Donderdag 29/07/2021

'Ik wil alle bomen zijn'

Je hebt van die mensen die je je nooit anders zou kunnen voorstellen dan zoals ze nu voor je zitten. Ann Petersen is zo iemand. Het lijkt alsof ze in haar ontwikkeling een paar fases oversloeg, dat ze vanuit de moederbuik in haar gebloemde nylonschort stapte en van embryo meteen Madame Praline werd of Nathalie uit Claus' Sacrament, of Florke van Thuis. Niemand herinnert zich een Petersen met jonge huid, een frisse meid van achttien met wapperende lokken in plaats van een kapsel vers van de krulspeld. 'Ik ben een laatbloeier. En ik werk volgens mijn principes. Spelen is heel eerlijk doen alsof,' zegt ze. 'Ik hou vooral van emoties. Die komen bij mij voor het woord. Taal is hulp. Spelen is voor mij woorden de baas worden. Dat wil niet zeggen dat ik niet na-denk, ik vind dat ik gewoon veel na-voel.'

Marijke Libert/Foto Stephan Vanfleteren

Het huis, een gezellige bungalow in Kobbegem, lijkt veel te klein voor deze indrukwekkende vrouw en haar talloze verzamelingen. Plaats op de bank is er nauwelijks, aan de muur is geen vierkante centimeter nog vrij. Alles staat en hangt vol foto's, tekeningen, ornamenten, boetseerwerk, schilderijen, beschilderde zijdedoeken, bibelootjes. Nog nooit zo'n vol huis gezien. "Ik ben een hamster. Ik spaar alles en gooi niets weg," lacht Petersen. Ze woont alleen, het is te zeggen mét Lady, een speelse, roestbruine Airedale-terriër. Geen spoor van de vriend met wie Ann al achtentwintig jaar aan relatie doet. Hij woont apart. Daar kan maar één reden voor zijn: hij kon er gewoon niet meer bij.

Ann Petersen: "Ik ben een zeer onafhankelijke natuur. Zo is mijn artiestenleven ook ontstaan, na mijn scheiding bijna veertig jaar geleden, vanuit die doordesemde drang naar onafhankelijk zijn van alles, vooral dan van mijn verleden. Ik ben pas laat in het beroepstheater terechtgekomen, ik was al drieëndertig. Daarvoor was ik fotograaf in Wuustwezel en had ik fotostudio's in Essen en Hoogstraten. Ik trouwde toen ik eenentwintig was en heb het precies twaalf jaar volgehouden. Toen ik merkte dat er geen wederzijdse interesse meer was, zijn we ermee gestopt. Sindsdien hou ik een relatie liefst duurzaam, onder meer door op dat apart wonen te staan. Ik heb geen nood aan mensen die er alleen voor mij zijn. Het zou me moeilijk vallen iemand erbij in huis te hebben of mij volledig te moeten aanpassen aan andere gewoontes.

"De belangrijkste beslissingen in mijn leven heb ik altijd in zeer korte tijd genomen en van zulke beslissingen kom ik later ook nooit terug. Ik ben zeer radicaal. Bij mijn echtscheiding was dat ook zo: het besef kwam en binnen een paar uur was het bij wijze van spreken een uitgemaakte zaak. Idem voor dat ophouden met de fotografie en op het podium stappen. Terwijl het toch een sprong was in het zwarte gat. Wie kende tenslotte Ann Petersen? Geen kat. Niemand wist waar ik kwam uitgekropen. Maar dat heeft niet lang geduurd.

"Ik heb op mijn drieëndertigste letterlijk mijn hele leven omgekeerd, het was de grote omwenteling. Weg zekere baan en weg naam. Ik heette eerst Anny Peeters, dat werd dus aangepast. Ik wou werkelijk àlles anders.

"Dat mijn nieuwe professie theater werd, heeft met de fameuze kinderdroom te maken. Ik was amper zes toen ik voor het eerst op de planken stond. Ik begon echt goed te spelen toen ik zestien was, in amateurskringen weliswaar. Die liefde is uiteindelijk nooit verzwakt, soms speelde ik in drie amateurskringen tegelijk.

"Ik heb geen studio gedaan, geen conservatorium, bezit geen diploma. Volgens sommigen mag ik eigenlijk niet spelen, er worden nog steeds toespelingen op gemaakt. Het enige wat ik gevolgd heb is het atelier voor dramatische kunst, een Antwerpse privé-school, bij Gella Allaert en Stella Blanchard. Daar heb ik tweeëneenhalf jaar gezeten. Echt beginnen kon ik dankzij een aanbieding van Denise De Weerdt, die toen directrice was van het Nederlands Kamertheater en me op mijn eindexamen bezig zag. Nadien engageerde ze me.

"Dan ben ik in een stroomversnelling terechtgekomen. Zo vroegen ze me in de KNS voor een edelfiguratie met een paar flarden tekst. Dat was in De Zachtmoedige met Julien Schoenaerts. Ik speelde er een bourgeoisdame. Het enige wat ik me nog herinner is dat ik in een licht lilakleurig kleed stak en dat ter hoogte van mijn borst een met dissolvant weggewerkte spat nagellak voor een verhard stuk stof had gezorgd. Dat pleisterwerk bleef erop zitten, de hele productie lang."

"Iedereen kent mij natuurlijk van mijn specifieke rollen. Maar dat ik meteen zo getypecast ben, klopt niet. Ik heb echt alles gespeeld en een zeer uitgebreid register kunnen opentrekken. Eén ding heb ik nooit moeten doen, de jeune première. Wat ik uiteindelijk speelde had geen belang. Ik maakte geen speciale selecties. Ik ben op de planken wel minder een woordmens dan een emotiemens. Ik moet het hebben van wat de ziel beweegt. Emotie komt bij mij vóór woord. Taal is hulp. Spelen is voor mij woorden de baas worden. En de natuur laten zijn. De reeks Thuis is onder meer door dat natuurlijke taalgebruik zo sterk. Hier voel je niet die gemaaktheid, dat nep-Vlaams dat niemand eigenlijk uit zijn strot krijgt gewrongen. Enfin, een loodgieter zegt toch ook niet (zeer geaffecteerd): 'Mooi hoor, maar wat gaat gij daar dan doen?' Ja zèg...

"De tekst wordt door ons in de mond genomen en wordt zo geschreven omdat de scenarioschrijvers weten hoe wij de taal kauwen. Voor de rest zijn we er gewoon. We lachen, we staan er triestig bij, we lollen en wenen. Met dat laatste heb ik geen last. Ik kan altijd echte tranen oproepen. Ik heb nog nooit van een flesje in mijn ogen moeten doen. Als je in de rol zit en je voelt dat zo onder je huid en je voelt die tristesse en het ongeluk zo aanwezig, dan komt dat huilen toch vanzelf? Dat is wellicht de reden waarom mensen mij vereenzelvigen met Florke. Ze gebruiken mijn soapnaam als roepnaam op straat. Ik kruip kennelijk danig onder de huid van mijn personages, zodat de buitenwereld niet anders kan dan identificeren. Ik heb het altijd gehad dat mensen me anders noemden, terwijl ze goed wisten wie ik was. Ik ben jarenlang Fien Janssen en daarna een hele tijd madame Slissen genoemd. Bij de kinderen is het Madame Praline natuurlijk, bij de ouderen dan weer Florke. Dat is televisie. Het zij zo. Ik heb er geen last van als de grens voor sommigen helemaal wegvalt en ze mij in het grootwarenhuis aanklampen met de vraag of Rogeeke niet mee is. Dan zeg ik: 'Nee, hij is thuis, mevrouw. Ik ben alleen op stap.'"

"Ik ben echt Florke hé? (begint te lachen) Ach, de vereenzelviging is een paar maanden geleden zo ver gegaan dat Florke op tv ziek werd en kort daarop werd ik zelf onwel tijdens opnamen voor Samson. Echt een heel straf verhaal, zo verregaand.

"Het was eigenlijk wel plezant, toen ze me in Stuyvenberg binnenbrachten was het eerste wat die verplegers zeiden: 'Zo ver moet ge het toch ook niet drijven. Ge zijt nog maar pas ziek geweest op het scherm en nu komt ge echt naar ons toe.'

"Ik bleek uiteindelijk een vernauwing te hebben van de kransslagader. Toch heb ik geen moment angst gehad voor wat zou komen, voor de dood of om het even wat. Niets. Ik heb ook nooit gedacht dat het met mij afgelopen was, terwijl het nochtans niet niets was. Het kon zelfs heel ernstige gevolgen hebben. Bon, ze hebben mijn aders via een opblaassysteempje weer kunnen vrijmaken. Ik heb alles gevolgd op een televisietje, ik wou dat zien.

"Het is indrukwekkend. Je ziet dat vocht in je aders stromen. Daarmee gaan ze dan op zoek naar de vernauwing en dan zie je hoe ze je ader openrekken. Ik kon het allemaal zien en bekijken hoe ik er binnenin uitzag. Maar ik heb alleen maar een kloppend hart gezien, een hart dat wou blijven kloppen. Ik denk dat het iets van de mooiste dingen is dat ze kunnen laten zien: die motor in je lichaam."

"Ik ben eigenlijk nooit overmand door angst. Ik laat de dingen hun gang gaan. Oud worden is leren leven met je beperktheden. Ik heb veertig jaar geleden alles kunnen omgooien, ik was in staat om zelf in te grijpen, mij te veranderen. Aan oud worden, - dat heb ik nu wel door - kan ik niets meer doen. Ik kan alleen maar proberen zo elegant en positief mogelijk mijn leeftijd te dragen. Ik zal me nooit laten gaan, ik vertik het. Zitten kijken of er een vijf, een zes of zoals bij mij sinds vorig jaar een zeven voorkomt, dat doe ik niet. En ik loop ook niet mee in die valse verering, dat opschroeven van je verdienste omdat je ouder bent en nog actief. Ze noemen ons nu diva's! Waar halen ze het? Dat soort opgewaardeer kan ik missen. Wij moeten ervoor zorgen dat we niet naar beneden tuimelen, zeg ik maar, want dat kan pijn doen.

"Ouder worden betekent ook niet dat bepaalde kanalen zijn afgesloten. Wij kunnen bijvoorbeeld nog steeds verliefd worden. De gevoeligheid van het hart is er nog. In je hart blijft de jeugd zitten. Als je nog kan en wil tenminste. Toen ik zeventig werd, vorig jaar, heb ik ergens de spreuk opgevist: 'Ik ben geen zeventig, ik ben achttien - maar ik heb tweeënvijftig jaar ervaring.' Mooi hé?

"Ik interesseer me enorm voor de oosterse filosofie en voor de ingesteldheid van andere rassen in het bijzonder. Ik ben bijvoorbeeld bezig aan het boek Terugkeer van de Inca en daarin las ik (citeert): 'Wij zijn niet bang voor kracht, het is goed om kracht te hebben en als je de kracht hebt om lief te hebben moet je die kracht uiten. Als je beweert die kracht te hebben, moet je dat laten zien door goed lief te hebben.' De indiaan in mijn boek zegt: jullie mensen zijn te veel bezig met het vasthouden van de dingen. Hij heeft gelijk. Het geven van kracht en energie zorgt ervoor dat je evenveel terugkrijgt. Dat zien de mensen wellicht niet als ze mij op tv zien, met mijn personages die uit de Vlaamse klei zijn getrokken. Maar het ene heeft niet met het andere te maken. Het is niet omdat ik een Vlaamse vrouw ben dat ik me niet in het inzicht of de gevoelens van het universele kan verplaatsen."

Behalve met lezen en filosoferen hou ik me in het leven vooral bezig met mijn hart jong houden, naar mooie muziek luisteren, genieten kortom. Ik heb nog dromen, ik verlang nog, ik geraak maar niet uitgeblust. Er zijn ook nog zoveel dingen die ik wil doen. Als ik het geld had, zou ik zo graag een extra verdieping op mijn huis zetten, er een stuk bovenop bouwen. Voor mijn werk. Want kijk: er hangt hier heel veel aan de muur. Ik val bijna over mijn verzamelingen en ik wil boven een atelier bouwen waar ik naar hartelust mijn artistieke drang kan uitleven. Ik schilder. Momenteel specialiseer ik me in zijde. Ik weet het zeker: als ik niet aan het toneel was gegaan, dan was ik in de kunst gestapt. Misschien was ik wel mode-ontwerpster geworden of zo.

"Van het theater zelf heb ik momenteel afstand genomen. Dat was ineens genoeg. Ik had mijn monologen, begonnen met Het massagesalon, dan Reis naar Rome, dan Naakt voor spiegel en ten slotte Vrouwencarrousel. Met dat repertoire croste ik het land rond, van West-Vlaanderen naar Limburg. Toen ik eens na de voorstelling 's nachts doodmoe naar huis reed, vroeg ik me plots af: 'Kind, waar ben je mee bezig? Je hebt een bepaalde leeftijd en je holt hier van zaal naar podium, 's avonds en 's nachts. Stel dat je hier ter plekke iets overkomt. Is het dat allemaal wel waard?' Dus ben ik gestopt. Ik kom daar niet meer van terug. Ik blijf natuurlijk wel televisie doen."

'Ik heb heel veel moederrollen gespeeld, zowel op tv, in de film als in het theater. Ik ben nochtans zelf geen moeder. Ik denk wel dat ik een moederinstinct heb. Er zijn ook heel veel jonge mensen die spontaan moeke tegen mij zeggen. Ik trek dat aan, vanuit een moederlijkheid die ik nooit heb uitgeoefend. "Nee, ik heb er nu geen spijt van dat ik geen kinderen heb, ik zit daar niet over te dubben. Ik laat misschien geen rechtstreekse verwanten na, maar ik hoop dat de gedachte aan mij daarmee niet gedoofd is. Er zijn video's, er zijn filmrollen.

"Ach, film! Dat zijn ervaringen om nooit te vergeten. Om te beginnen Het Sacrament natuurlijk, naar het boek Omtrent Deedee, van Hugo Claus. Ik heb het stuk eerst in het theater in Gent gespeeld, dat heette toen Interieur. Claus was er toen kennelijk heel tevreden over, want hij heeft mij bij het plannen van de film meteen getelefoneerd. Ik kan u verzekeren dat toen hij mij zelf belde om me de rol aan te bieden, ik door mijn huis heb gedanst van vreugde. Ik? Ik mocht Nathalie spelen! Daarna is het echte plezier pas begonnen, Het Sacrament. Claus is een schitterend regisseur. En zo'n aimabele man! Hij heeft niet één keer zijn geduld verloren.

"Ik heb altijd met heel toffe regisseurs mogen werken. Neem Benoît Lamy met Home sweet home en Jambon d'Ardenne, dan met Stijn Coninx voor de Urbanus-films Hector en Koko Flanel, ook een crème van een gast. En dan natuurlijk Van Passel met Manneken Pis.

"Film is iets bijzonders, maar inhoudelijk verschilt het toch maar weinig van tv. De methode, oké ja, maar de rest? Pfff... Film vindt men altijd meer kunst, edeler. Dat vind ik zo'n onderwaardering van de televisie. Film, dat is een camera, dat is in stukjes opnemen, nog eens van die en die kant. Tv is tegelijk alles doen, met tekst en medespelers en gevoelens en camera's. Het is je stappen tellen en tegelijk je emoties de vrije loop laten. Het resultaat is niet slecht: Thuis behoort tot de beste soaps die er zijn. En is Florke minder omdat ze in een soap zit? Ik vind Florke evenveel waard als Nathalie. Waarom zou ze minder waard zijn? Neerkijken op soap is belachelijk. Als er één groot verschil is, dan is dat niet tussen film en soap, maar tussen soap en soap. Meer wil ik hierover niet zeggen.

"Wat was mijn mooiste rol? Moet ik u een lange lijst geven? Er zijn er zoveel geweest. Als ik morgen sterf en de VRT vraagt me een uur voor mijn vertrek wat ze best als in memoriam laten zien, dan kies ik voor Het massagesalon. Dat was zoiets ontroerends en komisch. Ik heb de mensen daar heel veel deugd mee gedaan, dat weet ik. Wat theater betreft wil ik in mijn rol van La Mama nog wel eens herdacht worden. Ik heb dat drie jaar na elkaar gespeeld - in de KVS in Brussel, de rol van mijn leven.

"Ik begrijp niet goed hoe acteurs en actrices gefrustreerd kunnen rondlopen. Wij hebben zoveel kansen, zoveel karakters om te spelen. Je kunt er werkelijk alles in kwijt, je mag alles ongestraft doen. Je mag een moordenaar spelen, de gekste van de wereld zijn, zo drankzuchtig als de pest, schande over je laten spreken. Je wordt er nooit voor gestraft. Nee, de mensen komen je nadien nog een handtekening vragen. Is dat niet fantastisch?

"Waar ik absoluut niet van hou, is dat alles ontledende spel, drie maanden repeteren van 's morgens tot 's avonds, woordje voor woordje, en bij elkaar zitten als enkele denkers van Rodin, kauwend op zinnetjes. Ook dat experimentele laat me siberisch koud. Met je mantel achterstevoren op je wimpers aan komen lopen? Het zegt me niets. Ik ben rechttoe-rechtaan. Probeer je rol te zijn en laat dan maar los, dan komt het vanzelf wel. Sommigen doen daar graag moeilijk over. Nu, ik vind dat snob.

"Acteren, dat is gewoon het personage 'zijn'. Niet proberen het te benaderen door er aan alle kanten allerlei dingen aan te plakken, nee. Pas op, ik leef me wel in, maar dat wil niet zeggen dat ik daar steeds mezelf sta te spelen. Vergeet het. Je hebt van die acteurs die alleen maar zichzelf spelen, mensen die aan de buitenkant emoties plukken. Dat wordt dan een kerstboom met allerlei emoties eraan, maar het blijft tenslotte maar een kerstboom. Zulke acteurs kunnen nooit een andere boom worden, kunnen nooit een eik of een den of een treurwilg spelen. Ik? Ik wil alle bomen zijn."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234