Maandag 28/09/2020

Dokterslonen

“Ik moet niet weten wat mijn geburen verdienen”

Minister van Volksgezondheid Maggie De Block.Beeld Wouter Van Vooren

Gaat het over het enorme kluwen van de artsenhonoraria, de excessen en hoge facturen voor de patiënt, dan wijzen experts naar minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld). Zij had volgens hen de knoop moeten ontwarren. De Block countert: “Ik heb daar niks in te zeggen.”

De hervorming van de ziekenhuisfinanciering moest dé prioriteit worden van haar legislatuur. Bijna vijf jaar later moet De Block toegeven dat ook zij niet precies weet hoe de koek onder de artsen precies is verdeeld. “Wat ik me nu afvraag”, schiet de minister meteen in gang. “Zal dit uw lezers interesseren? Ik moet niet weten wat mijn geburen verdienen. Ik woon recht tegenover een beenhouwer. Als burger interesseert het me niet hoeveel die mens op zijn bankrekening heeft.”

Lees ook

Minstens één op de zes Vlaamse specialisten verdient meer dan de premier, concludeert De Morgen na maandenlang onderzoek. Lees hier de volledige onderzoeksreeks.

Die beenhouwer wordt niet betaald met belastinggeld.

De Block: “Ja, dat is waar, maar het gaat om de vergelijking. Ook bij de artsen zal je toch een grote spreiding hebben. De ene cardioloog is de andere niet. Je hebt er die 80 uur per week werken een heel jaar door, en je hebt er die op hun gemak 40 uur werken.”

Zou het loon van artsen u niet net wél moeten interesseren? U geeft er toch elk jaar 8 miljard euro aan uit.

“Uiteraard. Als minister interesseert het me wél. Wij proberen daar ook een zicht op te krijgen. We werken aan een opsplitsing van het honorarium in een persoonlijk deel – het zogenaamde intellectuele deel – en het professionele deel, voor apparatuur of omkadering. Zo zullen we ook beter weten wat artsen precies overhouden. We werken eraan, per discipline en in samenwerking met hen.”

Hoever staat het daarmee?

“Er is een werkgroep bezig, binnen de Medicomut (de Nationale Commissie Geneesheren-Ziekenfondsen waar de tariefonderhandelingen plaatsvinden, SV/CG).

Wij horen dat het daar niet vooruitgaat.

“Voor mij gaat het in elk geval veel te traag. Toen ik begon, waren er mensen die zeiden: ‘Maak alles forfaitair, geef artsen een vast bedrag per patiënt.’ Maar zoiets kan ik met de artsensyndicaten niet bespreken. Die slaan meteen de deur dicht en dan gebeurt er in vijf jaar helemaal niks.

“De herijking van de nomenclatuur, het herzien van de vergoeding per prestatie, is nu eenmaal de moeilijkste en traagste werf van deze legislatuur. Dat gebeurt binnen het overlegmodel.”

“Ondertussen zijn de ziekenhuizen ook op mijn vraag netwerken aan het vormen om efficiënter te werken. En vanaf 1 januari voeren we voor een aantal veelvoorkomende ingrepen een gebundeld bedrag in per patiënt. Maar het gaat traag.”

Kan u daar niet dwingender zijn als minister?

“Ik denk dat u niet goed begrijpt wat het overlegmodel is binnen de sociale zekerheid. Dat staat los van de politiek. De minister heeft daar geen vat op. Ter illustratie: ik geef nu 25 miljoen euro meer aan de kinesisten. Die bepalen zelf wat zij ermee gaan doen. Ik kan hen alleen vragen om hiermee de kwaliteit van de zorg te verbeteren. Zij besteden dat zelf, daar heb ik niks in te zeggen.”

Maar hier kan dus een beroepsgroep, namelijk de artsen, eigenlijk zelf meebeslissen over hun inkomen dat betaald wordt door de belastingbetaler.

“Klopt.”

Dat krijg je toch moeilijk uitgelegd aan het grote publiek?

“Maar het is wel hoe het werkt in ons land. Dat is hetzelfde als het sociaal overleg tussen werkgevers en werknemers.”

Als zij er niet uit geraken, neemt de regering dat sociaal overleg toch zelf in handen?

“Ik heb dat één keer gedaan en het hele land stond op stelten. Dan zeggen ze dat de politiek het oplegt aan hen.”

“De artsensyndicaten vinden nu al dat ik hen te veel opleg. ‘Wij zijn een vrij beroep’, klinkt het. Klopt, ze hebben een therapeutische vrijheid. Maar ze worden wel betaald met publiek geld. Daar zit een spanning op. Net daarom moeten we er kwaliteit van zorg aan kunnen koppelen en ervoor zorgen dat er transparantie is. Dat wordt niet altijd positief onthaald.”

Hoeveel mag een arts van u verdienen?

“Dat hangt ervan of die arts 80 uur werkt of 40 uur.”

Er zijn er die nu dubbel zoveel verdienen als u.

“Die zullen misschien harder werken dan ik. Ik kan daar niets van zeggen.”

Er moet geen plafond komen?

“Nee, het hangt af van hun prestaties. Van mij mag er nog altijd een link zijn tussen wat je doet, hoeveel je werkt en wat je verdient. Een arts die veel werkt, mag ook veel verdienen.”

Beeld DM
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234