Dinsdag 04/08/2020

ReportageSoedan

In Darfur moeten de boeren wijken voor de oorlogswinnaars

Een man voor zijn huis in het Soedanese Zurrug, dat volgens plannen van de overheid in korte tijd een flinke stad moet worden.Beeld Klaas van Dijken

De overwinnaars van de bloedige strijd in de Soedanese regio Darfur hebben grootse plannen. Een bezoek aan Zurrug, stad in aanbouw in de woestijn.

Wanneer de nacht valt, verlichten kampvuurtjes de houten huizen. Kinderstemmen klinken uit de moskee waar de Koran wordt gereciteerd bij het licht van een enkel peertje. De spaarzame bomen werpen schaduwen over pick-ups met machinegeweren: een enkele verwijzing naar het recente bloedige verleden van deze afgelegen plaats in Darfur, de door conflict verwoeste regio in Soedan.

Dit is Zurrug, een van de weinige plaatsen ter wereld die niet te vinden is op Google Maps. Het woestijndorp is gebouwd op de resten van een vernietigende oorlog die meer dan een decennium geleden het nieuws domineerde.

De overwinnaars van dit uiterst gewelddadige conflict hebben grootse plannen met Zurrug, dat in de nabije toekomst moet uitgroeien tot een georganiseerde stad. De ontwikkeling van de stad in de woestijn onthult daarmee de toekomstvisie en plannen van de winnaars van de oorlog in Darfur. Ze willen zich alles toe-eigenen in Soedan.

Onze collega’s van de Nederlandse krant Trouw kregen toestemming om het afgelegen gebied in Darfur te bezoeken onder begeleiding van de Rapid Support Forces (RSF). De paramilitaire groep controleert het gebied van de grenzen met Tsjaad en Libië tot aan de hoofdstad Khartoem, waar demonstranten vorig jaar president Omar al-Bashir ten val brachten: de dictator die al meer dan tien jaar wordt gezocht door het Internationaal Strafhof voor misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaden en genocide in Darfur. Zijn uitlevering kwam eerder dit jaar dichterbij tijdens onderhandelingen tussen de huidige overgangsregering in Soedan en verzetsgroepen.

Hemedti, leider van de RSF, financiert waterputten in Noord-Darfur. De watertank in Mujawar is bijna klaar. Beeld Klaas van Dijken

In die overgangsregering is een van de hoofd­rollen weggelegd voor Mohamed Hamdan Dagalo, beter bekend als Hemedti. Hij is de leider van de RSF. Ooit werd Hemedti door Al-Bashir ‘mijn beschermer’ genoemd, nu is hij diens meest waarschijnlijke opvolger als machtigste man van het land. De toekomstige stad Zurrug is een pr-offensief, waarmee de RSF willen bewijzen vrede­stichter te zijn in Darfur. Maar voor miljoenen burgers die nu leven in ontheemdenkampen, is het op gestolen land gebouwde Zurrug een trap tegen hun ziel.

Hemedti maakt deel uit van de nomadische Rizeigat. Zijn familie komt uit buurland Tsjaad, maar trok in de jaren 1980 naar Darfur op zoek naar water en veiligheid. Trouw sprak Hemedti in december in zijn huidige luxe­residentie in Khartoem en vroeg hem wat hij als zijn thuis beschouwde. Noord-Darfur, antwoordde hij zonder aarzelen. Volgens twee van zijn adviseurs, die om veiligheidsredenen anoniem willen blijven, is Zurrug voor Hemedti van belang vanwege de strategische ligging en omdat Hemedti’s clan zich daar nu heeft gevestigd.

Zurrug ligt op een dag rijden van El Fasher, een grote stad in Noord-Darfur, en een wereld verwijderd van Khartoem, waar de Arabische elite de economie en politiek bepaalt.

Twee metalen watertorens markeren de toegangsweg tot Zurrug. Kamelen lessen hun dorst; getals­matig overtreffen ze het aantal mensen en auto’s. Op de markt wordt in de zeventig stalletjes van alles aangeboden, van telefoons van Chinese makelij tot zakken met bruine bonen. De kliniek en de school zijn opgetrokken uit prefabgebouwen waarop de zwarte letters UN en UNAMID nog duidelijk zichtbaar zijn. Tot voor kort deden ze dienst als gebouwen van de fel bekritiseerde, weinig effectieve en krimpende vredes­missie van de Verenigde Naties in Darfur. Hemedti heeft de VN-bases in Darfur laten ontmantelen en de gebouwen in 2018 naar de noordelijke regio laten vervoeren voor eigen gebruik.

Jaren van verwoesting

Darfur is de regio waar voormalig dictator Omar al-Bashir een bloedige burger­oorlog liet ontstaan. Hij wilde de rebellen verslaan die in 2003 werden gevormd uit Afrikaans-etnische groe­pen. Daarvoor bewapende Al-Bashir Arabische nomaden die samen met het leger de tactiek van de ver­schroei­de aarde toepasten. Hij liet zo lokale etnische conflicten over toegang tot water en land ontsporen in een ongekende humanitaire crisis. Dit gold ook voor het gebied rondom Zurrug. Dorpen en steden werden in de as gelegd, honderdduizenden burgers kwamen om en nog veel meer vrouwen en meisjes werden verkracht.

De Arabische milities heetten destijds de Janjaweed, ‘duivels te paard’, nu worden ze Rapid Support Forces genoemd. Hun leider Hemedti voerde lange tijd de gewelddadige opdrachten van Al-Bashir uit. Sinds de val van de dictator in april vorig jaar is Hemedti zijn waarschijnlijke opvolger als machtigste man van het land. Als lid van de overgangs­regering is hij betrokken bij vredesgesprekken met rebellen, o.a. over land­eigendom.

Het grootste huis van Zurrug is van Jumma Dagalo, dorps­leider en oom van Hemedti. Zijn stem is luid, zijn gebaren groots. Hij is een kleine, gezette man met een grijs ringbaardje. Dagalo is een man die gewend is de lakens uit te delen. Het is niet moeilijk om te zien van wie zijn neef Hemedti, die hij opvoedde, deze eigenschap heeft overgenomen.

Ex-president Al-Bashir herkende ook de leiderschapskwaliteiten van Hemedti toen hij de RSF creëerde in 2014. Daarmee wilde Al-Bashir de controle herwinnen over de Arabische milities die hij sinds 2003 had bewapend om de rebellen in Darfur onder de duim te krijgen. Maar ook de RSF-gevechts­machine liet zich op den duur niet meer door Al-Bashir bedwingen en greep vorig jaar de macht.

Jumma Dagalo vestigde zich met hulp van de RSF in Zurrug en riep zichzelf uit tot hoofd van de gemeenschap, ook wel ‘umda’ genoemd. “Wij zijn nomaden en zijn gewend te reizen. Maar nu is de tijd aangebroken dat we ons vestigen. Alleen op die manier kunnen we ons ontwikkelen en onze kinderen naar school sturen”, zegt hij.

In de nabije toekomst moet Zurrug uitgroeien tot een stad met georganiseerde woonwijken, een grote moskee, marktpleinen en een winkelcentrum. Dat blijkt uit de stedelijke planning van het ministerie van Planning en Openbare Voorzieningen die Trouw heeft ingezien.

Vertegenwoordigers uit de Verenigde Arabische Emiraten en Saudi-Arabië waren in 2018 al op bezoek in Zurrug. Zij beloofden volgens Jumma Dagalo een vliegveld en geasfalteerde wegen in het gebied dat strategisch ligt ingeklemd tussen Tsjaad, Libië en, iets verder weg, Egypte.

Soedanese kinderen van de school in Zurrug zingen liederen en reciteren de Koran om de bezoekers te verwelkomen.Beeld Klaas van Dijken

Zurrug was volgens de umda onbewoond gebied toen de RSF in 2017 de eerste huizen neerzette. Bovendien behoort het gebied al sinds de Britse koloniale tijd toe aan zijn clan, beweert Dagalo. Die clan, de Mahariya, behoort tot de grote Rizeigat-groep.

De leiders van de gemeenschappen in de ontheemdenkampen in Noord-Darfur bestrijden echter dat Zurrug onbewoond gebied was. Een van deze gemeenschappen, de zwart-Afrikaanse Zaghawa, stelt dat zij het gebied al eeuwen bewoont. Zaghawa-leider Mohamed Ibrahim is voorzitter van een commissie die zich met het probleem van Zurrug en land­eigendom bezighoudt. Hij zegt: “Jumma Dagalo liegt. Wij hadden onze boerderijen daar, maar de RSF staan ons niet meer toe om te oogsten.”

Een andere Zaghawa-leider, Asafi Dut Abakr, groeide op ten westen van Zurrug maar moest naar eigen zeggen zijn geboortegrond verlaten in 2014 vanwege aanhoudende aanvallen van Arabische milities. Sindsdien leeft hij in een van de ontheemdenkampen in de buurt van El Fasher en probeert hij eens per jaar de oogst van zijn land te halen, drie kilometer buiten Zurrug. Hij deed zijn laatste poging in oktober afgelopen jaar. Normaal zou de opbrengst genoeg zijn om zijn familie een vol jaar van eten te voorzien, maar dit keer kwam hij met lege handen terug. Hij vond zijn land verwoest door kamelen en werd verjaagd door gewapende leden van de RSF, vertelt hij. Naar de politie of het leger gaan om hulp in te roepen heeft volgens hem geen zin, want de RSF delen de lakens uit.

Vol trots

De aanvallen op boeren staan niet op zichzelf. We analyseerden de nieuwsberichten tussen 2016 en nu van Radio Dabanga, een van de weinige onafhankelijke radio­stations in Soedan. Uit deze berichten blijkt dat de RSF in die periode ten minste 93 keer dorpen in Noord-Darfur aanvielen. Daarbij werden inwoners mishandeld en huizen en boerderijen in brand gestoken. In geen van de gevallen zouden er rebellen aanwezig zijn geweest.

Vanwege de afgelegen ligging van het gebied is er weinig of geen beeldmateriaal van de aanvallen. Wel zijn de verwoestingen in sommige gevallen te zien op satellietfoto’s. Zo werd het dorp Masteriha op nog geen honderd kilometer van Zurrug in 2017 aangevallen door de RSF, volgens berichten van Radio Dabanga en onderzoekers van de Verenigde Naties. De schade na de aanval is duidelijk te zien op satellietbeelden. Bovendien lijken dorpen zoals Masteriha leeg te blijven na een aanval.

De leiders van de Zaghawa stuurden meerdere brieven en officiële klachten over de aanvallen en bezetting van hun land naar de Soedanese overheid. Trouw heeft de kopieën daarvan. In alle brieven wordt Jumma Dagalo ervan beschuldigd land in te nemen met de hulp van de RSF. Hemedti lijkt het probleem rondom land­rechten in Darfur niet zwaar op te nemen: “Het komt zeker voor dat sommige delen in Darfur worden bezet door nieuwkomers. Die moeten het land verlaten. Dan kunnen de ontheemden terug naar hun eigen land”, zegt hij tijdens het gesprek met Trouw in december.

Maar de mensen die zich in Zurrug hebben gevestigd, behoren voor het overgrote deel tot zijn eigen groep, de Mahariya. En Zurrug is niet de enige nieuwe plek die sinds 2017 is gesticht. Minstens zes andere dorpen zijn gebouwd op het hete, mulle zand aan de grens met de Sahara.

Alle dorpen hebben een kliniek en een school, gebouwd met materialen van voormalige VN-bases. De artsen en leerkrachten staan bij Hemedti op de loonlijst. Nieuwe waterbronnen en -torens worden aangelegd met geld van de RSF. Het zijn praktische en symbolische manieren van de RSF om zich het land toe te eigenen.

Jumma Dagalo toont het allemaal vol trots. “Ben je ook maar één boerderij tegengekomen?”, vraagt hij haast triomfantelijk, om aan te geven dat hij geen boer in de weg zit. Het enige dat Dagalo niet mag laten zien van zijn neef in de hoofdstad, is de militaire basis van de RSF in de buurt van Zurrug. Daar zouden tussen de 100 en 700 pick-ups met bemanning verblijven.

Abrahim Abouwafi (m.), kapitein bij de Rapid Support Forces en familie van RSF-leider Hemedti, op patrouille in Zurrug, Noord-Darfur. Beeld Klaas van Dijken

VN-onderzoekers concludeerden vorig jaar dat de ontwikkeling van Zurrug is bedoeld om mensen uit de steden naar het gebied te trekken. Uit hun rapport: “Deze bezetting, die in strijd zou zijn met de traditionele landrechten, heeft geleid tot protesten van de Zaghawa, die de regio rekenen tot hun gebied.” Het panel waarschuwt dat Zurrug daarmee een “mogelijke bron van een nieuw conflict” kan worden.

Ahmed Ali was met zijn gezin van achttien kinderen een van de eersten die zich vestigden in Zurrug. Samen met vijftien andere gezinnen gaven zij in 2017 gehoor aan de oproep van Jumma Dagalo. Die reisde samen met de RSF rond om mensen met zijn eigen etnische achtergrond te bewegen naar Zurrug te komen. Nu bouwt Ali een nieuwe woning aan de rand van het plaatsje. Zijn eerste huis heeft hij moeten afbreken omdat de markt uitbreidde. “Zurrug is ons land. Wij zijn hier geboren, net als onze voorvaderen. We zijn gevlucht vanwege de oorlog maar nu hebben de RSF vrede gesticht en kunnen we hier blijven.”

Er wonen inmiddels honderden gezinnen zoals dat van Ahmed Ali in Zurrug. Dat zouden er veel meer zijn geweest als Hemedti zich minder druk had hoeven te maken over de revolutie van vorig jaar in de hoofdstad Khartoem, beweert Jumma Dagalo. Al-Bashir zou in het voorjaar van 2019 pas hebben opgegeven toen Hemedti, zijn beschermer, zich tegen hem keerde en weigerde de demonstraties met geweld uiteen te slaan. “Die dag stond ik naast de burgers van Soedan. Ondanks alle propaganda tegen de RSF”, zei Hemedti in december. “Als wij er niet waren geweest op 11 april, zou een massa­slachting hebben plaatsgevonden, een genocide.”

Privéleger

De ommezwaai van Hemedti was een belangrijke stap in zijn campagne om zichzelf neer te zetten als de redder en vredestichter van Soedan. Zijn nieuwe imago liep echter een zware deuk op toen demonstraties in Khartoem in juni vorig jaar door gewapende troepen, velen in RSF-uniformen, alsnog met geweld uiteen werden geslagen. Meer dan 150 burgers werden gedood en veel vrouwen verkracht. Hemedti ontkent elke betrokkenheid van hemzelf en van de RSF. Officieel behoren de RSF tot de Soedanese troepenmacht, al zijn ze in feite Hemedti’s privé­leger. Ze zijn uitgegroeid tot een serieuze macht die het kan opnemen tegen het leger en andere Soedanese veiligheidstroepen. In Darfur hebben de RSF het voor het zeggen, niet het leger of de politie.

De strijd om land in Darfur is een belangrijk onderdeel van de onderhandelingen tussen de Soedanese regering en de verschillende rebellengroepen. Maar wat er ook uit de gesprekken komt, de realiteit is dat er in Darfur mono-etnische nederzettingen worden gesticht, onder hoede van de RSF.

Wanneer de ochtendzon Zurrug verwarmt, leren kinderen pro-RSF-liederen op het schoolplein. De anti­racistische teksten klinken hol in de oren van de zwarte Zaghawa-leiders in de kampen, zegt Mohamed Ibrahim. “Wanneer het probleem van de landrechten niet vreedzaam wordt opgelost, grijpen we naar de wapens.” 

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234