Vrijdag 20/05/2022

'Ik veroordeel niemand meer die militair wordt'

Een rij identiteitsloze uniformen, zo zag fotograaf Bas Bogaertshet leger vroeger. Na vier jaar reizen in het spoor van de Belgische militairen is er nu 'Onze jongens'. Een boek, een tentoonstelling en een reeks op Canvas. Op al die beelden staan mensen. Die kwetsbaar kunnen zijn.

De fotograaf opent de deur met zijn dochter Minne op de arm. Er draait een elpee van Cannonball Adderley en er is koffie. Van zelfs een heel klein beetje oorlog is in dit Gentse huis geen sprake. En ook Onze jongens, het boek dat op de salontafel ligt, begint met een vreedzame quote van Albert Camus: 'Il y a beaucoup de causes pour lesquelles je suis prêt à mourir mais aucune pour laquelle je suis prêt à tuer.'

Het is een dik boek, daarin een selectie van "ruim 22.000 kliks", aldus Bas Bogaerts. Een selectie van vier jaar in het zog van het Belgische leger. In Leopoldsburg, in Kosovo, in Haïti, Libanon, Congo ook, Somalië en Afghanistan. Dat laatste land zelfs vier keer, waarin hij meteen de verandering zag: "De eerste keer, in 2011, werd ik op de luchthaven van Kunduz opgehaald met een open jeep. Precies een golfkarretje", zegt Bas (35), archeoloog van opleiding maar sinds enkele jaren fotograaf voor De Morgen. "De laatste keer was in oktober 2013. Toen moesten we van de luchthaven naar het kamp met een kolonne van zeven pantserwagens." In die ene anekdote zit bijna de hele veranderde wereld.

"Maar mijn boek gaat niet over oorlog", zegt hij dan. "Het gaat over de mensen die die job doen. Die ervoor kiezen om in het leger te gaan. Om zes maanden naar, bijvoorbeeld, Afghanistan te trekken. Het staat helemaal los van wat ik denk over oorlogsvoering of zelfs over dat leger. Ik heb geprobeerd zo dicht mogelijk bij die gasten te staan."

Toen hij 18 was, stond Bogaerts zelf in een rekruteringslokaal in Brugge. Er werden para's gezocht en er ging een VHS-cassette in de video. "Het was zo saai dat ik me absoluut niet aangesproken voelde. Een vriend begon wel, maar zat na acht weken weer naast me op café. Het Belgisch leger slaagt er precies niet in om dat aantrekkelijk te brengen. Terwijl ik als kind al interesse had voor het mechanisme. Hoe zaten de Napoleontische veldslagen in elkaar? De Forten van Vauban? Zoals mensen van wiskunde genieten, geniet ik daar van. En ik werd getriggerd door de oorlogsverhalen van mijn grootvaders. De ene in het verzet en de andere ging lekker collaboreren." Er kwamen andere vragen. Hoe richt je je leven in in Afghanistan? Wat met de nood aan eenzaamheid? Wat met het gevoel als een missie je misschien nutteloos lijkt? Nog één trigger: "Enkele jaren terug was ik met Eva (zijn vriendin, RVP)op pad en op een dag kwamen we in Kosovo. Meer bepaald in Mitrovica, aan de Servische kant. Een paar Belgische para's stonden er een Magnumijsje te eten, dat maakte hen ineens zeer menselijk. Toen heb ik echt beslist hier iets mee te doen."

Somalische piraat

Onze jongens is geen chronologisch verhaal. Het is wel een verhaal. Van rekrutering over de opleiding, het vertrek, verblijf en de terugkeer. Tot de militaire parade met fanfare. Met vragen van de fotograaf. "Libanon was een VN-missie, daar kun je niet tegen zijn. In Haïti gingen ze mee om het B-FAST-team te beschermen. Moet dat door de special forces? Ik weet het niet. In Somalië werd met veel show een piraat opgepakt, op het vliegveld gezet en naar de gevangenis van Brugge gebracht. Ik vroeg de kapitein: 'Wordt de familie van die man geïnformeerd?' Dat ze hun best doen, zei hij, maar je weet zo dat niemand naar de binnenlanden van Somalië trekt om dat te doen. Voor mij kwam het over als een promostunt." Dan Afghanistan, altijd zeer omstreden. "Natuurlijk hebben we NAVO-verplichtingen en om daar bij te blijven, moet je meedoen. Dus moet je ook de vraag durven stellen: is besparen op Defensie nodig? Open vraag. Dit is een moment van nieuwe Oost-Westtegenstellingen, van een nieuwe Koude Oorlog en van een nieuwe bewapeningswedloop."

"Maar wat hebben de Belgen daar gedaan? Ze hebben de luchthaven van Kaboel bewaakt en in Kunduz geholpen met Afghaanse militairen op te leiden. Op microschaal is dat goed: die gasten kunnen nu tenminste mikken met een kalasjnikov. Maar op macroschaal is het toch een druppel op een hete plaat. Voortdurend hoor je dat er Afghaanse soldaten zijn die niet terugkeren uit verlof. Die zijn dan overgelopen naar de taliban."

Bladerend door zijn boek loop je mee in het spoor van de jongens in de buurt van Kunduz. "Wel maf soms. Je loopt richting twee talibanstrijders en achter je lopen twee gasten Freddy De Vadder te imiteren." Je ziet een tv-toestel in Libanon, gestut door oude mortiergranaten. Opnieuw in Kunduz wegwijzers naar Brussel (5.110 km)en Bruxelles (34.780 km). Humor in het leger: "Zeker en vast door Vlaamse soldaten aangebracht, de Walen moeten langs de andere kant van de wereld terug." Je ziet zeteltjes van gevlochten metaal. Hij noemt het de "altaren van de verveling". Je ziet een Sinterklaas en Zwarte Piet aan boord van de Louise Marie. "Vergeet niet dat dat materiaal acht maanden eerder ingescheept moest worden. Dat vind ik nu organisatie: acht maanden vroeger denken aan een staf en een mijter."

Je ziet de porno aan de muren, naast een Vlaamse Leeuw. "Die foto wilde het Belgische leger er niet in. Niet voor dat bloot, wel voor die vlag. Een separatist in het Belgische leger? Dat kan toch niet. Er zijn nog foto's waar ze niet gelukkig mee zijn hoor. De foto van Joeri, een para, die houtskool op de barbecue giet. Hij verscheen twee jaar geleden al in De Morgen Magazine en daar kreeg ik heel veel problemen mee. Dat is niet het beeld dat het leger van de militairen wil tonen. Ze zijn bang voor Het Laatste Nieuwsen de publieke opinie. Gek hoor." Na die publicatie was Bogaerts een hele tijd niet meer welkom bij het leger. "Ze censureren niet, ze geven je alleen geen toelating meer om mee te gaan."

Stilaan lukte het weer. Maar toen Bas, na een panne met een Embraertoestel, mee terugkeerde met een kleine Falcon kwam er toch weer wat heibel. "Die Falcon is het toestel waar de koning mee vliegt. Er is plaats voor acht man. Ik moest naar het toilet en besefte dus dat ik op dezelfde bril zat als de koning. Ik had dat op Facebook gezet en toen later met Defensie gepraat werd voor de Canvasreeks, kwam toch de vraag: kan het niet zonder Bas Bogaerts? De bewakers van de opinie waren niet blij. Eigenlijk draait het daarom in mijn werk. Ik ben niet geïnteresseerd in de balkonscène van de koning, wel in zijn toilet. Dicht op de huid zitten van de mensen. Dat doe ik het liefst. Ik zou bijvoorbeeld heel graag K3 eens volgen, om te zien hoe ze écht zijn."

Echte vrienden

Daarin voelt hij zich, zegt hij, verwant met de Amerikaanse fotograaf Garry Winogrand. Met de verhalen van de straat. In dit geval van in kamers, kazernes, kazernebars, pantservoertuigen, schepen en vliegtuigen. Kwam er een antwoord op de vraag waarom ze het doen? In de tv-reeks zie je 1ste sergeant-majoor Dimitri dat uitleggen aan een tolk: "For a new bathroom". Bogaerts: "Ze zijn vaak niet geïnteresseerd in het land waar ze zijn. Ze doen het om de badkamer te betalen, een nieuwe motor, de oprit." Toch ook om in praktijk te brengen wat ze in de regen van Brasschaat geleerd hebben. "Zoals een dokter blij is met patiënten, zo zijn soldaten blij met actie. Alleen in België zijn we er beschaamd over als ze moeten schieten. Ooit was er opschudding toen de Belgen in Afghanistan in een hinderlaag terechtkwamen. Achteraf zei iemand me daar: 'Dat gebeurt elke week'. Dat is het verschil tussen onze jongens en, bijvoorbeeld, de Amerikanen. Kijk naar Restrepo(de film die de betreurde fotograaf Tim Hetherington maakte, RVP). De Amerikanen zijn trots om te tonen wat ze doen. Daar is het 'o wee' als je tégen het leger bent. Hier is het 'o wee' als je er voor bent."

En? O wee? "Het gevaar van embedded te zijn is dat je er te dicht bij komt. Je leert hen kennen, sommigen zijn echte vrienden geworden. Als ik daar in de problemen zou geraken, zouden zij me eruit trekken. Ik ben mee dronken geworden in hun bar. Maar mijn mening is wel veranderd. Natuurlijk heb je het cliché van de dikbuikige sergeant met snor en zijn er Johns met te veel testosteron. Maar er zijn ook gasten die eerst kunstgeschiedenis studeerden. De hele maatschappelijke waaier is er. En ik veroordeel niemand meer die voor deze job kiest."

Onze jongens van Bas Bogaerts is verschenen bij Uitgeverij Manteau, telt 328 bladzijden en kost 34,99 euro. Onze jongens is ook een tv-reeks van zes afleveringen, op Canvas, vanaf woensdag 3 september. De tentoonstelling Onze jongens in het Museum dr. Guislain in Gent begint op 12 september en loopt tot 2 november.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234