Zaterdag 14/12/2019

In de smurrie van een Gentse doop

Waarom laten studenten zich vernederen? Houden zij ervan om vol drek gespoten te worden en kraakt dat hun weerbaarheid? Zonder het mee te maken, kun je het antwoord niet achterhalen. Daarom volgde Tim F. Van der Mensbrugghe de doop van de Gentse Biologische Kring van begin tot einde.

In de Gentse Overpoortstraat staan 27 studenten te rillen in de regen, maar de eerste beproeving van de avond is voor mij. Om deze reportage te mogen schrijven, moet ik een contract tekenen. "Bij een onjuiste uitvoering van deze overeenkomst door de journalist is een som verschuldigd van 1.000 euro per inbreuk", stipuleert artikel 6.

Ruben Claus, praeses van de Gentse Biologische Kring (GBK), wuift de boete een beetje weg, maar je kunt er niet omheen: studentenkringen wantrouwen de pers. Op krantenredacties loopt het vol journalisten die nooit een studentendoop hebben doorstaan en het georganiseerde studentenleven graag wegzetten als marginale bezigheidstherapie.

Het grootste verschil tussen mij en mijn collega's is dat ik wél gedoopt ben. Zeventien jaar geleden, eveneens bij de Gentse biologen. Ik kan me redelijk goed inbeelden welke drek de 27 rillende schachten vanavond over zich heen zullen krijgen.

"Allemaal op een lange rij!", schreeuwt schachtentemster Marie stipt om halfacht. Als het hoogste gezag van het doopcomité moet zij de avond in goede banen leiden. "Het probleem met Marie is dat ze zelf in de lach schiet als ze te hard schreeuwt", grijnst Ruben.

"Op jullie knieën!", tiert een doopmeester. De schachten, die om hun hals allemaal een ketting dragen, gehoorzamen en nemen op het ruwe asfalt een houding aan van onderwerping. "Kop op de grond!"

Een emmer vol bevroren vis verschijnt op het toneel. Alle schachten krijgen zo'n vriendje tussen hun bilspleet geduwd, zonder dat ze weten wat er in hun broek glibbert. "Het zijn regenboogforellen", vertelt een doopmeesteres me.

"Wat zeggen jullie?", schreeuwt doopmeester Thibaut, een jongen met een gezellig voorkomen wanneer hij niet staat te brullen.

"Meester, dank u, meester!", antwoorden de schachten, die zelf nauwelijks hun lach kunnen inhouden. Als straf mogen ze pompen, terwijl de doopmeesters hen voortdurend uitkafferen. "Ik ben al hees", lacht Marie na amper een kwartier.

In olifantenpas - waarbij de schachten elkaars hand tussen hun benen vasthouden - draaft de colonne richting Citadelpark. "Ik ben een domme schacht, ik word graag anaal verkracht", declameert de groep. Wanneer de schachten overschakelen op haasje-over, beginnen sommige regenboogforellen hun omgeving te verkennen. "Ik heb iets zitten, maar ik wil niet weten waar of wat", griezelt één van de negen schachtinnen.

Een vrouwelijk lid van het praesidium glimlacht vol vertedering. "Het is leuker om deel te nemen dan om ernaar te kijken. Als schacht ben je tenminste de hele tijd bezig", zegt ze.

Als ik er zelf zou tussen staan, amuseerde ik me ook. De vernedering is een spel. Wanneer jij 'stop' zegt, kunnen de doopmeesters daar niets tegen beginnen. Zolang je meedoet, kun je wel voelen wat het moet betekenen om echt vernederd te worden. Dat is een levensles die je niet zult opsteken door dikke boeken te lezen. Het is ook je enige kans in dit vrije, maar saaie Westen om je eens heel ver uit je comfortzone te laten trekken.

Toch zijn er figuren die studenten oproepen om zich niet te laten dopen. Mijn collega Joël De Ceulaer bijvoorbeeld. Een dikke maand geleden noemde hij de traditie "belachelijk, vernederend, bepaald onhygiënisch - en nog gevaarlijk op de koop toe". Wat zou je opsteken van zo'n doop? "Blinde gehoorzaamheid. Ontmenselijking. Groepsdenken. Bruut gezag. Ongepaste minderwaardigheid", somde Joël op.

Ver van de academische discussie over de studentendoop moeten 27 biologische schachten op een regenachtige woensdagavond door een dikke laag afgevallen bladeren kruipen. Op hun buik. Eén schacht blijft liggen. "Vooruit!", buldert doopmeesteres Lauren. De jongen - we zullen hem Schacht X noemen - reageert niet.

Lauren buigt zich voorover en vraagt zacht: "Ça va?" Ze gaat tegenover hem zitten en doet hem rustig in- en uitademen. Wanneer hij weer tot leven lijkt te komen, schenkt ze hem een lach die zegt: "Relax, het is maar een spel."

Opengereten foef

Op een grasveld worden de schachten blootgesteld aan vernederingen als dikke bertha, de menselijke piramide en opengereten foef, die je met veel kwade wil kunt omschrijven als scoutsspelletjes.

Twee hoge piefen van het FaculteitenKonvent (FK) komen de doop controleren. Het FK overkoepelt alle universitaire studentenkringen en sloot met de stad Gent een doopdecreet af. FK-voorzitter Adriaan vraagt de medische papieren op die iedere doopmeester bij zich moet hebben. Daarin staat per schacht opgelijst aan welke aandoeningen, allergieën en diëtaire voorkeuren hij of zij lijdt.

Om de schachten te beschermen tegen onderkoeling, geeft Lauren een lesje aerobics. Een logge reus van een schacht krijgt een reprimande door zijn slordige uitvoering. "Kiri, knieën omhoog!", schreeuwt een doopmeesteres.

"Neen, hij heeft pijn aan zijn enkel", zegt een collega.

"Ah, oké."

Het is bijna tien uur, de doopmeesters drijven hun schachten terug naar de Overpoort, waar een zaaltje in gereedheid is gebracht voor de binnendoop. De vloer en de muren zijn beplakt met plastic folie. Een publiek van gedoopte GBK-leden schuift aan voor de plaatsjes met het beste uitzicht. Zij krijgen pilsjes en chips.

De schachten mogen alweer knielen opdat de doopmeesters hun haar kunnen inwrijven met maïsolie. Zo zullen ze de vuiligheid achteraf makkelijker uit hun haren kunnen wassen.

Die vuiligheid staat reeds uitgestald: voor 200 euro bonen, ketchup, mayonaise, siroop, slagroom, cacaopoeder en bloem uit de Colruyt. De doopmeesters storten al dat voedsel uit over de schachten, spuiten slagroom in decolletés en ketchup tussen bilspleten. Wie zijn hand opsteekt, krijgt een papiertje om de pap uit zijn ogen te wrijven. Lookpoeder blijft achterwege, wat knaagt aan mijn rechtvaardigheidsgevoel, want ik heb maanden rondgelopen met die geur in mijn haar.

De schachten spelen Twister met bordjes eten, acteren pornoscènes met frankfurterworsten en glibberen op hun buik naar een appel, tot groot jolijt van de toeschouwers. In een hoekje zit Schacht X te beven op een stuk piepschuim; Lauren gaat luisteren of hij het nog redt. "De kou en je knieën, dat is het ergste", observeert een ancien. "De vuiligheid doet er niet zoveel toe."

De volgende opdracht weerspiegelt de samenstelling van het doopcomité, dat bijna uitsluitend uit vrouwen bestaat. "Die menstrueren samen!", doceert Thibaut, die potjes vol gezwollen tampons tevoorschijn tovert. De schachten moeten erop zuigen. Hoewel het rode vocht slechts grenadine is, zie ik sommigen kokhalzen. Ook Schacht X schudt het hoofd, hij wordt gespaard.

"En als u nu nee durft te zeggen tegen misplaatste autoriteit, dan zult u dat later ook kunnen", schreef collega Joël in zijn open brief. Nou, van de mensen die ik híér neen zie zeggen, weet ik tenminste zeker dat ze het later ook zullen doen. Schacht X krijgt geen hoon over zich omdat hij de tampon weigert, maar een roze deken, tegen de kou.

Groepsknuffel

Wanneer de klok één uur nadert, kondigt Marie het plechtige gedeelte aan. De schachten gaan in vier rijen knielen en steken hun rechterhand omhoog. Het GBK-schild wordt opgehouden, Marie declameert een litanie in Foplatijn en Thibaut doopt de schachten met bekers bier. De schachten krijgen allemaal een dooplint om hun borst, het publiek stelt zich recht, legt de hand op het hart en zingt eenstemmig het kringlied. "Bij deze zijn jullie officieel gedoopt. Ik hoop dat jullie 't fijn vonden", kraait Marie. "Ik alleszins wel!"

De schachten mogen na uren vernedering weer rechtop staan, ze schudden elkaar de hand. Proficiat alhier, proficiat aldaar. Er volgt een groepsknuffel en dan nog één, rond Marie, die haar schachten met zoveel liefde heeft getemd.

"Ik denk dat er geen enkele schacht zal zeggen: shit, ik heb mij niet geamuseerd", glimlacht Thibaut.

"Dat knielen hoefde niet, maar dat is traditie", analyseert een schacht die niet de indruk geeft dat hij zwaar getraumatiseerd is. "Ik ben geen fan van het doopgebeuren, maar wel van samen dingen doen met mensen. Dan laat ik me gemakkelijk overhalen. Ja, en ik heb me wel geamuseerd."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234