Woensdag 25/11/2020

'In de fifties verloor Amerika zijn onschuld'

Ze woont al meer dan twintig jaar in New York, maar voor haar fictieve leven blijft Elizabeth Strout terugkeren naar het New England van haar jeugd. 'In Maine klaag je niet', zegt Strout. 'Het leven wordt niet verondersteld makkelijk te zijn.'

Elizabeth Strout

Blijf mij nabij

Oorspronkelijke titel: Abide With Me

Atlas, Amsterdam, 349 p., 19,90 euro.

Zeven jaar heeft het geduurd voor Elizabeth Strout een opvolger klaar had voor Amy en Isabelle. Het debuut was een internationale bestseller en werd verfilmd door de productiemaatschappij van Amerika's bekendste gastvrouw Oprah Winfrey. "Ik was niet zeker of ik wel wou dat mijn boek een film zou worden", herinnert Strout zich. "Gelukkig voor mij was Oprah's bedrijf ontzettend boekbewust. Het hielp ook dat de producer erg van Amy en Isabelle hield. Ze veranderden niet veel aan het verhaal. Ze waren ook zeer attent tegenover mij en betrokken me bij het productieproces. Dat is zeldzaam. Zo belden ze mij tijdens de opnames op om te vragen wat ik dacht dat er op hun bord zou liggen tijdens het avondmaal. Is dat niet grappig?

"Ik dacht dat het succes van mijn eerste boek mij meer zekerheid zou bieden tijdens het schrijven van het tweede, maar dat was niet zo. De twijfels bleven: krijg ik het wel op papier? Het verschil was misschien dat ik dit keer geloofde dat ik er uiteindelijk wel zou komen."

Ik ontmoet Elizabeth Strout in Park Slope, een buurt in Brooklyn die behoorlijk populair is bij New Yorkse schrijvers. Paul Auster, Siri Hustvedt, Jonathan Safran Foer, Nicole Kraus, Pete Hamill en Jonathan Lethem zijn maar enkele van Strouts bekende buren. Toch was het pas na de publicatie van Amy en Isabelle dat Strout in contact kwam met haar collega's. "Dat ik andere schrijvers heb leren kennen, is wellicht de belangrijkste verandering die het boek in mijn leven gebracht heeft. Voordien had ik zo lang in eenzaamheid gewerkt. Ik vind schrijvers fantastische vrienden, want ze zijn zeer eerlijk over het leven.

"De voorbije zeven jaar is er ook in mijn eigen leven een en ander veranderd. De belangrijkste gebeurtenis was de dood van mijn vader. Dat was een vreselijk verlies en het deed me beseffen dat ik alles wat ik tot dan toe over verlies geschreven had, moest herbekijken. Je denkt dat je weet hoe het moet voelen om een geliefde te missen, maar je weet het duidelijk niet. Hoe je ook je verbeelding gebruikt. Ze zeggen dat een kind tegen de leeftijd van drie of vier elk gevoel beleefd heeft. Ik geloof dat, maar er zijn duidelijk dingen die gebeuren in een volwassen leven die je voordien niet verstond."

De dood is een belangrijk thema in Blijf mij nabij. Dominee Tyler Caskey, vader van twee jonge meisjes, wordt langzaam depressief na de dood van zijn langdurig zieke vrouw Lauren en hoewel hij nooit eerder zijn roeping ter discussie stelde, dreigt hij zijn geloof te verliezen. Ook Tylers oudste dochter Katherine verwerkt de dood van haar moeder moeilijk en gedraagt zich erg asociaal, zowel op school als thuis. "Ik wist al dat Lauren moest sterven nog voor mijn vader overleed. Was ze gewoon weggelopen van het gezin, dan zou dat wel ontstellend geweest zijn voor Tyler, maar de impact ervan zou niet zo groot geweest zijn. Vooral door Tylers relatie met God. Ze moest sterven zodat hij verrast werd door wat de dood echt betekent.

"Lauren was met de verkeerde kerel getrouwd en ze bevond zich in een situatie waar ze niet op gerekend had. Ze verschilde te veel van hem en van de andere mensen in de parochie en ze was diep ongelukkig. En na die slepende ziekte vind ik niet dat haar dood het vreselijkste was, hoewel het erg was voor haar kinderen.

"Ik vind het interessanter om te schrijven over lijden dan over geluk. Het doet me denken aan Eugene O'Neill. Ik hou ontzettend van zijn toneelstukken, maar ik las Ah! Wilderness, zijn enige vrolijke verhaal, en ik dacht bah! Hoe helpt dit mij? Hoe helpt dit verhaal iemand? Literatuur kan ons helpen verstaan dat we niet alleen zijn in een bepaalde ervaring.

"Ik ben het verhaal begonnen bij Tyler. Hij is niet gebaseerd op iemand specifiek, maar ik ben al lange tijd geïnteresseerd in dominees. Ik had er vroeger al over geschreven in mijn kortverhalen. Als kind groeide ik op in een congregational church en ik herinner me de dominee nog. Hij verliet de kerk toen ik een jaar of tien was en dat was meteen het einde van mijn religieuze kindertijd. Ik heb met veel dominees gepraat voor dit boek. Er was er een die erg innemend was. Hij was nog niet zo oud en hij was zeer open over zijn leven. Door hem besef ik dat dominees een harde job hebben. Ik realiseerde mij dat helemaal niet. Vooral in een congregational church die gerund wordt door de parochie. De dominee ervan moet geen verantwoording afleggen tegenover een bisschop, maar wel tegenover zijn parochianen. Je moet met andere woorden de leider zijn van mensen die je in een oogopslag kunnen ontslaan. Een vreselijke job. Bijna onmogelijk zelfs.

"Zelf ben ik niet religieus. Toch ga ik regelmatig naar de kerk, maar altijd als buitenstaander. Ik ga om te kijken. Het boeit me hoe mensen uitdrukking willen geven aan bepaalde impulsen die al even lang bestaan als de mensen zelf. Ik denk daar veel over na. Mijn man is Joods, maar ook hij is niet gelovig. Toch wou ik dat onze dochter een godsdienst had zodat ze die later kan verwerpen als ze dat wil. Ze behoort tot een gereformeerde tempel waar het er niet toe doet dat haar moeder niet-Joods is, hoewel normaal gezien de Joodse identiteit via de moeder wordt doorgegeven. De reden dat ik mij nog nooit bij een kerk heb aangesloten, is dat ik in het algemeen geen lid word van groepen." Ze denkt na. "Godsdienst heeft een slechte reputatie gekregen. Als je ziet wat er allemaal gebeurt in de naam van God... Maar dat is zijn schuld niet. Het is zeker iets waar ik al mijn hele leven over nagedacht heb. Wat betekent het uiteindelijk allemaal?"

De parochie van Tyler heeft aanvankelijk veel begrip voor zijn rouw, maar wanneer zijn verdriet tot een cynische depressie leidt, stelt de gemeenschap zijn leiderschap ter discussie. Er circuleren roddels over zijn gedrag en over zijn mogelijke affaire met zijn toegewijde huishoudster Connie Hatch. Vooral de dames van de Ladies Aide Society houden zich duchtig bezig met kwaadsprekerij. "Roddelen gebeurt overal, zowel in New York als in een klein dorp in New Engeland. Hier in de stad is het misschien wat minder omdat mensen meer te doen hebben. Ook in Amy en Isabelle roddelden de mensen veel, maar in dit boek wordt de achterklap kwaadaardig. De roddelaarsters hebben geen job en zitten de hele dag thuis. Ze hebben niet voldoende om handen en dat geeft aanleiding tot roddels. Als jij ongelukkig bent, dan wil je dat anderen dat ook zijn. Zo is de menselijke aard. De dominee met wie ik het meest contact had, hamerde erop: het zijn altijd de vrouwen in de kerk die je gelukkig moet houden."

Het verhaal speelt zich af in 1959, een datum die Strout niet zomaar koos. "In het Amerikaanse bewustzijn vertegenwoordigen de jaren vijftig de laatste jaren dat we onschuldig waren, ook al is dat niet helemaal waar. Het waren de jaren voor de Vietnamoorlog. Toch waren de jaren vijftig een angstige periode. Tijdens de Koude Oorlog wisten de mensen niet of er een bom zou komen of niet. Maar had ik geschreven dat het zich afspeelde in 1960, dan zouden de lezers onmiddellijk denken aan de oorlog, zelfs al vond die plaats in de tweede helft van het decennium."

Ook de locatie van het boek is geen toeval. Het verhaal vindt plaats in het fictieve West Annett, een klein dorpje in Maine. Strout is zelf afkomstig uit Maine, een plaats die haar tot twintig jaar na haar verhuis naar New York niet loslaat. "Ik denk dat ik er altijd terugkeer uit nostalgie. En ook omdat het er prachtig is. Zeer eenzaam ook. Wij woonden in een klein dorpje. Mijn oudere broer en ik spendeerden veel tijd in de bossen. Dat was onze speeltuin en ik absorbeerde veel van de natuurlijke schoonheid van de regio. Ik mis dat. Mijn agent vroeg me of ik nu altijd over die streek ga schrijven, maar ik heb gezegd dat ik aan het afzakken ben naar Brooklyn. Een verhaal waar ik nu aan werk situeert zich al iets meer in deze richting. Wellicht raak ik ooit wel tot hier." Ze lacht. "Ik ga nog regelmatig op bezoek en ik bel mijn moeder ook om bijvoorbeeld te vragen welke wilde bloemen er in bloei staan. Mijn ouders stammen beiden uit New England. De regio werd gesticht door de puriteinen. Die erfenis is zeer sterk. Een vriend van me is van Maine en ik herken het in hem. Hij heeft iets vertrouwds, iets onbuigzaams. Lange tijd was Maine zeer geïsoleerd. En soms nog. De winters zijn er ontzettend hard en al je energie gaat naar het verzorgen van jezelf. Tijdens de wintermaanden ga je niet naar het theater en je brengt geen bezoek aan Boston. Zelf ben ik geen goed voorbeeld van iemand uit New England. Er is blijkbaar iets misgelopen met mijn DNA of zo. Ik praat te veel. En ik klaag en ik geef mijn mening. Dat doe je niet waar ik vandaan kom. Je werkt hard, niet om geld te verdienen, maar gewoon om hard te werken. En je klaagt niet. Het leven wordt niet verondersteld makkelijk te zijn. Ik vind het niet jammer dat ik daar opgegroeid ben en niet hier, maar ik keer niet terug. Daarvoor hou ik er te veel van om mensen te zien. Veel mensen."

Haar liefde voor het observeren van haar stadsgenoten heeft ze van haar moeder, een lerares die zelf graag schrijfster wilde worden, maar haar droom niet verwezenlijkte. "Mijn moeder deed me naar mensen kijken. Als we in de auto zaten te wachten op mijn vader bijvoorbeeld - ik was toen een jaar of vijf - en er passeerde een vrouw, dan zei ze 'Kijk naar haar. De zoom van haar jurk is los en haar man geeft haar geen geld om nieuwe kleren te kopen. Ze is op weg naar huis, naar een man die haar niet waardeert.' Ze bedoelde dat niet veroordelend, maar op basis van de kleinste details kon ze een heel leven opbouwen. Zij was het ook die mij stimuleerde om te schrijven. Ze kocht me notitieboekjes en spoorde me aan om alles te noteren wat ik zag. Ik schrijf al mijn hele leven. Toen Amy en Isabelle het zo goed deed, dacht iedereen dat ik van de ene dag op de andere dag zo succesvol geworden was. Maar dat was helemaal niet zo. Lange tijd schreef ik enkel kortverhalen, omdat ik niet wist of ik wel in staat was om een roman te schrijven. Maar ook toen al was schrijven een kwestie van moeten. Ik kan me niet voorstellen hoe de wereld zou zijn zonder. Neen, ik weet echt niet wat ik zou moeten doen met al het intrigerende leven rondom mij."

Evy Ballegeer

'Ik wou dat onze dochter een godsdienst had, zodat ze die later kan verwerpen als ze dat wil'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234