Woensdag 25/11/2020

'Ik schuw de grote emoties niet meer. Ik ben ze gaan omarmen'

Hij wil de kritiek niet verliezen omdat hij het respect wil behouden. Zo tekent Karl Meersman al bijna dertig jaar: scherp, nauwkeurig, het potlood op de wonde. Op zijn zachtst komt hij nu pas naar buiten. Kijkend naar en geïnspireerd door Félicien Rops tekende hij vrouwen. Verliefd op de lijnen, de buiging van een schouder. Zo hangen ze op in het Caermersklooster in Gent. Rops naast Meersman. Pornocrates naast Courtney Love. 'Het lukt alleen met worsteling en weerstand.' Rik Van Puymbroeck

r zit een papiertje in het boek op de pagina waar de tekening staat. 'L'enterrement en pays Wallon,' lees je eronder, in zwart-wit en door Félicien Rops gemaakt in 1863. "Ik was in Namen en had niets omhanden. (...) Onderweg kwam ik een begrafenisstoet tegen", schreef de in 1898 overleden Rops er later over. "Hij was nog heel jong toen hij dit tekende", zegt Karl Meersman over de lithografie. "Maar het is een heel intens beeld dat ik ontdekte toen ik mijn eindwerk voor de klas publiciteitstekenen maakte. Dat ging over impressionisme, dus over mensen als Degas en Monet. Maar door die gasten kwam ik bij Rops terecht. Een Belg, met een museum in Namen. Ik was er wég van. Zijn werk is volgens mij evenwaardig aan dat van Toulouse-Lautrec, hij is internationaal alleen veel minder bekend. Vraag me niet waarom."

Agnes Obel zingt in zijn atelier. Even. Pratend ontbreekt de tijd om een nieuwe cd in te laden. Op een van de tafels liggen van het internet geprinte foto's van Mark Lanegan. Karl Meersman kende hem niet goed, maar Focus Knack bestelde er een illustratie van. Zo gaat dat al jaren, voor Trends zelfs al 25 jaar. Dieper in het gesprek vertelt de 50-jarige Meersman over dat wekelijks ritueel, we schrijven het nu al: "Het is bijna autistisch. Als je me op zondag om 11 uur belt, dan krijg je de bezettoon. Op dat moment hangt de hoofdredacteur van Trends aan de lijn om te overleggen. Wat actueel is en wat op donderdag, als mijn tekening verschijnt, actueel zal zijn. Vorige zondag viel het woord indexsprong. Wat doe je daarmee? Een tekening over de indexsprong die de lezer binnen de drie seconden begrijpt." De deadline is dinsdag 12 uur, zondagavond is het twee, drie, vier uur zoeken naar ideeën. "De muze komt zelden vanzelf. Het is werken. Ik kan pas gaan slapen als dat idee er is, maar maandagochtend om 11 uur moet ik aan het tekenen zijn. Dinsdagnamiddag begin ik dan aan mijn tekening voor Focus Knack, die moet woensdagavond klaar zijn.

"Daarna ben ik een wrak. Dat afzien is niet erg, ik kan fysiek voelen dat ik me overtref. Ik geloof heel erg in discipline. Zoals Leonard Nolens elke dag van 10 tot 17 uur naar zijn kantoor trekt om te schrijven, zo is het. Je moet de muze gaan opzoeken en als je haar gevonden hebt, moet je haar uit haar kot sleuren." Dat doet hij al 25 jaar. "Niet één keer heeft de hoofdredactie een tekening geweigerd. (glimlacht) Ik heb alleen kwade brieven van lezers gekregen. En sommige mensen hebben interviews voor Trends afgeblazen na een tekening van me. Mia De Vits, bijvoorbeeld."

Wat zegt dat?

"Dat humor en vrouwen een interessant gegeven is. In mijn werk is humor essentieel, maar ik vind dat dat zelfs in elke communicatievorm en elke relatie zou moeten zijn. IJdelheid is des mensen, maar ik merk dat vrouwen meer geneigd zijn hun gebreken te verbergen dan mannen. Ik wil niet veralgemenen of niemand schofferen, maar een vrouw met een grote neus zal sneller vragen haar er goed op te zetten. Terwijl een man zal zeggen: 'Zorg maar dat uw papier groot genoeg is'.

"Annemie Neyts heeft wel eens een tekening die ik live op tv moest maken zonder commentaar tot een postzegel gevouwen. Daar heb ik van geleerd, ik zou het nu anders doen. Er zijn ook vrouwen met een groot gevoel voor zelfrelativering. Martine Reynaers (gewezen manager van het jaar, RVP) en Miet Smet, bijvoorbeeld." Overigens kon ook Keith Richards, na zijn val uit een palmboom door Meersman als een aap getekend, het niet smaken. Toen de Stones in Werchter waren, toonde iemand het aan de gitarist. "Hij vond het afschuwelijk", glimlacht Karl.

AVE/EVA heet het project van Karl Meersman met Félicien Rops. Het kwam een beetje uit de lucht gevallen, zegt hij, met de hulp van een anonieme Knokse Rops-verzamelaar, die ruim veertig werken van de man in huis had. Intrigerend voor Meersman, al heel lang Rops-liefhebber dus. Je kunt zelfs zeggen dat kijken naar Rops Meersman deed beslissen satirische tekeningen te gaan maken. "De werkelijkheid is niet interessant genoeg. Ik wil er commentaar aan toevoegen. En dan kom je bij een soort surrealisme terecht. Zoals bij Rops, bij Toulouse-Lautrec, Daumier en Gavarni. Een zeer belangrijke school fin-de-siècleschilders, al- lemaal actief in een periode dat de grafische kunst in opmars was.

"Rops werd vooral bekend als boekillustrator, met werk dat zwaar erotisch geladen was. Dat deed hij in Parijs, bij schrijvers als Mallarmé en Baudelaire. Maar toen Napoléon III een staatsgreep pleegde, werd dat genre verboden en kwamen die schrijvers en uitgevers allemaal naar Brussel. Nu, ook vandaag nog zijn er mensen die met rode kaken naar het werk van Rops kijken. Het is vaak zeer pornografisch."

Merkte je vandaag nog, bij de voorbereiding van dit project, dat dat gevoelig kon liggen?

"Denk aan de heisa rond Louis Paul Boon, met zijn verzameling knipsels van blote vrouwen. Belachelijk dat die niet getoond werden. Het was een soort censuur die je met een vrij land niet meer kunt rijmen, maar je ziet ook in het Westen de laatste jaren een beweging naar conservatisme. Rops heeft toen al heel erg gevochten tegen dat burgerlijke enge denken en het straffe is dat ik ervaar dat ik dat vandaag ook moet doen. Minder extreem weliswaar, maar de vrijheidsdrang van Rops heb ik ook. In ons werk zijn vier zaken essentieel: techniek, humor, emotie en opinie."

Op de affiche zie je een voorbeeld: Rops' Pornocrates, een schilderij van een halfnaakte vrouw die geblinddoekt een varken volgt en op een bas-reliëf de vier muzes van de kunsten vertrappelt, staat naast Meersmans versie van Courtney Love. "Een varken staat symbool voor de ontucht, het zou trouwens het enige dier zijn dat seks heeft voor het genot. Ik zette die vrouw tegen de Love die met haar dochter vecht om de erfenis van Kurt Cobain. Natuurlijk was de strijd toen anders, vandaag is de vrouw geëmancipeerd, toen werd ze letterlijk in een corset geduwd. Maar in het Parijs van zijn tijd, waarin hoeren syfilis hadden en de mannen letterlijk schrik hadden van vrouwen die zich opdrongen en hun diensten aanboden bij het drinken van absint, was de vrouw voor Rops het verlengstuk van de duivel. Ik bewonder dat hij het van zo kortbij meemaakte, maar dat hij er toch niet aan tenonder ging. Hij bleef waarnemer."

Op zijn werktafel liggen de proefdrukvellen van het boek dat bij AVE/EVA zal horen. Onbekende wulpse vrouwen van Rops, flankeren de muzes van Karl Meersman. Een mooie Billie Holiday. De sensuele benen van de Franse actrice Marion Cotillard. Maar ook meer: Johnny Depp die vier vrouwen aan zijn haak rijgt, Serge Gainsbourg met volle borsten als wallen onder zijn vermoeide ogen. "Op de academie leerden we levend-model-tekenen. Bij een liggend naakt krijg je een lijn die je uitdaagt en die je op papier wilt zetten. Waar begint die lijn te buigen en waar klimt ze weer? Het gaat over het sensuele en de suggestie. Allez, als je in de duinen loopt en je ziet in het lijnenspel van die zandheuvels de trekken van een vrouwenlichaam, dat is toch fascinerend?"

Wat zeggen die fascinaties over jou?

"Vrouwen hebben in mijn leven altijd een belangrijke rol gespeeld. Mijn moeder, maar niet alleen zij. Ik herinner me ook mijn lerares poëzie. Als kind stotterde ik en toen ik zestien was, had mijn vader het lumineuze idee me naar dictie en voordracht te sturen. Dat was zeer belangrijk in mijn ontwikkeling als puber. Zeven jaar heb ik dat gevolgd, ik kreeg er de liefde voor de poëzie en de literatuur mee. We hadden een jonge lerares, samen met drie meisjes leerde ze mij de poëzie kennen zoals je het in Dead Poets' Society ziet. Soms zo diep dat het gevaarlijk werd en dat het belangrijk werd om daar op een bepaald moment van los te komen."

Wat het hem bijbracht: "Ik heb geen schrik meer voor de diepe emoties. Integendeel. Ik omarm ze en gebruik ze. Uiteraard ben ik geen therapeut of psycholoog. Geen expert in man-vrouwrelaties. Maar dat mensen als Schopenhauer, Freud, Jeroen Brouwers en Félicien Rops vrouwenhaters zijn geworden, zonder homoseksueel te zijn, is me wel gaan boeien. En ik kan het soms zelfs begrijpen."

Waarom?

"De femme fatale bestaat, maar de machovrouw bestaat ook. En heb je de pech als persoon op zo'n type te vallen dat net niet bij jou past, dan begrijp ik dat er een afkeer kan ontstaan. Kunstenaars krijgen van vrouwen wel eens het verwijt dat ze hen op de tweede plaats zetten, maar dat is een verkeerde manier van denken. Een kunstenaar heeft geen ranking. Alleen wil een vrouw graag bijna elke dag bevestiging. Passie en gedrevenheid kunnen eigenschappen van zowel mannen als van vrouwen zijn. Ik zie in de politiek, in de bedrijfswereld en in de wetenschappelijke wereld voldoende voorbeelden. Elke Geraerts (de jonge Belgische professor psychologie van de universiteit van Rotterdam, RVP) lijkt me zo iemand. Of de Britse zangeres Adele. Een man die zo'n vrouw zou verhinderen ten volle voor haar carrière te gaan, heeft er niks van begrepen. Omdat elkaar graag zien betekent dat je ook elkaars passies graag moet zien. En we moeten zo snel mogelijk van de jaloezie af."

In dit huis zit veel passie. Aan de andere kant van de muur in zijn lichte werkkamer werkt Meersmans partner Lies Martens. Vroeger bij de VRT, nu in haar eigen bloemenatelier. Bijna geruisloos schuift ze glazen en een fles champagne op tafel. Een bordje met kaas. Ook verdwijnen doet ze weer stil. Hij: "Ik heb nog nooit één tekening van Lies gemaakt. Ook van mijn moeder en vroegere geliefden niet. (aarzelt) Ik denk omdat er te weinig afstand is."

Dat even wachten typeert de manier van spreken van Karl Meersman. Een gesprek is ontdekking. Wanneer is de redenering af, volgt er nog iets? Als jongen wilde hij tekenaar worden. "Maar tot gisteren heb ik daamee geworsteld. Wat voor een kunstenaar ben ik nu eigenlijk? (wijst) De schildersezel staat me permanent te verleiden, maar ik heb beslist niet te gaan schilderen. Het is te laat en ik ben als tekenaar niet klaar. Nu, na dertig jaar, wordt het pas plezant. Ik begin het onder de knie te krijgen. Omdat ik de techniek op zich beter kan relativeren. Bovendien merk ik dat er in de kunst steeds meer belangstelling bestaat voor werk op papier. Originele tekeningen van Hergé zijn nu even duur als een prent van Picasso. Het sterkt me dat ik het tekenen niet kan verlaten. Niet om erbij te horen, het is alsof alles samenkomt."

Bij een interview met Etienne Davignon in zijn torenkamertje in Brussel zag ik op de trap een reeks Davignons-van-Meersman hangen. "Zijn favoriet is de tekening die ik maakte toen Brussels Airlines door Lufthansa werd overgenomen. Ik had hem getekend in een extreem grote lederhose. Dat vond hij geweldig. Een ander portret vond hij niet goed. Het is veel te positief voor mij, zei hij. Mensen die hun eigen gebreken erkennen, kunnen die ook in een karikatuur aan. Uit mijn werk zijn vriendschappen gegroeid. Mensen als Rocco Granata en Jeroen Brouwers. Maar vriendschap mag mijn werk niet in de weg staan. Als ik de kritiek verlies, verlies ik ook het respect.

"Een mooie vriendschap is die met Jeroen Brouwers. Op een dag belde zijn uitgever me op zijn verzoek, hij wilde dat ik de covers van zijn boeken zou illustreren. Dan zijn er nu acht. Af en toe zoek ik hem op in zijn bos in Zutendaal. Boven de deur hangt 'Laat Me' en je klopt daar dus met zeer grote voorzichtigheid aan. Maar ik begrijp waarom hij zich terugtrekt en tegelijk stuwt hij me voort. HIj steunt me enorm in mijn opnievorming. Hij vindt dat ik tegen schenen moet stampen en niet de braafheid van een dertigjarige mag hanteren."

Ligt dat in je aard?

"Ik heb veel mededogen. Ik zie de mens graag. Niemand heeft uiteindelijk gevraagd om hier rond te lopen, dus ben ik ervoor op mijn hoede om iemand neer te halen. Dat is te gemakkelijk. Ook al zit ik in een comfortabele positie: ik kom niemand tegen. Maar van geen enkele tekening heb ik spijt. En politici pak ik het hardst aan. Met hen heb ik het minst medelijden omdat zij niet altijd authentieke mensen zijn. Terwijl ik juist pleit voor het authentieke. Bij iemand als Daniël Termont zie ik dat wel. Een superpoliticus, vind ik. Intelligent en rechtlijnig krijgt hij het volk achter zijn beleid. Maar verder... Maar verder... Als ik ze bezig hoor, ben ik vaak verbijsterd. Ze spreiden zo'n wereldvreemdheid tentoon, voelen zich verheven en onderschatten het volk. Wat is hun visie? Die is er niet. Of je kunt ze niet volgen. Je kunt ze alleen nog volgen op Twitter."

Over erkenning heeft Meersman niet te klagen. Hij stelde tentoon in Berlijn, Londen, Taiwan, New York. Het AVE/EVA-project krijgt na Gent een verlengstuk in Knokke en Parijs. De bekendste anekdote is dat hij als kind aan een tekenwedstrijd meedeed, de jury geloofde niet dat een kind dat had getekend en dus moest hij ter plekke bewijzen dat hij het wel kon. Hij won. Dertig jaar ervaring later blijft twijfel een motor. Niet zozeer aan zijn kunnen, wel aan de keuzes. "Harry Mülisch zei ooit aan Jeroen Brouwers: 'Zonder zelfvertrouwen wordt het niks.' De beste tekeningen maak ik met overtuiging, maar ik leer het meest als ik sukkel en zoek. Twijfel is heel mooi en nuttig. Maar eeuwige twijfel is niet goed.

"In de jongen van toen herken ik nog altijd het wereldvreemde, het poëtische en het zweverige. Al was ik niet asociaal. In mijn puberteit was ik natuurlijk zwartgallig, zoals veel tieners. Maar ik heb mijn best gedaan om positief te denken en wie zegt dat je jezelf niet kunt veranderen, geloof ik niet. Je kunt dat wel."

En de maatschappij?

"Ik word boos en vind het wraakroepend als ik zie hoe we het milieu laten teloorgaan. De pretentie waarmee de mens in het landschap ingrijpt, maakt me verdrietig. En politiek-economisch heb ik hele grote vragen bij het kapitalistische systeem waarin we zitten. Je moét groeien, hoor je altijd. Op lange termijn is dat niet vol te houden. Ja, je moet groeien als mens. In inzichten. Maar verder? Vroeger was er een middenklasse, nu is de kloof tussen arm en rijk alleen groter geworden.

"Je kunt zelf amper nog vrije keuzes maken omdat het economisch systeem zo dwingend ons leven bepaalt. Ook voor kunstenaars, hoor, en dat is schrikbarend. Terwijl zij net voor een tegengewicht zouden moeten zorgen. Je kunt wel proberen iets te doen met een initiatief als de G1000, maar dat is me te soft en een beetje te naïef. Volgens mij bereikt David (Van Reybrouck, schrijver en drijvende kracht achter de G1000, RVP) meer door een goed boek te schrijven. Een kunstenaar moet zich niet met politiek bezighouden. Zoals een politicus niet moet schilderen."

AVE/EVA van Karl Meersman en Félicien Rops is nog tot 1 april 2012 te zien in het Caermersklooster in Gent.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234