Zaterdag 22/01/2022

Immo Laurent

Hebt u al uw Prins Laurent Label? Indien niet, dan kan dat twee dingen betekenen. Ofwel schort er iets aan uw ecologische voetafdruk, ofwel bestaat er geen Prins Laurent Label. De creatie van het label werd nochtans met een zekere strijdvaardigheid aangekondigd bij de oprichting van de private stichting Global Renewable Energy & Conservation Trust (GRECT). Dat is de stichting in wiens naam de prins naar Congo, Libië en Angola reisde.

Toen de stichting op 30 oktober 2006 boven de doopvont werd gehouden, meldde ze over zichzelf in het Staatsblad: “De stichting zal een label ontwikkelen en beschermen betreffende de imperatieven van de consumptie van minimale energie, de integratie van alle hernieuwbare energietechnologieën en milieubeheer. Zij kan dit label promoten nabij de openbare en privésectoren.”

Een label dat aantoont dat prins Laurent kan beamen dat bedrijf X of gemeente Y goed bezig is op het gebied van propere energie, daar leek muziek in te zitten. Het label zou iets worden, dacht men, waar mensen mee zouden uitpakken, waar ze voor zouden willen betalen.

Want de ambities van GRECT waren niet echt bescheiden. De stichting ging voor weinig minder dan het redden van de planeet. Ze beloofde de strijd aan te binden met de ontbossing en zich in te zetten voor “de promotie van het bosbeheer binnen de ganse wereld”. De stichter-voorzitter was prins Laurent. Verder in de raad van bestuur vinden we burggraaf Etienne Davignon en Francesco Pozzi, een Italiaanse zakenman en vriend van de prins. Vierenhalf jaar later heeft GRECT nog niet één boompje gepland. Ook van dat label is niets meer gehoord.

Wat niet betekent dat er helemaal niets is gerealiseerd.

PRINSELIJKE TITEL VERKOCHT

Een goede drie maanden na de oprichting van GRECT, op 13 februari 2007, meldt het Staatsblad de omvorming van de bvba Folder (een betekenisloos reclamebedrijfje van een Brusselse edelman) tot Renewal Energy Construct Arlon 67. Het bedrijf, af te korten als REC Arlon 67, gaat zich bezighouden met de “promotie van hernieuwbare energie”. En verder ook met “het verwerven, verkopen en verhuren van onroerende goederen”.

REC Arlon 67 krijgt een startkapitaal mee van 378.000 euro. Dat geld komt van de Gewestelijke Investeringsmaatschappij Brussel (GIMB). Die verleent namens het Brussels Gewest financiële steun aan kleine, innoverende bedrijven en heeft kennelijk geoordeeld dat REC Arlon 67 een interessant dossier heeft. De GIMB neemt een participatie van 188.500 euro, goed voor 7.540 aandelen of een belang van 49,87 procent. De overige 50,13 procent, goed voor een kapitaal van 189.500 euro of 7.580 aandelen, wordt ingebracht door de prinselijke stichting GRECT.

De prins, burggraaf en Italiaanse zakenvriend leggen samen 189.500 euro cash op tafel voor het redden van de planeet? Zo is het niet helemaal gegaan, zo leert ons aandachtige lectuur van het Staatsblad. De inbreng van GRECT komt er in natura, en wel als volgt: “Een merklicentie met een duur van 20 jaar, geschat op 150.000 euro, aangebracht door de private stichting GRECT.” De stichting brengt het nog te ontwikkelen Prins Laurent Label in als iets wat 150.000 euro en de helft van de aandelen waard is.

Kamerlid Jean-Marie Dedecker (LDD) heeft de passage gelezen, herlezen en nog eens gelezen. “Voor wat hier gebeurt, past maar één woord”, vindt hij. “De prins verkocht zijn titel, voor 150.000 euro. Stel dat ik begin met een Jean-Marie Dedecker-label, voor schone energie, of stel dat een totaal onbekend iemand dat doet: hoe kan zoiets opeens meer waard zijn dan het stuk papier waarop de belofte is gedaan? De waarde valt enkel te objectiveren door het feit dat deze man prins is. Stel dat de regering hem in die periode had gevraagd of hij - kwestie van eens wat te presteren in ruil voor zijn dotatie van 25.000 euro per maand - namens de overheid een ecolabel zou willen patroneren, dan had dat niet gekund. De prins had moeten zeggen: ‘Sorry mensen, ik heb mijn titel voor de komende twintig jaar verkocht aan een bvba die daar 150.000 euro voor betaald heeft.’ Dit is platte commercie.”

DE MAN VAN OPUS DEI

Over prins Laurent wordt vaak gezegd dat hij zich heeft bekeerd tot de georganiseerde vrijzinnigheid, dat hij zich doelbewust omringt met vrijmetselaars om zijn diepgelovige ouders te schofferen. Hij is zelf van mening dat hij alleen al daarvoor wat meer steun verdient van de media.

Maar laat ons eens kijken hoe het officieel toekennen van een waarde aan het nog niet bestaande Prins Laurent Label concreet in zijn werk is gegaan. De waardebepaling is volgens het Staatsblad uitgevoerd door een erkende bedrijfsrevisor van het kantoor EuraAudit, dat zich in deze liet vertegenwoordigen door revisor Stéphane de Lovinfosse. Hij was jaren lang voorzitter, en tot vorig jaar bestuurder bij de ontwikkelingsorganisatie Actec. Die wordt algemeen beschouwd als een mantelorganisatie van het Opus Dei.

De balansen van REC Arlon 67 tonen wat er gebeurt als de prins de waardebepaling van zijn titel op zak heeft. REC Arlon 67 trekt naar de bank, regelt een hypothecaire lening en koopt voor 2,5 miljoen euro een 19de-eeuws herenhuis in de Aarlenstraat 67 in Brussel.

De naam van het bedrijf doet een beetje vermoeden dat dat van begin af het hoofddoel is geweest. Op de nummers 63 en 65, eveneens herenhuizen uit de periode 1866-1868, bevindt zich sinds 2006 het Huis van de Hernieuwbare Energie. De hoofdzetel van EREC is hier gevestigd, de European Renewable Energy Council. Dat is een groep van lobbyisten van producenten van hernieuwbare energie bij de Europese Commissie.

EREC bezigt het huis als showroom voor nieuwe ontwikkelingen op het vlak van hernieuwbare energie. Het huurt het gebouw van de nv Cerbux Invest. Die wordt bestuurd door graaf Rodolphe d’Oultremont, een intimus van prins Laurent. We vinden hem, en ook zakenman Michel Pilette, terug in de raad van bestuur van zowel REC Arlon 67 als Cerbux Invest. Tot in 2009 maakte ook Rik Van Aerschot deel uit van het clubje. Hij is de ex-rector van de VUB en eminent vrijmetselaar. Het was ook Van Aerschot die de media begin 2008 bezwoer op te houden met de heksenjacht tegen de prins, van wie net aan het licht was gekomen dat hij met zijn allereerste prinselijke dotatie (2002) een villa had gekocht op het Siciliaanse vip-eiland Panarea. Of liever: via een ingewikkelde constructie die begon bij Cerbux Invest.

Nietes, zei de ex-rector. Die villa was van de Compagnie des Eoliennes, een bedrijf dat voor 74,87 procent in handen is van de nv Cerbux Invest. De villa, betoogde Van Aerschot, was helemaal niet bedoeld als privéoptrekje van prins Laurent, maar als “oord van reflectie en rust voor seminaries rond hernieuwbare energie” (DM 15/3/08).

WAT IS NU JUIST VAN WIE?

Vrijdagochtend, Aarlenstraat 63-65. Verantwoordelijke Kim Vanguers van EREC geeft vandaag, zoals ze vaak doet, een rondleiding voor architecten in het Huis van de Hernieuwbare Energie. “Wat wij willen doen, is mensen inspireren, tonen wat allemaal mogelijk is met schone energie”, zegt ze. “Niet alleen bij een nieuwbouw, maar ook bij de renovatie van een meer dan honderd jaar oud gebouw in het centrum van de stad.”

Het Huis van de Hernieuwbare Energie wordt volgens de eigen folders voor de volle 100 procent verwarmd, gekoeld en verlicht met schone energie. Ergens in de ondergrond, 115 meter diep, zitten vier pijpen waarlangs hitte wordt afgetapt van een ondergrondse aardkorst. Het klinkt allemaal best wel spectaculair, maar naarmate de architecten vragen stellen, gaat hier en daar een wenkbrauw omlaag. De zonnepanelen op het dak vertegenwoordigen op jaarbasis 3 kilowatt. Het Huis van de Hernieuwbare Energie verbruikt 100 kilowatt per jaar. De overige 97 kilowatt koopt het aan bij leverancier Lampiris, zoals vele duizenden Belgische gezinnen doen. De 115 meter lange palen blijken alleen een achterbouw van 200 vierkante meter te verwarmen, terwijl het hele pand 2.800 vierkante meter groot is. Het verwarmen gebeurt onder meer met ecologische houtpellets. Vier keer per jaar moet een dertien ton zware vrachtwagen door het centrum van Brussel daveren om de groene brandstof ter plaatse te brengen. “We stapelen de pellets in de vroegere kolenkelders”, legt Vanguers uit. Halverwege de sessie heeft ze een vraagje voor haar gehoor: “Jullie weten vast wel wie de eigenaar is van dit gebouw? Jawel, prins Laurent.” Lachje.

Hebben we dat goed gehoord? Nummers 63-65 zijn eigendom van Cerbux Invest, de nv achter de Compagnie des Eoliennes, de vennootschap achter de Siciliaanse villa waarvan ons op het hart werd gedrukt niet zomaar te concluderen dat ze eigendom is van de prins. In geen van de bestuursraden van al die bedrijven kom je zijn naam tegen. Nu zou blijken dat alles, de drie gebouwen, de villa én al die bedrijven van hem zijn?

Sinds haar oprichting heeft de prinselijke stichting GRECT nog nooit een handelsbalans neergelegd. Doet een gewoon bedrijf zoiets, dan spreekt de rechtbank van koophandel binnen twee jaar het faillissement uit. Deze week wist Jean-Marie Dedecker een jaarverslag van GRECT te bemachtigen. Het dateert van 4 januari 2011 en somt onder rubriek 1.IV de financiële activa op: 7.579 aandelen in REC Arlon 67 en 7.249 aandelen in Cerbux Invest. Als klopt wat hier staat, dan heeft onze gids bij EREC het helemaal bij het rechte eind. Via zijn stichting controleert de prins Cerbux Invest voor de volle 100 en REC Arlon voor 50,1 procent. We gaan te rade bij graaf Rodolphe d’Oultremont.

Graaf d’Oultremont: “Het zijn allebei filialen van de stichting GRECT. Wat is daar nu ingewikkeld aan?”

Toen wij, media, in 2008 schreven dat de Siciliaanse villa eigendom is van de prins, riepen jullie: ‘Niet waar, ze is eigendom van de Compagnie des Eoliennes!’

Graaf d’Oultremont: “En de Compagnie des Eoliennes is voor 75 procent eigendom van Cerbux Invest, inderdaad.”

De media hadden het dus toch goed?

Graaf d’Oultremont: “Neenee, de stichting bezit aandelen in bedrijven die op hun beurt eigenaar zijn van gebouwen. Ik snap niet wat daar ingewikkeld aan is.”

VERMIST: ENKELE MILJOENEN

De prins zette zijn titel om in cash, vond de GIMB bereid met hem in zee te gaan en werd eigenaar van drie panden in het duurste deel van Brussel, de Europese zakenwijk tussen de Belliardstraat en de Wetstraat. Hij vond bovendien een huurder die wordt gefinancierd door een van de grootste groeimarkten van deze tijd: de Europese producenten van groene energie. Met EREC en zestien aanverwante Europese lobbyorganisaties werd een huurcontract gesloten tot in 2032. Enig risico op het onverhoeds wegvallen van huurinkomsten lijkt niet echt aanwezig.

De balansen bieden ons een impressie van hoe het zit met de verhouding tussen huuropbrengsten en af te betalen leningen. EREC huurt Aarlenstraat 63-65 voor 322.791 euro per jaar (cijfers voor 2008) van Cerbux Invest. De lening bij de bank kostte dat jaar 196.952 euro. Dat is wat je toch wel een mooie belegging mag noemen. Voor het huisnummer 67 incasseert REC Arlon 67 jaarlijks ongeveer 182.000 euro huur. De lening bij de bank kost ongeveer 110.000 euro.

Het gros van de verbouwingen en onderhoudswerkzaamheden in de gebouwen wordt gratis en voor niets uitgevoerd door de partners van EREC, die het pand beschouwen als een soort permanente Batibouwstand. Huurder noch verhuurder lijken er enig belang bij te hebben de ander financieel de duvel aan te doen. Dat kon in theorie ook moeilijk.

Als verantwoordelijke voor het dagelijkse bestuur bij de private stichting GRECT vermeldt het Staatsblad de Oostenrijkse manager Christine Lins. Zij is vooral bekend als secretary general van EREC, en werd in 2001 als toplobbyiste voor de sector naar Brussel gestuurd. Bij het sluiten van het huurcontract voor de gebouwen in de Aarlenstraat was mevrouw Lins met de linkerhand huisbaas en met de rechterhand huurder. 180.000 en 320.000 euro zijn, rekening houdend met de locatie en specificiteit van het gebouw, redelijke prijzen, waar beide partijen zich moeiteloos in zouden moeten kunnen vinden.

Voor de eigena(a)r(en) van Cerbux Invest en REC Arlon 67 is het een kwestie van slapen om rijk te worden, zou je denken. Tot je er de balansen van de voorbije jaren bij neemt. Cerbux Invest sloot het boekjaar 2009 af met een financieel verlies van 1,36 miljoen euro. REC Arlon 67 zit met een negatief eigen vermogen van 319.906 euro en een financieel verlies van 712.837 euro. Jaar na jaar wemelt het in de jaarverslagen van jammerklachten over tegenvallende resultaten. Terwijl beide bedrijven niks anders doen dan wat de doorsnee belegger in vastgoed doet: een lening afbetalen, erover waken dat die wordt gedekt door de huur en zien dat hij er zelf nog een mooi procentje aan overhoudt.

De balansen van de twee bedrijven tonen dat REC Arlon 67 en Cerbux Invest verwoed leningen afsluiten bij banken. Volgens een berekening van Jean-Marie Dedecker gaat het voor beide bedrijven samen om 8 miljoen euro. “Dat zouden we nu toch wel graag eens willen weten”, zegt hij. “Waar vloeit dat geld naartoe? Hier zit iemand al die bedrijven leeg te melken. Het is misschien het moment om eens uit te zoeken wie.”

Volgens graaf d’Oultremont zijn de antwoorden eenvoudig te geven: “Er was de financiële crisis, een hogere rente, en er waren onvoorziene kosten bij verbouwingen. Ik denk dat er weinig anders op zal zitten dan de villa in Sicilië te verkopen. We zijn daar nu mee bezig.”

De GIMB voerde zijn participatie in REC Arlon 67 vorig jaar op tot 620.000 euro. Volgens de balansen was dat nodig omdat het bedrijf stilaan het punt naderde waarop het zijn leningen niet meer kon afbetalen. Drie dagen lang probeerden we de bestuurders van GIMB in REC Arlon, Serge Vilain (de voorzitter van de GIMB) en Denis Timmermans (secretaris-generaal), te bereiken. Een tiental post-its en plechtige beloften van hun secretaresses later waren we nog steeds wachtende.

Over de verkoop van de Siciliaanse villa om Cerbux Invest uit het slop te trekken wordt al gesproken in een bijlage bij de balans voor 2007: “We bestuderen de mogelijkheid om te desinvesteren in de Compagnie des Eoliennes.” Ook Cerbux had volgens zijn statuten grote ambities. Het bedrijf zou beleggen in vastgoed en met de winst windmolens bouwen en bossen aanleggen. In de balans voor 2008, alweer één en al gejammer over slechte resultaten, lezen we: “Het minpunt is het gebrek aan perspectieven om op korte of middellange termijn operaties op het gebied van milieu te realiseren.”

Dat is er achteraf ook niet meer op veranderd.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234