Dinsdag 16/07/2019

In Aarlen regeert de gewone man,

Spreek de taal van de jury. Halfweg het proces-Dutroux, dat hopen we dan toch, is duidelijk dat niet iedereen daarin slaagt. De jury loste zelf al een paar hamvraagjes op, zette de speurders te kijk en komt straks toe aan de finale hamvraag. Wat met Michel Nihoul? Een tussentijdse balans door Douglas De Coninck.

en die doet dat niet eens zo slecht

De Standaard, 30 maart: "De waarheid over de ontvoering van Julie en Melissa kwam gisteren op het proces-Dutroux geen centimeter dichterbij."

Algemeen Dagblad, 30 maart: "Een speurhond heeft gisteren het justitieel onderzoek in de zaak-Dutroux deels onderuit gehaald. Volgens zijn geleider, politieman Paul Jacquet, zijn de slachtoffertjes Julie en Mélissa in juni 1995 niet van een landweggetje ontvoerd, zoals justitie acht jaar lang aannam, maar van een viaduct boven de snelweg Luik-Namen." Het Laatste Nieuws, donderdag: "Erik Van Damme kwam wel zijn verhaal doen, maar maakte er een hilarisch potje van." De Morgen, donderdag: "De vooraf als weinig geloofwaardig aangekondigde getuige Erik Van Damme kon moeiteloos de jury en het openbaar ministerie overtuigen."

Als je er de kranten op naslaat, lijkt het alsof er in Aarlen twee processen plaatsvinden. Donderdag was het weer van dat. De Morgen pakte groot uit met ex-speurder Jean-Pierre Adam, die onderzoeksrechter Jacques Langlois ervan beschuldigde tijdens een werkvergadering in 1997 te hebben gezegd: "Ik ben niet van plan om mijn voeten in het mierennest van de maffia in Charleroi te zetten".

Een forse uitspraak, iets wat normaal sowieso minstens de kranten haalt. Het stond alleen in deze krant en, heel bondig, in Gazet van Antwerpen. De rest? Niets. Adam had een verband aangereikt tussen de volgens hem bij de ontvoering van Julie en Mélissa gebruikte auto, een rode Ford Fiesta, en Hotel Brazil, waarover de Blankenbergse slager-buurman Eric Van Damme kwam beweren dat hij er An en Eefje op de avond van hun verdwijning opmerkte. Adam toonde ook op overtuigende wijze aan hoe zijn oversten hem via een kluwen van dirty tricks uit het onderzoek hadden verwijderd. Stel dat Adam een wind had gelaten of was beginnen te schreien. Dan had hij vast meer media-aandacht gekregen. In die zin zijn er in Aarlen geen twee processen aan de gang, wel twee soorten media.

Hoe kun je de pertinentie van een getuige meten? Dat is subjectieve waarneming, zoals zo vaak. Volgens de ene krant scoorde Jonathan Walasiak vorige zaterdag op Beveren een geldig doelpunt, volgens de andere vanuit buitenspel. De scheidsrechter keurde het wel goed. De jury in Aarlen bestookte zowel Adam als Van Damme met geïnteresseerde vragen. Wie is daar de scheidsrechter? Juist. Nogal wat mensen schijnen dat niet te beseffen, onderzoeksrechter Langlois op kop. Bij begon zijn marathongetuigenis met de woorden: "Ik ben naar hier gekomen met een afgewerkt product". Un produit fini. Ze dreigen hem nog in lengte van jaren te zullen achtervolgen.

Langlois was van 1992 tot '96 rechter in eerste aanleg in dat oude justitiepaleisje in Aarlen dat nu tijdelijk dienst doet als perscentrum. De door de cdH benoemde ex-politicus-advocaat was, naar men zegt, een uitmuntende magistraat, die er altijd naar streefde te vonnissen op grond van een uiterst gezond streven naar un produit fini. Liever één schuldige vrijuit dan een onschuldige in de cel. Zijn exposé over het dossier 86/96, met Powerpoint-presentatie en videobeelden, had veel weg van een referaat op een wetenschappelijk congres. Er straalde gezag van uit, wat vast ook het beoogde effect was - en vooral iets wat je op een proces als dit beter niet probeert. Langlois wou een kant-en-klaar verhaal brengen, met een nog slechts te valideren vonnis in bijlage: Marc Dutroux héél schuldig, Michel Lelièvre een beetje, Michelle Martin een klein beetje en Michel Nihoul niet. Langlois waande zich onderzoeksrechter, professor in de Dutrouxlogie, voorzitter én hoofdman van de jury.

"Wat antwoordt Langlois dan?", sprak een lezer me laatst aan, nadat weer eens melding was gemaakt een aspect van le produit fini dat in de rechtszaal was gesneuveld. De vraag illustreert hoe de buitenwacht het rollenspel in Aarlen percipieert. Langlois mocht aan het eind van zijn zevendaagse referaat beschikken en neemt niet meer aan de debatten deel. Vanuit zijn sofa kan hij tijdens het tv-journaal slechts machteloos toekijken, en hopen dat de juryleden wat oppikken van wat de hem adorerende media 's anderdaags publiceren over hilarische getuigen.

De assisenprocedure is een orale. Enkel het in de rechtszaal uitgesproken woord telt. Dat gaat terug op het archaïsche idee dat de beschuldigde in negen gevallen op de tien analfabeet is, net als die twaalf willekeurig gekozen juryleden. Archaïsch, absoluut, maar dit zijn wel de regels. Jan met de pet regeert, zoals Jef Vermassen laatst nog tot ieders verbijstering aantoonde. Zoals bij elk spelletje verliest diegene die de regels het slechtst beheerst. Langlois was met het dossier-Dutroux aan zijn allereerste assisendossier toe, én zijn eerste getuigenis voor een assisenhof.

De jury moest zich een beeld vormen over hoe de ontvoering van An en Eefje verliep. Eerst kreeg je Langlois, die een plattegrondje liet projecteren en met een rood lichtbundeltje aanwijzingen gaf: "Hier, langs de Troonstraat of de Nieuwpoortsesteenweg in Oostende, dat weten we niet precies. Nadat Dutroux en Lelièvre tijdens een autorit in Bredene de meisjes opmerkten op de achterbank van de tram". Toen kwam de trambestuurder: "Die meisjes zaten links vooraan." De nachtwaker van De Lijn: "Links vooraan, zeker weten". De NMBS-bediende: "Aan het stationsplein zag ik die meisjes en een grijze Citroën CX met gedoofde lichten". Toen de slager Erik Van Damme, en donderdag de familie-Marchal: "Voor ons hoeft die reconstructie niet meer, mijnheer de voorzitter".

Dit is de harde werkelijkheid bij een orale procedure. Erik Van Damme is op dat getuigenstoeltje gelijkwaardig aan Langlois. Ze zijn allebei één onder de meer dan vijfhonderd getuigen. Le produit fini is inmiddels op volgende punten bijgesteld:

- de locatie waar Julie en Mélissa werden ontvoerd

- de auto waarmee Julie en Mélissa werden ontvoerd

- het tijdstip waarop Julie en Mélissa stierven

- de locatie waar An en Eefje werden ontvoerd

Heeft dat nu veel belang, te weten waar, hoe en hoe laat het precies gebeurde? Nee, vinden Joris Vercraeye en de twee andere advocaten die de familie van Eefje Lambrecks vertegenwoordigen. We kennen de daders, we kennen de afloop. Het is niet Langlois die hier terechtstaat, maar Dutroux. Elementaire logica zegt wel dat je een onbekende waarheid slechts kunt benaderen aan de hand van een maximale kennis van gegevens. Zoals het er voor de familie Lambrecks niet echt toe doet om al die bijkomstigheden ten volle te doorgronden, hebben de andere families het recht om dat wel te willen. En het is opvallend om te zien hoe de meest kritische ouders van 1995 diezelfde rol vervullen in 2004. Wat maakte van de zaak-Dutroux zo'n drama? De gruwel, de kinderlijken, de graafmachines: natuurlijk. Maar ook, en vooral, het feit dat in 1996 het onwaarschijnlijke gelijk van enkele ouders diende erkend.

In de aanloop naar dit proces publiceerde deze krant een 25-delige artikelenreeks waarin de hele aanklacht van a tot z werd geanalyseerd. Geen aflevering genereerde zoveel reacties als die ene waarin te zien was hoe Michelle Martin ergens in de maand januari 1996 in die kelder afdaalde, iets fout deed met dat luik en het naar beneden liet donderen. Vandaag weten we niet eens of Julie en Mélissa op dat ogenblik nog leefden. Wellicht niet, maar het doet er niet toe. Het beeld van een moeder van drie kinderen die die 200 kilo zware poort weer overeind tilt, het gapende gat dichtmaakt met een paneel en er enkele zakken steengruis tegen schuift, gaat elk menselijk begrip te boven. Het filmpje van de reconstructie, in die kelder, werd in de rechtszaal getoond. "Als wij die kelder mogen bezoeken, mogen wij dan zelf die poort proberen op te tillen?", wou plaatsvervangend jurylid 9 weten. Het is op zo'n moment nuttig om te kijken naar de andere juryleden. Nummer 9 is de jongste van het stel. Johnny-type, gespierd, geblondeerd haar. Komt elke dag met zijn brommertje. In de blikken van de anderen was dankbaarheid te bespeuren. Ze lijken te betwijfelen of een vrouw als Martin, wat Langlois ook doceert, 200 kilo omhoog krijgt. De nochtans zo goed aan dit proces begonnen verdediging van Martin beging haar zoveelste stommiteit: "Onze cliënte voelt er niets voor om het nog eens over te doen."

Onder de twaalf effectieve gezworenen heb je zeven vrouwen, de meeste halfweg de dertig of de veertig. Allemaal potentiële moeders of grootmoeders. Op de reservebank zitten er nog eens vijf, alle weggeplukt uit gezinnetjes waar kinderen 's avonds zeuren omdat ze het na zes weken zo stilaan wel hebben gehad met vaders opgewarmde lasagne. Speculeren over wat juryleden denken, is riskant, maar omtrent Martin is een gokje te wagen. Uitgerekend Martin werd door Langlois geprezen als een voorbeeldige hulp ("haar verklaringen waren eensluidend") bij le produit fini. Mooi, dacht nummer 5 en vuurde zelf eens een paar vragen af op Martin. "Ik weet het niet meer." Meer kwam er niet. Het is perfect mogelijk dat Martin een mishandelde vrouw is wier ogen pas tijdens het onderzoek werden geopend. Lees Roddy Doyles The Woman Who Walked Into Doors of iets meer wetenschappelijks over vrouwenmishandeling: niets is zo onlogisch als een onder het juk van een gewelddadige man levend kindvrouwtje. Maar zelfs van dat Doyle-personage valt niet aan te nemen dat ze Julie en Mélissa zou hebben laten sterven. Toch niet in de ogen van die twaalf moeders.

Frédéric Clément de Cléty, de jonge advocaat van Michel Nihoul, zei vorige week: "Ik zit sinds 1996 in dit dossier. Het laat je niet los. Het spookt al die jaren elke dag door mijn hoofd en ik vrees dat dat nooit zal stoppen." Er zijn wel meer mensen met dat gevoel, en sinds 1 maart ook die 23 gewone mensen. Hun parate dossierkennis kan toen niet veel meer hebben voorgesteld dan die van de modale Belg. Wat heeft die onthouden? Woede. Over een harteloze politie en justitie. Empathie met mensen als procureur Bourlet, Paul Marchal en Jean-Denis Lejeune. Die iconen van weleer zitten daar nu, in het echt, en verheffen geregeld hun stem. Ze hebben het gezelschap van de volwassen geworden Laetitia Delhez en enkele advocaten die Langlois consequent op één lijn zetten met alles waar in 1996 tegen werd geageerd.

Het breekpunt deed zich op dit proces al vrij snel voor, bij de verschijning van hondenbegeleider Paul Jacquet. Dat was een betekenisloze flik, die maar een heel klein stukje van het speurwerk had gedaan en niet meer pretendeerde te zijn. De locatie van de ontvoering van Julie en Mélissa was dus fout. Hij legde het in enkele minuten uit. Geen Powerpoint nodig. Hij en zijn hond. Zijn verhaal was niet alleen begrijpelijker en menselijker, maar ook zoveel logischer dan dat van Langlois. Dit is dan wel een volksjury, maar niet zo volks dat ze dit ingewikkeld vond. Integendeel.

Het was opvallend hoe stil de verdediging van Marc Dutroux deze week plots werd. Doordat hun cliënt de grenzen van zijn ridiculiteit nog eens had verlegd door zichzelf te verwonden en de politie te beschuldigen, dat ook. Maar vooral omdat meester-pleiter Xavier Magnée en zijn confraters hun vat op de gebeurtenissen beginnen te verliezen. These 3, die tussen de hunne ("het grote netwerk") en die van le prédateur isolé in, wordt week na week dominanter. Het is niet langer een theorie, het is iets tastbaars. Juryleden vroegen ex-speurder Adam honderduit uit, legden zelf het verband met een niet opgehelderde poging tot kinderontvoering in het Luikse Ougrée, enkele uren voor Julie en Mélissa werden ontvoerd: met een rode Ford Fiesta.

Ze deden het ook met slager Erik Van Damme, een man die alles slechts wil zien door het enge perspectief van zijn oorlog met buurman-bordeelhouder Marcel Marchal: "Het grootste crapuul ooit, mijnheer de voorzitter!" Marchal was een kennis van Dutroux. De nummerplaat van die Fiesta waarmee Julie en Mélissa mogelijk zijn ontvoerd, zo stelde Adam, verwijst naar dat Hotel Brazil. Het is als waarnemer moeilijk te geloven dat iemand An en Eefje op de nacht van hun verdwijning een bordeel binnen ziet gaan en pas zovele jaren later komt aanzetten met: "Ik héb dat toen aan de politie gemeld, maar ik kwam terecht bij die agent die gratis Duvels ging drinken en mijn aangiften altijd wegmoffelde."

Er was een tolk naast mijnheer Van Damme komen staan, maar de slager schakelde opeens over op West-Vlaams middenstand-Frans. Geen doeltreffender manier, zoals iedereen weet, om Franstaligen te charmeren. Bourlet zat te triomferen. Deze mijnheer stond dus wat te jammeren over Hotel Brazil. De uitbater was kort na de zaak-Dutroux gevlucht naar Brazilië, een ander zit in Duitsland in de cel wegens moord, een andere in Spanje voor drugshandel. "Langlois achtte deze getuige ongeloofwaardig omdat dit volgens hem om 'een burenruzie' draaide", merkte advocaat Georges-Henri Beauthier op sarcastische toon op. Misschien hééft mijnheer Van Damme zich An en Eefje op die stoep pas achteraf verbeeld. Misschien vernam hij nadien, via via, dat die man een kennis was van Dutroux en dacht hij: "Mijn wraak zal zoet zijn". Het kan. Maar dit is een volksjury.

Langlois kon nooit bewijzen dat Dutroux Julie en Mélissa ontvoerde. Dat was ook een van de voornaamste punten van kritiek: hoe kun je volhouden dat hij een geïsoleerde pervert is als je niet kunt bewijzen dat hij en hij alleen al die kinderen ontvoerde? Het enige wat Langlois had, was een "verklaring" van... Michelle Martin. Lopend via een ander en zwakker spoor dan de Ford Fiesta. Iedereen wil wel graag weten wie Julie en Mélissa ontvoerde. Als het proces op dat punt zelfs geen begin van opheldering brengt, zo klonk het vooraf, dan is het een maat voor niets. In Aarlen vinden sommigen het door Adam, Jacquet, Van Damme en zovele anderen bij elkaar gebreide lappendeken verschrikkelijk ingewikkeld. Dit is namelijk these 3. Maar wie is de ontvoerder in these 3? Tromgeroffel: Marc Dutroux. Er is inzake de finaliteit van waar zowel Langlois als zijn critici naartoe willen geen enkel verschil. Er zijn alleen andere tussenstations. De bewijsvoering omtrent de rode Fiesta en Hotel Brazil is slechts rond te krijgen door naar de mogelijke betrokkenheid te kijken van onderwereldfiguren als Marchal, Lelièvre, Nihoul of Nicolo Mazarra, en eventueel ook Gérard Pinon en Roger Dupuis. Een soort mini-maffia, al is misschien dat zelfs te veel eer.

De jury is er inmiddels - luister naar hun vragen - rotsvast van overtuigd dat Lelièvre betrokken was bij de ontvoering van Julie en Mélissa, ook al wordt hij daarvoor ingevolge le produit fini helemaal niet voor vervolgd. "Dutroux en Lelièvre kenden elkaar op 24 juni 1995 nog niet", stelde Langlois, wijzend naar slides waarop te zien was dat hij die wijsheid bouwde op ondervragingen van Lelièvre. Het ergste wat nu nog kan gebeuren is dat een jurylid een exemplaar te pakken krijgt Deng van vorige maand. Want die vraag blijft: wat bezielt die Langlois om over zo'n stomme, schijnbaar betekenisloze details de realiteit te vervormen? In Deng verscheen een interview met Carine en Gino Russo, de ouders van Mélissa die uit protest wegblijven op het proces: "Waarom wil Langlois niet dat Lelièvre en Dutroux elkaar al kenden ten tijde van de ontvoering van Julie en Mélissa? Omdat Michel Lelièvre niet een mannetje is van Dutroux, maar van Casper Flier en Michel Nihoul. En Michel Nihoul mag er vooral niet in worden betrokken! Want hij is die brave meneer uit Brussel die volkomen ten onrechte werd beschuldigd van alles en nog wat."

Dat is dus de eigenlijke inzet van dit proces, en dat beseft iedereen. Dutroux, Lelièvre en Martin zullen door de jury voor alle aanklachten schuldig worden bevonden. Weinig twijfel mogelijk. De hamvraag gaat over Nihoul. Onschuldig, zegt Langlois. Voor de Brusselse oplichter is dat een weinig bemoedigend voorteken.

Ook al is dit de meest begeesterde en actieve jury ooit, toch kan je er nu al gif op innemen dat over enkele weken de kritiek op het systeem heviger dan ooit zal losbarsten. Tenzij de verdediging van Nihoul het onmogelijke voor elkaar krijgt.

De hamvraag gaat over Nihoul. Onschuldig, zegt Langlois. Voor de Brusselse oplichter is dat een weinig bemoedigend voorteken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden