Woensdag 20/11/2019

In de onderbuik van Rusland broeit de jihad

Het lijkt erop dat de aanslag op de metro van Sint-Petersburg het werk was van een zelfmoordterrorist uit Kirgizië, die al zes jaar in Rusland woonde. Vooralsnog is onduidelijk of Akbardzjon Dzjalilov (22) banden had met IS, maar de aanslag illustreert wel het gevaar dat jihadisten uit Centraal-Azië voor Rusland vormen.

Tot voor kort loerde het gevaar vooral uit Tsjetsjeense hoek. Veruit de meeste aanslagen waardoor Rusland de afgelopen twintig jaar is getroffen waren het werk van Tsjetsjeense terroristen, als vergelding voor het optreden van het Russische leger en de veiligheidstroepen in de Kaukasusrepubliek. De lange reeks terreuracties begon in 1995, toen Tsjetsjeense strijders het stadje Boedjonnovsk in het zuiden van Rusland overvielen en daar ruim 1.500 mensen gijzelden in een ziekenhuis. Daarmee wisten ze een wapenstilstand af te dwingen, maar vanaf 2000 volgde een nieuwe reeks terreuracties, nadat Poetin een nieuwe oorlog was begonnen om de Tsjetsjenen op de knieën te dwingen. Dieptepunt was de gijzeling op een school in Beslan in 2004, waarbij ruim 300 doden vielen, onder wie veel kinderen.

Sinds Tsjetsjenië stevig in handen is van Ramzan Kadyrov, een vazal van Poetin, beperken de Tsjetsjeense terroristen zich tot bomaanslagen, onder meer op de Moskouse metro (2010, 40 doden), de luchthaven Domodedovo bij Moskou (2011, 37 doden) en het openbaar vervoer in Volgograd (2013, 34 doden). Maar de afgelopen tijd lijkt het Tsjetsjeense geweld geluwd, mogelijk als gevolg van de dood van rebellenleider Dokoe Oemarov, die zich de 'emir van de Kaukasus' noemde.

Meest geharde jihadisten

Rusland maakt zich echter zorgen over de naar schatting 3.000 Tsjetsjeense strijders die zich hebben aangesloten bij de jihad in Syrië en Irak. Dankzij hun ervaring in de strijd met de Russische veiligheidstroepen behoren ze daar tot de meest geharde jihadisten. Nu het kalifaat van IS steeds verder afbrokkelt, vrezen de Russische autoriteiten dat zij terugkeren naar Rusland.

Keerpunt in de strijd was het besluit van Moskou in september 2015 om gevechtsvliegtuigen en troepen te sturen om de Syrische president Assad in het zadel te houden. Sindsdien verliest IS steeds meer terrein. Maar tegelijkertijd is Rusland een doelwit geworden voor IS-aanhangers, zoals bleek uit de bomaanslag op een Russisch passagierstoestel boven de Sinaï eind 2015.

Rusland is ook beducht voor terugkerende strijders uit Centraal-Azië. Geschat wordt dat er drie- tot vierduizend jihadisten uit Centraal-Azië in Syrië en Irak vechten, voornamelijk uit Kirgizië en Oezbekistan. De radicale islam heeft daar langzamerhand wortel geschoten als gevolg van de armoede, werkloosheid, de corruptie en de harde hand van de autoriteiten. Een van de belangrijkste leveranciers is de Islamitische Beweging van Oezbekistan (IMU), die vanuit Afghanistan en Pakistan opereert. De IMU heeft vooral aanhangers in de Fergana-vallei, waar ook de geboorteplaats van de verdachte van de aanslag in Sint-Petersburg ligt: de Kirgizische grensstad Osj. Het overgrote deel van de jihadisten uit Kirgizië zijn etnische Oezbeken, die zich vaak achtergesteld voelen bij de Kirgiezen.

Ook uit Tadzjikistan zijn honderden jihadisten naar Syrië getrokken. Een voormalige officier van de Tadzjiekse ordetroepen, Goelmoerod Chalimov, klom vorig jaar zelfs op tot 'minister van Oorlog' van IS. Veel kans om terug te keren naar hun eigen land hebben de Tadzjiekse jihadisten niet: de autoriteiten maken jacht op alles wat naar de radicale islam ruikt. Mannen worden gedwongen hun baarden af te scheren en de moskeeën staan onder strenge controle van de overheid. Het Kremlin vreest dat de terugkeerders in Rusland zullen proberen onder te duiken.

Volgens Aleksej Malasjenko, islamdeskundige bij het Moskouse Carnegie Centrum, begint ook in het hartje van Rusland, de Oeral, de radicale islam langzaam op te rukken. Traditioneel heeft de gematigde stroming in islamitische gebieden als Tatarstan de overhand, maar de sfeer begint volgens Malasjenko om te slaan onder invloed van salafistische migranten uit Centraal-Azië.

Ook al moeten veruit de meeste Russische moslims niets hebben van het geweld dat IS bezigt, ze hebben wel moeite met het Russische ingrijpen in Syrië. Dat wordt ook in Rusland door veel moslims gezien als een 'oorlog tegen de islam'. Met een moslimbevolking van ruim zestien miljoen zielen en nog eens vier miljoen migranten uit Centraal-Azië is dat iets dat de Russische leiders zorgen moet baren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234