Dinsdag 01/12/2020

In de ban van 'le chat'

Acht zomerfestivals bezoeken, verkleed als kat, en kijken wat er gebeurt. Dat was het idee. Dit is het relaas. Vandaag: Dour Festival.

Ik kom niet vaak in Wallonië en nu weet ik weer waarom: het ligt in de tropen. De details van de afspraak zijn me niet bekend, maar ik ben er inmiddels wel achter dat mijn bazen en Frank Deboosere onder één hoedje spelen. Telkens als ik dat verrekte masker aan moet, foefelt die laatste met draaiknoppen en hendels en wat weet ik allemaal, en schiet het kwik de hoogte in. Ik krijg je nog wel, Deboosere. Dit lijden blijft niet zonder gevolg.

Dour mag dan wel het op twee na grootste festival van de Benelux zijn, het vindt plaats in een ander taalgebied, waar men niet geeft om deze fijne krant en haar huisdieren. Voor deze lui was ik een nobele onbekende, wellicht een zwakzinnige die zich een superheld waant en die men voor zijn verjaardag dan maar een maskertje heeft gekocht dat hij sindsdien niet meer heeft afgenomen. Dit keer waren mijn fotograaf en ik voor foto's aangewezen op onze eigen inventiviteit, in plaats van op die van benevelde festivalgangers.

Wat ons bij de dubtent brengt. De dreadlocks, diabolo's en ander circustuig vlogen je om de oren terwijl een bleke man met een schaamsikje, een micro en de wijdste pupillen die ik ooit heb gezien, krampachtig stond te pretenderen dat hij recht uit een Caribische strandhut kwam gekropen, en niet uit een rijhuis langs de Ninoofsesteenweg.

Bumper der gerechtigheid

Zelden vonden meer hallucinaties tegelijk plaats op één plek. Ik zie geen andere verklaring voor het fenomeen waarbij deze Jamaicafielen urenlang op nog geen meter van een van de drie enorme luidsprekers konden staan wiebelen. Effenaf met hun gezicht naar de speaker, wezenloos starend naar een zwart gaas.

Weg van dit helleoord. Ik had nood aan iets herkenbaars om mijn zenuwen weer onder controle te krijgen. Iets van thuis. En wat beter om een man terug naar zijn kindertijd aan de oevers van de Dender te brengen, dan botsauto's? Die waren enkel beschikbaar voor mensen die zich hadden onderscheiden in de nobele kunst van het afval oprapen, en katten van honderd kilo of meer.

Dik tien jaar na mijn laatste passage in zo'n vehikel moest ik constateren dat de tijden danig waren veranderd. Goed, er was nog wel het kleine meisje dat doodsangsten uitstond aan de zijde van een al te enthousiaste vader en de stumperd wiens karretje pas halfweg de beurt in beweging kwam, maar waar waren de johnny's, waar was de agressie, waar waren de nekletsels? Dit was geen jeugdsentiment. Het was leuk, en ik heb me bijna bevuild van het lachen toen ik weer eens een arme tiener liet kennismaken met de bumper der gerechtigheid, maar het was geen jeugdsentiment.

Dansen? Ik?

Anderhalf uur dubstep en drum-'n-bass is geweldig, vooral als het wordt teruggebracht tot een kwartier. In onze zoektocht naar een cultuurschok waren mijn fotograaf en een oordopjesloze ik beland op een stuk braakland waar allerlei jong volk klaarblijkelijk ten prooi was gevallen aan ernstige spierspasmen.

Al snel werd ik aangeklampt door enkele promomeisjes die mij helaas niet meetroonden naar meer private vertrekken om het aldaar op enig lichamelijk vertier te zetten, maar naar een heuse filmset. Nog voor ik me goed en wel een oordeel had gevormd over wat mijn moeder wel zou zeggen van deze mogelijke carrièrewending, werd me opgedragen te dansen voor een zogenaamd green screen. Dansen? Ik? Ik heb me achtentwintig jaar lang zo ver mogelijk weggehouden van alles wat leek op een discobar, en plots moest ik erop los swingen?

Weer op het braakland realiseerde ik me dat de mensen die voordien op de grote schermen te zien waren geweest, geen vrienden waren van de act die op dat moment aan het spelen was en duidelijk geen kaas had gegeten van goede visuals; ook zij waren gevallen voor de avances van de promomeisjes, wat betekende dat ook ik dadelijk op de schermen te zien zou zijn. Dadelijk bleek anderhalf uur. Net toen we dachten aan opstappen, verscheen ik op de schermen. En zowaar, ik bleek de muziek te hebben gevonden waarop mijn gestuntel tot zijn recht kwam. Niets restte mijn fotograaf en mij dan elkaar in de armen te vallen en op te hoepelen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234