

Verhulst: “Live gaan is het ultieme: wat gebeurt, dat gebeurt, punt. We hebben altijd naar authenticiteit gestreefd. De grappigste dingen waren niet voorbereid. Het moment waarop James bijvoorbeeld een condoom op zijn hoofd zette, was ontzettend geestig, maar ik heb geen idee waar dat vandaan kwam. Dat pakje lag niet klaar of zo. Een verspreking kan ook tot hilariteit leiden.

“Nog een voordeel van live uitzenden is dat je kunt reageren op grote gebeurtenissen. Nu gebeurde het weleens dat de corona-experts om negen uur ’s avonds samenkwamen, of dat de uitslag van een voetbalwedstrijd of het Eurovisiesongfestival binnenliep. Daar konden we niks meer mee doen.”

Willen jullie nu dichter op de actualiteit zitten?

Verhulst: “Dat zijn we van plan, zonder daarom CNN te worden. We proberen het altijd te hebben over de onderwerpen waar de mensen overdag over gepraat hebben.”

Cooke: “Als iets ’s ochtends aan de koffiemachine wordt besproken, moet het ’s avonds in ons programma zitten.”

null Beeld Johan Jacobs
Beeld Johan Jacobs

Afgelopen seizoen kwa­men ook zwaardere onder­wer­pen als Reuzegom, de kli­maatcrisis of het proces-De Pauw aan bod.

Cooke: “We willen geen enkel onderwerp uit de weg gaan. Die afwisseling tussen lichte en zware gesprekken hebben we altijd nagestreefd.”

Soms bespeur ik enig ongemak als het té se­rieus dreigt te worden. Als Bart De Wever een uit­een­zetting over het confederalisme geeft, bijvoorbeeld.

Verhulst: “Dat ongemak is vaak ook onze humor. Maar nu we niet meer ­kunnen knippen, zullen we ­alerter moeten zijn: alles wat ­gezegd wordt, moet raak zijn. We kunnen gesprekken niet meer laten ontsporen. We zullen gasten moeten onderbreken als het saai dreigt te worden. Zij weten ook dat we geen vangnet meer hebben.”

Vragen ze weleens om fragmenten te knippen?

Verhulst: “Ja, we zeiden vooraf: ‘Laat je gaan, en als er iets is wat je liever niet uitgezonden ziet, halen we dat er direct uit.’ Daar hebben we nooit moeilijk over gedaan.”

Cooke: “Bij Bedgeheimen lag ik soms anderhalf uur naast iemand en zei die dan ­weleens dingen die hij of zij toch liever niet op tv wilde. Dat knipten we er dan uit, anders kreeg ik op den duur niemand nog in bed.

“We hebben ook weleens mensen tegen zichzelf moeten beschermen. Ooit was iemand echt zat, hoho, amai!”

Verhulst: “We hebben die helemaal uit de uitzending weggelaten. Uit de antwoorden kon je met de beste wil van de wereld niets opmaken.”

Cooke: “En het was niet de enige keer dat iemand een ­beetje scheef liep op de boot.”

Eerder onthulden jul­lie al dat er behoorlijk wat ge­dronken werd op de Evanna.

Verhulst: “Nu klinkt het alsof we een bende alcoholisten waren. Er werd gedronken, maar pas als de opnames achter de rug waren. In het begin dronken we een glaasje mee, omdat we ons verplicht voelden, maar daar moesten we mee stoppen. Elke week vlogen drie nieuwe gasten er met frisse moed in, maar wij bleven op die boot zitten.”

Cooke: “Na zes weken waren we dan een wrak. Het werd ook een item bij de gasten: ‘Ben jij al op de boot geweest? Ik ga volgende week.’”

Verhulst: “Ze zagen het als een uitstapje, een vakantie. Toen wij niet meer meedronken, hoorden we: ‘Wat is dat voor saaie boel? We dachten dat jullie hier elke avond loosgingen?’”

Hebben jullie altijd makkelijk gasten gevonden?

Verhulst: “Ja, iedereen kwam graag bij ons langs. We hebben nu ook het voordeel dat er geen andere talkshows meer zijn.”

Cooke: “Vroeger gebeurde het vaak dat iemand die we op het oog hadden, al bij Danira Boukhriss of Lieven Van Gils zou aanschuiven. Die strijd hoeven we nu niet meer te voeren.”

Verhulst: “Op de boot zag ik vooraf soms op tegen bepaalde gasten. Ik was bang dat ik geen klik zou hebben, maar uiteindelijk bleek iedere gast fantastisch. We hebben nooit mensen aan boord gehad van wie we blij waren dat ze weggingen.”

null Beeld SBS
Beeld SBS

Laatste snik

Voor de trailer van het nieuwe seizoen zaten jullie vier uur in de schminkstoel om in een bejaarde versie van jezelf te veranderen.

Cooke: “Bij Gert hoefden ze iets minder rimpels toe te voegen.”

Houdt ouder worden jullie bezig?

Cooke: “Ik ben nog maar 37 jaar, dus ik heb nog niet veel kwaaltjes. Maar na een nachtje doorhalen moet ik al wat langer recupereren, en mijn gewicht heb ik ook niet meer in de hand. Als ik nog maar naar een boulette kijk, voel ik hem al zitten, vreselijk ambetant.”

Verhulst: “Ja, maar dat zijn randverschijnselen. Als je ouder wordt, ben je meer bezig met de eindigheid van het ­leven.”

Cooke: “We gaan het hier toch niet over de dood hebben?”

Verhulst: “Ik ben 54, dat is dik over de helft, hè.”

Cooke: “Ssst. Jij gaat héél oud worden en ik zal je ­karretje komen duwen. Je wordt zo oud als je huisnummer in Samson & Gert: 101.”

Verhulst: “Dan ben ik ook al over de helft, hoor. Als je 20 bent, heb je je hele leven voor je. Hoe ouder je wordt, hoe minder nog mogelijk is. Ik denk vanzelf meer na over hoe ik de rest van mijn ­leven wil spenderen. Hoelang zal ik nog hard werken? Misschien nog twintig jaar, misschien nog tien, misschien vijf? Ik heb rondom mij veel mensen die ouder zijn. Koen (­Crucke, red.) is al 70, hij is daar ook mee bezig. Hij werkt nog, maar wil ik dat over zestien jaar wel? Hoe ga ik mijn dagen later invullen?

“Het zou wel erg zijn als James daar op zijn leeftijd al mee bezig zou zijn. Hij stuurde me net een foto door van drie jaar geleden: voor mij voelt dat aan alsof het net achter ons ligt, dat is beangstigend. Het leven lijkt steeds sneller te gaan. Als je 2 jaar oud bent, is een jaar de helft van je leven, voor mij is dat een 54ste van mijn leven.”

Pak je daardoor dingen anders aan?

Verhulst: “Ik leefde altijd in de toekomst, ik keek altijd uit naar het volgende, maar daardoor ging het leven nog sneller voorbij. Daarom probeer ik nu niet bezig te zijn met morgen, maar wil ik gewoon genieten van dit gesprek en straks van de show. Ik wil dit bewust beleven en niet denken aan wat straks komt.”

In De Verhulstjes werd je emotioneel toen je over je ouders sprak.

Verhulst: “De laatste zes maanden van mijn vader waren niet leuk. Maar heel weinig mensen blijven tot hun sterfdag hypergezond. Echt oud worden is ook niet zo’n tof vooruitzicht. Mensen verleggen ook steeds hun grens. Mijn vader zei altijd dat het voor hem niet meer hoefde als hij dit of dat niet meer kon. Tot het zover was: dan verlegde hij zijn grens. Het is een soort overlevingsdrang.”

Cooke: “En waar ligt die grens bij jou?”

Verhulst: “Ik denk dat ik het ga proberen vol te houden tot mijn laatste snik.”

Cooke: “Je bent wel erg goed omringd. Je hebt een kleine, maar hechte vriendenclub.”

Verhulst: “Dat is waar, maar morgen misschien niet meer.”

Cooke: “En je let goed op je gezondheid, en op je choles­terol. Gert zegt ook altijd dat ik vroeger dan hij zal sterven.”

Verhulst: “Ja, dat denk ik echt. Aan een enge ziekte of zo.”

Cooke: “Maar je zegt het te vaak, waardoor het ook zal gebeuren. Dan moet je op mijn uitvaart zeggen: ‘Ik denk dat het mijn schuld is.’”

Gert, heb jij wijze raad voor je twee kinderen, nu ze allebei in de tv-wereld zijn verzeild?

Verhulst: “Ik zou het verschrikkelijk gevonden hebben als mijn vader zich te veel had bemoeid met mijn leven, dus ze moeten vooral doen wat ze willen doen en hun hart volgen. Dat geldt voor alles: hun relaties, hun ­carrière, hun leven. Ik heb het gevoel dat ze dat wel doen, dat ze zich allebei hard aan het amuseren zijn, en dat is het belangrijkste.”

Wil jij kinderen, James?

Cooke: “Dat is zo’n onderwerp dat bij ons af en toe de kop opsteekt. Zodra je je kinderen tijd en liefde kunt geven, moet je ervoor gaan, maar dat is nu niet het geval. Zolang je niet alle twee met volle overtuiging kunt zeggen dat je de best mogelijke vader zult zijn, mag je die beslissing niet nemen.”

Verhulst: “Jullie hebben wel een hond, een surrogaatbaby.”

Cooke: “Ja, dat is niet echt hetzelfde, maar dank voor de aanvulling.”

null Beeld Johan Jacobs
Beeld Johan Jacobs

Vorig jaar ben je ge­trouwd en was Gert je ge­tui­ge. Heeft hij iets moois ge­zegd?

Cooke: “Hij wilde het eerst niet doen, maar plots stond hij op, hij kwam naar voren en heeft een prachtige speech gegeven. Ik was heel trots dat hij mijn getuige was.”

Verhulst: “Ik denk dat hij het allemaal al vergeten is.”

Cooke: “Hij kan er niet tegen hè, dat hij zo mooi heeft gesproken. Dat zijn emoties, dat ligt moeilijk bij hem, maar hij heeft het echt heel goed gedaan. Hij vertelde hoe hij al vaak getuige was geweest van de liefde tussen mij en Dorian. Hij kreeg het zelfs moeilijk. (omhelst Gert) Ons blèterke!”

Verhulst: “Goed, ik ga iets te eten halen.”

De Cooke & Verhulst Show, maandag tot donderdag om 21.45 uur op Play4.

© Humo

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234