Zondag 18/04/2021

'Ik moest mijn geld hebben en verloor mijn geduld'

Michel Fourniret legt uitgebreide verklaringen af over moord op Farida Hammiche

Voor de eerste keer op zijn assisenproces heeft Michel Fourniret verklaringen afgelegd over een moord. Veel had hij daarbij niet te verliezen, want de feiten zijn verjaard. Farida Hammiche was een slachtoffer hors catégorie.

Hammiche was de echtgenote van Jean-Pierre Hellegouarch, een gangster die een tijdje met Fourniret in de gevangenis zat. Vanuit zijn cel schakelde Hellegouarch de seriemoordenaar in om samen met Hammiche een schat op te graven. Maar Fourniret wilde de gouden munten voor zich alleen.

De dertigjarige Farida Hammiche verdween in april 1988 van de aardbodem. Ze woonde op een flat in Vitry-sur-Seine, een Parijse voorstad. Het was haar man, de wegens diefstal en drugstrafiek veroordeelde Jean-Pierre Hellegouarch, die vanuit de gevangenis de familie Hammiche alarmeerde omdat hij niets meer van zijn vrouw hoorde.

Aïcha Hammiche, Farida's oudste zus, trok op onderzoek uit. "Ik ben eerst naar haar appartement gegaan", zo getuigde de vrouw voor het assisenhof. "Maar toen ik voelde hoe hard het brood was, wist ik dat mijn zus al een tijdje niet meer thuis was geweest. Met een foto in mijn handen heb ik de hele buurt afgelopen. Niemand had iets gezien."

Hammiche deed aangifte van de onrustwekkende verdwijning bij de gendarmerie van Vitry. Maar Farida was slechts een gangsterliefje. Toen Aïcha merkte dat de politie weinig deed om haar zus op te sporen, nam ze haar toevlucht tot een privédetective en een helderziende.

Pas in 2006, achttien jaar na Farida's verdwijning, kwam Aïcha te weten dat haar zus het slachtoffer was geworden van Michel Fourniret en Monique Olivier. Die laatste had tijdens een ondervraging toegegeven dat haar man Farida vermoordde nadat ze samen de schat hadden opgegraven van 'la bande des postiches', de 'bende van de pruiken'. Het ging om gouden munten ter waarde van 1,7 miljoen Franse frank. Die waren buitgemaakt bij overvallen die gelinkt werden aan de extreem linkse terreurgroep Action Directe.

Het was Hellegouarch die zijn echtgenote had opgedragen de schat op te diepen. "Maar iemand moest haar helpen. Ik koos voor Fourniret omdat ik vond dat hij tuiniershanden had en geen dief was", zo getuigde Hellegouarch. De gangster verscheen met twee agenten aan zijn zijde voor het assisenhof. Hellegouarch zit immers nog altijd een straf uit wegens drugshandel. Erg onder de indruk van het gebeuren leek hij niet. Op een rustige, vlakke toon en gekleed in grijze gevangeniskleren deed de kaalgeschoren gangster met veel aplomb zijn verhaal.

Hellegouarch leerde Fourniret kennen toen die in de gevangenis van Fleury-Mérogis zat voor een reeks verkrachtingen in de jaren tachtig. De twee zaten amper twee weken met elkaar op cel. Ze wisten zelfs niet eens van elkaar wat ze hadden mispeuterd. "Ik heb altijd gedacht dat het voor een klein feit was", aldus Hellegouarch. "Zo liet Fourniret het destijds toch uitschijnen."

Nadat Fourniret in oktober 1987 vrijgekomen was, bleef hij contact houden met Hellegouarch. Fourniret schreef hem brieven en zocht hem op, terwijl Monique Olivier haar vriendschap onderhield die ze met Farida Hammiche had gesloten toen hun beide echtgenoten in de cel zaten. In het voorjaar van 1988 trok het trio er met de auto op uit om de schat op te graven op het kerkhof van Rambouillet.

"Ik ben de chronologie van toen nog eens nagegaan", zo begon Fourniret. "Ik wil iedereen in de zaal vergeten, behalve Aïcha Hammiche en Jean-Pierre Hellegouarch. Want hem heb ik verraden op de afschuwelijkste manier die er bestaat." Neuzelend reconstrueerde de seriemoordenaar de nacht van de moord, doorspekt met flauwe details. "Ik herinner me nog dat er bij de thuiskomst drie taartjes in de koelkast van Farida stonden."

Nadat de schat was opgegraven en Fourniret zijn deel van het geld had gekregen kwam hij thuis tot de vaststelling dat zijn deel veel te klein was. "Ik belde Farida op en ze stemde ermee in me nog een keer te ontmoeten. We reden naar een afgelegen plek waar we een wapen zouden ophalen. Farida zat achter het stuur, Monique Olivier op de passagierstoel en ik op de achterbank. Op een rustige plek heb ik de auto doen stoppen."

Fourniret stapte samen met Farida Hammiche uit. Ter hoogte van een verlaten boerderijtje nam hij haar in een wurggreep. "Ze verweerde zich enorm", aldus Fourniret. "Ik nam haar langs achteren vast. 'Ne me tue pas comme ça', zei ze nog. Daarna heb ik haar met een bajonet geslagen die Monique Olivier me aanreikte."

Dat liet de echtgenote van Fourniret zich niet zeggen. In de beschuldigdenbox begon ze plots hevige gebaren te maken. "Ik heb die bajonet nooit aangeraakt", riep ze. "Dat is zijn fantasie. Ik ben niet bij de moord aanwezig geweest. Ik heb al die tijd in de auto gewacht. Toen Fourniret met het lijk aangewandeld kwam, heeft hij het in de koffer gelegd en zijn we het gaan begraven. Daarna zijn we naar het appartement van Farida gereden en heeft Fourniret haar auto naar de luchthaven van Orly gebracht."

Of Fourniret niet gewoon een hoger salaris had kunnen vragen? "Ik heb mijn geduld verloren", zei Fourniret. "Ik wilde mijn geld." Maar, zo drukte hij Hellegouarch op het hart: "Ik heb Farida niet verkracht."

's Ochtends vertrok het duivelskoppel terug naar de Ardennen, na de nacht te hebben doorgebracht in het bed van Farida Hammiche. Monique Olivier benadrukte dat dat gebeurde op vraag van Fourniret en tegen haar zin. "Vreemd toch", riposteerde Gerard Chamla, advocaat van de burgerlijke partijen. "U weet nooit iets, hebt nooit iets gedaan maar u bent er altijd bij en doet wat men u vraagt." Procureur-generaal Francis Nachbar merkte op: "U hebt vandaag zelfs geen woordje van medemenselijkheid over voor de zus van Farida. Een excuus is voor u te veel gevraagd."

Het lichaam van Hammiche is nog altijd niet gevonden. In 2006 liet Fourniret zich rondrijden in Rambouillet, zonder de plek aan te tonen waar hij de vrouw begraven had. "Dat was omdat ik in het midden op de achterbank van een politieauto zat", aldus Fourniret. "Ik kon me niet van de topografie vergewissen. Ik ben er niet tegen om het zoeken te hernemen, maar dan moet dat onder de gunstigste omstandigheden gebeuren. De technicus in mij wil dat zo."

Michel Fourniret:

Ik wil iedereen in de zaal vergeten, behalve Farida's zus en man. Want die laatste heb ik verraden op de afschuwelijkste manier die er bestaat

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234