Woensdag 24/07/2019

De verzoening

In de verzoeningsrechtbank: "Oké, ik zal de DNA-test voor de kat dan maar betalen"

Beeld Wouter Van Vooren

In haar kleine rechtbank in Menen verzoent Caroline Delesie op donderdagochtend ruziënde partijen. Wat haar in één op de twee gevallen ook lukt. "Mensen hun verhaal laten doen, over hun tegenslag, geeft hen het gevoel correct te worden behandeld. Daarna houden ze zich bijna altijd aan de afspraak."

Donderdagochtend 9 uur, vredegerecht Menen. “Een gewone dag”, zegt Caroline Delesie. “Een huurgeschil, een kraaiende haan en een container. Dingen die
de ­mensen bezighouden.”

Woonmaatschappij vs Khalid O.

O. is niet opgedaagd. Als ze dat zou willen, zou de jonge juriste van de woonmaatschappij het dossier ­kunnen dichtklappen en de ­procedure voor gedwongen ­uitzetting opstarten.

Caroline Delesie: “Wat gaat u doen?”

Juriste: “Ik zou mijnheer O. nog één keer uitstel toekennen.”

Mildheid lijkt de norm in de ­verzoeningsrechtbank in Menen. Het hof bestaat uit Caroline Delesie en haar griffier. De juriste van de woonmaatschappij is een wekelijkse klant, met altijd een paar dossiers.

Delesie: “De directie van de ­woonmaatschappij heeft enkele jaren geleden haar beleid gewijzigd. Men volgt wanbetalingen nu veel actiever op dan vroeger. Als iemand zijn huur niet betaalt, krijgt die een sms’je. Bij meer dan een maand achterstal volgt een uitnodiging voor de verzoeningsrechtbank. Doorgaans werken we hier een afbetalingsplan uit van 50 euro per maand en vraag ik hen dat te ondertekenen.

“Mensen even hun verhaal laten doen over hun tegenslag, de reden waarom ze die maand niet konden betalen, geeft hen het gevoel correct te worden behandeld. Daarna ­houden ze zich bijna altijd aan de afspraak. We hebben het aantal gedwongen uitzettingen teruggebracht tot twee à drie per jaar. Op een totaal van duizend woningen.”

De juriste: “We doen hetzelfde bij klachten over rommel of ongedierte. Als mensen merken dat er iets gebeurt, win je snel hun vertrouwen. Dat is helemaal niet zo ­moeilijk.”

Delesie: “Vroeger werd het groot vuil één keer per jaar aan huis opgehaald. Nu moeten mensen naar het containerpark. We staan er onvoldoende bij stil hoe dat moet voor mensen die geen auto hebben.”

Een half uur later dan verwacht daagt Khalid O. toch op. Hij heeft zijn bus gemist en wil de vrede­rechter graag een betalingsbewijs van 350 euro tonen.

Dat hoeft niet.

Marc en Magda vs Dieter en Lynn

“Ik ben op van de zenuwen”, zegt Marc als hij gaat zitten. “Waarom? Omdat ik wéét dat ik gelijk heb.”

Delesie: “U houdt van katten?”

Marc: “Onze oudste is zestien jaar. Ik ga niet zeggen dat ze niet lang meer gaat leven, maar je kunt zien dat het beestje aan het aftakelen is. Als ik in de zetel ga zitten, is het wel nog altijd direct van trut-trut-trut, en die kat nestelt zich dan in mijn schoot. Ik ben bang dat Felix na al die weken van ons vervreemd zal zijn. Hun manier van opvoeden is anders. Zij noemen hem trouwens Balou.”

Hij kijkt zorgelijk. Herhaalt: “Balou.”

Delesie schetst de contouren van de zaak. Lynn, een studente, adopteerde in juni een kitten bij iemand in het Pajottenland. Ze noemde hem Balou. Op een dag was Balou kwijt. Lynn en haar papa hingen A4’tjes met foto’s van het voortvluchtige katertje in de straat. Ze belden ook aan bij Marc en Magda, allebei ­vijftigers. Die zeiden dat ze geen klein zwart katje hadden gezien.

Delesie: “Even later merkt Lynn haar katertje op in hun tuin. Discussie. De vijftigers zeggen dat het hun Felix is, die ze in de zomer als kitten hebben opgehaald in het asiel. Het gaat telkens – ik citeer beide partijen – om ‘een klein zwartje zoals er bijna geen zijn’. De lokale politie werd erbij geroepen en bracht het poesje naar Lynn en haar papa. Tegen Marc en Magda zeiden ze: ‘Als je het er niet mee eens bent, dan ga je maar naar de vrederechter.’ Wel, hier zitten we dan.”

De vijftigers blijven erbij dat Felix en Balou twee verschillende katertjes zijn. Volgens Lynn en haar papa bewijzen foto’s het tegendeel.

Delesie: “Ik heb op de vorige zitting voorgesteld na te denken over co-ouderschap. Die mensen wonen vlak bij elkaar. Als het dezelfde poes is en ze blijkbaar graag naar buiten gaat, waarom het diertje dan niet zelf laten kiezen wie het bezoekt? Het idee werd door beide partijen verworpen.

“Nu voel ik me een beetje koning Salomon.”

Marc is deze ochtend als enige partij opgedaagd. Hij heeft de dagen en de uren afgeteld. Vandaag zou het resultaat van de DNA-test bekend moeten zijn. Het DNA van Balou is vergeleken met dat van Chubby, de moeder van Balou.

Delesie: “Verweerster heeft me gisteravond in een mail laten weten dat de resultaten nog niet binnen zijn.”

Marc: “Waarom moet dat zo lang duren? Hebben die mannen in het labo zoveel werk, dan?”

Delesie: “Ik weet ook niet hoe dat gaat en hoelang dat duurt, een DNA-test bij katten.”

Marc schuift ongelovig heen en weer op zijn stoel. Begint zich te ­realiseren dat het misschien niet zo’n geweldig idee was om in te stemmen met een DNA-test die zou worden uitgevoerd door de dierenarts van de tegenpartij. Op kosten van de verliezende partij.

Beeld Wouter Van Vooren

Marc zucht: “Ik ben zeker van mijn gelijk, maar hoe kan ik weten dat ze de DNA-test niet gaan manipuleren?”

De zitting wordt verdaagd naar 7 december.

Laetitia vs Vanessa

Beide partijen spreken Frans, maar niet tegen elkaar. Tot enkele maanden geleden woonden ze samen, nu beschuldigt Vanessa Laetitia van de diefstal van haar tv, een paar ­schoenen en de afstandsbediening van de tv.

Vanessa: “Ze is een manipulatrice. Ze had mijn sleutel nog en heeft mijn spullen meegepakt. Ik probeerde met haar af te spreken om de zaak in der minne te regelen, maar ze komt nooit opdagen. Ook nu is ze er niet.”

Delesie: “In dat geval kan ik ­weinig voor u doen.”

Vanessa: “Wat moet ik nu doen?”

Delesie: “Naar de politie gaan. Aangifte doen van diefstal.”

Kort nadat Vanessa is vertrokken, wenkt de griffier de rechter. “Laetitia is er.”

Laetitia, beduidend jonger dan Vanessa, gooit bij aankomst drie Franse identiteitskaarten op tafel.

Delesie: “Wat moet ik hiermee?”

Vanessa: “Dit zijn allemaal mensen die kunnen beamen dat ik de waarheid spreek. Laetitia is niet goed bij haar hoofd. We hielpen haar haar muren schilderen en opeens werd ze agressief en gooide ze alles omver. Ze is geobsedeerd door mij. Ja, dat is het: geobsedeerd. Ik zag haar net nog, toen ze hier buitenwandelde. Ja, sorry: ik vond geen parkeerplaats, ik was te laat, maar het punt is: waarom komt ze niet terug binnen? Ik heb niets van haar gestolen, ik heb haar geld geleend. Wist u dat ze op een keer, met mijn kindjes achterin, op de autosnelweg pal op haar rem is gaan staan? We hadden allemaal dood kunnen zijn!

Beeld Wouter Van Vooren

“Maar weet u wat? Het zal u verbazen, maar ik vergééf het haar! Ik zweer het op de hoofdjes van mijn kindjes – en God weet dat niets mij dierbaarder is – dat ik het haar ­vergeef. Echt waar!

“Ik wil nog opmerken dat we een andere schoenmaat hebben.”

Nadya vs. Jacques

Mailtje aan het vredegerecht van Menen, in het Frans: ‘08.50 Kan niet komen, moet werken, kippen zitten binnen. Verzonden vanaf mijn iPhone.’

De zaak stond geprogrammeerd voor 9.45 uur en blijkbaar kon Jacques zich niet eerder realiseren dat hij vandaag moest werken. Dan had Nadya niet helemaal tot hier hoeven te komen.

Nadya: “U weet niet wat dat is. Nooit kunnen slapen.”

Delesie: “Hoe laat begint het?”

Nadya: “Ik dacht vroeger dat een haan alleen ’s ochtends kraaide, maar er zitten er verderop in onze wijk nog een paar en die converseren met elkaar. In de zomer begint dat om vier uur en gaat dat door tot elf uur ’s avonds. Onze tuinen ­grenzen langs achteren aan elkaar. Die haan kruipt soms tot juist onder het raam van onze slaapkamer en begint daar dan te kraaien.”

De zaak wordt verschoven.

Delesie maakt zich er allang niet meer druk over als procespartijen in haar rechtszaal consequent Frans spreken, komen opdagen met ­honkbalpetten of minder dan een uur voor de zitting cryptische excuus-sms’jes sturen.

“Wij zitten in Menen. Dit is een suburb van Rijsel. Het is niet de bedoeling dat ik deze mensen in tien minuten tijd opvoed. Ofwel verlaag je je drempel, ofwel bereik je niets. We hadden hier vorig jaar 333 zaken. Daarvan hebben we er 155 kunnen oplossen door verzoening. Door mensen naast elkaar te zetten en met elkaar te doen praten. Niemand hoeft een boete te betalen, het kost de samenleving niks, enkel een A4’tje voor een proces-verbaal van minnelijke schikking.”

Farmaconcern vs. goudsmid

Het is de manier waarop die de goudsmid hoog zit.

“Dit is zo’n zaak waarin de ene partij, het farmaconcern, zich laat bijstaan door een advocaat en de andere niet”, zegt Delesie. “Ik moet er dan altijd een beetje op letten dat ik niet zelf verval in de rol van de afwezige advocaat.”

De juwelierszaak paalt aan de apothekerszaak in het centrum van Menen. Twee maanden geleden trof de goudsmid tot zijn verbijstering een gigantische container op zijn stoep aan, pal voor zijn etalage. Die was nu zo goed als onzichtbaar door de tijdelijke constructie, van waaruit het farmaconcern tijdens een total make-over van de apothekerszaak zijn klanten zou blijven bedienen. Om de bouwvakkers vrije doorgang te geven, moest de container exact daar staan, zoals in dat Mobistar-filmpje van Basta.

De farmaman is met zijn ­advocaat helemaal tot in Menen gekomen vanuit Brussel, doet weinig moeite om zijn wrevel over het verlies van zo veel kostbare tijd te verbergen. Zegt: “Wij hadden een vergunning van de stad Menen. Ik zie het probleem dus niet.”

De goudsmid: “Mijn zaak is onzichtbaar, al 74 dagen. Op het bord van de gemeente staat dat de werken kunnen duren tot 22 december, net voor het bouwverlof. Ik zie het al gebeuren dat die container er met de kerst nog altijd staat.”

Dit is voor hem, kleine zelfstandige, de belangrijkste periode van het jaar.

Op een vorige zitting is overeengekomen dat het farmaconcern twee grote stickers op de container moest plakken. Volgens een door de goudsmid door te sturen logo en in het grootst mogelijke lettertype.

Delesie: “Ik passeer daar vier keer per dag. Pas sinds zaterdag hangen de stickers er.”

Advocaat: “We hebben het logo niet op tijd ontvangen.”

Delesie: “Erg zichtbaar zijn de stickers niet.”

Goudsmid: “Ze hangen juist onder de dakgoot van de container.”

Advocaat: “Er was gezegd: zo hoog mogelijk.”

Inmiddels hangt de kerstverlichting in Menen. Dat bemoeilijkt de komst van een kraanwagen die de container moet optillen en weghalen. De farmaman zwaait met een mail die moet aantonen dat een ­vergunning is aangevraagd, zodat de container in de nacht van 11 op 12 december zal worden verwijderd, waarna het gemeentepersoneel de kerstlichtjes zal terughangen. Een heel gedoe.

Farmaman: “Ik zal de kosten niet vermelden die daar allemaal bij komen kijken.”

De goudsmid rolt met de ogen. Denkt aan vroeger, toen je buur geen abstract merk was, maar een handelaar zoals jij. Met wie je

’s ­ochtends een praatje maakte over het weer.

Delesie dicteert de bewoordingen van de zonet gemaakte afspraken aan de griffier.

Goudsmid: “Ik heb nog één vraag. Hoe zit dat met mijn schadevergoeding? 74 dagen, dat is een derde van een heel jaar.”

Advocaat: “Er was gezegd dat als wij die stickers zouden plakken de schadevergoeding geen issue meer zou zijn.”

Goudsmid: “Nee, ik heb toen gezegd: we zullen zien.”

Helaas, zo staat het niet in het proces-verbaal. De goudsmid ­probeert met tegenzin te berusten, knikt ongelovig: “Een publieke verontschuldiging dan misschien? Een annonce in ’t Geel Blaadje? Iets in de trant van: onze excuses voor de overlast? Nee?”

Marc en Magda vs Dieter en Lynn (opnieuw)

Het is 7 december en de wereld van Marc stort in. Naast hem zit Lynn, het resultaat van de DNA-test ligt voor hen opengespreid. Balou is wel degelijk de zoon van Chubby.

“Ik zal het dan maar betalen”, kreunt hij. “Hoeveel is het?”

180 euro is de prijs voor de liefde voor een kleine kater die zich ­onuitgenodigd in zijn schoot kwam nestelen.

Delesie: “Ik heb dat beeld nog, van de inleidende zitting. Ik had een voorgevoel, vooral toen het meisje voorstelde om dat koppel een andere kitten uit hetzelfde nest te bezorgen. Het kostte haar geen moeite. Ik zag die man aarzelen, die wou eigenlijk wel happen. Zijn vrouw zat naast hem, handtas op haar schoot, verbeten nee knikkend.”

“Zij vonden dat het Felix was en dat het voor altijd Felix moest ­blijven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden