Dinsdag 27/10/2020

'Ik was op het juiste moment op de juiste plaats'

Eind jaren zeventig ontwikkelde hij een geneesmiddel waarmee miljoenen slachtoffers van een hartaanval werden behandeld. Ruim dertig jaar later start 'zijn' ThromboGenics met de verkoop van een veelbelovend oogmedicijn. 'Ik ben blij met de erkenning, maar het maakt van mij geen andere mens', zegt Désiré Collen, stichter en voorzitter van het biotechbedrijf. Johan Corthouts

oor ThromboGenics wordt 2013 het jaar van de waarheid. Het Vlaamse biotechbedrijf start deze maand in Amerika met de verkoop van een veelbelovend oogmedicijn. "De verwachtingen zijn hooggespannen. Voortaan verkopen we niet langer gebakken lucht, maar een echt product", zegt Collen in het piepkleine lokaal dat hij in het Leuvense hoofdkwartier van ThromboGenics betrekt.

Voor de 69-jarige Collen is de lancering van het nieuwe geneesmiddel de kroon op het werk van een lange wetenschappelijke carrière, waarin hij uitgroeide tot de op een na meest geciteerde Belgische wetenschapper. Collen, destijds een aantal keren genoemd als laureaat voor de Nobelprijs geneeskunde, ontwikkelde in 1979 t-PA, een medicijn om bloedklonters op te lossen. Tussen vijf en zeven miljoen slachtoffers van hartaanvallen werden in de jaren tachtig en negentig behandeld met het geneesmiddel, dat door de Amerikaanse farmareus Genentech op de markt werd gebracht.

"Een hartaanval wordt veroorzaakt door een bloedklonter in de slagader. Als je de bloedklonter oplost, vermijd je dat een deel van de hartspier sterft en kun je de dood van de patiënt voorkomen. Ik heb naar schatting 100.000 mensen het leven gered", zegt Collen over zijn uitvinding.

Collen studeerde in Leuven geneeskunde en scheikunde. Met die twee diploma's op zak kreeg hij in 1976 een contract om aan de slag te gaan in het onderzoekinstituut dat rector Pieter Desomer in Leuven had opgericht. "Ik was niet voorbestemd om geneesheer te worden. Mij kon je altijd in het laboratorium vinden", blikt hij terug op die periode.

Als jonge onderzoeker werkte hij in het laboratorium van professor Mark Verstraete. Hij deed er onderzoek naar kankercellen. Het was daar dat hij t-PA op het spoor kwam. "Ik heb uit de cellijn van een Amerikaanse kankerpatiënte het gen t-PA gehaald", vertelt hij. "Ik heb veel geluk gehad dat ik daar als eerste in slaagde. Die cellijn was al drie jaar door tientallen handen gepasseerd. Niemand had gezien dat je uit het enzyme van de kankercel een middel kon halen dat bloedklonters kon oplossen. Met mijn kennis van biochemie is me dat wel gelukt. Je moet op het goede moment op de juiste plaats zijn, en dan moet je vooral je ogen openhouden."

Tien op tien

De ontwikkeling van t-PA legde Collen geen windeieren. Ze zorgde voor een stroom van 143 miljoen dollar (110 miljoen euro) aan patentrechten, waarvan de helft voor hem persoonlijk was. "Sommige mensen raadden me toen aan om te gaan rentenieren. 'Koop een kasteel in Frankrijk en profiteer van het leven.' Maar dat leek me weinig fun", vertelt Collen met een sappig Truiens accent.

Met het geld stichtte Collen in 1998 ThromboGenics. Het bedrijf ging op zoek naar een middel voor de behandeling van hersentrombose, vandaar de naam ThromboGenics. Collen en zijn medewerkers hadden daarvoor een veelbelovend eiwit ontwikkeld, microplasmine. Maar door geldgebrek zagen ze zich verplicht een andere weg uit te gaan. "De ontwikkeling van een nieuw geneesmiddel om hersentrombose te behandelen, zou minstens 300 miljoen euro kosten. Dat was veel te duur", zegt Collen.

Microplasmine bleek ook bruikbaar voor een veel snellere en goedkopere behandeling van een zeldzame oogziekte. ThromboGenics besloot die richting uit te gaan.

Collen: "In onze business moet je altijd flexibel en zeer pragmatisch zijn. De hele ontwikkeling van microplasmine heeft ons 100 miljoen euro gekost. Voor zo'n nieuw type geneesmiddel is dat een prikje."

Halverwege januari wordt in de Verenigde Staten gestart met de verkoop van het geneesmiddel. "We verwachten er veel van", zegt Collen. "Analisten voorspellen een omzet van verscheidene honderden miljoenen per jaar."

Niet alleen ThromboGenics koestert hoge verwachtingen. Ook de buitenwereld gelooft heel hard in de slaagkansen van het nieuwe geneesmiddel, dat op de markt wordt gebracht onder de merknaam Jetrea. De vlotte manier waarop ThromboGenics vorig jaar groen licht kreeg van de Food and Drug Administration (FDA), het Amerikaanse medicijnenagentschap, zette de vennootschap in de schijnwerpers. "We kregen van de jury een tien op tien. Beter doen, kan niet", aldus Collen.

De FDA gaf haar definitieve goedkeuring in oktober. Sindsdien groeide ThromboGenics uit tot een ware hype. Beursanalisten riepen het bedrijf uit tot aandeel van het jaar, na een klim van meer dan 120 procent in 2012. Met een beurswaarde van inmiddels 1,5 miljard euro wordt ThromboGenics getipt als mogelijke opvolger van Telenet in de Bel-20.

Het feilloze parcours van het biotechbedrijf leverde CEO Patrik De Haes zelfs een nominatie als manager van het jaar op. Ook in het buitenland ging het succes van ThromboGenics niet ongemerkt voorbij. Het bedrijf kreeg na de goedkeuring door de FDA de titel biotechdeal van het jaar opgeplakt.

Geroddel

ThromboGenics was het eerste Belgische biotechbedrijf dat van de FDA de goedkeuring voor een nieuw geneesmiddel kreeg. Door die prestatie is het bedrijf uitgegroeid tot de vaandeldrager van de Vlaamse biotechsector. Met bedrijven zoals Ablynx, Devgen, Galapagos en TiGenix staat die sector in Vlaanderen stevig op de kaart. "Het succes is toe te schrijven aan het Vlaamse Instituut voor Biotechnologie. Die overheidsinstelling doet fantastisch werk", zegt Collen. "We hebben al meer dan een dozijn biotechbedrijven. We zitten nog niet op het niveau van Cambridge of Boston, maar we gaan vooruit. Er wordt gesproken over Flanders Biotech. De Duitsers, Nederlanders en Fransen komen kijken hoe goed wij het doen."

Niet alleen de Vlaamse overheid, ook de federale overheid levert inspanningen om de biotech te ondersteunen. ThromboGenics sloot een overeenkomst met de fiscus om de inkomsten uit Amerika tegen een gunsttarief te belasten. "Het grootste deel van de winst in de VS komt naar België. Met de ruling die we hier hebben gesloten over patentinkomsten kunnen we in België verder werken aan innovatie. We hebben alle reden om hier te blijven", zegt Collen.

Door het succes van ThromboGenics gaat Collen voortaan als baron door het leven. Als zoon van een belastingambtenaar en een caféhoudster prijkte hij vorig jaar onder meer naast Jef Colruyt van de gelijknamige supermarktketen en Boerenbondvoorzitter Piet Vanthemsche op de lijst met adellijke titels. En hij kreeg de titel van ereburger van de stad Sint-Truiden, waar hij zijn jeugd doorbracht. "Ik ben blij met die erkenning, maar het maakt van mij geen ander mens", zegt Collen. "Wat voor mij telt, is de waardering die ik krijg van collega's."

Die waardering kreeg hij, maar Collen oogstte ook veel afgunst. "Toen ik een vliegtuigje, een Cessna, kocht in Amerika, werd onder professoren veel geroddeld over mijn patentrechten voor t-PA. De waarheid is dat ik het gros van die centen heb afgestaan aan een stichting waarmee ThromboGenics werd opgericht", zegt Collen.

Om van het geroddel af te zijn, schreef hij enkele jaren geleden zijn memoires, waarin hij open bloot zijn inkomsten vermeldde. Maar de verhalen over zijn vermogen bleven hem achtervolgen. "Sommigen blijven geloven dat ik een fortuin van meer dan 1 miljard euro bezit, maar ik heb nog niet eens een tiende daarvan. Met de 350.000 aandelen in ThromboGenics die ik persoonlijk bezit, heb ik meer dan genoeg om goed van te kunnen leven. Ook voor mijn drie kinderen blijft er voldoende over. Maar zij moeten ook weten wat werken is."

De operationele leiding van ThromboGenics gaf hij enkele jaren geleden al uit handen. CEO De Haes en financieel directeur Chris Buysse hebben de touwtjes van het bedrijf stevig in handen. Als voorzitter van de raad van bestuur volgt hij de activiteiten wel op de voet. Collen is vooral bezig met de verdere toekomst van het bedrijf, dat inmiddels ruim 140 mensen in dienst heeft.

"Om van ThromboGenics een blijvend succes te maken, zullen we extra stappen moeten zetten", zegt hij. "Ik twijfel niet aan het succes van ons product, maar met slechts één geneesmiddel is een bedrijf kwetsbaar. Er kan altijd iets negatiefs gebeuren de komende jaren. Met één product ben je een one trick pony."

Ethische keuzes

ThromboGenics wil microplasmine gebruiken om nieuwe oogmedicijnen te ontwikkelen. Ook wordt gedacht aan een nieuw geneesmiddel voor diabetes. Maar Collen beseft dat de ontwikkeling van een nieuw medicijn veel doorzettingsvermogen vergt en dat mislukkingen niet uitgesloten zijn. "Nieuwe geneesmiddelen maken, wordt steeds moeilijker. De regelgeving wordt almaar strenger. Bij de eerste patiënte die ik destijds met t-PA behandelde, spoten we materiaal uit het lab in. Zo'n ingreep zou vandaag onwettig zijn. De eerste keer dat we microplasmine inspoten in een oog, hadden we al 20 miljoen geïnvesteerd in het product. Als ik vandaag op dezelfde manier te werk zou gaan als toen, dan zou ik heel veel moeilijkheden hebben."

Om de toekomst veilig te stellen, houdt ThromboGenics meerdere opties open. "Ofwel vullen we de pijplijn, ofwel doen we zelf een overname, ofwel krijgen we een overnamebod", somt Collen de mogelijkheden op. Op een overnemer zit ThromboGenics evenwel niet te wachten. Het bedrijf voelt zich comfortabel met de overeenkomst die het vorig jaar sloot met de Zwitserse multinational Novartis om microplasmine buiten de VS te verkopen.

ThromboGenics heeft ongeveer tien jaar om zijn investering terug te verdienen. Het patent op microplasmine werd aangevraagd in 2001 en loopt nog tot 2023. "In Amerika vragen we een prijs die hoog genoeg is om onze centen te recupereren", zegt Collen.

Maar of dat ook zal lukken in Europa, waar het medicijn pas de komende jaren op de markt komt, daaraan durft Collen hardop te twijfelen. Overheden kiezen almaar meer voor generische producten en betalen enkel nog de goedkoopste geneesmiddelen terug. Collen ziet die evolutie met lede ogen aan. "Wie een handtas van Delvaux namaakt, riskeert een gevangenisstraf. Wie een geneesmiddel namaakt, krijgt subsidies van de overheid. Dat heeft geen zin. Zo maak je de farma-industrie kapot."

De problemen op het vlak van de financiering van de gezondheidszorg zal overheden dwingen om op een andere manier om te gaan met de centen, zegt Collen. "Als je op intensieve zorgen ligt, dan zijn er constant drie verpleegsters voor één bed. Dat kost fortuinen. Het wordt tijd dat we prioriteiten stellen. In ons land krijgen mensen van 85 of 90 jaar nog een nier ingeplant. In Engeland is dat al lang niet meer waar. Eén keer de 70 voorbij, kom je niet meer in aanmerking voor een niertransplantatie."

Volgens de biochemicus staan we in de toekomst voor meer van zulke ethische keuzes. "Wat doe je met mensen die klinisch dood zijn, mensen die in coma aan een beademingsapparaat liggen? Mensen die terminaal ziek zijn, worden vandaag via palliatieve zorgen nog jaren in leven gehouden. Hun levenskwaliteit is quasi nul. Ik vind niet dat de samenleving mag beslissen over actieve levensbeëindiging. Dat zou onethisch zijn. Maar die therapeutische heldhaftigheid zal toch moeten verdwijnen. Gelukkig begint men dat stilaan te beseffen."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234