Maandag 26/10/2020

ColumnGebeten hond

Ik hoop dat studenten van hun academie­jaar toch zo veel mogelijk een feest maken. Voor je het weet breekt de gevreesde volwassenheid aan

Mark CoenenBeeld DM

Mark Coenen gaat op wandel met de week.

In mijn tijd – ik ben jammer genoeg al zo oud dat als ik dat zeg de kinderen niet meteen in lachen uitbarsten – heette onze bubbel het gemeenschapshuis.

Elke zondag­avond reden we, na de voetbal­verslagen in Sportweekend met de immer stuurse Ivan Sonck, naar Leuven.

Eens Mechelen gepasseerd, veranderde de Leuvense­steenweg, nu een soort Boomse­steenweg voor matras­verkopers, in een eindeloze Avenue du Plaisir.

Schimmige rendez-vous­huizen te allen kant, met aan de straatkant obsceen flikkerende licht­reclame, allemaal beschikkend over een oprij­laan die uitgaf op een discrete parking. Dat laatste heb ik van horen zeggen.

Wij keken onze ogen uit en dachten er, glazig in de verte kijkend naar de volgende licht­reclame, het onze van.

In ons Leuvense gemeen­schaps­huis aan de Zwarte Zusters­straat aangekomen, zetten wij onze tas met proper goed neer en trokken meteen met iedereen die wou de kroeg in: tot het ochtendgloren.

Waardoor we op maandag altijd de lessen misten en urenlang koffie dronken aan de grote tafel terwijl we de sport­pagina’s van de krant spelden.

In de winter kookten we samen en speelden we nachtenlang kleurenwies; in de lente werd en gevolleybald en gebarbecued in de grote tuin, waar ook een tuinhuisje stond waarin twee meisjes woonden die elkaar graag zagen – ook in de Bijbelse betekenis van het woord.

Dat vonden wij, glazig in de verte kijkend, geweldig spannend.

Eén draagbare tv waarop je alleen BRT-programma’s kon zien; geen computers, geen internet, geen gezeur. Geen druk ook: wij rolden door de dag.

Sommigen werkten mee aan een vrije radio, ik schreef slecht­betaalde stukken in de krant, waarmee we dan weer platen kochten om te draaien op die vrije radio.

Elke vrijdag gingen we doodvermoeid van ons drukke leven naar huis.

Ooit hebben we geprobeerd naar een les te gaan die om negen uur ’s ochtends begon: gods­onmogelijk vroeg.

De enige manier om daar op tijd te geraken was een nachtje doordoen, waardoor we van pure uitputting tijdens het tweede les­uur in slaap vielen.

Na de paasvakantie gingen we met zijn allen in quarantaine: de calvarie­tocht naar de examens begon.

Samen gaat dat wel.

Gelukkig kende iemand ook een mannetje die een mannetje kende die via een bevriende apotheker aan Captagon kon geraken.

Maandag beginnen de hoge­scholen en de universiteiten aan een nieuw academie­jaar met talloze restricties en regels en ramp­scenario’s.

Of er nog veel gemeen­schaps­huizen bestaan weet ik eigenlijk niet. Ik vrees er een beetje voor.

Ik hoop dat de studenten, ondanks de hinder door kleur­codes, van hun academie­jaar toch zo veel mogelijk een feest maken.

Voor je het weet is die zorgeloze tijd voorbij en wacht de gevreesde volwassenheid.

Met nog veel meer codes.

Zoekt U allen een gemeenschapshuis!

(Of iets wat erop lijkt.)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234