Vrijdag 07/10/2022

De vragen van ProustJitske Van de Veire

‘Ik heb het lichaam dat ik zo graag wilde, maar mijn hoofd wil nog niet volgen’

Jitske Van De Veire: ‘Hoe ik mijn mama behandeld heb vlak na de scheiding, dat had niet moeten gebeuren.’ Beeld © Stefaan Temmerman
Jitske Van De Veire: ‘Hoe ik mijn mama behandeld heb vlak na de scheiding, dat had niet moeten gebeuren.’Beeld © Stefaan Temmerman

Schrijver Marcel Proust beantwoordde ze ooit in een vriendenboekje, nu geeft De Morgen er een eigenzinnige draai aan. Drieëntwintig directe vragen, evenveel openhartige antwoorden. Deze week: Jitske Van de Veire (28), zaakvoerder en kapper bij Jitske Knipt en bodypositivity-boegbeeld. Wie is zij in het diepst van haar gedachten?

Stijn De Wandeleer

1. Hoe oud voelt u zich?

“Rond de vijfendertig, op dit moment. Lange tijd voelde ik me gewoon de leeftijd die ik was, maar sinds iets meer dan een jaar heb ik een nieuwe vriendin met een dochtertje van zeven. Ik heb plots een echt gezin en leid een leven met veel meer structuur en verantwoordelijkheid, waarvan ik vroeger dacht dat ik het pas rond mijn vijfendertigste zou hebben.

“Dat plusmoederschap heb ik met beide handen gegrepen. Mijn lief wilde dat ik naast haar stond in het ouderschap, niet gewoon op de achtergrond bleef, en ook mijn plusdochter geeft aan dat ze me als een evenwaardige ouder ziet. Ik run nu drie kapperszaken, kocht onlangs een huis en zorg mee voor een kind ... mijn leven is dus ineens een stuk volwassener dan enkele jaren geleden.

“Fysiek voel ik me dan weer jeugdiger. Een jaar geleden stopte ik met drinken en roken, en daardoor is er best wat lichamelijke ballast weggevallen. Vroeger was ik na een wandeling snel buiten adem, terwijl ik vanochtend met verende pas naar dit interview ben gewandeld.” (lacht)

2. Wat vindt u een kenmerkende eigenschap van uzelf?

“Mijn positieve ingesteldheid karakteriseert me wel, vind ik. Die uit zich op allerlei manieren. Ik ben zaakvoerder van drie kapsalons. Tijdens de pandemie was dat soms echt pittig. Er waren momenten waarop ik dacht dat ik naar de bank moest bellen om mijn lening te laten bevriezen. En toch slaagde ik erin om zelfs op die momenten te blijven geloven dat alles goed zou komen.

“Die positiviteit zat als kind al in mij. Ik was de plezante, wilde dat iedereen rondom mij zich goed voelde. Toen mijn ouders op mijn dertiende uit elkaar gingen, voelde het ook even als mijn verantwoordelijkheid om mijn twee jongere zussen op te vrolijken.”

3. Wat drijft u?

“Het klinkt misschien cliché, maar het idee dat je maar één keer op deze aarde rondloopt, maakt dat ik mijn tijd ten volle wil benutten. Ik geloof niet in een hiernamaals of een wedergeboorte. Op dat vlak ben ik rationeel: je wordt geboren en je gaat dood. That’s it.

“Vroeger zorgde dat besef voor een zekere druk en had ik het gevoel dat mijn leven de hele tijd vol en leuk moest zijn. Door een gezin te hebben, ben ik daarin gekalmeerd. De zondagen waarop we nu met zijn drieën thuis liggen te lummelen, daar kan ik ook enorm van genieten. Maar toch blijft mijn uitgangspunt hetzelfde: probeer uit het leven te halen wat erin zit. Ik zou niet willen dat ik aan het einde van mijn leven moet concluderen dat ik kansen heb laten liggen.

“Ook in mijn werk ben ik gedreven: ik ben er van ’s ochtends tot ’s avonds mee bezig. Als ik iets interessant vind, kan ik niet anders dan er ten volle voor gaan. Het financiële aspect speelt natuurlijk een rol, want ik heb geen zin om tot mijn zeventigste te werken. Dan werk ik liever wat harder nu ik mijn job fysiek nog aankan, om dan later een stap terug te nemen. Al hoeft rentenieren op mijn veertigste nu ook weer niet.” (lacht)

4. Is het leven voor u een cadeau?

“Mijn leven is tot nu toe absoluut een cadeau geweest, maar wel een waar ik zo nu en dan de verpakking af moest scheuren. Toen ik van mijn achttiende tot mijn twintigste in een depressie belandde, zag ik het leven absoluut niet als een geschenk. Nog altijd zijn er dagen waarop het even niet meer gaat. Ik heb bijvoorbeeld veel last van PMS (premenstrueel syndroom, een verzamelterm voor klachten tijdens de menstruatie, red.). In de dagen voor ik mijn maandstonden krijg, ben ik een emotioneel wrak. Het helpt dat ik ondertussen weet waar al die emotie vandaan komt, zodat ik ze sneller kan relativeren.”

‘Eén keer seks met een jongen was genoeg om te weten dat dat het niet was voor mij.’ Beeld © Stefaan Temmerman
‘Eén keer seks met een jongen was genoeg om te weten dat dat het niet was voor mij.’Beeld © Stefaan Temmerman

5. Wat was de moeilijkste periode in uw leven?

“Dat moet de scheiding van mijn ouders geweest zijn, op mijn dertiende. Op dat moment zijn mijn ouders echt van hun piëdestal gevallen, en kwam er een einde aan het zorgeloze leven dat ik voordien leidde. Ik was net beginnen te puberen, zat in de knoop met mijn geaardheid, en ging naar een nieuwe school waar ik slechte punten haalde. Met mijn emoties stond ik er in die tijd alleen voor. Door de moeizame scheiding kon mijn moeder er niet zijn voor mij, en mijn vader al helemaal niet. Ik ben toen naar Gent getrokken, wat een vlucht was van de allesbehalve gezellige thuissituatie.

“Ook de depressie die ik op mijn achttiende kreeg, heeft me stevig in de klauwen gehad. Mijn zelfbeeld was in die periode ontzettend laag, wat te maken had met het feit dat ik mijn geaardheid nog niet volledig had aanvaard. Gek eigenlijk, want toen ik in het middelbaar aan Sint-Lucas studeerde had ik aan de lopende band vriendinnen. Ik identificeerde me als biseksueel, en niemand keek daar vreemd van op. Maar daarna heb ik dat deel van mezelf toch weer onder de mat geschoven. Ik ben zelfs een tijd opnieuw jongens gaan daten, maar fysiek ging dat gewoon niet.

“Die periode tussen mijn achttiende en mijn twintigste was ontzettend woelig. Vijf dagen per week ging ik uit en zoop ik me te pletter, en de dag erna voelde ik me telkens afschuwelijk. Ik heb in die periode een gigantische eetstoornis ontwikkeld; ik had vreetbuien en gaf over, in een poging om toch een beetje controle over mijn leven te behouden. Dat waren donkere jaren. Mijn gezicht stond voortdurend opgeblazen van het drinken en overgeven. Nu ben ik van die vreetbuien verlost, en daar ben ik blij om, al besef ik dat je zo’n eetstoornis je hele leven met je meedraagt. Ik heb er trouwens permanente schade aan mijn tanden aan overgehouden. Gelukkig is mijn leven vandaag veel gestructureerder en kalmer, waardoor ik niet meer denk ooit nog op diezelfde plek terecht te komen.

“Ook het hele gedoe met mijn vader, anderhalf jaar geleden, is niet evident geweest (Peter Van de Veire werd eind 2020, samen met Sean Dhondt en Stan Van Samang, slachtoffer van catfishing, toen een zekere ‘Eveline’ zonder toestemming naaktbeelden van hen verspreidde, red.). Het gaat plots over je vader, hè, wiens naaktfoto’s over het internet verspreid werden.

“Wat er gebeurd is, daar heb ik natuurlijk een mening over, en die ga ik hier niet delen. Maar wat mensen niet beseffen is dat al die haatdragende reacties niet één persoon raken, maar iedereen daarrond. Mijn zussen en ik kregen plots drek over ons heen. Mensen zeiden dat ik al even erg was als mijn vader wanneer ik een foto van mezelf op Instagram deelde, of noemden me een aandachtshoer. Ik heb die hele zaak nu achter mij gelaten. Het klinkt cru, maar het is het verhaal van mijn pa. Ik wil op mijn eigen leven focussen.”

6. Welke kleine alledaagse gebeurtenis kan u blij maken?

“Voor mijn lief en ik aan onze werkdag beginnen, drinken we samen een koffie in onze vaste koffiebar. Dat is een ritueel dat ik koester. We maken dan even tijd voor elkaar en blikken vooruit op de dag die komt. Nog iets wat we elke ochtend doen voor we opstaan, is een halfuurtje knuffelen. Daar kan ik zo van genieten. Omdat we allebei zo’n intens leven leiden, zeker in de week dat mijn plusdochter bij ons woont, zijn die momenten kostbaar.”

7. Wat biedt u troost?

“Mijn lief, sowieso. Ik slaap ook nog steeds met een knuffel, Meneer Dolfijn, die ik vastpak wanneer ik verdrietig ben. Om de een of andere reden geeft die knuffel me een geborgen gevoel. En mijn plusdochter biedt me veel troost, zonder dat ze het zelf beseft. Ze heeft me in het begin wel even op de proef gesteld, hoor. Maar omdat ik weet hoe het is als je ouders uit elkaar gaan en er daarna een nieuwe partner in beeld komt, kon ik dat gedrag plaatsen. Ik heb er vooral voor gezorgd dat ze zich altijd welkom voelde bij mij. Nu merk ik dat ik geslaagd ben voor de test, en dat ze beseft dat ik haar niet zomaar in de steek zal laten.”

8. Wat is uw zwakte?

“Ik vind het moeilijk om mijn grenzen aan te geven, ook in vriendschappen. Ik ben bijvoorbeeld lang bevriend geweest met mensen die me eigenlijk niet gelukkig maakten. Met velen van hen heb ik het voorbije jaar het contact verbroken. Niet eenvoudig, want het waren vaak mensen die al lang in mijn leven waren. Ik was degene die er altijd was om mee uit te gaan, om toffe dingen mee te doen. Later namen die mensen het me kwalijk dat ik veranderde, en noemden ze me egocentrisch. De mensen die nu overblijven zijn met minder, maar daar heb ik vrede mee.”

BIO

* geboren in Gent op 11 september 1993 * studeerde vrije beeldende kunst aan kunsthumaniora Sint-Lucas * zaakvoerster van Jitske Knipt, met twee kapsalons in Gent en één in Antwerpen * plusmoeder van een dochter van 7 * breekt op Instagram een lans voor bodypositivity * was drie jaar lang woordvoerster van lgbtq+-jongerenorganisatie Wel Jong * is de dochter van (radio)presentator Peter Van de Veire

9. Waar hebt u spijt van?

“Ik heb van weinig dingen spijt, maar hoe ik mijn mama behandeld heb vlak na de scheiding, dat had niet moeten gebeuren. Ik heb, volledig onterecht, al mijn woede op haar afgereageerd. Ik denk dat ik het haar destijds kwalijk nam dat ze er niet voor kon zorgen dat mijn papa bij ons bleef. Heel onfair, want mama is er altijd voor ons geweest, en is dat nog steeds. Toen mijn plusdochter onlangs ziek was, was het mijn mama die ik in het midden van de nacht in tranen opbelde om te vragen wat ik moest doen. Mama en ik hebben het pas vorig jaar voor het eerst opnieuw over die periode gehad. Ze nam me niets kwalijk, zei ze. Dat was toch een opluchting.”

10. Wat is uw grootste angst?

“Ik ben doodsbang van spinnen. Mijn lief heeft dat ook, dus daarin kunnen we elkaar niet helpen. Vroeger was ik bang om vergeten te worden, maar van die angst ben ik gelukkig verlost.”

11. Wanneer hebt u het laatst gehuild?

“Dat moet twee dagen geleden geweest zijn. Ik zat midden in mijn PMS-periode, was slechtgezind wakker geworden en ben met mijn lief beginnen te ruziemaken om niets. Nadat ik me thuis uit de voeten had gemaakt om koffie te halen, besefte ik dat ik mijn ergernissen op haar had afgereageerd. Daar voelde ik me meteen slecht over. Buiten heb ik dan wat zitten blèten, met mijn flat white in mijn handen.”

12. Bent u ooit door het lint gegaan?

“Ik heb ooit een vriend een klap in zijn gezicht gegeven tijdens het uitgaan. We hadden allebei te veel gedronken, en ik had net ontdekt dat hij een van mijn vriendinnen bedrogen had. Toen ik hem die mep in zijn gezicht gaf, ben ik toch even van mezelf geschrokken. Normaal verlies ik mijn zelfbeheersing niet zo snel. Bovendien maak ik meestal alleen ruzie met mensen die ik graag zie. Uit onmacht, vermoed ik.”

13. Hoe was uw kindertijd?

“Tot mijn dertiende was die zorgeloos. Ik groeide op met twee jongere zussen, in een rustige straat in Waarschoot. Mijn mama en papa werkten allebei, maar waren regelmatig thuis. Mijn vader had dan wel een drukke job bij de radio en televisie, hij was heel betrokken bij onze opvoeding. In de zomer brachten mijn zussen en ik het grootste deel van de dag buiten door. We konden de hele tijd met vrienden spelen, gingen met de Chiro op kamp en kregen van onze ouders een enorme vrijheid. Als we helemaal onder de modder thuiskwamen, was dat nooit een probleem. Net omdat mijn kindertijd zo mooi was, was het extra bruut toen hij later plots eindigde.”

14. Wat hing er aan de muur van uw tienerkamer?

“Posters van Tokio Hotel. Ik was een diehardfan, zelfs al stelde hun muziek eigenlijk niet zoveel voor. Even had ik zelfs het plan om met enkele vriendinnen een band op te starten, met als doel om ooit in hun voorprogramma te mogen spelen. Maar uiteindelijk zijn we niet veel verder geraakt dan een optreden voor de mensen van de Chiro. (lacht)

'In mijn appartement staat een grote spiegel. Soms verplicht ik mezelf om naar mezelf te kijken.' Beeld © Stefaan Temmerman
'In mijn appartement staat een grote spiegel. Soms verplicht ik mezelf om naar mezelf te kijken.'Beeld © Stefaan Temmerman

“Ook My Chemical Romance en Johnny Depp hadden een plekje in mijn tienerkamer. Ik was een rasechte emo, kleedde me altijd in het zwart. Omdat ik in die tijd door een hele moeilijke periode ging, heb ik me wel wat in die scene kunnen verliezen.”

15. Waarover bent u de laatste tijd dieper gaan nadenken?

“Over het ouderschap. Vroeger dacht ik dat je, zodra je een kind had, in zo’n typische mama veranderde. Dat vond ik niet interessant of aantrekkelijk. Maar wanneer je plots verliefd wordt op iemand met een kind, wordt je beeld over het ouderschap toch bijgesteld. In mijn geval in de positieve zin, omdat ik nu pas zie hoeveel je uit die band met een kind haalt.

“Ik ben er ondertussen uit dat ik zelf geen kinderen wil. Mijn leven en het gezin dat we nu hebben is fijn en stabiel, en een eigen kind zou dat weer overhoopgooien. En om eerlijk te zijn geniet ik wel van de week alleen met mijn lief. Het is goed zo.”

16. Welk boek heeft voor u een bijzondere betekenis?

Post Office van Charles Bukowski was een openbaring. Het heeft vrouwonvriendelijke passages, wat natuurlijk helemaal niet strookt met hoe ik in het leven sta. Maar de man schreef zo rauw, puur en gedurfd, dat ik meteen al zijn boeken en poëziebundels in huis heb gehaald. Later ben ik Dimitri Verhulst en Herman Brusselmans beginnen te lezen. Ja, ik lees eigenlijk vooral oude mannen. (lacht) Daarvoor vond ik boeken vaak te braaf, en die schrijvers zijn allesbehalve braaf. Dat vind ik verfrissend.”

17. Hebt u ooit een religieuze ervaring gehad?

“Nee, totaal niet. Ik zou graag gelovig zijn, want ik vind het vooruitzicht van de dood beangstigend. Maar het lukt me gewoon niet om te geloven. Jammer.

18. Hoe definieert u liefde?

“De liefde, dat is toch vooral een groot avontuur. Het is het mooiste wat er is, maar tegelijk het moeilijkste. Ik heb in mijn leven twee serieuze relaties gehad. Met mijn ex was ik bijna vijf jaar samen. We zijn samen volwassen geworden, maar zijn uiteindelijk uit elkaar gegroeid. Dat heeft me doen beseffen dat je aan de liefde moet werken.

“Mijn huidige partner is de liefde van mijn leven, daar ben ik van overtuigd, maar we beseffen allebei dat die klik alleen niet volstaat. Onze basis is fantastisch, maar we werken bewust aan onze relatie door bijvoorbeeld samen naar de psycholoog te gaan. En door gewoon veel met elkaar te praten. Ik ben bijvoorbeeld heel emotioneel, en mijn lief vond het in het begin wel vreemd dat ik zoveel huil. Ik heb haar dus moeten leren dat het oké is om veel emoties te hebben. Zij heeft mij dan weer getoond hoe ik mijn grenzen moet aangeven. Het is dus vooral een zoektocht naar balans, want je aanpassen aan elkaar, daar geloof ik niet in.”

19. Hoe kijkt u naar uw lichaam?

(zucht) “Ik heb lang een moeilijke relatie met mijn lichaam gehad. Ik was er ontzettend streng voor, en had een gruwelijk laag zelfbeeld. Het voorbije jaar is mijn lichaam erg veranderd. In een jaar tijd ben ik door te stoppen met drinken en door de stress van het werk twintig kilo afgevallen. Maar hoewel ik ondertussen het lichaam heb dat ik ooit zo graag wilde, merk ik dat mijn hoofd daarin niet wil volgen. Dat is toch die eetstoornis, die nog met me meereist.

“Misschien klinkt dat tegenstrijdig, omdat ik op Instagram altijd zelfliefde predik. Ik doe echt elke dag mijn best om lief te zijn voor mijn lichaam. In mijn appartement staat bijvoorbeeld een grote spiegel. Soms verplicht ik mezelf om naar mezelf te kijken en om vrede te nemen met wat ik zie. Dat lukt steeds beter. De foto’s die ik op Instagram plaats, zijn daar een weerslag van: het zijn momentopnames van dagen waarop ik me goed in mijn vel voel. Die foto delen is dus bijna een vorm van therapie op zich.”

20. Wat vindt u erotisch?

“Mijn lief en ik slapen allebei naakt. Wakker worden in elkaars armen, en voelen hoe onze lichamen elkaar raken, dat vind ik erotisch. Op die momenten voel je je bijna versmolten met elkaar. Het klinkt misschien niet zo spicy, maar ik vind dat heerlijk.

null Beeld © Stefaan Temmerman
Beeld © Stefaan Temmerman

“Mijn kijk op seks is in de loop van mijn leven wel veranderd. Ik werd pas laat seksueel actief, op mijn eenentwintigste, toen ik seks had met een jongen. Eén keer was genoeg om te weten dat dat het niet was voor mij. (lacht) Door daarna seks te hebben met vrouwen besefte ik hoe belangrijk het is om je comfortabel te voelen bij elkaar. De seks met mijn lief is de beste seks die ik in mijn leven heb gehad, gewoon al omdat we ons zo op ons gemak voelen bij elkaar. En omdat we durven te praten over wat we wel en niet prettig vinden.”

21. Hoe zou u willen sterven?

“In mijn slaap, of zo. En liefst snel, zodat ik niet moet beseffen dat ik aan het doodgaan ben.”

22. Wat zou u wensen als laatste avondmaal?

“Puree met appelmoes en witte pens! Bij ons thuis aten we vroeger vaak vegetarisch, en werd de pens vervangen door een kaaskroket. Mijn zussen en ik konden daar zó naar uitkijken; het was een gerecht dat altijd op tafel kwam als er leuke dingen gebeurden. In mijn hoofd is er enkel gezelligheid aan verbonden.”

23. Welke droom hebt u nog?

“Mijn grootste droom is om rust te vinden, op alle vlakken. Ooit droomde ik ervan om een zaak te runnen en om de wereld te veroveren. Dat ben ik nu aan het doen, en dat is leuk. Maar op een bepaald moment zou ik die drukte graag verruilen voor een klein en rustig leventje. Ik denk dan aan een hoeve in the middle of nowhere, waar ik samenwoon met mijn lief en mijn plusdochter. Wakker worden en denken: laat ik de eendjes eens gaan voederen. Dat lijkt me hemels.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234