Maandag 25/10/2021

GetuigenissenTerug naar school

‘Ik snak ernaar om weer les te geven aan leerlingen met een gezicht’

null Beeld Wouter Van Vaerenbergh/Guy Kokken/Karolien Coenen/Humo
Beeld Wouter Van Vaerenbergh/Guy Kokken/Karolien Coenen/Humo

Dat corona geen sprint maar een marathon zou worden, wisten we al. Maar terwijl we in juni nog vurig hoopten op een normaal begin van het schooljaar, wordt deze eerste september er opnieuw eentje met mondmaskers en maatregelen. Al zijn het er minder dan voordien, en glinstert de verlossing aan de horizon. Hoe kijken leerkrachten naar dit schooljaar?

Pieter Delanoy. Beeld Wouter Van Vaerenbergh
Pieter Delanoy.Beeld Wouter Van Vaerenbergh

PIETER DELANOY: ‘ECLAIRS UIT 1789’

Pieter Delanoy, die als mol in het gelijknamige programma uitmuntte in saboteren, kreeg in zijn klas in Brugge van het virus een koekje van eigen deeg.

Delanoy: “Vorig schooljaar had ik me voorgenomen om corona geen domper te laten zijn. Ik ben met de collega’s gaan zoeken naar creatieve manieren om de leerlingen een onvergetelijk schooljaar te bezorgen. Dat is goed gelukt.”

Hoe speelden jullie dat klaar?

Delanoy: “Door het bijna als bij een jeugdbeweging aan te pakken. Elke maand trokken we één voormiddag uit om de klassen tegen elkaar een groot spel te laten spelen. Een escaperoom, of een spel zonder grenzen. De reis naar Parijs viel weg, in plaats daarvan toverden we de school om tot de Franse hoofdstad.”

Jullie hebben ook een containercup georganiseerd.

Delanoy: “Toen de proclamaties niet mochten doorgaan, wilden we de laatstejaars toch een uitzwaaimoment geven. We hebben een bestelwagen omgebouwd, naar het voorbeeld van de Container Cup, waarmee we van leerling naar leerling reden. Alles werd gefilmd, zodat iedereen kon meegenieten.”

Deden alle collega’s enthousiast mee?

Delanoy: “Af en toe heb ik ze moeten aanporren. Niet iedereen begreep waarom we zoveel energie stopten in iets wat toch maar eenmalig zou zijn. Maar als we het jaar wilden redden, dan moest het.

“Ik heb me ook weleens afgevraagd: ‘Waar zijn we nu weer aan begonnen?’ Maar jongeren hebben zoiets nodig. Toen ik met mijn leerlingen – ik geef geschiedenis en godsdienst in het derde en vierde jaar – het schooljaar evalueerde, noemden ze die activiteiten dé momenten waaraan ze zich hadden opgetrokken. Natuurlijk verloren ze ook weleens de moed. Dat is logisch. Normaal waren ze voor het eerst op café en naar ons schoolbal gegaan. Nu kon dat niet, maar ze kregen er toch iets voor in de plaats.”

Werd er vorig jaar ook gestudeerd?

Delanoy: “De voorbije coronaschooljaren hebben ons kritisch doen kijken naar onze leerstof. Vroeger hadden we een hele resem zaken waarvan we vonden: leerlingen moeten dit kennen en kunnen. Dat is de sterkte van het Vlaamse onderwijs, maar met alles wat er nu is gebeurd, zijn we ons toch gaan afvragen: wat vinden we écht belangrijk? In mijn vakken heb ik nooit het gevoel gehad dat mijn leerlingen met een leerachterstand zaten, maar ik heb wel een paar zaken laten vallen of vervangen. Mijn leerlingen van vorig jaar kennen niet alle details van de Franse Revolutie. Die leerstof kwam net aan bod in een week dat ze afstandsonderwijs hadden. Maar met de leerkrachten geschiedenis hebben we wel een kookboek gemaakt met gerechten die zijn ontstaan in de periode van de Franse Revolutie. Nu kunnen mijn leerlingen niet alleen eclairs maken, ze weten ook iets over de achtergrond ervan. Dan ben je als geschiedenisleerkracht ook geslaagd, vind ik.”

Heeft de vakantie deugd gedaan?

Delanoy: “Leerkrachten worden altijd afgerekend op die twee maanden vakantie, maar als je je tijdens het schooljaar helemaal smijt, dan heb je die periode nodig om te herbronnen.”

Maar waren die twee maanden dit jaar voldoende?

Delanoy: “Wel serieus blijven, hè: twee maanden is echt lang. (lacht) Ik heb genoeg tijd gehad om de batterijen weer op te laden. Ik heb zoveel zin in 1 september.”

Ook met alle onduidelijkheden die er nog zijn?

Delanoy: “Dat zijn we intussen gewoon. Al zou ik het wel prettig vinden als we niet meer zo kort op de bal hoefden te spelen.”

‘Schakelen’ was het modewoord van het jaar.

Delanoy: “Precies. En toch was er bij de leerkrachten altijd veel goodwill. Zelfs de meer traditionele leraren, die anders het moeilijkst te porren zijn voor iets nieuws, gingen mee in de uitdagingen. Met de digitalisering hadden ze geen probleem, maar met dat continue schakelen wel. Altijd maar op het laatste moment horen dat je de boel toch weer moet omgooien, dat weegt.”

Het wordt weer geen normale start van het schooljaar.

Delanoy: “De leerlingen die ik nu in het derde jaar krijg, zijn twee jaar geleden de middelbare school gestart in corona. Wat wil dat voor hen nog zeggen, een normaal schooljaar?”

Wat vind jij van de nieuwe maatregelen van onderwijsminister Ben Weyts (N-VA)? Geert Molenberghs toonde zich wat ontgoocheld: hij wilde voorzichtiger starten. ‘Liever dat dan na een paar weken weer te moeten terugschakelen.’

Delanoy: “Als er de voorbije maanden werd versoepeld, hadden we het er allemaal moeilijk mee als even later de duimschroeven opnieuw werden aangedraaid. De horeca open en daarna weer dicht: niemand werd daar gelukkig van. En toch ben ik het niet met Molenberghs eens. September is voor ons een cruciale maand, waarin leerlingen elkaar moeten leren kennen. Dat is zo belangrijk om zich goed te voelen op school. Dus denk ik: geef ons een maand waarin we alles normaal kunnen doen. Moeten we dan in oktober weer wat verstrengen, dan is dat maar zo.”

Als je neerzit, hoeven de mondmaskers in de klas niet meer. Blij mee?

Delanoy: “Ja! Ik snak ernaar les te geven aan leerlingen met een gezicht. Dezelfde regels op school als in de horeca, dat lijkt me eerlijk en haalbaar. Je kunt jongeren niet zeggen dat ze op kamp alles mogen, om ze op school weer hun mondmasker aan te doen. Zo werkt het niet. Ook symbolisch zal het een belangrijk signaal zijn, als ik straks zeg: we zijn nu in de klas, doe jullie mondmasker maar uit.”

Wie rondloopt in de klas, moet wel nog een mondmasker aan.

Delanoy: “Ik vermoed dat we het pragmatisch gaan aanpakken. Tijdens een activiteit waarbij alle leerlingen over elkaar hangen is het logisch dat de mondmaskers worden opgezet. Maar als ik even door de klas loop om te kijken of ze niet spieken, lijkt het me overbodig.”

Van afstandsonderwijs is geen sprake meer.

Delanoy: “In de toekomst zie ik het nog wel nut hebben voor leerlingen die langdurig afwezig zijn. We hebben nu genoeg digitaal materiaal waarmee ze zelf aan de slag kunnen. Maar laat niemand het ooit in zijn hoofd halen het structureel in het onderwijs in te werken. Vorig jaar werd hier en daar geopperd dat het nieuwe normaal zou zijn: vier dagen naar school en één dag afstandsonderwijs. Alsjeblieft, nee! Het legt te veel verantwoordelijkheid bij de leerling. Een 15-jarige zou zichzelf niet moeten opleggen om constant dat computerscherm in de gaten te houden, in z’n eentje oefeningen te maken en die vervolgens zelf te controleren.

“Het enige positieve aan dat zoomen was dat het op een gekke manier de band verstevigde. Opeens kreeg je een inkijk in het privéleven. Dan kwam er plots een mama binnen in de slaapkamer of wandelde er een papa door het beeld. Omgekeerd zagen de leerlingen dat de leerkracht ook maar een mens is, met een blaffende hond en een partner die roept dat het eten klaar is.”

Verplichte CO2-meters in elk klaslokaal komen er voorlopig niet.

Delanoy: “Er zijn nog twee grote voordelen aan corona: open deuren en open ramen. Al vóór corona zette ik elk lesuur een raam open, omdat pubers niet altijd fris ruiken en buitenlucht hun concentratie bevordert. Het nut is bewezen: vorig jaar hebben we, in tegenstelling tot andere jaren, geen griepplaag gehad.

“De open deuren hebben er dan weer voor gezorgd dat er meer transparantie is in hoe we lesgeven. Dat is belangrijk voor een beroepsgroep die het soms moeilijk heeft om zichzelf kritisch in vraag te stellen. Nu konden we zien dat iedereen weleens stuntelt, zelfs de grootste krak van een leerkracht.”

Volgens minister Frank Vandenbroucke (Vooruit) moeten de CLB’s een rol spelen in het overtuigen van leerlingen om zich te laten vaccineren. Is dat ook een taak voor de leerkrachten?

Delanoy: “Met de school hebben we al een paar campagnes gelanceerd via sociale media. Voor zover ik weet, hebben best veel gezinnen hun kinderen al laten vaccineren. Ik vermoed dat de vaccinatiegraad hoog zal liggen op 1 september. Als dat niet zo blijkt, dan zou ik het CLB inschakelen. Zij komen al op school om andere prikjes te zetten. Waarom doen we dat niet met het coronavaccin?”

Maar dan zonder verplichting?

Delanoy: “Ook voor de andere vaccins van het CLB hebben ouders de keuze. Maar ik heb in mijn hele carrière nog nooit meegemaakt dat een ouder zei: ‘Nee, doe mijn kind maar geen prik tegen hepatitis B of tetanus.’

“Nu, voor mij zou er gerust een verplichting mogen komen. Maar zoiets vergt politieke moed.»

Dan mogen leerkrachten ook verplicht worden?

Delanoy: “Ja. We hebben gezien wat voor gevolgen het heeft voor de leerlingen als drie leerkrachten tegelijk uitvallen door een besmetting. Zo’n klas krijgt dan wekenlang amper les. Je kunt niet het ene moment staan roepen dat je een risicoberoep bent en dus als eerste moet worden gevaccineerd, om vervolgens het vaccin te weigeren.”

De Brusselse leerlingen vallen uit de boot: voor hen versoepelen de maatregelen voorlopig niet.

Delanoy: “Ik hoop dat ze de eerste weken zullen gebruiken om op scholen massaal in te zetten op sensibiliseren en de leerlingen begeleiden om dat vaccin toch te laten zetten.

“Wij hebben al een plan klaarliggen voor een groot verlossingsfeest, met optredens, kraampjes, alles erop en eraan. Het ligt klaar sinds juni, maar dat bleek ijdele hoop. Dit jaar moet het er echt van komen. Ik gok op maart. Precies twee jaar na de eerste lockdown: hoe mooi zou dat zijn? Ik hoor het minister Vandenbroucke al zeggen: ‘We hebben alles onder controle, hier stoppen de coronamaatregelen.’ En dan sluit de VRT haar coronablog af en gaan alle remmen los. (dromerig) Ik zie het al helemaal voor me.”

Alexandra Vandergeeten. Beeld Guy Kokken
Alexandra Vandergeeten.Beeld Guy Kokken

ALEXANDRA VANDERGEETEN: ‘MEER ZWAARLIJVIGHEID’

Alexandra Vandergeeten won in 2020 Bake Off Vlaanderen, maar als de ovenwanten uit gaan, is ze leerkracht lichamelijke opvoeding in het buitengewoon onderwijs.

Vandergeeten: “Ik heb totaal niet het gevoel dat ik vorig schooljaar goed heb kunnen afsluiten. Voor lo waren er zoveel beperkingen dat we amper aan sporten zijn toegekomen.”

Online turnles geven is dan ook een uitdaging.

Vandergeeten: “Zeker voor onze leerlingen: het vroeg enorme inspanningen om hen achter een computerscherm te krijgen en opdrachten te laten doen. Meer dan één leerling is afgehaakt.”

Wat voor opdrachten gaf je? Veel verder dan rek-en strekoefeningen kun je toch niet gaan?

Vandergeeten: “Toch wel. Wie een gsm heeft, lieten we de app Strava installeren. Dan deden we eerst een opwarmoefening voor het scherm en liet ik hen vervolgens een half uur buiten lopen, fietsen of rolschaatsen. Via Strava kon ik de afgelegde kilometers controleren. Bij slecht weer deden we weleens een sportquiz. Het was een hele opgave om de online lessen interessant en leuk te houden. Soms dacht ik: wat kan ik nu nog verzinnen?

“Door de voortdurend wijzigende maatregelen op school, moest ik ook creatieve oplossingen bedenken. Balsporten mochten niet meer, omdat de bal door verschillende leerlingen werd aangeraakt. Dus liet ik de leerlingen baseballen, maar we oefenden enkel de slag – de bal vangen mocht niet. Speerwerpen hebben we ook gedaan: daarbij hoef je gelukkig niks te vangen.”

Het klinkt als een verloren jaar.

Vandergeeten: “Dat is zo. We gaan straks serieus aan hun conditie moeten werken. Door al dat zitten voor computerschermen is er merkbaar meer zwaarlijvigheid.

“Nu, corona gaf ons ook de kans goed te luisteren naar de leerlingen. Normaal geef ik intensieve teamsporten in een sporthal, maar nu vroegen de leerlingen zelf: kunnen we gaan wandelen in het bos? Zo konden ze op adem komen en vertellen hoe het met hen ging. De uitdaging van dit schooljaar wordt om die focus niet te verliezen.”

Zie je het zitten?

Vandergeeten: “Enorm! Ik voel me goed uitgerust, al zit ik nog wel met wat vragen. Het jammere van die onzekerheid is dat ze afstraalt op de leerlingen. Voor hen zijn leerkrachten dé mensen bij uitstek die antwoorden bieden. Nu moet ik vaak zeggen: ‘Ik weet het ook niet.’ Dat maakt het moeilijk om sterk voor een klas te staan. Eén troost: slechter dan vorig jaar kan het niet worden.”

In de turnles zouden de mondmaskers af mogen.

Vandergeeten: “Ik zal waanzinnig blij zijn als dat zo is. Het is niet makkelijk om me verstaanbaar te maken met zo’n masker op. Het zou zelfs best kunnen dat sommige leerlingen – ik geef les aan het eerste tot het vijfde jaar – nog nooit mijn gezicht hebben gezien.”

Jij begint straks aan je derde jaar voor de klas. Heb je nooit getwijfeld ermee te stoppen en fulltime taarten te gaan bakken?

Vandergeeten: “Nee. Soms was het zuchten en blazen. Niet dat ik het lesgeven beu was, maar de flexibiliteit die van ons werd verwacht, maakte het zwaar. Zonder alle verplaatsingen naar school bleef er wel meer tijd over om te bakken. Dat was fijn, maar dit jaar mag het allemaal weer wat normaler.”

Mieke Gorissen. Beeld Karolien Coenen
Mieke Gorissen.Beeld Karolien Coenen

MIEKE GORISSEN: ‘HELEMAAL UITGERUST’

Marathonloopster Mieke Gorissen eindigde als 28ste op de Olympische Spelen. Het hele land was trots op haar – een handje geholpen door haar emotionele interview aan Sporza – maar zelf is Gorissen, leerkracht fysica en wiskunde in Diepenbeek, vooral fier op haar leerlingen.

Gorissen: “De prestaties die zij hebben geleverd onder moeilijke omstandigheden, daar kan ik alleen maar trots op zijn. Het was vorig jaar niet voor elke leerling even makkelijk, maar ze zijn zich allemaal blijven inzetten. Ook als het even niet meer ging, hebben ze doorgebeten. Ik gun hun nu zo hard dat ze dit schooljaar eindelijk weer gewoon tiener kunnen zijn.”

Speelde het afstandsonderwijs hun parten?

Gorissen: “Sommige leerlingen vonden het net makkelijker om op eigen tempo de leerstof door te nemen. Zelf probeerde ik vooral in te spelen op de verschillende noden. De ene klas wilde graag livesessies; de andere maakte liever in hun eentje opdrachten, terwijl ik me beschikbaar hield voor vragen.”

Wiskunde en fysica zijn niet de makkelijkste vakken.

Gorissen: “Hier en daar was er wel wat leerachterstand. Ik merkte dat niet alle leerstof van het jaar ervoor even goed was blijven hangen. Zijn de zesdejaars vorig jaar met evenveel kennis afgestudeerd als andere jaren? Daar durf ik geen uitspraken over doen. Maar ik ben er wel zeker van dat ze zijn afgestudeerd met bepaalde attitudes die ze in normale tijden minder hadden ontwikkeld. Ik hoop dat ze dingen over zichzelf hebben geleerd die niemand hun ooit nog afpakt.”

Jij hebt de drukste zomer van je leven achter de rug.

Gorissen: “Het was een atypische vakantie, maar geen zorgen: ik ben helemaal uitgerust. Ik sta te popelen om weer te beginnen op 1 september. Deze zomer is zo waanzinnig geweest dat ik niet kan wachten om weer met de voetjes op de grond in mijn klas te staan. Ik kijk ernaar uit om mijn leerlingen terug te zien. Een paar van hen heb ik al gezien: ze stonden me op te wachten bij mijn thuiskomst uit Japan.”

Hebben ze voor jou gesupporterd?

Gorissen: “Dat denk ik wel. Het verbaasde me een beetje: als tiener deed ik tijdens de zomermaanden liever alsof mijn leerkrachten niet bestonden. (lacht)

Je keek reikhalzend uit naar de aankondiging van de nieuwe maatregelen. Tevreden met wat er uit de bus is gekomen?

Gorissen: “Ik ben optimistisch. Het lijkt erop dat leerkrachten alleen nog hun mondmasker moeten opzetten als ze door de klas wandelen. Ik heb de neiging me door de klas te bewegen als een stuiterbal. Dan speel ik liever op veilig en houd ik mijn mondmasker aan. Ik zou de leerlingen niet in een situatie willen brengen waarbij ze zich niet comfortabel voelen.”

Ben je er zelf gerust op?

Gorissen: “We zullen nog altijd voorzichtig moeten zijn. Die deltavariant baart me wel wat zorgen. Maar vorig jaar hebben we op school amper besmettingen gehad.”

Wanneer verwacht je de verlossing?

Gorissen: “Geen idee. Ik let vooral op wat de virologen zeggen. Wat verwachten ze voor de wintermaanden? Wordt het virus een jaarlijks weerkerend fenomeen, zoals de griep? Moeten we een derde prik krijgen? Ik probeer het allemaal goed op te volgen. Als leerkracht wetenschappen ben ik dat verplicht aan mijn leerlingen.”

Tot vorig schooljaar gaf je nog les aan de universiteit.

Gorissen: “Mijn laatste fysieke les aan de universiteit dateert van maart 2020. Nadien heb ik geprobeerd om de studenten te bereiken met zelf opgenomen filmpjes. Ik ben nog altijd heel blij met mijn overstap. Ik had vroeger al les gegeven op de middelbare school en ik miste het om samen met een groep tieners een pak leerstof onder de knie te krijgen.”

Corona heeft van lesgeven een andere job gemaakt. Kriebelt het niet om volledig voor de marathon te gaan?

Gorissen: “O nee! Ik ben een leerkracht pur sang. Eentje die toevallig ook loopt.”

Arvid De Muynck. Beeld Wouter Van Vaerenbergh
Arvid De Muynck.Beeld Wouter Van Vaerenbergh

ARVID DE MUYNCK: ‘VEEL PANIEK’

Arvid De Muynck, leraar Engels en Nederlands in Eeklo, is nog altijd aan het bekomen van zijn verkiezing tot Leraar van het Jaar.

De Muynck: “Ik had niet verwacht dat er zoveel reacties zouden komen. Uren ben ik bezig geweest met berichten beantwoorden. Ik denk dat het, in vergelijking met andere jaren, een verkiezing was die over meer ging dan alleen het onderwijs. Ouders werden geconfronteerd met de vaststelling dat het niet goed ging met hun kind.”

Na een noodkreet van ouders besloot je om elke leerling van je klas op te bellen met de vraag: hoe gaat het met jou? Slechts 2 van de 23 antwoordden: met mij alles oké.

De Muynck: “Achteraf had ik het gevoel: dit heeft echt wat opgeleverd. In de media hoorde je alleen doemberichten over de leerachterstand, maar in onze persoonlijke gesprekjes kon ik die boodschap wat counteren: ik wil het hier niet hebben over de leerstof, maar over jou.”

Eén van je leerlingen barstte in tranen uit, toen ze je bedankte: je had haar het gevoel gegeven dat ze van tel was.

De Muynck: “Sociaal isolement heeft het hele jaar om de hoek geloerd. Ik had er zelf ook last van. Ouders durfden weleens te zeggen: het valt wel mee, hoor. Maar dat is makkelijk gezegd. Voor een leerling was het contrast tussen het ene moment – tomeloze vrijheid – en het andere – niks mocht nog – heel erg groot.”

Sommige leerlingen verzeilden in een coronadepressie.

De Muynck: “In mijn klas hebben we die niet gehad. Het grote geluk van mijn laatstejaars was dat ze hun blik op de toekomst konden richten: al in januari waren ze bezig met wat ze na de middelbare school zouden doen en hadden ze een plan voor ogen, zoals een ingangsexamen geneeskunde. Dat hielp.”

In jouw klas ben je geen enkele leerling verloren?

De Muynck: “Verloren niet, maar sommigen zijn er wel een paar weken tussenuit gemoeten om op adem te komen. Normaal spreek je je collega’s in de leraarskamer en kun je daar informatie delen: voor die en die leerling wordt het zwaar. Nu verliep die uitwisseling veel stroever, waardoor de druk voor sommigen opeens te groot werd en ze moesten afhaken.”

Werden er meer B- en C-attesten uitgedeeld?

De Muynck: “Dat valt mee. Bij de deliberaties zei de directeur nog hoe trots hij was op onze zesdejaars. Kennelijk hadden ze al een zekere rijpheid, toen de coronacrisis op hun hoofd viel. Wat de impact is op de jongere leerlingen, zal nog moeten blijken. Mijn collega’s uit de lagere graden zijn minder eenduidig positief.

“Nu, over de leerstof maak ik me echt geen zorgen. Er was veel paniek: één week les missen zou gigantische gevolgen hebben. Ik geloof dat wel – ik ben ook geen voorstander van de lange zomervakantie – maar leerlingen en leerkrachten hebben zich het voorbije jaar ongelofelijk flexibel getoond. Als we voelden dat er gaten dreigden te vallen, dan maakten we een inhaalbeweging.

“Weet je, in de hele discussie over leerachterstand leken experten te vergeten dat je een leerling nog zoveel leerstof mag voorschotelen als je wilt: als hij of zij zich niet goed voelt, zal het er niet in gaan. Het belang van het mentale heeft veel te laat aandacht gekregen.”

Een vaak gehoorde klacht van leerkrachten: ik ben geen psycholoog, ik weet ook niet hoe ik dit moet aanpakken.

De Muynck: “Leerlingen mentaal ondersteunen heb ik altijd graag gedaan. Vroeger was ik monitor bij de CM-jeugdkampen. Het afgelopen jaar was veel zwaarder dan anders, maar net daardoor had ik het gevoel dat ik een groter verschil kon maken.”

Ben je tevreden met de versoepelingen?

De Muynck: “Ja. Die waren echt nodig. Ik had het lastig gevonden een mondmasker te moeten dragen in de klas als ik ’s avonds op restaurant mag zonder. Wat we nu hebben, is een duidelijke regel. Ik kan niet goed zittend lesgeven, maar ik vind het niet erg dat ik mijn mondmasker weer op moet als ik door de klas wandel: liever ik dan de leerlingen.”

CO2-meters worden komend schooljaar vooralsnog niet verplicht in elk klaslokaal.

De Muynck: “Jammer. We hebben op school steekproeven gedaan en ik schrok ervan hoe snel de waarden stijgen. Zelfs vijf minuutjes de deur van de polyvalente zaal sluiten had al een effect. Zo’n verplichte meter lijkt me niet verkeerd, al weet ik ook wel: hij is niet zaligmakend.

“Het belangrijkste is dat iedereen weer voor de volle 100 procent naar school kan. Van oktober tot mei heb ik maar een fractie van mijn collega’s gezien. Lesgeven doe je individueel, maar toch is het een enorm sociale job.”

Jij gaat het afstandsonderwijs niet missen.

De Muynck: “Nee. Ik wist al in het vijfde middelbaar dat ik leraar wilde worden. Vorig jaar heb ik voor het eerst gedacht: ik zie het niet meer zitten, ik haat dit. Maar goed, we zijn allemaal voor uitdagingen komen te staan.”

“Is dat één van de redenen waarom we nu met zo’n nijpend lerarentekort zitten? Deel jij de angst van Lieven Boeve, de topman van het Katholiek Onderwijs, dat klassen samengezet zullen worden?

De Muynck: “Vorig jaar hebben sommige klassen wekenlang een vak niet gekregen, omdat er niemand beschikbaar was. Dat is echt een probleem. Onze school is snel aan het groeien: op dit moment staan er negen vacatures open. Maar het zou al te simpel zijn het lerarentekort alleen aan corona te wijten. Het werd al jaren aangekondigd.”

Corona heeft in elk geval niet geholpen.

De Muynck: “Ik heb de stagiaires vorig jaar gezegd: ‘Chapeau als jullie na dit jaar deze job willen blijven doen.’ Was dit mijn eerste jaar geweest, ik had het opgegeven.”

Tot slot: de vaccinatiecampagne. 20 procent van de 12- tot 17-jarigen heeft al een prik gekregen.

De Muynck: “In het zesde jaar kwamen de vaccins al uitgebreid ter sprake. Maar wie twijfelt, zal ik niet proberen te overtuigen. Iemands mening is voor mij onaantastbaar. Als ze met onwaarheden komen aanzetten, zal ik die doorprikken. Dat is mijn taak als opvoeder. Blijven ze toch overtuigd dat ze geen vaccin willen, dan laat ik het los.

“Ik pleit voor wat naïviteit deze eerste september: laten we er maar van uitgaan dat het gewone schoolleven snel zal terugkeren. Al is te veel naïviteit ook niet goed. In één van de actualessen in januari 2020 had een leerling een spreekbeurt voorbereid over dat rare virus uit China. Ik vroeg haar: ‘Kan mijn reis naar Japan in de paasvakantie doorgaan, denk je?’ ‘Ja hoor, maak je geen zorgen,’ zei ze. Dat is toch wel even anders uitgedraaid. Op het eind van het jaar stuurde zij me nog een bericht: ‘Zal het negatieve gevolgen hebben voor mijn punten dat corona toch is uitgebroken?’ Wees gerust. (lacht)

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234