Donderdag 25/04/2019

Fotografie Kunst in de metro

In beeld: veel Brusselse metrostations zijn kunstwerken

Beeld Kevin Faingnaert

In het echte leven gaat fotograaf Kevin Faingnaert liever te voet, of zelfs met de bus. Voor deze fotoreeks dook hij de Brusselse metro in. ‘Ik ben in elke halte afgestapt.’ Alles voor de kunst.

Nee, hij is eigenlijk niet zo’n fan van de metro, geeft fotograaf Kevin Faingnaert toe. “Ik vond het een hele leuke opdracht, maar waar ik ook ben, meestal ontwijk ik de ondergrondse zoveel mogelijk. Ik ga liever te voet of met de bus omdat ik dan dingen kan zien.” Wat niet wil zeggen dat hij op zijn tocht langs het Brusselse net geen interessante dingen ontwaarde. Een dag lang nam hij metro­lijnen 1, 5 en 6 en liet hij het ondergrondse leven op zich afkomen. “Ik ben in elke halte afgestapt om te kijken of ik iets interessants zag. Zoiets voel je meteen wanneer je uitstapt.”

Een fotocompositie van Jean-Paul Laenen (1982) in station Aumale, met oude en nieuwere beelden van de wijk. Beeld Kevin Faingnaert

Wat hem fascineerde, waren niet alleen de kunstwerken. De kleur van de muren of de sfeer in een metro­station spraken hem minstens zoveel aan. “Het station van Kraainem heeft betonnen muren en zuilen die me erg aan het brutalisme deden denken. Dat trok me heel erg aan. In Graaf van Vlaanderen hangen dan weer ­vliegende mannekes aan het plafond. Heel knap, maar de donkergrijze muren die je daar overal ziet en die het geheel iets spacey geven, vond ik minstens zo ­interessant”.

Onvermijdelijk is hij ook in het station van Maalbeek geweest. “Ik was er aan het fotograferen toen een man een traan op de gezichtjes (het kunstwerk bestaat uit keramieken tegels waarop gezichten zijn geschilderd, MDM) kleefde. Toen pas besefte ik dat het 22 maart was, de dag van de aanslagen. Dat deed me iets. Ik ben er even blijven stilstaan zonder te fotograferen.”

‘16 x Icarus’ Paul van Hoeydonck (1981) in station Graaf van Vlaanderen. Beeld Kevin Faingnaert

Dat werk maakte de meeste indruk op hem. “Omdat het lijkt alsof iemand daar met ­alcoholstift gezichten op de muur heeft getekend. Ook Stuyvenbergh vond ik erg mooi: daar staan beelden die lijken te wachten op de metro. En de architectuur van Pannenhuis is heel futuristisch. Een kunstwerk kan je het niet noemen, maar het is wel indrukwekkend.”

Mooi om te zien: in sommige van zijn foto’s krijgen alledaagse objecten een heel andere uitstraling. “In Tomberg hangen overal gekleurde panelen, alsof je in een schilderij van Mondriaan bent beland. Ik nam er een foto van een rode brandweerslang. Meestal valt zo’n ding compleet uit de toon, maar hier paste die perfect in het kleurenpalet van de omgeving.”

Hergé (1988) in Stokkel. Beeld Kevin Faingnaert

Af en toe sluipt er zelfs wat zwarte humor in zijn werk. Een vallende stripfiguur op de muur van station Stokkel lijkt te zijn aangereden door het metrostel. “Zulke dingen vind ik inderdaad leuk. De kunstwerken op zich zijn wat ze zijn, maar door de interactie met wat er in een metrostation gebeurt, veranderen ze als het ware van betekenis. In het Weststation bijvoorbeeld hangen portretten aan de muur die ik op zich niet zo interessant vind, maar wanneer er een metro passeert, zie je de portretten door het raam van het metrostel, wat een boeiend effect geeft. En tegelijk zie je de ­reizigers op hun beurt weer naar de kunstwerken ­kijken. Dat vond ik heel mooi om te zien.”

Een tegelgezicht van Benoît van Innis (2002) in station ­Maalbeek. De traan in bloed hangt er voor de herdenking van 22/3. Beeld Kevin Faingnaert
Een stuk van de muurschildering ‘La grande Taupe et le ­petit Peintre’ van Paul De Gobert (1982) in station Vandervelde. Beeld Kevin Faingnaert
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.