Zaterdag 23/01/2021

'In de gevangenis gaan ook de emoties op slot'

Het is een kwestie van overleven, de machowereld die de gevangenis is. Als België - na alle internationale veroordelingen - betere gevangenissen wil, dan moeten gedetineerden vooral meer mens kunnen zijn. Hoog tijd dus, zeggen twee moreel consulenten, dat de samenleving zich voor hen interesseert.

Ook dát is een oud Belgisch zeer: de schrijnende toestanden in onze gevangenissen. Of ze nu van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens afkomstig zijn of van het Europees Comité voor de Preventie van Foltering (CPT), de veroordelingen stapelen zich de jongste jaren op: overbevolking, aftandse infrastructuur, een gebrek aan gesloten toiletten, te weinig gespecialiseerd personeel, of nog, tijdens de stakingsgolf van 2016, de schending van elementaire mensenrechten.

Aan het onwijs hoge aantal gevangenen met psychiatrische aandoeningen of mentale beperkingen, een structureel probleem, wijdde De Morgen eerder dit jaar al 'Het grote psychiatrierapport'. Vorige week op de Nationale Dagen van de Gevangenis, een reeks publieke denkoefeningen opgezet door de Vrije Universiteit Brussel en demens.nu, stond vooral de toekomst van onze gevangenissen op het programma. Aan thema's geen gebrek: hoe het wantrouwen tussen samenleving en gevangenis aanpakken, bijvoorbeeld, en hoe vermijden dat gedetineerden slechter uit de cel komen dan ze er zijn ingestapt, een probleem dat opnieuw onder de aandacht kwam door de radicalisering van gedetineerde moslims.

En toch, zeggen Bob Gebruers en Jan Kuilman, beiden moreel consulent en verbonden aan de Stichting voor Morele Bijstand aan Gevangenen, "wordt in de gevangenis ook erg goed werk verricht." Een gesprek.

We kunnen niet zeggen dat we het niet weten: internationaal slaan Belgische gevangenissen al jaren lang een slecht figuur. Is de kritiek terecht?

Bob Gebruers (gevangenis Beveren): "Natuurlijk wel, al kunnen we niet spreken over dé Belgische gevangenis. Er zijn voorbeelden van gevangenissen die naar Russische toestanden neigen, maar er zijn er andere die vrij modern zijn: waar de materiële voorzieningen oké zijn, waar gedetineerden vooral in monocellen verblijven, de ruimte krijgen om te douchen op het moment dat ze dat zelf willen, kunnen bellen op het tijdstip dat ze zelf verkiezen.

"De recentste veroordeling, in mei dit jaar, had hoofdzakelijk te maken met het feit dat een aantal gevangenissen in volle stakingsgolf bezocht is, toen én soldaten én politie de bewaking overnamen. Op dat moment hebben zich inderdaad wantoestanden voorgedaan."

Jan Kuilman (strafinrichtingen Gent, Dendermonde en Sint-Gillis): "Het ging onder meer over de open toiletpotten. Die zijn er nog in Vorst, dat intussen wel een ander statuut gekregen heeft. Er zitten geen beklaagden meer, enkel nog gestraften, een veel kleinere groep. Daar is mede door het gebrek aan wc's een halfopen regime opgezet, wat beter is. Hoe dan ook is er een enorme behoefte aan verse investeringen. Veel gevangenissen dateren uit de 19de eeuw."

In het Brusselse Haren komt een nieuwe, grote gevangenis. Een goede zaak?

Gebruers: "Hoewel Haren niet één blok zal zijn, maar een gedifferentieerd gebouw met aparte regimes, blijft het wel een mastodont, een concept dat haaks staat op dat van de detentiehuizen, waarin kleine gevangenisgemeenschappen midden in de samenleving liggen en haar mee naar binnen brengen."

Kuilman: "De detentiehuizen zijn een belangrijke evolutie, al moeten we de twee sporen blijven volgen. We blijven nieuwe gevangenissen nodig hebben, al is het daarnaast dringend tijd om na te denken over hoe we verder willen omgaan met detentie. Zullen we mensen blijven straffen door ze in de cel te stoppen of kan het anders? Dat is een cruciaal publiek debat, maar als politicus win je er geen verkiezingen mee. Gevangenissen zijn niet sexy en worden stiefmoederlijk behandeld."

Zelfs tot Jan Modaal moet het intussen doorgedrongen zijn dat ze handenvol geld kosten en dat een mens er slechter uitkomt dan hij er binnenging.

Gebruers: "Daar ben ik niet zeker van, hoor. Jan Modaal vindt de gevangenis best oké. Ik denk ook niet dat hij ervan wakker ligt."

Kuilman: "De meeste mensen vinden zelfs de gevangenis nog te goed. Vanuit het buikgevoel wordt vaak gedacht: we stoppen het probleem in de kast en klaar is Kees. Het tegendeel is waar: in de kast wordt het probleem alleen maar groter. Na een jaar of vijf, tien, gaat de kast weer open en wat er uitkomt is allesbehalve wenselijk. Als het dan toch over centen gaat: het heeft dan nog eens een bom geld gekost ook."

Daagt het de opinie niet naar aanleiding van de terreur, en de kwestie van de radicalisering binnen de gevangenismuren? Wordt die radicalisering aangepakt?

Gebruers: "Er zijn meer islamconsulenten ingeschakeld dan vroeger, die specifiek op individuele deradicaliseringsprocessen werken."

Kuilman: "Net zoals er te weinig in infrastructuur geïnvesteerd is, is er veel te weinig geïnvesteerd in islamconsulenten. En ook nooit in verhouding. Als je kijkt naar hoeveel islamconsulenten er maar waren voor het aantal mensen dat zich moslim noemde, of dreigde te radicaliseren, dan waren dat er véél te weinig."

"Toch vind ik het kort door de bocht om alle schuld in de schoenen van de gevangenis te schuiven. Ook buiten, in de vrije maatschappij, radicaliseren mensen. Wat wel klopt, is dat in de gevangenis de ingrediënten aanwezig zijn die maken dat sommige ontwikkelingen, dat radicaliseren bijvoorbeeld, sneller en intenser plaatsvinden."

Eén ding is de infrastructuur, iets anders de zorg.

Gebruers: "Wat ik de bejegening noem. En die heeft op zich weinig te maken met de vraag hoe modern de gevangenis precies is. We kennen genoeg verhalen van gedetineerden die in relatief verouderde gevangenissen zitten maar te kennen geven dat de sfeer er al bij al goed zit. Het materiële aspect is niet altijd het belangrijkste.

"Om op die veroordelingen van België terug te komen: veel is gelegen aan wat we de resocialisatie noemen, die staat los van de infrastructuur, maar gebeurt helaas veel te weinig. Ik heb veel contact met Belgische gedetineerden die de voorbije jaren in de gevangenis van Tilburg hebben gezeten, die door België was gehuurd. Maar het personeel en de begeleiders daar waren Nederlanders. Wel, ik heb een paar van die mannen naar ons land zien terugkeren en dat was een echte ramp voor hen."

Hoezo precies?

Gebruers: "Zij vertelden me: 'Als we in Nederland een probleem hadden, dan konden we bij wijze van spreken meteen naar een bewakingsambtenaar stappen. Binnen het half uur kregen we toegang tot een psycholoog.' Dat klinkt zwart-wit, maar het is mij letterlijk zo gezegd. Nederland begint veel sneller met de voorbereiding op de terugkeer naar de samenleving. In België komt dat pas later op gang."

Kuilman: "Het heeft opnieuw te maken met een tekort aan investering. Als gevangene kom je binnen met een probleem en ga je buiten met een nog groter probleem: je moet een nieuw adres vinden, een nieuwe baan, allemaal dingen die je door je detentie kwijtgeraakt bent. In België doen de sociale diensten echt hun best, maar omdat ze met zo weinig zijn, krijgen ze vaak niet meer gedaan dan wat strikt nodig is."

Gebruers: "Ik heb zelf in Nederland gewerkt. Wat me ook treft is dat je er op het niveau van de penitentiair beambten veel meer bachelors aantreft. Al is ook dat opnieuw een centenkwestie."

Veel heeft te maken met het hoge aantal gevangenen in ons land: om en bij de 10.000, een aantal dat minister van Justitie Geens (CD&V) graag zou zien dalen.

Gebruers: "Veel te veel beklaagden zitten veel te lang in voorhechtenis. De snelheid waarmee onderzoeken worden afgerond en vonnissen worden uitgesproken, ligt te laag. Dat heeft op zijn beurt te maken met de druk die op justitie zit."

Kuilman: "Veel mensen wachten zes tot zeven maanden op een uitspraak, terwijl er intussen weinig met hen wordt gedaan."

Tijdens de Nationale Dagen van de Gevangenis in Bozar kwam er kritiek op het managerialism in het gevangeniswezen.

Gebruers: "We zitten met een systeem dat weinig plaats laat voor de individuele mens. Justitie en gevangeniswezen hebben een erg hiërarchische structuur. Alles, hoe men in welke situatie moet handelen, is bij wijze van spreken tot achter de komma uitgeschreven. Ik ken de verzuchting van de penitentiair beambte die zegt: 'Goh, dan wil ik eens iets goeds doen en word ik meteen teruggefloten omdat men vindt dat dat mijn taak niet is.'"

Wat vermag ú eigenlijk, als moreel consulent?

Kuilman: "De mannen die ik ontmoet, zijn vaak van de ene op de andere dag uit hun bed geplukt. Op het ene moment waren ze nog een sociaal wezen met diverse rollen - vader, partner enzovoort. Het volgende moment, in de cel, zijn ze alleen nog dader, worden ze tot slechterik gereduceerd en worden ze afhankelijk van alles en iedereen. Die overgang is erg bruusk en zorgt voor frustratie."

Gebruers: "Het zijn emotionele gesprekken over situaties waar ook wij meestal geen verandering in kunnen brengen. Toch krijg ik vaak iets terug van: 'Je doet heel veel door te luisteren.'"

Kuilman: "Vergeet ook niet dat de gevangenis een machowereld is hè, waar je je voortdurend sterk moet houden, anders word je afgemaakt. Niet per se door agressie of geweld, maar door chantage en onderdrukking. Een consulent geeft mensen de ruimte om even wat emotie naar boven te laten komen. Als gevangenen even emotioneel mogen zijn, worden ze meer mens. Voor de rest moeten hun emoties op slot."

Een van de pijnpunten in ons land is het hoge aantal zelfdodingen: een op de vijf overlijdens in de gevangenis.

Gebruers: "Daar spreken gevangenen zelf ook over. Ik had laatst een gespreksavond en een van hen wilde het specifiek daarover hebben."

Kuilman: "Het staat in de top twee of top drie van zaken die naar boven komen. Zelden zal iemand zeggen dat hij aan suïcide denkt, maar er zijn wel verwijzingen: 'Ik zie het niet meer zitten, een leven als dit hoeft niet meer, ik wilde dat ik er niet meer was...' Gelukkig loopt er een hele reeks mooie initiatieven, er zijn scenario's uitgeschreven die ervoor zorgen dat er gepast gereageerd wordt in geval van suïcide. In veel gevangenissen, niet in alle, is er zowel opvang voor de ambtenaar als voor de gedetineerde. Want reken maar: het is erg traumatisch als je 's morgens wakker wordt en het blijkt dat de celgenoot naast je zich om het leven heeft gebracht."

Heel cruciaal, stelt onderzoek, is de toegang tot buitenlucht en groen. Hoort u gevangenen daarover klagen?

Kuilman: "Ik herinner mij een man in de gevangenis van Ieper. Daar zitten de ramen heel hoog, want de cellen zijn er nog heel klassiek gebouwd. Die man hield zich vanuit zijn stapelbed vast aan de tralies. Hij had zich daar vastgeklemd om toch maar naar buiten te kunnen kijken. Toen ik vroeg wat hij daar deed, zei hij: 'Hier kan ik de bomen zien. Vroeger zag ik elke dag de bomen, en ik mis die zo.' Het was een van mijn eerste werkdagen en de uitspraak van die man trof me enorm. In de gevangenis ligt de focus begrijpelijkerwijs op veiligheid. Vooral geen organisch materiaal dus, veel beton, alles onwrikbaar, zelfs geen zand."

Gebruers: "In Beveren, afhankelijk van de kant waar je zit, hebben ze binnenplaatsen waar wel gras groeit en wilde bloemen staan, maar die plaatsen kunnen de gevangenen niet betreden. Sommigen kijken daarop uit. Anderen zitten hoger en zien weiland. De overbuurman aan de andere kant heeft pech: die kijkt uit op de E17."

Kuilman: "Die nieuwe gevangenissen liggen vaker in het groen, maar hebben als nadeel dat ze zo moeilijk bereikbaar zijn."

Gebruers: "Als je naar de gevangenis van Beveren komt en je bent afhankelijk van het openbaar vervoer, dan moet je op zeker ogenblik de belbus nemen, die je op voorhand moet reserveren. Dat loopt weleens fout."

Kuilman: "Je kunt veel zeggen over onze oude gevangenissen, ze hebben wel het voordeel dat ze in de stadscentra liggen, waardoor ze toegankelijk blijven voor familieleden die krap bij kas zitten en geen auto hebben."

Gebruers: "Bellen, denk je dan. Maar het telefoneren vanuit de gevangenis kost heel veel geld."

Kuilman: "Voor velen is het de enige mogelijkheid om hun familie te bereiken. Maar als je maar 70 cent tot één euro per uur verdient en bellen naar een gsm kost één euro per minuut, dan moet je twee dagen werken om een kwartier naar je lief of moeder te kunnen bellen. Dat het zo duur uitvalt, heeft te maken met de vereiste technologie: het gaat om telefoons waarop het saldo te zien moet zijn en waar een reeks controlefuncties op zit. Gevangenen kunnen niet zomaar naar om het even wie bellen."

Uw taak ligt bij de gevangenen zelf. Gaat het ook over de slachtoffers?

Gebruers: "Onze cliënten zijn de daders. Maar om die daders te begrijpen is het absoluut goed, en belangrijk dat we weten wat er in de hoofden van het slachtoffer omgaat."

Kuilman: "Als we niet óók het perspectief van het slachtoffer binnenbrengen, zien we enkel daders en raken we in dat perspectief verstrikt. Maar eigenlijk moeten we niet alleen de slachtoffers, maar de hele maatschappij in de gevangenis binnenbrengen."

Gebruers: "Gevangenen moeten weten waarvoor ze in de cel zitten en we krijgen best wel te maken met zware beroepscriminelen, daar gaan we niet naïef over doen. Maar ook dan moeten ze als mens worden gerespecteerd. Ze moeten in een zo vroeg mogelijk stadium meegenomen worden op het pad van een goed voorbereide vrijlating. Daar moet de samenleving op inzetten."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234