Donderdag 19/09/2019

'Ik wil de erfenis van de Belgische kunstenaars verdedigen'

Maurice Verbaet is niet de zoveelste verzamelaar die een museum bouwt voor zijn kunstcollectie. Het Maurice Verbaet Art Center - kortweg mvAc - wil hét referentiecentrum worden voor de vaak veronachtzaamde moderne Belgische kunst van na de Tweede Wereldoorlog.

"Ik heb in één nacht beslist om mijn kunstcollectie van vóór de Eerste Wereldoorlog te verkopen", zegt Maurice Verbaet. "Ik wil me helemaal concentreren op de Belgische moderne kunst van na de Tweede Wereldoorlog. Dat is een nog grotendeels onontgonnen gebied. De kunstenaars uit de periode 1945-1975 zijn kwalitatief sterk, maar veel te weinig bekend en soms zelfs helemaal vergeten."

Maurice Verbaet had nochtans, samen met zijn echtgenote Caroline, een adembenemende verzameling opgebouwd van Belgische kunst uit de hele 20ste eeuw. In 2012 kwamen zij voor het eerst naar buiten en toonden hun collectie in het Museum van Elsene. Dat was een schitterend overzicht met vaak onbekend maar ijzersterk werk: van vroege modernisten als Ensor, Spilliaert en Schmalzigaug tot de generatie na 1945 met Pol Bury, Serge Vandercam en Paul Van Hoeydonck.

Kort nadat Maurice Verbaet de beslissing had genomen een kunstcentrum op te richten, besloot hij al zijn vroegtwintigste-eeuwse modernisten te verkopen: het gaat om zo'n vijfhonderd werken, die niet via grote veilinghuizen als Sotheby's en Christie's op de markt komen, maar mondjesmaat door de Brusselse galeriehouder Eric Gillis in internationale collecties ondergebracht worden.

"Eerst dacht ik nog een kern te behouden", zegt Maurice Verbaet. "Een Spilliaert, een Schmalzigaug, een Joostens, ... Maar ik kon echt geen keuzes maken. Daarom heb ik van mijn hart een steen gemaakt en alles verkocht. Ik heb financiële middelen, maar die zijn niet onbeperkt. De waarde van mijn vooroorlogse collectie was flink gestegen en ik koop nu dus alleen nog Belgische kunst van na 1945, die ik weer in de schijnwerpers wil plaatsen. We moeten onze kunstenaars veel beter gaan promoten. Neem René Guiette: vergeten, maar wat een diversiteit. Die kan naast Dubuffet en Fautrier staan."

Loft voor studenten

Het gaat voor Verbaet om kunstenaars als Pol Bury, Guy Vandenbranden, Vic Gentils, Pol Mara, Evelyn Axell en Jan Cox. Hun werk wil Verbaet tonen in een iconisch gebouw: het voormalige hoofdkwartier van de Antwerpse Waterwerken op de Mechelsesteenweg. "Het gebouw dateert van 1965", vertelt Verbaet. "Onze collectie past er dus perfect bij. En we heropenen het, vijftig jaar nadat het gebouwd werd."

Verbaet beschikt er over 2.000 vierkante meter, verspreid over verschillende niveaus. Daar wil hij zijn collectie tonen in tijdelijke exposities. Er is ook plaats voor een galerieruimte, kantoren, een conferentiezaal en een tuindak voor sculpturen plus ruimtes voor twee Franse schilders die Verbaet vertegenwoordigt: Jean Rustin en Pierre Célice.

Maar Maurice Verbaet wil meer: op de achtste verdieping richt hij een documentatie- en researchcentrum in, specifiek over Belgische kunstenaars na 1945, en op termijn denkt hij ook aan een loft voor studenten die aan hun proefschrift werken. Dat het Maurice Verbaet ernst is, mag blijken uit het feit dat hij tien mensen in dienst heeft, onder wie twee wetenschappelijke medewerkers. Voorts beschikt hij over een ruim depot met klimaatregeling en laat hij bij elke tentoonstelling een wetenschappelijke publicatie verschijnen.

"Per jaar wil ik twee grote expo's maken en enkele kleinere, ook over hedendaagse fotografie. De eerste grote tentoonstelling is Connexions One. Belgische kunst tussen 1945 en 1975 met werk van 40 kunstenaars onder wie Pierre Alechinsky, Hugo Claus en Walter Leblanc. Al die kunstenaars waren met elkaar verbonden: ze stelden samen tentoon en ze maakten ruzie met elkaar. (lacht)

"Het gaat ruimer dan schilderkunst: ook Jacques Moeschal is er te zien. Iedereen kent zijn betonsculpturen op de snelweg in Rekkem en in Groot-Bijgaarden, maar niemand kent zijn naam. We gaan een film over hem maken. Dat doen we ook voor Paul Van Hoeydonck (89). Aan hem wijden we in maart 2016 een solotentoonstelling. Later komen Jo Delahaut, René Guiette en Camiel Van Breedam aan de beurt."

Familievetes

Maurice Verbaet laat zijn collectie ook reizen en heeft al afspraken met musea in Toulon, Menton en Saint-Rémy-de-Provence.

Verbaet wil vooral hét referentiecentrum worden voor de naoorlogse Belgische kunst. "Ik wil zo veel mogelijk kunstenaarsarchieven verzamelen. Verwerven als dat kan, anders digitaliseren zodat briefwisseling, dagboeken, enzovoort beschikbaar zijn voor onderzoek. We moeten nú verzamelen. Als we langer wachten, raken documenten verspreid of verdwijnen ze. Het archief van René Guiette werd door zijn kleindochter bijgehouden in enkele valiezen. Ze wist zelfs niet precies wat er in zat.

"Geregeld moeten we twee kampen onder de nazaten van een kunstenaar bij elkaar brengen, want er is vaak ruzie over de erfenis. Families zitten dikwijls met stocks kunstwerken: die wil ik, zo mogelijk, aankopen of zeker in kaart brengen. Ik wil dus de erfenis van die Belgische kunstenaars verdedigen en, deels ook, verkopen. Ik zal me dus voor het eerst als kunsthandelaar profileren."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234