Dinsdag 21/09/2021

‘Ik ken dat, tegen de muur lopen’

Goed een jaar geleden voorspelde je dat Pauwels’ eerste winst eraan zat te komen. Niet veel later won hij de Druivencross in Overijse. Tegelijkertijd zei je dat hij volgend jaar, nu dus, echt top zou zijn.

Marc Herremans: “Hij is ook echt top. Alleen heeft hij al onwaarschijnlijk veel pech gehad. Hij is al vijf keer plat gereden op een cruciaal moment en heeft al tweemaal gesukkeld met een geblokkeerde rug. In Essen ging hij overkop toen hij nog kans maakte op de overwinning en in Overijse was Niels Albert net iets sterker. Kevin is een pak beter dan vorig seizoen - dat bewijzen zijn lactaattesten - maar hij stuit ook op meer tegenstand. Albert is sinds het begin van het seizoen super. Sven Nys is goed, Zdenek Stybar ook. Kevin eindigde al driemaal als tweede. Hij rijdt heel goed maar mist dat tikkeltje geluk. De dag dat alles een beetje meezit, wint hij. Hij kan die mannen verslaan, daar ben ik van overtuigd.”

Nu hij nog. Was dat niet je eerste doel: hem mentaal sterken?

“Op het BK op de weg in Knokke eindigde hij als achtste. Dit jaar in Aywaille werd hij negende in een kopgroep met Boonen, Nuyens en Gilbert. Als je dat kunt na 235 zware kilometers, heb je iets in je mars. Ook hij is daar intussen van overtuigd. Hij beseft dat hij iedereen kan kloppen. Er is nog één minpunt: te vaak laat hij zich wegdrummen door jongens die minder sterk zijn dan hij. Hij is te braaf, waardoor hij vaak te ver zit als er vooraan iemand demarreert. En dat terwijl hij bij de beste vier van de wereld hoort. ‘Rij ze desnoods in de nadarhekken’, zeg ik hem keer op keer. Figuurlijk natuurlijk.”

Zal je hem dat lef ooit kunnen aanpraten?

“Niet van vandaag op morgen, maar investeren loont. In het begin ging iedereen zelfs zo ver dat je met hem niet kan praten, maar dat lukt intussen ook. Langzaam maar zeker. Kevin is niet de grote communicator. Onze eerste contacten verliepen heel stroef.”

Je moest door een virtuele muur.

“Ik heb het geluk dat mijn vriendin psychologe is. Zij had tal van tips. Zo mag je Kevin bijvoorbeeld nooit een ja-of-nee-vraag stellen want dan komt hij niet verder dan ja of nee. Je moet hem verplichten om met een volzin te antwoorden. Af en toe jaag ik er eens een grapje door. Intussen weet hij dat hij bij mij voor alles terecht kan. Het kost tijd en energie, maar geleidelijk creëer je een band. Een flapuit zal hij nooit worden, maar waar ik vroeger geregeld moest wachten op een antwoord, onderbreekt hij me nu soms.”

Coachen is communiceren. Op basis van lactaattesten weet je tenslotte niet hoe iemand zich voelt.

“Feedback is heel belangrijk en in het begin wist ik vaak niet wat er aan de hand was. Daarom belde ik wekelijks met zijn ouders. Ik doe dat nog steeds, maar intussen kan ik ook uit zijn manier van antwoorden conclusies trekken.“De dood van zijn broer (Tim stierf in 2004 op zijn 22ste tijdens de eerste manche van de Superprestige, wellicht aan een hartaderbreuk, KB) is waarschijnlijk voor eeuwig een litteken in zijn hersens. Hij kan er niet over praten. Ook met mij niet. Ik weet ook niet of hij dat wil.”

Welke doelen hebben jullie aan het begin van het seizoen uitgezet?

“We hebben twee data aangekruist: BK en WK. Om te winnen. Kevin kan pieken als geen ander en vooral het BK in Oostmalle moet hem liggen. Het WK is een ander verhaal. Daar spelen heel andere factoren. Je start met landenteams, maar de ploegentactiek speelt een heel belangrijke rol. En als er dan één iemand is die zich aan de regeltjes houdt en braaf zijn rol vervult, is het natuurlijk weer Kevin.”

Jouw coaching beperkt zich niet enkel tot het mentale. Wekelijks trek je met je handbike mee het veld in.

“Ik lever een totaalpakket: lactaattesten, trainingsprogramma’s. Samen werken we aan de basisopbouw, snelheid en weerstand. Het enige dat ik hem niet kan leren is techniek. Maar intussen weet hij wel hoe van zijn fiets moet springen. Het lijkt misschien raar dat iemand in een rolstoel wielrenners, motorcrossers en triatleten coacht, maar ik kom tot de vaststelling dat ze allemaal progressie maken.”

Naast Pauwels en Kevin Strijbos begeleid je nog een vijftiental atleten.

“Met 185 (One Eight Five, KB) begeleid ik bijna twintig sporters. Het is mijn trainingsadviescentrum, genoemd naar het rugnummer waarmee ik in 2006 de Iron Man in Hawaï heb gewonnen. 185 staat voor doorzetten, nooit opgeven, je droom waarmaken. Zo begeleid ik ook vier jonge triatleten tussen vijftien en zeventien. Of ze ooit Hawaï zullen winnen kan ik niet inschatten maar vandaag zijn ze Belgische top.”

Waar haal je die energie?

“Uit de voldoening om die mannen te zien groeien. Als triatleet stond ik op de drempel van de absolute top. Dan werd ik van de ene dag op de andere volledig teruggeslagen en zou ik nooit meer de kans krijgen om Hawaï te winnen op de manier waarop ik Hawaï wilde winnen. Ik heb mijn weg nooit volledig kunnen afleggen maar het doet me vandaag plezier om anderen te helpen zodat zij er wel in slagen. Pauwels bijvoorbeeld heeft een wereldtitel in zich.“Maar dé drijfveer is het doorgeven van mijn ervaring. Wat weinigen weten, is dat ik als triatleet intrinsiek niet zoveel talent had. Ik heb alles moeten compenseren door te trainen als een beest. Enkele keren belandde ik daardoor zelfs in het ziekenhuis met extreme bloedarmoede. Maar na al die jaren weet ik tenminste hoe het wel of niet moet. Een mens leert vooral uit zijn fouten en ik heb als atleet heel veel fouten gemaakt. Velen worden coach nadat ze een opleiding hebben gevolgd, met een of ander boek in de hand. Maar ik weet wat het is om met je kop tegen de muur te lopen. Ik weet wat het is om overtraind op intensieve te liggen. Ik heb de grenzen van het menselijk lichaam afgetast, overschreden. Die expertise doorgeven, zorgt voor veel voldoening.”

Hoe zit het met je eigen sportieve uitdagingen? Vorig jaar sprak je opnieuw van de Iron Man. Die van 2009 kwam te vroeg maar die van 2010 leek je wel iets.

“Pfff, binnenkort mag ik 36 kaarsjes uitblazen. Bovendien heb ik al die jaren in zesde versnelling geleefd. Mijn lichaam zegt me dat het stilaan genoeg geweest is. Sinds de Crocodile Trophy twee jaar geleden is alles anders. (Herremans slaagde er als eerste in de 1.400 kilometer lange MTB-race door Noord-Australië met een handbike af te leggen, KB). Ik heb mijn lijf daar te veel geforceerd. Zoals een elastiek. Op een bepaald moment is de rek eruit en blijft hij slap hangen. Ik ben blij dat ik in mijn opzet geslaagd ben, maar ik ben een brug te ver gegaan. Ik heb mezelf fysiek helemaal naar de knoppen geholpen. Ik heb de dood voor ogen gezien. Ik was zo uitgeput. Mijn spraak viel weg. Mijn lichaam werd ijskoud. Mijn hoofd kokend heet. Alle functies van mijn lichaam vielen uit. Tien dagen moest ik tien tot twaalf uren aan een stuk alles uit mijn lijf fietsen om op tijd binnen te komen. ‘s Nachts kon ik nauwelijks slapen omdat het veel te heet was in de tent. Na vijf dagen kon ik uit vermoeidheid niet meer eten en moest ik aan de baxters. Het plan was om na de Crocodile Trophy de Great Barrier Reef te bezoeken, maar ik heb zes dagen op mijn bed gelegen. Telkens als ik wilde rechtkomen viel ik flauw. Op de terugreis heb ik bij een tussenstop in Singapore overwogen om me te laten opnemen in een ziekenhuis. Ik dacht echt dat ik zou sterven... Ik kan het niet uitleggen maar het heeft me helemaal gebroken.”

Bizar. De ijzersterke Herremans... Tien dagen na je vreselijke ongeluk in 2001 nodigde je de pers uit aan je ziekenhuisbed. Je begroette iedereen met een lach tot achter je oren.

“Volgens velen was het onmogelijk dat ik zo positief ingesteld was. Andere mensen in een rolstoel zeiden me dat ik nog wel in een zwart gat zou vallen. Maar ik was oprecht gelukkig dat ik na mijn ongeluk niet dood was, dat ik de kinderen van mijn zus nog zou zien opgroeien. Mijn glas was halfvol en niet halfleeg. Ik weet niet waar het vandaan komt, maar ik heb zo ongelooflijk veel zin in het leven.”

Zelfs als ‘ze’ je enkele jaren later je invaliditeitsuitkering afpakken?

“Sinds 2006 trek ik nul euro. Sinds ruim drie jaar ben ik dus geen invalide meer. Als jij morgen je pink afzaagt, ga je meer geld trekken dan ik, en ik ben van borst tot tenen verlamd. Omdat ik mijn leven opnieuw in handen heb genomen. Als ik in mijn zetel was blijven zitten, triest voor me uitkijkend, had ik elke maand probleemloos mijn uitkering gekregen. Intussen heb ik Hawaï gewonnen, kreeg ik de titel Sportpersoonlijkheid van het Jaar’, heeft de koning me ontvangen, heb ik een Foundation opgestart waar vier mensen voltijds voor werken en geef ik mijn ervaring door aan jonge atleten. En wat zeggen ze dan? ‘Die zullen we eens hebben’.”

Dan toch enige frustratie?

“Tja. Ik hoor politici graag zeggen dat andersvaliden kansen moeten krijgen om te integreren. Maar als we het doen, worden we afgestraft. Van de politiek ben ik echt doodziek. De Open Vld heeft me ooit zo ver gekregen om op te komen, Lijst Dedecker stond aan mijn deur. Maar onmogelijk dat ik me ooit nog opnieuw voor een politieke kar laat spannen. Ze poseerden allemaal met me voor de foto telkens als ik gefêteerd werd, maar na die onterechte uitspraak van de rechter gaf niemand thuis.”

Maar zelfs daardoor ben je dus niet in een depressie gesukkeld?

“Net zoals iedereen heb ik wel eens een slecht moment, maar nog nooit had ik een slechte dag. Nooit heb ik in een donkere periode gezeten. Dat zou zonde zijn. Het leven is al zo kort en tot op vandaag is het nog altijd niet bewezen dat er hierna nog iets volgt. Voor mij schijnen de lichtjes in de kerstboom even hard als voor iemand die niet in een rolstoel zit.” (KB)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234