Donderdag 26/11/2020

'In de liefde gaat het er nu eenmaal wel eens heftig aan toe'

Pakweg negentig Nederlandse debuten verschenen er in 2006 en toch ging er één met het leeuwendeel van de aandacht lopen. Art. 285b van Christiaan Weijts belandde op de AKO-shortlist en werd bekroond met de Anton Wachterprijs voor het beste debuut. Weijts' boek is een vaudevilleske stalkersroman vol enerverende seks en muzikale hoogspanning. 'Ik heb een zwak voor licht hysterische vrouwen.'

Door DIRK LEYMAN

Wie durft nog te beweren dat literaire recensies geen effect meer kunnen sorteren? Christiaan Weijts' triomftocht is het beste bewijs van het tegendeel. Toen Geerten Meijsing dit voorjaar in Vrij Nederland de roman glorieus onthaalde als "een hel van herkenning", ontstond er een sneeuwbaleffect van jewelste en gingen critici én lezers massaal voor de bijl. Zelfs vergelijkingen met Philip Roths Portnoy's Complaint waren niet uit de lucht.

Intussen is het boek aan een vierde druk toe en wordt er alom aan Weijts' mouw getrokken. Weijts (30), beroepshalve journalist bij het Leidense studentenweekblad Mare, schrijft nu ook voor de krant nrc.next en staat binnenkort op de podia van De Nachten en Saint-Amour.

Voor zijn romandebuut liet Weijts zich al in kleine kring opmerken met strakke columns voor Mare, die in Sluitingstijd werden gebundeld. Dat boek kwam onder ogen van De Arbeiderspers, die hem prompt een contract voor een roman aanbood. "Ik besefte pas achteraf hoe uitzonderlijk dat wel was", lacht Weijts nu.

Drie jaar lang werkte hij in alle rust aan zijn kleurrijke symfonie, waarin werkelijkheid en fictie elkaar plots de hand bleken te reiken. Art. 285b gaat over de 26-jarige pianoleraar Sebastiaan Steijn. Hij houdt een breedvoerig maar geestig relaas over zijn turbulente affaire met de demonische 19-jarige dansstudente én stripteaseuse Victoria Fabers, die hem uiteindelijk zal aanklagen voor belaging. Intussen houdt de pianist, die verslingerd is aan Italië en de muziek van Scarlatti, er een vijftienjarige Italiaanse geliefde op na.

Seks en muziek maken voortdurend licht destructieve pirouettes in dit veelgelaagde en stilistisch rijke boek, waarin Weijts zich ook ontpopt als een grossist in tegendraadse meningen. "Stalking is duidelijk een heel actueel thema", zegt Weijts, terwijl hij me met vaste hand door de Leidense binnenstad leidt, op zoek naar een rustige plek om te praten. "Ik krijg tegenwoordig zelfs rechtszaken toegestuurd, alsof ik een regelrechte expert ben."

De aan studentenstad Leiden verknochte schrijver troont me mee naar café Burgerzaken, waar stadgenoot en collega Ilja Leonard Pfeijffer al biertjes zit te hijsen. Maar het rumoer van borrelende vrijdagavondfuivers drijft ons tweemaal een andere kroeg in. In de luwte van De Stadt-houder slooft de joviale Weijts zich uit om het de interviewer naar de zin te maken, terwijl hij de ene na de ander sigaret rookt en uitgehongerd in de bitterballengarnituur graait.

De cover en de titel van uw boek zaaien verwarring. Het boek oogt als een goedkope thriller, terwijl Art. 285b een wat moeilijk bekkende titel is, die verwijst naar een stalkingartikel uit het Nederlandse strafwetboek.

"Ik vind het leuk om de lezer een beetje voor de gek te houden. Het mag niet meteen duidelijk zijn waarover het gaat. Het woord 'art(ikel)' dekt veel ladingen: het verwijst naar kunst, naar het strafrecht, maar het alludeert ook op het consumptieartikel dat een boek intussen ook is geworden. De uitgever stond eerst huiverachtig tegenover die titel. Daarom is ook de tekst van het wetsartikel aan de cover toegevoegd: zo weet je dat het over stalking gaat. Ik speel met de conventies van de thriller en het politierapport. Thrillers zijn vaak eenduidig: je hebt een dader en een slachtoffer en iemand die uitzoekt wie het allemaal heeft gedaan. Hier wordt dat allemaal op zijn kop gegooid: wie is er dader? Is de dader niet eerder slachtoffer?"

Art. 285b is een verdedigingsrede van pianoleraar Sebastiaan Steijn, die maar niet kan begrijpen waarom hij aangeklaagd wordt door de flamboyante Victoria en schriftelijk in het verweer gaat. Hij is het slachtoffer van een 'feministische tsunami', zo vond de kritiek. Bent u het eens met die interpretatie?

"Victoria Fabers draait zonder twijfel de man-vrouwverhoudingen helemaal om én zet ze naar haar hand. Ze stapt achteloos over van de ene naar de andere man, wanneer hààr dat behaagt. Maar tegelijkertijd laat dat ook haar beschamende kanten zien. Victoria en Sebastiaan gaan aanvankelijk vrij ironisch met elkaar om. Hun taalgebruik zit vol dubbele bodems, het lijkt of de ernst uit de weg wordt gegaan. Maar wanneer Sebastiaan haar te dicht benadert, gaat ze steigeren. Pas dan begint hij theatrale sms'jes te sturen en haar voicemail vol te spreken. Dat zij daarvoor aangifte doet, lijkt onredelijk."

U hebt toegegeven dat het boek een autobiografische achtergrond had. U was zelf betrokken in een stalkingzaak en bent uiteindelijk veroordeeld tot een taakstraf?

"Op dat moment was ik al bezig met een verhaal over een pianoleraar en een stripteasedanseres. Ik wilde vooral twee totaal verschillende werelden met elkaar confronteren. En toen kreeg ik die stalkingszaak op mijn dak. Terwijl die strafprocedure liep, ben ik passages in de ik-vorm door mijn boek heen gaan vlechten. Daardoor werd het opeens allemaal veel spannender. Het leek alsof er een soort ruwe kracht in mijn teksten vrijkwam. Die stalkingzaak was vooral een geschenk voor de literatuur. Het stelde verder niet veel voor: voor rijden onder invloed of een aantal parkeerboetes krijg je ten slotte ook al gauw zestig uur taakstraf."

Wilde u met het boek literair revanche nemen op 'Victoria'?

"Nee, helemaal niet. Maar Art.285b wil justitie er wel op wijzen dat ze met het begrip 'stalking' lichtzinnig omgaat. Dat iemand veroordeeld wordt op basis van het sturen van sms'jes vind ik nogal potsierlijk. Sebastiaan heeft haar bijvoorbeeld nooit bedreigd. De rechter wil die nuances niet vatten en ook Victoria negeert bewust dat aspect. Tja. In de liefde gaat het er nu eenmaal wel eens heftig aan toe."

'Victoria Fabers legde een balda- digheid aan de dag die onmiddellijk op hem oversloeg: hij wilde niet voor haar onderdoen', staat er. Ligt daar de kern van zijn fascinatie voor haar?

"Het is vooral het vermoeden dat dit meisje hem iets kan leren. Zij is thuis in de wereld van de grote stad en voor Sebastiaan lijkt het alsof nu pas de wereld voor hem opengaat. Hij moet duiken maar heeft nooit leren zwemmen. Tegelijk heeft het iets van een lessituatie. Victoria is ook heel dominant en grillig. Denk maar aan de vernederende scène waarbij hij naar de hoeren moet gaan terwijl zij toekijkt en vindt dat hij beneden zijn 'stand' neukt... Ik geef toe, ik heb een zwak voor vrouwen die een tikje hysterisch zijn. Dat übervrouwelijke vind ik veel prettiger dan al die berekenende en zakelijke vrouwen. Daarom vind ik ook Eline Vere-achtige types erg aantrekkelijk. Al zorgt het natuurlijk wel voor een hoop gedonder."

De clou is dat Sebastiaan er zelf ook een dubbelleven op nahoudt, zijn Italiaanse leerlinge Rosetta verleidt en haar niet erg fraai behandelt.

"Spelen en bespeeld worden is hét leidmotief van het boek. De onbezoedelde, tedere Rosetta is onderhevig aan zijn gemanipuleer en krijgt dat pas na een tijdje in de gaten. Zijn houding tegenover Rosetta weerspiegelt die van Victoria tegenover hem, bij wie hij dan weer het onschuldige, onervaren jongetje is. Zo wordt iedereen slachoffer van elkaar."

Misschien blijken de piano en de partituren van Scarlatti uiteinde- lijk wel zijn grootste liefde?

"(plechtig) Vrouwen, echtgenoten en minnaressen moeten altijd wedijveren met de kunst, dat is bekend. Mahler heeft een tijdlang weinig gecomponeerd toen zijn huwelijk toevallig weer even goed ging. Bij kunstenaars kan die creatieve energie blijkbaar maar naar één ding tegelijk vloeien: naar de kunst of naar de vrouw. De vrouw kan een muze zijn, die je paradoxaal genoeg ook van je werk afhoudt. De kunst moet je, net als de liefde, met je hele hart en wezen trouw blijven. Het is kiezen of delen. Anderzijds prikkelt Victoria's wispelturige gedrag hem zodanig dat hij er wel beter piano door gaat spelen."

Het boek drijft dan ook op een haast gekmakende spanning tussen de seksen: 'Zonder de belofte van erotiek, zonder de belofte van een eigenhandig uit te pakken naakt, draaide het leven op een lager tandwiel.'

"Vrouwen zijn de katalysator. Voor een romancier zijn het objecten die je gewillig naar je vorm kneedt. Ik 'misbruik' ze voor mijn inspiratie. Victoria en Rosetta zijn als het ware samenstellingen van verschillende bestaande vrouwen. Eigenlijk heeft het iets onethisch, maar zo zijn kunstenaars nu eenmaal. De kleindochter van Pablo Picasso zei het immers al: "Picasso sloot de vrouwen op en kneep ze vervolgens uit op zijn doek." Dus waarom zou ik het niet mogen?"

U doet graag schamper over de wijze waarop tegenwoordig met liefde en seksualiteit wordt omgegaan. Zo staat er: 'Een vrouw heeft twee wapens ter beschikking: tranen en seks.' En in een van uw columns schreef u: 'Het vinden van een man of vrouw is volstrekt identiek geworden aan de aanschaf van een cv-combiketel.'

"Ik vind het prettig om af en toe een paar stellige sociologische uitspraken te doen. Ik probeer op een mild-cynische manier de seksuele mores van deze tijd te vatten. Kijk, het is duidelijk dat de romantiek steeds meer verdwijnt. Het wordt allemaal zakelijker. Relaties worden afgehandeld alsof het managersprojecten zijn. Het bezoeken van datingsites heeft veel weg van shoppen in een supermarkt. Relaties worden een echte ruilhandel. En zo kom je natuurlijk uit bij Houellebecqs eerste roman: De wereld als markt en strijd. Ik sta nog altijd versteld van de precisie van zijn waarnemingen, die tegelijk extreem geestig zijn opgeschreven. Maar zo cynisch ben ik niet. Ik geloof nog wel in de liefde. Zelfs oude hoofse idealen van beschaving, hoffelijkheid en eergevoel spreken me aan."

Heeft een schrijver volgens u een maatschappelijke rol te spelen? U ventileert wel veel meningen, maar soms speelt uw boek zich ook af in een vacuüm. Met 9/11 haalt u zelfs een geintje uit: u laat Victoria op die dag een opstootje veroorzaken doordat ze en public een striptease uitvoert.

"Tegenwoordig verwacht men blindelings van een schrijver dat hij aan de slag gaat met 9/11, net zoals Jonathan Safran Foer dat deed. Daar word ik zo moe van. Het was mijn stille protest om 9/11 slechts even aan te stippen. Voor veel mensen in Europa was het gewoon iets verafs, tegen het decor van hun eigen leven én met weinig directe invloed. Toch zie ik het schrijverschap wel als een ethische opgave. Als zoveel duizend mensen je boek lezen, bestuur je ook hun verbeeldingskracht. Je hebt de verantwoordelijkheid om iets goeds af te leveren. Preken als een dominee vanaf een kansel is helemaal passé. Maar in Art. 285b heb ik het wel over de man-vrouwverhoudingen én over de werking van justitie."

Een tijd geleden maakte u zich in een opiniestuk voor deze krant trouwens druk over de inflatie rond stalking. Het is een teken des tijds dat veel banale stalking- zaken toch au sérieux worden genomen. U vindt dat er veel te snel aangifte wordt gedaan?

"Jazeker. Mensen zijn minder geneigd om dingen uit te praten of te zoeken naar oplossingen. Relaties raken sneller verbroken. Als iemand te lang aan je leven blijft haperen, moet je daar ook korte metten mee maken, vinden velen. Daarom is men sneller geneigd naar de politie te stappen. Ik vind dat justitie al voldoende overbelast wordt. Een heftig relatieconflict hoeft nog geen crimineel feit te zijn. Die stijging in aangiften is een rechtstreeks gevolg van de consumptiemaatschappij. Iedereen heeft blijkbaar het gevoel dat hij recht heeft op instantbevrediging, om meteen te krijgen wat hij of zij wil."

Relaties worden zelfs steeds meer per sms uitgemaakt. Kijk maar naar Britney Spears.

"Ja, dat is een heel goed voorbeeld. Mensen willen nu eenmaal sneller van het ene naar het andere gaan, wellicht omdat er nu zoveel keuze is. Tegelijk zit iedereen gevangen in zijn eigen cocon, in zijn eigen iPod-wereld. En als iemand dan aan die gesloten deur aanklopt, lijkt dat plots zeer bedreigend. Volgens mij hebben we het vaak nog moeilijk met nieuwe communicatiemiddelen als sms, mail en de mobiele telefoon. Het vergt flink wat tijd voor we er precies mee zullen kunnen omspringen. Vergelijk dat met de traagheid van een brief: die wil je stileren en laten rijpen. Nu druk je voor je het weet op de send-knop en hupsakee. Een verkeerd woord is snel gezegd."

In Art. 285b combineert u een literaire en muzikale taal met het 'vette' jargon van de hedendaagse jeugd, zoals Victoria dat spreekt. Dat werkt wonderwel.

"Ik bracht tijdens het schrijven van het boek veel tijd tussen studenten door. Bij achttien-, negentienjarigen was 'vet' en 'gaaf' toen echt aan de orde van de dag. Nu is het vast allang weer weg, de taal van de straat evolueert razendsnel. Over vijf jaar is een meisje dat 'vet' zegt al bijna hopeloos nostalgisch. Ik genoot ook wel van dat contrast met die meer gepolijste taal."

Waarmee u dan weer een ode aan Nabokov en Lolita brengt. Ook in uw columns deed u dat al. Is hij uw grote voorbeeld?

"Je kunt bij een stalker altijd op een zwierige prozastijl rekenen. You can always count on a fancy style... Dat is zo'n zinnetje waarin ik hem hulde breng. Fantastisch hoe die man in zijn boeken zintuiglijkheid met eruditie kon combineren en wetenschappelijk jargon afwisselde met de meest sensuele passages. Je voelt gewoon hoe elke zin bij Nabokov met veel plezier is geschreven. Je ziet hem boven dat papier hangen, glimlachen en denken: dat heb ik toch mooi gevonden. Ze zeggen wel: kill your darlings. Maar als in zijn geval die darlings echt mooi zijn, hoeft hij ze van mij helemaal niet om te brengen."

U bent al geruime tijd aan de slag als journalist voor het Leidense weekblad Mare. Hebt u nooit het gevoel dat de journalistiek uw literaire bezigheden in de weg zit?

"Journalistiek beschouw ik als een warmloopplaats voor de literatuur, zoals een voetballer voor een wedstrijd rondjes om het veld loopt. Ik snap schrijvers niet die hun neus ophalen voor journalistiek. Journalistiek houd je in de realiteit en zet je op scherp: je komt ook wel eens buiten je schrijfkamer. Toch hoop ik binnenkort méér literatuur en minder journalistiek te kunnen gaan produceren."

Ten slotte: als debutant mag u helemaal niet klagen over gebrek aan aandacht. Wat vindt u van uw generatiegenoten? Zijn er collega's-debutanten waarmee u zich in ambitie verwant voelt?

"Ik zie enkel de hier in Leiden wonende Vlaming Thomas Blondeau. Die zet hoog in. Verder ik heb het niet zo begrepen op de kleine persoonlijke verhalen die de meesten schrijven: ik en mijn cavia, ik en mijn gouden dildo, ik en mijn moeder die kanker heeft gekregen. Vaak merk je dat jonge schrijvers debuteren om beroemd te worden, zonder er iets voor te willen doen. Schrijven is niet zoiets als gitaar spelen bij een bandje. Het publiek heeft snel door als een schrijver fake is. Tegenwoordig is de debuutroman bijna een eigen genre geworden. Er is ook een wildgroei aan debutantenprijzen. Blijkbaar willen lezers voortdurend nieuwe gezichten én vers vlees. Nou ja, daar kan ik nog even mijn voordeel mee doen..."

'De verdachte', de 26-jarige pianoleraar Sebastiaan Steijn, ontmoet in een peepshow Victoria Fabers, een bijzonder vrijgevochten deerne, die hem meteen in de ban slaat. Ze blijkt er talloze dubbellevens op na te houden en speelt jojo met Sebastiaan. Uiteindelijk wordt hij door haar aangeklaagd vanwege stalking, op grond van wetsartikel 285b. Hij schrijft een bloemrijke verdedigingsrede, gegoten in een romanvorm die heen en weer zoeft tussen verleden en heden.> Website Christiaan Weijts: http://www.christiaanweijts.nl

Dat übervrouwelijke vind ik veel prettiger dan al die berekenende

en zakelijke vrouwen. Al zorgt het natuurlijk wel voor een hoop gedonder

'De romantiek verdwijnt steeds meer. Het wordt allemaal zakelijker. Relaties worden afgehandeld alsof het managersprojecten zijn. Het bezoeken van datingsites heeft veel weg van shoppen in een supermarkt. Relaties worden een echte ruilhandel'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234