Woensdag 21/10/2020

Ik hou van vrouwen met ambitie

Je hebt de uitstraling van een koele sfinx met het vlezige kantje van een bon vivant. Vind je jezelf sensueel?

“De gewone middenmoot, eerder. Ik ben een gezonde levensgenieter, kijk maar naar mijn embonpoint. (lacht) Maar als je mij vraagt welke man ik sensueel vind, dan denk ik aan Guy Verhofstadt, aan wijlen Hugo Claus, of Arno Hintjens. Vrouwen vallen als een baksteen voor de ruigheid van Arno, voor het wilde, het ontembare aan hem. Volgens mij lijdt dat type vrouw aan het ‘dompteusesyndroom’, de circusvrouw die leeuwen tracht te temmen. Of ze heeft last van een Florence Nightingaleaandoening, de verzorgende verpleegster die zich bekommert over ongelukkige mannen op de dool. Zulke relaties zijn gedoemd om te mislukken. (aarzelt even) Wat ik helemaal niet begrijp, - ik noem het een van de onopgeloste mysteries in mijn leven -, is waarom zoveel dames achter Dirk Draulans lopen. I don’t get it! Zijn theorieën over het biologisch darwinisme raken kant noch wal: ik geloof niet wat hij zegt, dat mannen biologisch geprogrammeerd zijn om zoveel mogelijk kwakjes zaad in zoveel mogelijk baarmoeders te planten.”

Ben jij cerebraler dan? ‘Het aardige van mannen en vrouwen is dat ze niets van mekaar begrijpen’, is jouw favoriete quote van de Nederlandse schrijver Simon Carmiggelt.

“De mechaniek van de man en de vrouw is anders, onze psychologie is anders, maar toch weiger ik te aanvaarden dat mannen onder het dunne laagje vernis neanderthalers zijn. Ik zie ons eerder als pauwen. Een pauw heeft een prachtige, kleurrijke staart waarmee hij indruk wil maken op de vrouw. Zo’n enorme staart vreet energie en het valt op in de natuur: het is dus in tegenspraak met de darwinistische idee van de survival of the fittest. Onze drive om aandacht van de vrouw te krijgen verklaart bijna de helft van alles wat we doen: componeren, schilderijen maken, zingen, schrijven. Gevraagd naar waarom hij schreef, zei Hugo Claus ooit dat hij hoopte dat, honderd jaar na zijn overlijden, een jonge maagd tijdens haar huwelijksnacht een nat broekje zou krijgen bij het lezen van een van zijn versregels. Mannen willen onsterfelijk zijn, ze willen vrouwen bekoren. Daarom steken we onze staart fluks de lucht in, als een pronte pauw.”

Welke vrouw zou jij tot copulatie willen verleiden, mocht je vrij en ongebonden zijn?

“Hier moet ik opletten met wat ik zeg. In een Humo-interview heb ik Mireille Schreurs, alias mevrouw De Gucht, eens de hemel in geprezen. Twee weken later kreeg ik een telefoontje van Karel De Gucht. Hij stond op een receptie van de Albanese ambassade en hij meldde me fijntjes dat de tarieven van de plaatselijke huurmoordenaars nogal meevielen. (lacht) Ik waag me dus geen tweede keer aan een favoriete Vlaamse onenightstand. Daarom kies ik voor de mollige Sophie Dahl, de kleindochter van de Britse schrijver Roald Dahl. Toen ze met haar modellencarrière begon, was ze een prachtige, volle vrouw naar wie ik met veel welbehagen kon kijken. Een lekker ding, zoals ze zeggen. Helaas is ze nadien ten prooi gevallen aan de anorexiamaffia. Van magere vrouwen krijg ik geen erotische fantasieën. Zelfs de prachtige Freya Van den Bossche, die vaak bovenaan in de toptienlijstjes van knappe vrouwen prijkt, zegt me niets. Te mager, geen vlees. “Ook in mijn vriendenkring wordt geregeld schamper gedaan over dunne vrouwen. ‘Gooi er een brood naar en het komt gesneden terug’, is zo’n running gag. Maar even serieus, ik huiver wanneer ik op restaurant zie wat er op de meeste vrouwenborden ligt: konijnenvoer. De eetterreur is gruwelijk. Ik zou het lastig hebben met een vrouw die niet graag eet en die zich martelt om aan een idiote schoonheidsnorm te voldoen die homoseksuele modeontwerpers ons hebben opgelegd en die teruggaat op hun ideaalbeeld van het puberende jongenslijf.”

Volgens Nietzsche ‘doet sensualiteit de liefde vaak te snel groeien, zodat de wortels zwak blijven en snel uit de grond gerukt kunnen worden’.

“Als je sensualiteit door seksualiteit vervangt, dan klopt het wat Nietzsche zegt. Pure lust gaat na een tijd vervelen, het wordt snel leeg rampetampen. Sensualiteit niet, want sensualiteit is iets van de ziel. De zinnelijkheid kan de wortels van de liefde net in de grond houden, juist omdat het méér is dan het fysieke. Bij sensualiteit wordt het fysieke langzaam onthuld, het wordt niet gebruuskeerd. Vandaar mijn voorliefde voor geraffineerde lingerie. Er is immers niets aseksueler dan een banale, sportieve slip voor vrouwen of - omgekeerd - het hoerige bh’tje dat de borst ondersteunt en verder alles toont. Geef mij maar de verpakte belofte. Of ik zelf aandacht besteed aan mijn ondergoed? (aarzelt) Neen, ik houd het op de aansluitende boxershort in klassieke kleuren. “Maar ik koester wel een uitgesproken erotische fantasie: ik droom namelijk van een exclusief mannelijke leesclub, in een berookte bibliotheek met donkerrode, bordeaux Chesterfields. Vanuit zo’n comfortabele fauteuil voer ik hooggestemde gesprekken met mijn boezemvriend Pat Donnez, met wie ik de liefde voor de boeken en vrouwelijk schoon deel. Tussendoor komt er een mooie serveuse binnen, in lingerie van La Perla, Marlies Dekkers of Lise Charmel. Op haar dienblad staat een bel cognac. Pat en ik nemen de cognac en zetten ons gesprek onverstoord verder, alsof er niets aan de hand is. We keuren die vrouw wel besmuikt vanuit onze ooghoeken hé, maar we raken haar niet aan. En we betalen haar ook niet, want zij doet het voor het plezier. Dát is sensualiteit.”

Uit welk erotisch boek heb je die fantasie geplukt?

“Uit geen enkel boek. Hoewel ik in mijn prille jeugdjaren veel erotische werken heb verslonden. Mijn vader werkte destijds aan de lopende band bij General Motors in Antwerpen en mijn moeder pendelde iedere dag naar een geneesmiddelenfabriek voor dieren in Anderlecht. Mijn ouders waren pas rond halfzeven ’s avonds thuis, in Mechelen. Daarom werd ik door de directeur van het lager onderwijs opgevangen. Hij was ook bibliothecaris in hetzelfde gebouw van de school. Tussen mijn zesde en mijn twaalfde zat ik na de schooluren dus in de bibliotheek, tussen de boeken. Nadat ik alle jeugdauteurs had gelezen, begon ik aan Willem Elsschot en Louis-Paul Boon. Sommige boeken hadden een rood stickertje, wat betekende ‘verboden uit te lenen aan jongeren onder achttien’. Maar ik ontleende ze niet, ik las ze ter plaatse! Mijn eerste erectie kreeg ik in die bibliotheek bij het lezen van Jef Geeraerts Gangreen. Dan heb je de prachtige erotische literatuur van het interbellum, Henry Millers Under the Roofs of Paris bijvoorbeeld, of de werken van Anaïs Nin. Dat is literaire porno over het leven van jonge schrijvers in de grootstad, over de zeden en gebruiken van de bohemiens. Prachtig.“In die periode verloor ik ook mijn maagdelijkheid: als jonge puber werd ik ingewijd door een jonge, volwassen vrouw. (zwijgt even) Oei, zelfs mijn moeder weet dit nog niet en nu moet ze het lezen via de krant... Maar die inwijding was echt wel belangrijk, anders was ik nog jaren een bedremmelde, onhandige minnaar geweest. Een leermeesteres die, zonder je ego te kraken, zegt hoe je het moet aanpakken, dat heeft voordelen. Daarin ligt wellicht ook de verklaringsgrond waarom de behoefte aan een Lolita me totaal vreemd is. Ik merk bij sommige mannen de bijna permanente queeste naar puurheid, jong vlees en onschuld. Dat heb ik niet.”

Hypocrisie is je dus vreemd. Volgens de negentiende-eeuwse Franse schrijver François de la Rochefoucauld is ‘hypocrisie het eerbetoon van de deugd aan de zonde’.

“Twaalf jaar geleden heb ik mijn huwelijk opgeblazen om met mijn huidige partner, Anneke, samen te kunnen zijn. Acht maanden lang heb ik met mezelf geworsteld, en dan heb ik de knoop doorgehakt. Ik voelde dingen die ik nooit eerder had gevoeld: liefde op het eerste gezicht en ontzettend veel gemeenschappelijke passies. Uiteraard wist ik dat ik mijn ex veel pijn deed door haar te verlaten en ik besefte ook dat ik haar niet kon troosten, maar ik koos - egoïstisch - het best mogelijke leven voor mezelf. Om mijn schuldgevoelens enigszins af te kopen heb ik alles achtergelaten: het huis, de inboedel en het geld op de spaarrekening. Ik ben weggereden met enkel een zak cd’s en boeken. Aan vrienden vroeg ik om mijn ex te troosten. In het leven moet je weten waarin je wilt investeren: ofwel investeer je in je huwelijk ofwel in de relatie die je je altijd droomde. Je kunt niet van twee walletjes tegelijk eten. Dat is de grote hypocrisie. Ik koos voor een relatie waarin ik me nooit zou vervelen en voor een vrouw met ambitie, vrouwen met ambitie vind ik trouwens bijzonder erotisch. Het maskeren van kleine ergernissen daarentegen, dat noem ik de kleine hypocrisie. Niets zeggen wanneer je geliefde weer eens het dopje van de tandpasta vergeet bijvoorbeeld. Zoiets is oké. Op trouwkaarten schrijf ik trouwens altijd hetzelfde: ‘Behandel grote rampen als kleine incidenten en laat kleine incidenten nooit uitgroeien tot grote rampen’.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234