Dinsdag 28/06/2022

Oe is 't?

"Ik moet hier slagen, want ik ­ onderhoud mijn familie op financieel vlak"

Emilia Ion. Beeld Jonas Lampens
Emilia Ion.Beeld Jonas Lampens

Matthias M.R. Declercq en Jonas Lampens rijden voor deze rubriek lukraak door het land en klampen mensen aan met de simpele vraag: ‘Meneer, mevrouw, oe is’t?’ Vandaag: een verpleegster in Houffalize.

Matthias Declercq

Een dinsdagochtend in Houffalize. Het is warm, grote zwermen muggen ­hangen boven de Ourthe en behalve het kabbelen van de stroom is het hier doods en stil. De betonbaan houdt de warmte vast en de bremstruiken in de graskant roepen de zomer op. Een vrouw in een zachtgroen uniform wandelt ‘Résidence de l’Ourthe’ uit, zet zich neer op een plastic stoel en eet een kommetje muesli met yoghurt. Ze knikt en weert het zonlicht met haar hand. Emilia Ion heet ze, en Emilia geniet van een korte pauze. “Deze residentie is een rusthuis”, zegt ze. “Hier zitten ook psychiatrische patiënten.”

Je kunt in iemands ogen lezen wat het antwoord is op de vraag hoe het met haar gaat. Sommigen zeggen instant ‘ah, goed hè’, anderen zeggen automatisch ‘ça va’, en bij Emilia weet je dat het antwoord genuanceerd is: “Moet ik daar eerlijk op antwoorden?”

“Ik kom uit Brăila, een stad in het oosten van Roemenië, aan de Donau. Brăila is qua grootte vergelijkbaar met Bastogne. Ik ben nu 44 jaar en woon sinds drie jaar in Houffalize. Hoe pijnlijk het vertrek ook was, ik móést er weg. Mijn ouders woonden toen op het platteland, in vrij harde omstandigheden. Mijn moeder is ondertussen gestorven en mijn zus gaat regelmatig langs om vader te helpen. Alleen redt hij het niet. Ik werkte als verpleegster in Roemenië, maar het takenpakket was te beperkt en de omstandigheden danig moeilijk dat ik me op het buitenland richtte. Via via kwam ik te weten dat België een tekort aan verpleegkundigen kent. Dus raapte ik met tranen in de ogen mijn spullen bijeen en trok naar Brussel. Daar volgde ik een extra opleiding en arriveerde in deze residentie.

"Ik had ook een cursus Frans gevolgd, maar begreep geen woord toen ik hier aankwam. Ik blokkeerde, trok me terug en weende onophoudelijk. Terugkeren was geen optie, ik moest blijven, en slagen, want ik ­on­derhoud mijn familie op financieel vlak. Het eerste jaar was hard. Ik ­voel­de me eenzaam en belde vaak naar mijn zus en vader in Brăila. Nu zijn we drie jaar verder en overvalt de eenzaamheid me vooral op feest­dagen. Ik spreek nu wel de taal, ken de mensen en houd ook van de mensen, en van België.

“Ik kan niet zeggen dat ik gelukkig ben. Soms. Soms ook niet. Ik heb geen man, woon hier alleen en besef dat het stichten van een gezin op deze leeftijd zeer moeilijk is. Maar ik ben hier nog. De zomer komt eraan en als ik door de bossen en heuvels van de Ardennen wandel, dan zie ik hoe schoon het hier is. Het leven is niet anders. Je moet je plan trekken. Geef ik op, dan stort ik mijn familie in moeilijkheden. En dat wil ik niet. Dus houd ik me vast aan kleine dingen. Zoals dit gesprek. Bedankt.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234