Maandag 18/10/2021

'Ik zag Mélissa op de stoep bij Dutroux'

Zelden werd er zoveel gelachen in de rechtszaal in Aarlen. Een marginaal rariteitenkabinet van ex-buren van Dutroux verscheen in de zaal, en onder hen ook de man die begin 1996 na een diefstal Dutrouxs computer in zijn bezit kreeg: 'Maar ik ken niks van computers.' Er was echter ook de getuigenis van buurvrouw Béatrice Luyckfasseel: 'Het meisje dat ik in augustus 1995 zag op de stoep in de route de Philippeville was Mélissa. Ik heb de rijkswacht gebeld. De agent schoot zich even later een kogel door het hoofd, en verder is er niets gebeurd.'

Aarlen

Van onze verslaggever

Douglas De Coninck

Alvorens ze de eed afleggen, moeten alle getuigen uitleggen hoe oud ze zijn en wat hun beroep is. "Zonder beroep", is een vaak gehoorde mededeling, als mensen uit de directe entourage van Marc Dutroux ten tonele verschijnen. "Ik en TSE", zei Béatrice Luyckfasseel (38), die zich vanaf december 1992 in de route de Philippeville in Marcinelle de buurvrouw mocht noemen van Marc Dutroux. Maar wat is een TSE, vroeg voorzitter Stéphane Goux. "Travailleur sans emploi", luidde het antwoord.

Luyckfasseel woonde in Marcinelle samen met haar inmiddels ex-vriend Philippe Mahieu, een bonkige kickbokser met wapperende manen ("thans geen werk"), die in 1993 net als Claude Thirault rijkswachter Christophe Pettens tipte over plannen van Dutroux om kinderen te schaken. Spraakzaam was de tipgever in de rechtszaal niet echt. Goux las oude verklaringen voor en Mahieu mompelde "ja". Ja, hij zag Dutroux en Michelle Martin medio 1995 op de stoep lassen aan wat hij later op televisie zou herkennen als het frame van het geheime luik in de gruwelkelder. Ja, hij zag Martin in de cruciale periode van de gevangenschap van Dutroux (6 december 1995 - 20 maart 1996) samen met een andere man geregeld in en uit lopen met zakken. En ja, ergens in 1993 was een burenruzie ontstaan, nadat de zoon van Mahieu Luyckfasseel een steen naar de kleine Frédéric Dutroux had gegooid. "De verzekeringsmaatschappij is daarvoor nog tussenbeide moeten komen, mijnheer de voorzitter."

Michelle Martin, ongevraagd: "Dutroux eiste een schadevergoeding van 1 miljoen frank, wat toch niet echt overeenstemde met de verwondingen van Frédéric. Het was niet zo erg."

Vele analyses over de gebeurtenissen van 1995 beginnen met het woord 'als' en bezorgen de ouders van Julie en Mélissa tot vandaag nachtmerries. Maar hoe anders zouden de dingen gelopen zijn als niet de stoere Mahieu, maar zijn op het eerste gezicht meer wereldse vriendin rijkswachtinformante was geweest? Goux, citerend uit haar eerdere verklaringen: "Herinnert u zich hoe u op 12 augustus 1995 boodschappen ging doen?"

Luyckfasseel: "Oh ja, mijnheer de voorzitter."

Goux: "U zag een meisje op de stoep zitten bij Dutroux. Het was warm,

maar ze droeg een trui en een kap..."

Luyckfasseel: "Het meisje zag er verdwaasd uit. Ik dacht eerst dat zij Laetitia Frennet was, de dochter van de andere buren. Ik vond het allemaal vreemd. Ik sprak haar aan, maar ze reageerde niet. Vanuit het huis hoorde ik de stem van Michelle Martin. Het meisje veerde recht en liep naar binnen. Even later zag ik Laetitia. Toen begon het me te dagen. Laetitia leek in die tijd sprekend op Mélissa Russo."

Goux: "Toen hebt u naar de speurders in Grâce-Hollogne gebeld?"

Luyckfasseel: "Ja, het ging snel. Ik heb gebeld om mijn verhaal te vertellen. En daarna heb ik de verbinding verbroken."

Goux: "Men zei dat men het nodige ging doen?"

Luyckfasseel: "Nadien heb ik vernomen dat de rijkswachter die ik aan de lijn kreeg kort daarna een kogel door zijn hoofd heeft geschoten."

Goux: "U bent zeker dat het Mélissa was?"

Luyckfasseel: "Absoluut zeker. Ze zag zo bleek. Die blauwe lippen... Ze was erg mager. Ze had een paardenstaart, weet ik nog."

Jurylid 5: "Wat riep Martin dan? Hoorde u een voornaam?"

Luyckfasseel: "Nee, ze riep gewoon: hey!"

Augustus 1995 was de periode waarin Julie en Mélissa opgesloten zaten in de kelder in Marcinelle. Het was de periode van Operatie Othello, waarbij de rijkswacht op eigen houtje tonnen informatie vergaarde - vooral bij Pettens - en onder leiding van rijkswachter René Michaux twee huiszoekingen liet verrichten in Marcinelle. De wereld kan soms onbegrijpelijk klein zijn. De moeder van Luyckfasseel is de vriendin van Michaux, de man die eind 1995 de huiszoekingen leidde en tweemaal naast het verborgen kinderhok keek. "Door een echtscheiding in de familie had ik in die tijd geen contact met René Michaux, die ik daarvoor goed heb gekend en vertrouwde", aldus Luyckfasseel. "Pas in september 1996 heb ik hier voor het eerst met hem over gesproken. Toen pas vernam ik dat hij destijds op die zaak had gezeten. 'Als ik dát had geweten', zei ik hem. Hij viel ook van zijn stoel."

Het was een dagje van permanent geruzie tussen Dutroux en Martin, volgens wie Luyckfasseel nooit kan hebben gezien wat ze beweert te hebben gezien: "Ik heb Julie en Mélissa nooit gekend, zoals ik al eerder verklaarde. Deze vrouw liegt." Volgens Martin verwart Luyckfasseel met twee buurmeisjes die eind 1992 nu en dan kwamen spelen. Marc Dutroux nam de microfoon: "Dat kan niet, want die hadden in die tijd helemaal niet die leeftijd en lijken ook niet op Laetitia Frennet of Mélissa Russo. U ziet, wéér staat Michelle Martin het hof te beliegen."

Dutroux mocht dan graag beamen dat Luyckfasseel iets had gezien dat echt was gebeurd, zijn advocaat Xavier Magnée - die zich steeds minder aantrekt van waar zijn cliënt naartoe wil - wou toch eerst nog worden overtuigd.

Magnée: "Wist u dat uw partner Philippe Mahieu de informant was van Pettens?"

Luyckfasseel: "Ja."

Magnée: "Maar dit was dan toch een enorme ontdekking? Is daar dan niet een klein gesprekje over geweest?"

Luyckfasseel, fel: "Natúúrlijk wel. Ik heb nog geroepen: 'Bel Pettens!' Mijnheer, mijn geweten knaagt nog altijd. Ik leef hier nog elke dag mee. Mahieu leek me niet echt te geloven, maar zei dat hij het zou doorgeven. U zou mijn ex-vriend moeten kennen. Hij is niet zo'n fijn iemand, weet u."

Een paar snelle verificaties. Luyckfasseel heeft niet alleen de speurders in Grâce-Hollogne verwittigd, maar ook de vzw Marc et Corinne, die opkomt voor verdwenen kinderen. In de rechtszaal stond niemand er gisteren bij stil, maar op 25 augustus 1995 was er inderdaad een speurder van de cel-Julie en Mélissa die zelfmoord pleegde met zijn eigen dienstwapen: rijkswachtadjudant Guy Goebel, een van de weinige speurders van toen die een goed contact had met de ouders van Julie en Mélissa.

Luyckfasseel en Mahieu beaamden gisteren dat de man die Martin vergezelde tijdens haar mysterieuze bezoekjes aan het huis in Marcinelle rond de jaarwisseling 1995-'96 Bernard Weinstein was. Kan moeilijk, want volgens de officiële reconstructie was de man toen al dood. Iets wat advocaat Ronny Baudewyn (Dutroux) aan de hand van deze en andere getuigenissen contesteert, volhoudend dat "Weinstein niet is vermoord door mijn cliënt". Het stel zag nog meer volk in en uit lopen. "Ja, ook Michel Nihoul", bevestigden ze allebei, waardoor de Brusselse oplichter toch weer een minder aangename dag beleefde.

Even leek in dit kamp de hoop gewettigd op een ontmaskering van Luyckfasseel als fabulante. Ze vertelde doodleuk dat ze ook procureur des konings Thierry Marchandise uit Charleroi "geregeld" het huis zag binnen gaan: "Hij kwam altijd met een Rover." Magnée toverde een paar dossierstukken te voorschijn, procureur Bourlet beaamde: "De verzekeringsmakelaar van Marc Dutroux lijkt wel een tweelingbroer van de procureur. Hij rijdt met een Rover van hetzelfde type als deze vrouw vernoemt. Dit lijkt mij nogal duidelijk. De verzekeringsmakelaar is verhoord en beaamt dat hij daar geregeld aan huis kwam."

Enigszins in de steek gelaten door haar advocaten - alleen de slome Thierry Bayet woonde gisteren de zitting bij - ondernam Michelle Martin zelf een wat meelijwekkende poging om de geloofwaardigheid van haar ex-buurvrouw te ondergraven. Want de jury had het duidelijk heel erg voor Béatrice Luyckfasseel.

Plaatsvervangend jurylid 9: "Ik hoorde u net zeggen dat mevrouw Martin vaak inkopen ging doen bij de Turk om de hoek. Wat voor dingen kocht ze? Gisteren hoorden we hier dat Marc Dutroux een hekel heeft aan uitheemse voeding."

Luyckfasseel: "Oh, gewoon. Voeding. Ik zag haar wel eens met een zak vol appelsienen en mandarijnen. Dat was in die periode (eind 1995, begin 1996, DDC). Ik vroeg haar voor wie dat fruit was. 'Voor de hond', zei ze."

Martin, furieus: "Hoe kan deze mevrouw beweren dat ze kon zien dat ik appelsienen gekocht had?"

Als getuige deed Luyckfasseel vooral haar voordeel met het contrast. Ze lijkt zowat de enige min of meer normale bewoner te zijn geweest van de route de Philippeville in Marcinelle. De dief die begin 1996 bij Dutroux inbrak, kwam achteloos vertellen dat hij wist dat Dutroux in 1989 was veroordeeld voor zedenfeiten met minderjarigen, maar hem toch zijn kinderen toevertrouwde toen hij zelf naar de gevangenis moest: "Ze hebben nooit geklaagd, hoor." De schijnbaar niet zo geletterde buurman die met de gestolen computer en 55 videobanden van Dutroux aan de haal ging, kwam melden dat hij niet weet hoe een computer werkt en het ding nooit heeft aangeraakt. "Hoe komt het dan dat iemand de schijfruimte heeft vergroot en gegevens gewist?", wou Magnée weten. "Heu, dat weet ik niet, ik ken daar niets van. Wat er met die cassettes gebeurd is, weet ik ook niet."

Er kwam ene Eric Maurage, dromend van een carrière als zanger ("ik ben vrachtwagenchauffeur"), uitleggen dat hij Dutroux had meegenomen naar de zangles in Brussel, maar wou toch gezegd hebben dat het "niet zo'n geweldige prestatie was".

Dutroux, ongevraagd: "Ja, ik vond dat leuk, mijnheer de voorzitter. Maar zo ben ik. Ik begin met iets, en dan doe ik weer wat anders. Hij daar was de enige eerlijke in die hele straat."

Maurage: "Maar nu zit je dik in de stront, Marc."

Goux: "Dan kunt u nu beschikken."

Maurage: "Nu al? Is het al afgelopen?"

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234