Zaterdag 23/01/2021

'Ik werk liever in de stilte. Dat is comfortabeler'

Dat de VLD in haar nieuwe verkiezingscampagne opnieuw op de 'immer hard werkende Vlaming' mikt, zal Dirk Van Mechelen plezieren. Hij is er namelijk zelf een. Een slimme minister bovendien, vertelt een ex-collega, en ook nog eens correct, hoffelijk, technisch onderlegd. Toch behoort hij niet tot de top van de liberale partij. 'Ik denk dat Vlaanderen wel weet wat ik gerealiseerd heb. Maar ik ben niet de man die daar vendelzwaaiend mee op straat wil komen.'

Door Peter-Jan Bogaert / Foto Tim Dirven

Tijdens het gesprek bevestigt Dirk Van Mechelen zowat alle typeringen die van hem de ronde doen. Of het nu gaat om de val van Antwerpen, de barre temperaturen tijdens de verkiezingscampagne van 1985 of de cijfers over de Vlaamse investeringen. Hij is een krak in het onthouden van data. En hij is altijd correct, bij hem is een deal een deal.

Hoffelijk in de omgang is een andere typering die altijd terugkomt. Laat bloemen afgeven voor wie verjaart of door ziekte geveld is, ook aan collega's van andere partijen. Vriendelijk en loyaal; zowel voor zijn eigen medewerkers als voor zijn partij. Zelden zul je een onvertogen woord horen uit zijn mond over de blauwe strategie of de lijstvorming.

Van Mechelen kent zijn dossiers van voren naar achteren en terug, en daar zit voor een stuk ook zijn politieke zwakte. Hij kan een goed politiek dossier communicatief laten verdrinken in technische details, waardoor de boodschap voor het grote publiek grotendeels verloren gaat. Van Mechelen heeft daarvoor al vaker op de kop gekregen van de VLD-top, waar hij eigenlijk niet toe behoort.

Maar vergis u niet. Dirk Van Mechelen weet hoe hij met macht moet omgaan en heeft al tal van blauwe doelpunten gescoord. Belastingvermindering voor wie werkt, een verlaging van de fiscale lasten bij schenkingen en de aankoop van een huis, het zacht rechttrekken van scheve situaties bij de ruimtelijke ordening en niet onbelangrijk: de Vlaamse centen structureel onder controle houden. Vlaanderen is bijna schuldenvrij en bouwt reserves op voor de toekomst. Goed bestuur op zijn Vlaams, uitgevoerd door een immer hard werkende VLD'er.

Uw ouders hadden een slagerij in Kapellen. Hebt u daar geleerd om hard te werken?

"(knikt) Iedere zaterdagochtend moesten we als tiener om vier uur opstaan om mee te helpen bereidingen voor de winkel te maken. Of we nu op stap waren geweest of niet. Met die werkethiek ben ik grootgebracht. Als ik nu sommige collega's hoor klagen dat het hard werken is in de politiek, dan denk ik vaak aan mijn jeugd in de slagerij en glimlach."

Uw broer is ook slager geworden. Hoe komt het dat u niet in de voetsporen van uw vader bent gestapt?

"Mijn vader wou eigenlijk chirurg worden, maar door de Tweede Wereldoorlog is daar niets van in huis gekomen. Hij heeft altijd als een gemis ervaren. Als hij met vlees bezig was, had ik altijd de indruk dat hij een chirurgische ingreep aan het uitvoeren was. Precies en verfijnd. Mocht hij in een andere tijd hebben geleefd, dan was hij het zeker geworden.

"Die voorgeschiedenis inspireerde mijn vader tot de terechte stelling dat je kansen moet grijpen als ze zich voordoen. Als je er niet voor gaat op school, dan moet je maar naar de vakschool op internaat in Namen, heeft hij tegen mijn broer gezegd. Wel, na een reeks slechte punten was het zover voor hem. Achteraf gezien vond mijn broer dat niet zo erg; hij is gelukkig als slager en heeft ook het zakelijk instinct van mijn vader geërfd.

"Mijn zus is verpleegkundige van opleiding, maar zij werd dan verliefd op een bakker. Ook zij werkt hard."

U bent geschiedenis gaan studeren. Gezien uw afkomst toch geen vanzelfsprekende keuze?

"Het was mijn eigen keuze en interesse. In de humaniora heb ik dankzij een aantal uitstekende leerkrachten de liefde voor vakken als Nederlands, literatuur en geschiedenis meegekregen. Ik wist dat mijn vader niet onmiddellijk het nut van die richting zag maar hij heeft me wel de kans gegeven. Eén kans, dat wist ik. Gelukkig was ik er altijd door.

"Geschiedenis is me altijd dierbaar gebleven. Sinds 2004 heb ik als minister ook onroerend erfgoed in mijn bevoegdheden zitten. Daar kan ik me echt in uitleven. Ik kan menig toehoorder verrassen met een uiteenzetting over de Francia Media bijvoorbeeld, het rijk van Karel De Grote dat zich uitstrekte van Kroatië tot Friesland. Met het Europa van de 27 zijn we daar weer dichtbij. Of neem nu de Monumentenstrijd: schitterend toch? Erfgoed leeft opnieuw."

Even terug naar het verleden. Het was begin jaren tachtig. Economische crisis. En dat kom je met een diploma geschiedenis op de arbeidsmarkt...

"Ik was eigenlijk voorbestemd om geschiedenis te geven op het college waar ik vandaan kwam. Ik had contact gehouden met de directie en kon me nogal uitleven in het maken van lessenroosters voor de school. Een ingewikkelde klus, maar dat was iets dat ik zeer goed kon: schuiven met legoblokjes tot alles perfect in elkaar zat. En zo had ik vastgesteld dat er eigenlijk wel ruimte was voor een derde licentiaat geschiedenis, voor mij dus. Maar door de crisis is dat verhaal niet doorgegaan.

"Omdat ik principieel niet aan het stempellokaal wou aanschuiven, heb ik een job aangenomen die niet echt iets met mijn diploma te maken had. Een vriend was inkoper bij de firma van Jacky Buchmann, toen de grootste werkgever uit Kapellen en toenmalig PVV-kopstuk. Hij stelde me een job voor als klerk-stagiair op de aankoopdienst. Meer kon hij niet bieden, maar ik was er best tevreden mee. 'Ik zal de beste aankoper van paperclips en potloden van heel België zijn', beloofde ik."

En voor u het wist werd u de politieke rechterhand van Jacky Buchmann.

"Het begon met de campagne voor de parlementsverkiezingen van 8 november 1981. Ik moest plots naar zijn bureau komen. 'Bestel me duizend aanstekers', beval hij me, 'en een paar duizend stylo's met opschrift.' Wat later moest ik terugkomen. 'En bestel ook een paar honderd ballonnen. En gas.' Ik belde wat rond voor de scherpste prijzen. Niet veel later mocht ik ook het campagnemateriaal bestellen voor de andere blauwe kopstukken. Ik denk dat ik toen 50.000 aanstekers voor de partij heb besteld.

"Zo ben ik erin gerold. Eerst als zijn lokale campagneleider, later als zijn politiek secretaris. Op een dag nam Buchmann me mee naar Brussel. 'Voilà', zei hij, 'voortaan is hier uw kantoor.' Dat dat niet op voorhand was afgesproken, telde niet. Ik moest en zou hem politiek bijstaan in Brussel. Later kon ik ook op zijn kabinet werken. Buchmann was toen PVV-minister in de eerste Vlaamse regering."

Buchmann heeft u ook in de lokale politiek geïntroduceerd.

"Ja, het was feest in Kapellen en de fanfare zou opstappen. Jacky Buchmann nam me apart en zei me: 'Als je in de politiek van betekenis wilt zijn, moet je straks in de optocht achter de fanfare lopen. Je hebt een kwartier om te beslissen of je dat zult doen of niet.' Ik blies even. Achter de fanfare lopen; dat was nu echt het laatste waaraan ik dacht. Ja, achter de schermen een rol spelen. Maar op de voorgrond treden? Ik heb het toen toch gedaan en achteraf vond ik het best wel leuk."

Uw eerste nationaal mandaat behaalde u eind 1987. Het heeft niet veel gescheeld of u stond niet op een verkiesbare plaats...

"(guitig lachje) Het ging tussen André Gantman, de kandidaat van 't Stad en de latere VLD-schepen, en mij, de kandidaat van Buchmann en van de buiten, zeg maar. Ik weet het nog heel goed. Het was 6 november 1987. Wekenlang hadden we intern campagne gevoerd en die avond zou de beslissing vallen op een partijbijeenkomst. Ik storm na het werk thuis binnen met de boodschap dat ik meteen weer weg moest naar die vergadering. 'Dat gaat niet', zegt mijn hoogzwangere vrouw plots. 'Ik denk dat het zover zal zijn...' 'Ja maar', riep ik. 'Niet nu, schat. Niet vanavond. Echt niet.'

"De keuze was moeilijk, maar toch snel gemaakt: ik zou mijn vrouw bijstaan. Met een klein hartje belde ik naar Buchmann. Hij heeft me toen de volle lading gegeven: 'Wat ik wel dacht? Dat ik mij maar eens goed over mijn ambities moest bezinnen.

"Die avond heeft het er echt om gespannen. Ik werd nipt verkozen voor die verkiesbare plaats. Ik vermoed nog altijd dankzij de steun van de vrouwelijke leden die met mij meeleefden dat ik er die avond niet kon zijn."

Als parlementslid hebt u de moeilijke jaren van de PVV en later de VLD meegemaakt: goed in de opiniepeilingen, maar de uitslagen vielen wat tegen, waardoor de oppositiejaren bitter smaakten.

"Het waren toch al bij al boeiende tijden. De liberalen zaten nog in de Vlaamse regering tot 1991, in '92 was er de geslaagde omvorming tot de VLD en mag ik ook het het sociaal congres van 1994 vermelden, dat ik zelf mee voorzat?"

Dat was het beruchte congres waarna de VLD de stempel kreeg van asociale partij en in de verkiezingen van 1995 van Louis Tobback ook de rekening gepresenteerd kreeg.

"Ik kan alleen maar beamen dat in de politiek te vroeg gelijk krijgen soms heel pijnlijk kan zijn. Neem nu wat we toen over de pensioenen vertelden. We waren een enorme voorstander van het opbouwen van een tweede pensioenpijler. Tja: dat is toch vandaag de realiteit? Nog voorbeelden? Het stimuleren van de arbeidsmarkt; nadenken over de werkloosheidsval; het zoeken naar meer controlesystemen voor de sociale zekerheid... Allemaal toch ondertussen politiek verworven.

"Maar goed. We hadden toen de perceptie tegen en we hebben ook een foute communicatiecampagne gevoerd, met onder meer dat beruchte beeld van de lege spaarvarkens. Maar op de inhoud van het gedachtegoed ben ik nog altijd trots."

In 1999 volgt de ommekeer met de eerste paars-groene regering, in Vlaanderen onder de leiding van Patrick Dewael. Hoe kijkt u, als historicus, daarop terug?

"Het was een historische trendbreuk, zonder meer. Paars-groen was nieuw. De stijl was totaal anders; er werd afgerekend met de Vlaamse wolligheid die wat was ontstaan. Paars-groen was fris en had een levendige ploeg met sterke karakters - Patrick Dewael, Steve Stevaert, Mieke Vogels, Bert Anciaux - aangevuld met wat stillere werkers.

"Er zijn toen trendbreuken gerealiseerd die tot vandaag doorgetrokken worden. Van de hervorming van het bestuurlijk apparaat tot de vele investeringen in mobiliteit en openbaar vervoer; het Masterplan Antwerpen; het stedenbeleid; dat is toch typisch paars: steden weer zuurstof geven. Er was het gelijkekansenbeleid in het onderwijs, de bama-hervorming, de afbouw van de wachtlijsten in de zorg en in de sociale huisvesting. Er is toen ontiegelijk veel in gang gezet en gerealiseerd.

"Er is ook veel aangekondigd en zaken niet uitgevoerd, dat klopt. Maar de balans is toch overwegend positief. Ook de aanpak van de begroting, de schuldafbouw, de fiscale maatregelen... Allemaal uit die eerste periode. De Vlaamse begroting onder paars-groen was structureel gezond, wat men ook mag beweren over de kastekorten uit 2004. Ik heb genoeg aangetoond dat de CD&V-oppositie fout zat. (windt zich even op) Neem me niet kwalijk, wat we toen hebben gerealiseerd was never done. Alsof paars-groen toen niet ging voor goed bestuur."

Waar zit dan het verschil dan met de regering-Leterme?

"De regering-Leterme bouwt nu consistent verder op die trendbreuken van paars-groen. Het beleid is niet fundamenteel veranderd, alleen zijn we hier en daar aan het versnellen. Het is een goed beleid. Alleen de stijl verschilt drastisch. Het mag van mij ook wel wat flamboyanter en ambitieuzer. Ik mis soms de grote ideeën of het gedreven project."

Klopt het dat u de gemoedelijke sfeer van de eerste jaren van paars-groen wat mist? Anderen beweren dan weer dat u nu pas volledig tot uw recht komt, omringd door zakelijke bestuurders als Yves Leterme en Frank Vandenbroucke.

"(wat ontwijkend) Onder Patrick Dewael gingen we al eens met zijn allen op restaurant of dronken we samen een glas na een moeilijke vergadering. Dat verstrekte het groepsgevoel. Nu nog ga ik hartelijk en gemoedelijk om met Mieke of Steve als ik ze ergens tegen het lijf loop. Onder Yves Leterme is de sfeer stukken zakelijker, dat is zo. Gaan we minder samen iets eten of drinken. Maar goed, voor mij hoeft dat ook niet per se. Ik veronderstel dat ik ook na deze regering goed zal kunnen opschieten met Yves Leterme of Kris Peeters. We werken goed samen voor Vlaanderen, dat is het belangrijkste."

U krijgt pluimen van collega's, haalt de hoogste scores van Wetstraatwatchers. Maar een echte numero uno bent u niet. Het politiek verzilveren van uw talenten lukt blijkbaar minder. Hebt u te weinig geldingsdrang?

"Ik denk dat Vlaanderen ondertussen wel weet voor welke realisaties ik getekend heb. Maar ik ben niet de man die daarmee naar de tv hol of vendelzwaaiend daarmee op straat wil komen. Ik zoek de aandacht niet op, neen. Ik werk liever in de stilte. Daar is het trouwens ook comfortabeler werken. (lacht)

"Kijk, het gaat niet over mij. Politici zijn maar een middel, politiek is een instrument. Het gaat om de burger, om de samenleving die vooruit moet geraken. Waar wil Vlaanderen staan in het jaar 2020? Daar gaat het om. Welke troeven heeft Vlaanderen om zich verder te ontwikkelen? Welke soort economie willen we ontwikkelen.Welke investeringen zijn daar nu voor nodig? En wat zal de impact zijn voor de ruimtelijke ordening? Onze economie zit in een volle transitie en ik vind het echt boeiend om dat mee te maken. Daarvoor heb je ook politici nodig die de grote lijnen van het grote verhaal kunnen opvolgen en bewaken. En ik hoef daarvoor niet op tv te komen.

"Politici moeten tijd krijgen om te kunnen groeien, om een visie te kunnen ontwikkelen. Om heel wat beleidsdomeinen te kunnen ontdekken, zoals ik de kans heb gekregen. Ik had het er vaak over met Hugo Schiltz: op welke manier kun je vandaag nog kwalitatief goede jongeren in het politiek apparaat krijgen? Het wordt ontzettend moeilijk gemaakt door de snelle mediamaatschappij waarin we nu leven. En de provinciale kieskringen helpen de zaak ook niets vooruit.

"Dat vind ik jammer aan de BV-cultuur in de politiek op dit moment. De politiek is een komeet geworden die bijna volledig op zichzelf staat. Dat vind ik compleet verkeerd. Ik heb een eigen mening, een eigen opinie. Maar ik ben niet belangrijk. Ik ben maar een rader in een groot netwerk."

Voelt u zich dan een civil servant?

"Ja, in alle bescheidenheid. Bij de drastische hervorming van de ruimtelijke ordening stond ik er op dat ik zelf zoveel mogelijk informatieavonden kon geven. Het is de plicht van de overheid om de burger zo goed mogelijk te informeren en te zorgen dat ze krijgen waar ze recht op hebben."

U wil geen ambetantenaren meer...

"De woordkeuze van Vincent Van Quickenborne was misschien niet zo gelukkig, maar ik ben het wel eens met het principe dat we met een groot ambtenarenkorps werken. Ik ben zelf voorstander om met minder, maar kwalitatief beter ondersteunde ambtenaren te werken. Op Vlaams niveau hanteren we het groei-noch-snoeiprincipe. Ook al breiden we de taken uit, toch moeten we proberen het met hetzelfde korps te doen.

"Als straks, op 1 januari 2009, Vlaanderen de verkeersbelasting van de federale overheid overneemt, dan gaan we dat proberen te doen met 50, maximaal 60 procent van het huidig aantal federale ambtenaren. Weliswaar in een compleet nieuwe ICT-omgeving, dus beter ondersteund. We gaan dat doen in overleg met de ambtenaren. We gaan er niet op vooruit door ze in het harnas te jagen."

We moeten het ook even hebben over uw kabinetsmedewerker voor ruimtelijke ordening, Carl D.C., die in de cel zit wegens mogelijke corruptie bij bouwvergunningen.

"Het heeft me verschrikkelijk geraakt. Carl was iemand die er van bij het begin bij was op mijn kabinet. We hebben de voorbije acht jaar vlekkeloos samengewerkt. Het vertrouwen was groot. Uit de informatie waarover ik nu beschik - maar ik ben het parket niet - moet ik afleiden dat het bijna onmogelijk is dat er op mijn kabinet gesjoemeld is. Om de eenvoudige reden dat dit hier geen loket bouwvergunningen is. We komen slechts in heel uitzonderlijke gevallen tussen in complexe dossiers waarbij er een scherpe controle en toezicht is door andere personen.

"(stilte) Ik hoop voor het gerecht dat dit een serieuze zaak is. Ik kan alleen het verdere onderzoek afwachten. Maar ik geloof in de onschuld van mijn medewerker wat zijn werking op het kabinet betreft."

Zou u de macht missen, mocht het plots toch gedaan zijn?

"Macht op zich is relatief. Wat ik wel zou missen is de gedrevenheid, het tempo, de manier van werken... Om samen met een ploeg te duwen en te trekken om dingen rond te krijgen. Om op dit niveau aan politiek te doen, heb je vooral een ijzersterke gezondheid nodig. Dat wordt al eens onderschat. Het is hard werken en je familie moet akkoord gaan dat je eigenlijk als een gek aan het leven bent."

U bent stilaan een atypische VLD'er: u bent nog bij uw eerste vrouw.

"(lacht) Binnenkort zijn we zelfs 25 jaar getrouwd."

U hebt twee studerende dochters. Maken ze zich geen zorgen dat ze straks geen werk en later een betaalbare woning meer vinden?

"Lien (22) en Lotte (19) zijn ondertussen zelfbewuste dames geworden. We hebben ze proberen op te voeden in een geest van verantwoordelijkheid en onafhankelijkheid. Ze zijn ambitieus en zeker niet pessimistisch voor de toekomst. Ze verwachten in ieder geval ook niet dat ik voor hen een bouwgrond ga kopen en omgekeerd voel ik ook geen dergelijke verplichting. Ik zou wat meemaken als ik afkom dat ik voor hen alvast een appartementje in Kapellen heb gekocht. (lacht)

"Pas op: ze komen niets te kort en ik zal hen helpen als het nodig is, maar ze willen zelf hun weg maken. Dat is net wat het liberalisme voor staat: dat iedere individu de kans heeft zich te ontwikkelen en zijn eigen keuzes kan maken. Dat ze niet in systemen worden gedwongen waardoor ze hun eigen keuzes niet meer kunnen maken. De vrijheden zijn ons dierbaar."

Daar zit het hem toch: wie nu niet door de ouders gesteund wordt, kan met moeite zelf een degelijke woning aanschaffen. Dat is toch geen gelijke start?

"Mag ik antwoorden met een tegenvraag? Zijn de jongeren vandaag nog wel bereid om van nul iets op te bouwen en daarvoor hard te werken. (op dreef) Het was 1982. We waren pas getrouwd en van thuis hadden we ook niet veel meegekregen. We konden een huisje kopen voor 1,2 miljoen Belgisch frank. Het was de tijd van hoge rentelasten tot 14 procent. Veertig procent van ons loon ging toen naar de afbetaling van onze lening. Veertig procent! De eerste tien jaar zijn we niet op vakantie geweest. We hebben zelfs geen huwelijksreis gemaakt. We hadden toen geen tv, enkel een transistorradiootje. Ik spreek hier niet over de jaren vijftig, hé maar over begin de jaren tachtig.

"Nu doen we er alles aan wat we kunnen om die eigen droom iets aantrekkelijker te maken via fiscale maatregelen. En het werkt: de gemiddelde leeftijd bij het verwerven van een eerste eigendom is in een aantal jaren gedaald van iets boven de 30 naar 26 jaar."

Nog een laatste vraagje: u hebt met de VLD de absolute meerderheid behaald in Kapellen. Was dat, net als bij Karel De Gucht, de mooiste dag uit uw leven?

"Dat was een schitterende uitslag voor mijn team een ook voor mijzelf. We haalden 49 procent van de stemmen. Maar de mooiste dag uit mijn leven? Neen, het was de bekroning voor een hele ploeg en van meer dan twintig jaar liberaal werk. En de uitslag... Die legt ook een druk op de ploeg. Wat zal dat zijn binnen zes jaar, was mijn eerste gedachte. Tja, ik ben nu eenmaal zo vreselijk realistisch."

De regering-Leterme bouwt verder op de trendbreuken van paars-groen. Het beleid is niet fundamenteel veranderd, alleen de stijl. Van mij mag het wel wat flamboyanter en ambitieuzer

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234