Zondag 13/06/2021

ReportageCali

In Colombia speelt de straat het hard, maar de staat slaat nog harder terug

Betogers clashen met de politie tijdens een van de vele protesten in de Colombiaanse stad Cali. Beeld AFP
Betogers clashen met de politie tijdens een van de vele protesten in de Colombiaanse stad Cali.Beeld AFP

De onvrede in Colombia is wijdverspreid en leidt al weken tot hevige protesten. De diepgewortelde ongelijkheid, het mislukte vredesakkoord met de FARC, het dagelijkse geweld: de problemen zijn diepgeworteld. En het ziet er niet naar uit dat president Duque een ander antwoord heeft dan repressie.

Aan de overkant van de rotonde klinken pistoolschoten. Een jongen met capuchon en een mondkapje met clownopdruk ijsbeert heen en weer. “Ze komen eraan! Ze komen eraan!” Het is donker in de wijk Siloe in de Colombiaanse stad Cali, de laatste druppels van een regenbui vallen uit de lucht. Buurtbewoner Héctor de Jesús Arcila tuurt over de rotonde, naar de jongeren van de ‘frontlinie’ die al twee weken in gespannen, soms dodelijk getouwtrek zijn verwikkeld met het nabijgelegen politiestation.

Vanuit de volkswijk, opgetrokken uit beton tegen de berghellingen, komt een motor in volle vaart naar beneden. Tussen chauffeur en bijrijder bungelt een slap lichaam, op weg naar een medische post. “Een gewonde”, zegt Héctor. De man, met het hoofd slingerend op de borst, is geen slachtoffer van politiekogels maar van het leven in een arme buitenwijk in een van Colombia’s meest gewelddadige steden. Toevallig komt hier het dagelijkse geweld samen met de gewelddadige reactie van een staat die amechtig probeert de overkokende onvrede te beteugelen.

Sinds 28 april gaan dagelijks duizenden tot tienduizenden Colombianen de straat op. Wat begon als protest tegen een extra belastingheffing midden in de pandemie, groeide uit tot breed verzet tegen ongelijkheid, armoede, gebrek aan kansen en politiegeweld. Precieze cijfers over het aantal demonstranten ontbreken. Uit een recente peiling blijkt dat 75 procent van de bevolking de ‘nationale staking’ steunt. Tegelijk bestaat er groot wantrouwen tegenover staat én straat: 60 procent van de respondenten acht beide kanten verantwoordelijk voor de gewelduitbarstingen, die al zeker veertig slachtoffers maakten.

Het harde politieoptreden is een erfenis uit de decennialange strijd tegen marxistisch-leninistische guerrillabewegingen, zegt politicoloog Laura Gil, hoofdredacteur van de opiniesite La Línea del Medio (‘De middenweg’). “Bij de veiligheidsdiensten bestaat nog steeds een doctrine gericht op gewapend conflict, op een interne vijand.”

Vijf jaar geleden tekende toenmalig president Juan Manuel Santos een vredesakkoord met de Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia (FARC), de gewapende revolutionaire strijdkrachten. Het akkoord moest een punt zetten achter ruim een halve eeuw burgeroorlog waarin meer dan 200.000 doden vielen.

“De vrede is nooit bereikt”, zegt Eduardo Pizarro, emeritus hoogleraar politicologie aan de Nationale Universiteit van Colombia. Het Nationaal Bevrijdingsleger (ELN) en afsplitsingen van de FARC dromen nog steeds van de gewapende revolutie. In voormalig FARC-gebied laaide sinds 2016 het drugsgeweld op. Honderden boeren die geen coca wilden verbouwen, zijn vermoord.

Te gevaarlijk voor taxi’s

Héctor (53), Mirian Ramírez (40) en hun dochters Mayra (19) en Marcela (18) wonen bovenaan de berg in een relatief rustige uithoek van Siloe. Langs de steile weg die vanaf de rotonde – een van de vele verzetshaarden in Cali – naar boven slingert, klinkt salsa uit openstaande deuren. De ongelijkheid is in Colombia geïnstitutionaliseerd, wijken kennen een economische rang van één tot zes. Siloe behoort tot de eerste categorie: de armste.

Het huis, dat Héctor zelf bouwde, kijkt uit over Cali. De afgelopen weken was de lucht boven Siloe meermaals gevuld met helikopters en klonk het geluid van schoten. Hij is taxichauffeur, zijn vrouw werkt deeltijds als verpleegkundige. Hij deelt de gele taxi voor zijn deur met een collega en rijdt zelf ’s nachts. Sinds de protesten is het werk te gevaarlijk geworden en heeft hij amper iets verdiend. “We leven op het inkomen van Mirian.”

Ondanks alles is Colombia vandaag beter af dan toen de FARC nog gewapend was, zegt politicoloog Gil. Het akkoord uit 2016 opende ruimte voor een vorm van democratische participatie die tot dan toe niet mogelijk was: civiel protest. “Decennialang durfden mensen niet te demonstreren uit angst geassocieerd te worden met de FARC”, zegt de politicoloog. Wie links was of zo werd gezien, was zijn leven niet zeker. De Patriottische Unie, een partij gelieerd aan de FARC, werd eind jaren tachtig zo goed als uitgeroeid door paramilitairen – extreemrechtse gewapende groepen.

Duque

Na de (gedeeltelijke) ontmanteling van de FARC hebben de Colombianen het voorbije anderhalf jaar de angst om te demonstreren van zich afgeschud. In november 2019 vonden massale protesten plaats. Dezelfde onvrede leefde op in september vorig jaar en de afgelopen tweeënhalve week. Telkens lijkt de rechtse regering van president Iván Duque niet goed te weten hoe om te gaan met verzet dat niet gewapend is.

De conservatieve Duque, sinds 2018 aan de macht, is protegé van ex-president Álvaro Uribe, die tussen 2002 en 2010 een extreem bloedige strijd voerde tegen onder andere de FARC, geholpen door paramilitairen. De nog steeds invloedrijke Uribe riep deze dagen via Twitter meermaals op tot stevig ingrijpen.

Politie vuurt traangas af in Cali. Beeld AFP
Politie vuurt traangas af in Cali.Beeld AFP

Cali, een stad waar veel van Colombia’s problemen samenkomen, groeide uit tot het hart van de protesten en kreeg de zwaarste overheidsreactie te verduren. Het is te zien in de cijfers: hier viel driekwart van de slachtoffers. De president stuurde de civiele politie, de ESMAD (de zwaarbewapende Colombiaanse oproerpolitie) en het leger om wegblokkades te verwijderen en het protest te smoren.

Héctor en dochter Mayra zitten op de bank in de kleine woonkamer en zijn verwikkeld in een discussie over de protesten. Hondje Lulu ligt bij Mayra op schoot, hond Sacha heeft zichzelf opgevouwen in een kartonnen doos. Het zijn twee van Héctors acht geredde straathonden. Mayra denkt dat verandering alleen mogelijk is door vol te houden, het verzet niet op te geven. “Daar profiteert uiteindelijk iedereen van.”

Haar vader gelooft niet in een uitputtingsslag met de regering. “Kijk naar Venezuela”, zegt hij. Het buurland dat gebukt gaat onder de autoritaire socialist Maduro, een diepe economische crisis en Amerikaanse sancties, is voor veel Colombianen een schrikbeeld; ieder kan er zijn eigen angsten op projecteren. Héctor ziet vooral wat de Venezolaanse oppositie níét heeft bereikt: verandering.

Mannen in witte shirts

Een geheel Colombiaans ingrediënt heeft de situatie extra vertroebeld: gewapende groepen. In Cali namen mannen in witte shirts de wapens op tegen de demonstranten. De politie keek toe. Boze rijke burgers, paramilitairen, drugscriminelen? Niemand kan het met zekerheid zeggen. Politicoloog Gil vermoedt dat gewapende groepen zich aan beide kanten in de protesten mengen. Tussen overheid en straat vindt een strijd om de waarheid plaats. “Het verhaal van de regering is: arme ‘nuttige idioten’ laten zich gebruiken door de guerrilla. Aan de andere kant wordt gezegd: een gewelddadige minderheid geeft de protesten een slechte naam.”

President Duque heeft de belastingwet inmiddels van tafel gehaald, maar de straat laat zich vooralsnog niet sussen. Gil vreest verdere escalatie zolang de regering er niet in slaagt een effectieve dialoog op te zetten met de demonstranten. Pizarro vermoedt dat het protest eerder zal uitdoven dan dat er een akkoord wordt bereikt. “De sociale bewegingen zijn te divers. En met een wensenlijst van 114 punten valt niet te onderhandelen.” De onvrede zal niet verdwijnen, zegt hij. “Die kan over drie maanden zomaar weer opleven.”

In Colombia is elk scenario mogelijk, weet ook Héctor. Aan den lijve ervoer hij het bloedige verleden van zijn land. Vier van zijn broers werden vermoord. “Door paramilitairen”, zegt hij.

Dochter Mayra heeft haar eigen redenen om boos te zijn. Ze is verknocht aan de honden en droomt van een baan als dierenarts, maar het gezin heeft geen geld voor de private opleiding. Héctor: “Ik heb een lening afgesloten om het huis te kunnen bouwen. Zolang die loopt, kan ik de studie van mijn meisje niet betalen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234