Maandag 25/05/2020

Reportage

‘Ik kan u nu zeggen: huidhonger, het is een ding’: zij herstelden van corona

Nele Biets: ‘We hebben een wachtlijst moeten aanleggen van mensen die ons willen helpen. Ongelooflijk.’Beeld Illias Teirlinck

De een werd besmet op skivakantie, de ander tussen het publiek bij een voetbalwedstrijd, weer anderen hebben geen idéé. Maar ziek dat ze waren... ‘Gelukkig ben ik een beer. Maar ik ben bang geweest.’

Nele Biets (42, administratief bediende, Tongeren): ‘Zijn kuit knuffelen mag nog net’

• in thuis­quarantaine

• werd ziek op: 14 maart

• hoe besmet: geen idee, niemand in omgeving is ziek

“Ik ben blij dat je me belt, zo gebeurt er nog eens wat, wordt mijn wereld toch weer wat groter. Na zoveel dagen alleen in een kamer lijkt het alsof ik buiten het leven sta. Mensen hebben hun routines nog steeds; ik heb enkel deze 20 vierkante meter. Maar ik trek me op aan de zon die schijnt, aan de buren die naar me wuiven.

“Mijn man en kinderen zijn ook in quarantaine, uit voorzorg. Zij lopen nog wel door het hele huis, maar aangezien het vijf dagen geduurd heeft voor ik wist dat ik besmet was, is de kans groot dat ik het doorgegeven heb. Ze blijven uit voorzorg binnen. Onze boodschappen worden gedaan door vrienden en familie. Ik zie nu pas wat een netwerk ik heb. We hebben een wachtlijst moeten aanleggen van mensen die ons graag willen helpen. Ongelooflijk. Ik hoop dat ik dat nooit ga vergeten, wanneer de rat­race weer op gang komt.

“Eerst dacht ik dat ik gewoon griep had. We waren zaterdag de 14de nog even gaan fietsen. Drie kwartiertjes, op batterij dan nog. Maar moe dat ik daarna was. Ik heb 20 van de daaropvolgende 24 uur geslapen. Koorts had ik niet. Na twee dagen voelde ik me beter, maar in de nacht van woensdag op donderdag kreeg ik plots geen adem meer en ben ik op aanraden van de huis­arts in allerijl binnengegaan op de spoeddienst van het AZ Vesalius in Tongeren.

'Dat mijn drie tieners zelf­redzaam geworden zijn, wie had dat gedacht.'Beeld Illias Teirlinck

“Een dag later was er het verdict: Covid-19-positief. Hoe ik het heb opgelopen is echt een raadsel. Ik was in de week voordien nergens geweest. Geen feestjes, zelfs niet in de supermarkt. Enkel thuis en op mijn werk, en daar is niemand anders ziek. Dat bewijst toch dat het echt heel snel overdraagbaar moet zijn. Je hebt het voordat je het weet.

“Een dag heb ik op een gesloten afdeling gelegen in het ziekenhuis, alleen in een kamer met de deur dicht. Heel beangstigend vond ik dat. Daar was ik écht afgesloten van de wereld. Je hoort niks, ziet niemand. Alleen verplegers in een beschermend pak, wanneer ze echt niet anders kunnen dan even binnenkomen. Maar na 24 uur voelde ik me wat beter. En zo lig ik nu alweer meer dan een week thuis. Het gaat op en af, trappen kan ik nog niet lopen en sinds deze week maak ik soms ook koorts, maar ik voel wel dat ik stilaan aan het beteren ben. Het moet. Punt.

“Ik hoop zaterdag weer naar beneden te kunnen gaan. Ik ben een knuffelaar en ik kan u nu zeggen: huidhonger, het is een ding. Ik mis fysiek contact zo erg, ik heb nu een dagelijks knuffelmoment met de kuit van mijn man. (lacht luid) Hij komt dan even binnen, legt zijn been op bed en dan kan ik erover wrijven. Dat leek ons nog een veilige plaats om aan te raken. Ik word echt ontzettend goed verzorgd door mijn man. Schrijf je dat zeker op? Ga ik naar het toilet, loopt hij met de javel achter me aan. En dat mijn drie tieners zelf­redzaam geworden zijn, wie had dat gedacht. (lacht) Zij kunnen nu ineens de was draaien en brood bakken. Is die corona toch voor iets goed geweest.”

Fons Duchateau: ‘Ik heb een middel tegen malaria gekregen. Bij mij hielp het.’ Beeld RV/Jan Aelberts

Fons Duchateau (48, schepen van gezondheids- en seniorenzorg, Berchem): ‘Ik praat door het raam met mijn dochters’

• zes dagen ziekenhuis, nu in thuisquarantaine

• werd ziek op 12 maart

• besmet door: geen flauw idee

“Het is ironisch. De weken voordien had ik samen met onze ziekenhuizen van ZNA (Ziekenhuis Netwerk Antwerpen) de voorbereidingen getroffen om de coronacrisis het hoofd te bieden, de dag zelf kondigde ik aan dat de woon-zorgcentra in lockdown moesten. En dan word ik zelf als een van de eersten opgenomen. Vorige week woensdag was dat. Ik had al sinds de donderdag voordien een hoest en koorts. Een goede vriend die ook spoedarts is in het Stuivenbergziekenhuis heeft me telefonisch begeleid, maar na een week stuurde hij me naar de spoed.

“Ik had grote ademnood. Uit de testen bleek dat ik veel te weinig zuurstof in mijn bloed had. Mijn longen vertoonden bovendien de typische beelden: allemaal vlekjes mat glas, zoals ze dat noemen. Plekken die het virus veroorzaakt heeft. Ik heb dan zuurstof gekregen en een middel tegen malaria. De werking ervan tegen Covid-19 is nog niet wetenschappelijk bewezen, maar bij mij hielp het. Na tien dagen ziek zijn was eindelijk mijn koorts weg en mijn bloedwaarden waren een stuk beter. Sinds maandag zit ik thuis in quarantaine.

“Ik hoest nog steeds, dat kan volgens de dokter nog lang duren, maar het gaat al een stuk beter. Ik kijk Netflix, ik kan The Crown en Blacklist zeker aanraden. Maar Vikings zie ik ook graag, het hoeft niet allemaal te serieus zijn nu. En ik kan al wat conferencecalls doen, vanuit mijn bureau dat ik nu in de badkamer in de achterbouw van ons huis geïnstalleerd heb. Hier leef ik nu apart van mijn gezin. Gelukkig doen mijn dochters van 16 en 18 hun fitnessoefeningen nu soms eens in de tuin, zodat ik hen bezig zie. Dan praten we ook eens door het raam.

“Ik maak me voorlopig geen zorgen of mijn longen nog volledig zullen herstellen. Dat zal later moeten blijken. Nu wil ik hier eerst uit raken. Maar ik volg de richtlijnen strikt op. Ik wil mijn gezin niet besmetten en zelf ook geen andere infectie oplopen nu mijn afweersysteem verzwakt is. Ik heb de afgelopen twee weken overigens 7 kilo verloren. Ik vrees alleen dat het vooral spieren zijn. Normaal wandel of loop ik 30 kilometer per week, nu bijna niets meer.

“Ik wil alle zorgverleners ontzettend hard bedanken, ik ben enorm onder de indruk van wat zij presteren. Maar ik wil ook een oproep doen aan iedereen: hou u alstublieft aan de maatregelen. Misschien bent u wel sterk genoeg om u erdoor te slaan, wanneer het virus u treft. Maar bedenk dan dat u een vermijdbare plaats zal innemen in onze zorgcapaciteit die niet kan gaan naar mensen voor wie het echt nodig is, en dat dit levens kan kosten. Als het zover komt dat we moeten kiezen wie nog geholpen kan worden, zal dat door die mensen komen. Jongeren die aanwezig waren op lockdownfeestjes, liggen vandaag op intensive care. Laat dat even doordringen.”

Jeff Suykerbuyk: ‘Als wetenschapper wil je weten wat er aan de hand is met je lijf. Juist dat wist ik al die tijd niet. Beangstigend.’Beeld Illias Teirlinck

Jeff Suykerbuyk (45, psychiater, Berchem): ‘Ik ben 15 à 20 kilo kwijt’

• zat in thuis­quarantaine, is genezen

• werd ziek op 9 maart

• uit quarantaine sinds 21 maart

• hoe besmet: mogelijk via klasgenoten van zijn zoon die in Noord-Italië gingen skiën

“Ik ben er nog niet goed van. Het virus is zwaar geïnfiltreerd in mijn longen, dat kun je duidelijk zien op de scan die ik heb laten maken. Maandag was dat, 24 uur nadat ik officieel uit quarantaine mocht. Ik wilde per se een nul­meting laten uitvoeren wanneer ik een dag klachtenvrij was. Dat had ik me tijdens mijn afzondering al voor­genomen. Ik ben een wetenschapper, ik wil weten wat er aan de hand is met mijn lijf. En juist dat wist ik al die tijd niet.

“Ik vond dat ontzettend beangstigend. Ik ben echt bang geweest. Het is het onbekende. Natuurlijk heb ik ooit al eerder griep gehad, weet ik wat pijn is. Maar ik wist toen altijd in welk speelveld ik me bevond, kende min of meer de regels. Over dit verschrikkelijk vieze beest weten we niets. Om precies te weten wat het aanricht, om te weten of mijn longen nog gaan herstellen, ga ik over vier weken opnieuw een scan laten nemen en mijn bloed laten testen. Uit mijn eerste bloed­onderzoek blijkt alvast dat mijn organen niet aangetast lijken, dat is al een geruststelling. Ik kan die onderzoeken allemaal zelf laten uitvoeren, maar ik sta in nauw contact met het UZA, stuur hen ook al mijn resultaten door.

“In de nacht van 9 op 10 maart ben ik badend in het zweet wakker geworden. Ik had plots hoge koorts, net als mijn 17-jarige zoon. Maar hij zat er na 48 uur weer kiplekker bij, terwijl het bij mij bleef aanslepen. Mijn temperatuur zat permanent boven de 37,9 graden, de Dafalgan en Ibuprofen die ik iedere vier uur innam, hadden totaal geen effect. Ik had al contact gehad met het UZA en het Middelheim­ziekenhuis, maar ik had te weinig klachten om getest te worden. Maar toen ik op dag 6 nog steeds koorts maakte, en omdat ik zorgverlener ben, werd ik uiteindelijk toch uitgenodigd op het UZA. Ik bleek positief.

“Godzijdank ben ik onmiddellijk in quarantaine gegaan, vanaf die eerste koorts­nacht. Mijn gezin verbleef elders, ik had het hele huis voor mij, een grote luxe. Daardoor weet ik ook zeker dat ik niemand besmet heb. Niemand is intussen ziek geworden, ook mijn patiënten niet. Maar ook nu kom ik zo weinig mogelijk buiten en dan nog enkel goed beschermd. Ik neem geen risico’s.

“Werken ga ik waarschijnlijk pas weer doen vanaf de tweede week van de paasvakantie, daarvoor ben ik nu nog te zwak. Dat vieze beest gaat wild tekeer hoor, ik heb in twee weken tijd drie kleding­maten verloren. Ik heb geen weegschaal in huis, maar dat moet 15 à 20 kilo zijn dat ik nu kwijt ben. Ik kon niet meer eten. Nog niet, trouwens. Ik probeer wat soep, maar mijn maag zit op slot. Gelukkig ben ik een beer. Ik begrijp heel goed dat mensen met een zwakker gestel ondersteuning nodig hebben in het ziekenhuis.

“Ik praat er nu wel heel rationeel over, maar dit heeft echt iets met mij gedaan. Als ik er te lang bij stil sta, word ik emotioneel. Toen vorige week om 8.45 uur alle radio­zenders ‘You’ll Never Walk Alone’ speelden, had ik tranen in de ogen. Dat deed zo’n deugd. Ik wist ineens: ik ben niet alleen.’

Marlene Vanhecke en Freddy D’havé: ‘We horen verhalen van risico’s op huiselijk geweld, maar wij zijn 52 jaar getrouwd. Dat valt hier best mee.’Beeld Illias Teirlinck

Marlene Vanhecke (73) en Freddy D’havé (75, gepensioneerd, Gent): ‘Het was alsof mijn lichaam in brand stond’

• in thuisquarantaine sinds 1 maart

• werden ziek op 4 maart

• besmet op vakantie in Noord-Italië

“Wij zijn gefopt in Foppolo, een skioord in de regio van Bergamo. We waren daar tijdens de krokusvakantie met de hele familie. Op 1 maart kwamen we terug thuis, en hoewel we niet ziek waren, hebben we meteen onze voorzorgen genomen. Mijn zus had namelijk een mail gekregen van haar werk dat ze niet meer mocht binnenkomen. Dat heeft ons gealarmeerd. Freddy is maandag nog snel naar de Colruyt geweest om fruit en groenten in te slaan, ik ben niet meer buiten geweest.

“Op woensdag was het dan zover. Alsof mijn lichaam in brand stond. Ik heb tien jaar geleden kanker gehad en ken mijn lichaam sindsdien heel goed; 35 graden is mijn normale temperatuur, haal ik de 36, dan voel ik dat zonder thermometer. Nu had ik 38,9. Ik kon bijna niet meer spreken, had stekende hoofdpijn, keelpijn, oorpijn, alles deed zeer. Mijn man was intussen ook ziek, net zoals mijn zus en schoonbroer en hun zoon. De rest van hun familie en mijn kinderen en kleinkinderen zijn nog steeds gezond.

“De huisarts heeft ons naar het UZ Gent doorverwezen en daar bleken we het eerste positief geteste koppel van Gent te zijn. We waren bij de eerste vijftig besmettingen van het land. Als je ziet hoeveel mensen nu ziek zijn, ongelooflijk. Gelukkig zijn wij niet in het ziekenhuis moeten blijven. Daar was ik echt bang voor, zeker aangezien ik niet het sterkste afweersysteem meer heb als kankerpatiënt. We zijn tien dagen echt zwaar ziek geweest, maar hebben onze quarantaine thuis kunnen uitzitten en nu gaat het al veel beter. Maar we blijven binnen, hoor. We zijn nog steeds erg vermoeid, de symptomen zijn nog niet allemaal weg. Pas veertien dagen nadat de klachten verdwenen zijn, zullen wij uit onze quarantaine komen.

“Het isolement valt me niet zwaar. Ik hoor verhalen van risico op huiselijk geweld, maar wij zijn 52 jaar getrouwd. Dat valt hier best mee. (lacht) Stiekem heb ik er altijd van gedroomd om ooit ingesneeuwd te zitten. Mijn diepvries was altijd tot de nok gevuld, je wist nooit wanneer het van pas zou komen. Maar nee, we krijgen hem niet leeg. Onze dochter en schoondochter zetten onze boodschappen hier voor de deur, dus ik kook alle dagen vers. En ondertussen vul ik de diepvries verder bij. Voor wanneer er slechte tijden aanbreken.

“Nee, dat zijn het nu niet, vind ik. Toen ik kanker had, heb ik me veel meer zorgen gemaakt. Nu heb ik het alleen heel moeilijk gehad toen ik die camions met lijken zag uit Bergamo. Maar ik heb het ook aan Freddy gezegd: ik heb precies een knop in mijn hoofd waarmee ik de zorgen kan uitschakelen. Wij hebben niet te klagen. Wij lopen nog rond, wij leven nog, wat een luxe. Wij zijn gelukzakken.”

Matthias Van Oost: ‘In het begin was ik be­schaamd. Nu wil ik het aan zoveel mogelijk mensen zeggen. Ik hoop dat ze opletten.’Beeld Illias Teirlinck

Matthias Van Oost (35, zelfstandige, Loppem): ‘Kijk, een corona!, roepen de buren’

• lag op intensieve zorg, nu in thuis­quarantaine

• werd ziek op 3 maart

• hoe besmet: geen idee. Misschien op de voetbalmatch FC Köln - Schalke 04

“’s Avonds slaap ik in mijn man­cave boven, overdag zit ik in quarantaine in onze veranda. Mensen uit de buurt weten dat intussen wel. Dan zie ik ze vanaf het wandel­paadje dat achter ons huis doorloopt door de haag piepen: ‘Kijk daar! Een corona!’ (lacht) Ik voel me soms een attractie.

“Ik ben bijna vier weken geleden ziek geworden. Woensdag 3 maart kreeg ik plots koorts, spierpijn. Een gewone griep, dacht de huis­arts. Ik was niet in risico­gebied geweest, niemand in mijn omgeving was ziek. Nog steeds niet, trouwens. Gelukkig heb ik me toen uit voorzorg thuis meteen in afzondering gezet. Ik wilde mijn vrouw en kinderen niet besmetten, ook niet met een gewone griep. Wij zijn zelfstandigen, de zaak moest blijven draaien.

“Een week later was mijn koorts nog steeds niet gezakt, ondanks alle Dafalgans. Plots begon ik toen ook te hoesten. Ik had moeite om te ademhalen. Op woensdag 11 maart ben ik daarom zelf naar de spoedafdeling gegaan. Daar werd ik niet met open armen ontvangen. Een jonge, fitte man als ik die langskomt voor een griepje? ‘Nie trunten, hè.’ Uiteindelijk werd ik dan toch getest. Een dag later kreeg ik een paniek­telefoon van mijn huis­arts. Ik moest onmiddellijk weer naar het ziekenhuis.

“Ik was de aller­eerste Covid-19-patiënt in het AZ Sint-Jan in Brugge. Het was voor de dokters en verplegers dus ook even zoeken. Ze hebben me eerst een dag op intensieve zorg gelegd en extra zuurstof toegediend. Mijn saturatie was gezakt naar 55, de gemiddelde waarde is 95. Op de foto’s van mijn longen waren allemaal blaasjes te zien. Ik had geen twee dagen meer moeten wachten om naar het ziekenhuis te komen, zei de long­arts, dan was het volgens hem een heel ander verhaal geweest. Wat hij daarmee precies bedoelde? Ik heb het niet gevraagd.

“Zes dagen heb ik daarna nog op een gesloten afdeling gelegen. Sinds anderhalve week ben ik weer thuis en zit ik hier in afzondering. Nog een week, denk ik. Dat is lastig, maar ik bijt liever nu even op mijn tanden. Ik zou niet kunnen leven met het idee dat ik andere mensen heb ziek gemaakt. Mijn ouders zijn zestigers. Stel je voor dat zij het van mij zouden krijgen. Ik voel me ook schuldig tegenover mijn gezin. Ik mag niks doen en alles komt nu op de schouders van mijn vrouw terecht. Gelukkig kan ik op haar rekenen: ze is sterk.

“In het begin was ik beschaamd, wist bijna niemand dat ik ziek was. Uiteindelijk heb ik mijn verhaal toch op Facebook gezet en heb ik een storm aan reacties gekregen. Nu denk ik: ik wil het aan zoveel mogelijk mensen zeggen. Ik hoop dat ze opletten. En ik weet nu zelf wel heel zeker: er is meer in het leven dan werken en ambitieus zijn. Voortaan staat gezondheid op één. Ik hoop dat dat zo blijft, dat ik dat nooit meer vergeet.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234