Dinsdag 22/10/2019

Reportage De Langste Tafel

‘Ik heb geleerd om niet te kijken naar hoeveel een ander heeft, maar hoe weinig’

Beeld Damon De Backer

Al met 30.000 zijn ze, de mensen die een plaatsje hebben gereserveerd aan De Langste Tafel. Een initiatief van Bond zonder Naam om mensen in armoede en ‘gewone burgers’ dichter bij elkaar te brengen. De Morgen-columnist Mark Coenen schoof in Sint-Truiden mee aan tafel voor een speeddate over het leven, vallen en telkens weer opstaan. 

Op weg naar Onder Ons in Sint-Truiden waait op de radio ‘A Town Called Malice’ van The Jam voorbij. Een kwaaie Paul Weller die op een onweerstaanbare beat de crisis in de jaren 80 in Engeland bezingt. “To cut down on beer and the kid’s new gear it’s a big decision in a town called Malice.” 

Mijn town called Malice is voor een avond Sint-Truiden, waar ik heb afgesproken met Anniek Gavriilakis van de Bond zonder Naam (BZN) en de mensen van Onder Ons, die daar een open huis hebben voor arme mensen.

Gavriilakis is de volledig uit naastenliefde opgetrokken furie die zich op bewonderenswaardige wijze inzet voor haar medemens, zonder onderscheid van rang of stand. Haar boodschap is duidelijk. “Het is eigenlijk een schande dat we dit soort van evenementen moeten organiseren”, zegt ze. “Maar we merken dat er echt nood aan is en dat mensen er iets aan hebben. 

“Vandaag is er een steeds grotere kloof tussen ons ‘gewone burgers’ en mensen die in armoede leven. Dit soort ontmoetingen zijn broodnodig. We brengen mensen dichter bij elkaar. Bond zonder Naam staat voor ontmoetingen tussen mensen die elkaar nog niet kennen. Sinds dag één van ons bestaan vechten wij tegen eenzaamheid en uitsluiting. Dat zie je overal in de maatschappij, maar zeker bij mensen die het moeilijk hebben om rond te komen. Het is een zeer kwetsbare groep.”

Samen met Samenlevingsopbouw, de sector die ijvert voor het recht op een menswaardig bestaan voor mensen in maatschappelijk kwetsbare posities, organiseert BZN elk jaar dan ook de Week van Verbondenheid. Daarbij kan je aanschuiven aan De Langste Tafel. Waar kan je elkaar beter leren kennen dan bij een tas soep of een met liefde samengestelde koude schotel?

Dit jaar zijn er al 30.000 mensen ingeschreven. Als men die allemaal aan één tafel zou willen krijgen, dan zou die 15 kilometer lang zijn. De E19 vanaf Mechelen tot voorbij Berchem: één langgerekte gedekte tafel. Een 15 kilometer lange kennismaking bij een boterham en vervolgens levenslang begrip voor elkaar.

De kloof tussen wij die hebben en zij die niets hebben wordt steeds moeilijker te dichten, alle initiatieven die op voorhand trots beweren dat ze er iets aan gaan doen ten spijt. Dat minister Liesbeth Homans (N-VA) tegen zichzelf is aangelopen na haar uitspraak dat ze de kinderarmoede ging halveren, had ook meer te maken met de taaiheid van het probleem en de verkeerde beslissingen dan met de onwil om daar iets aan te doen. Slogans vertalen in beleid dat werkt: het blijft een heikele job.

De maniakale focus op meer jobs, jobs, jobs, is onder meer een negatieve factor in verband met herverdeling. Uit een recente studie van denktank Minerva blijkt dat de evolutie naar een tweeverdienersmodel daar voor een deel tussen zit: wie niet kan rekenen op twee inkomens, ziet zijn relatieve levensstandaard snel achteruitgaan. Alle herverdelingsmodellen om dat te compenseren zijn ontoereikend, waardoor de afstanden tussen mensen steeds groter worden. Alleen is al erg, maar alleen zijn verarmt ook snel.

En dan spreken we ook alleen over zij die al een inkomen uit arbeid hébben. Terwijl er zovelen zijn die overleven dankzij een vervangingsinkomen of een uitkering. Die verzeilen sneller dan ooit in de schemerzone van het leven, waar je net te veel geld krijgt om niet te bezwijken, maar te weinig om een convenabel leven te leiden.

Ik zie bij de gesprekken met de mensen in Sint-Truiden ook dat er niet veel nodig is om in de gevarenzone terecht te komen. Zij die denken dat ze daar immuun voor zijn en dat het alleen de schuld is van die mensen zélf, zullen na het lezen van de getuigenissen hopelijk anders piepen.

Iedereen kan ziek worden of zijn werk verliezen. Iedereen kan opgelicht worden. Iedereen kan alleen vallen. En daarna gaat het razendsnel: een processie van onbegrip, woede, schaamte en vereenzaming.

Dit is niet de zoveelste klaagzang over hoe slecht het met ons gaat, maar een verhaal van overlevers. Moedige mensen die tegen de bierkaai vechten, zittend in een bootje dat dreigt te kapseizen. Maar ze laten zich niet doen en vechten terug. Gesteund door initiatieven als BZN en Onder Ons, die per jaar driehonderd mensen over de dorpel krijgen die hun armoedeverhaal willen delen en bij een kop koffie medestanders en moed vinden om verder te gaan.

Ik sprak met drie mensen die samen met drie collega’s ervoor zorgen dat de bezoekers van Onder Ons een luisterend en vooral een begrijpend oor krijgen. Als voorproef op de Week van Verbondenheid.

Het zijn ervaringsdeskundigen zonder diploma, maar met een groot hart. Van muurbloempjes die zich schaamden over hun lot werden zij actieve vrijwilligers die zonder schroom vertellen over wat ze hebben meegemaakt.

Het ijs moet niet gebroken worden: iedereen vertelt onbeschroomd en honderduit. Een speeddate over het leven, hoe het allemaal zo ver is kunnen komen en hoe niet alles uitzichtloos moet blijven.

Christina (27): ‘Je doet voort, tot je geen oplossing meer hebt’

“Ik ben afkomstig van Leuven. Ik heb twee jaar op straat gewoond met mijn man en kindjes. Die waren toen 5 en 4 jaar oud. Je schrikt van hoe snel zoiets gaat.

“Mijn man had werk in een andere stad, maar dat was te ver van waar we woonden, dus zocht hij ander werk. Dat lukte, maar die firma ging na twee maanden failliet en hij had geen recht op stempelgeld. Van het een kwam het ander.

Gespreksavond in Sint-Truiden (op 16 mei 2019) met mensen die in armoede / eenzaamheid leven, naar aanleiding van de Week van Verbondenheid. Op de foto: Christina. Beeld Damon De Backer

“Wij woonden in een huis waarvoor we 900 euro huur betaalden, waarvan mijn moeder, die bij ons inwoonde, de helft betaalde. Op een bepaald moment stopte dat, omdat mijn moeder vertrok, waardoor we plots voor veel hogere vaste kosten stonden. Die we niet aankonden.

“En dan bleek dat het heel moeilijk is om daar uit te geraken. We wilden goedkoper gaan wonen, maar als je dan naar huizen gaat kijken en je moet zeggen dat je gesteund wordt door het OCMW dat de waarborg gaat betalen, dan kijken veel mensen al snel heel wantrouwig.

“Terwijl het niet was dat we geen geld hadden, ondertussen werkten we allebei opnieuw. Maar we hadden wel een schuld opgebouwd die niet van de poes was: 50.000 euro moeten we terugbetalen. Omdat we geen geld meer hadden, zijn we geld gaan bijlenen, bovenop de lening die liep voor onze auto. Dat liep snel hoog op.

“We hebben in die tijd kunnen rekenen op vrienden, zijn een tijdje bij de vader van mijn vriend blijven slapen, en zo ga je voort en voort tot je geen oplossing meer hebt. We zijn zelfs een tijdje op hotel geweest, met zijn allen op zo’n goedkope kamer. Dat gaat, maar wel maar voor even. We hebben ook in een rusthuis gewoond.

“Je wordt van het kastje naar de muur gestuurd. Wij verbleven een tijdje in Hasselt, maar ik was nog ingeschreven in een andere gemeente. Dus moest ik eigenlijk contact opnemen met het OCMW van die gemeente. Dat was heel verwarrend allemaal. Hasselt, Landen, Diest, Kozen, ik heb veel OCMW’s gezien voor ik geholpen werd. Dat zouden ze toch makkelijker moeten maken voor de mensen: het is onnodig ingewikkeld en ieder OCMW werkt ook op een andere manier. Dat word je op den duur wel moe en dan word ik agressief, dat ga ik niet ontkennen.

“Ik ben heel mondig en ik weet dat je moet volhouden, omdat het lijkt dat iedereen je wil wegduwen in plaats van je te helpen. Je staat er op dat moment heel alleen voor en dat vreet aan je.

“We staan ook nog onder collectieve schuldaflossing. Je krijgt dan zakgeld en voor alle andere extra’s moet je je hand uitsteken. Dat is niet gemakkelijk, maar na zeven jaar zijn die schulden nu wel bijna afbetaald.

“Uiteindelijk hebben we dan na een zwerftocht van twee jaar een woning kunnen huren. Dat gebeurde allemaal vijf jaar geleden. Ondertussen hebben mijn vriend en ik vijf kinderen en gaat het veel beter met ons. Wat er allemaal gebeurd is, heeft ons alleen maar sterker gemaakt. Ge vecht en ge blijft doorgaan: het klinkt simpeler dan het is, maar zo is het. Ik heb altijd geleerd van mijn papa dat het leven iets is van vallen en opstaan en dat zal ik altijd blijven doen.

“Meewerken aan de opvang in Onder Ons heeft ons allemaal geholpen. Soms botsen we, soms botst dat zelfs heel hard, maar we kennen elkaar en alles komt uiteindelijk altijd opnieuw goed. Je moet in de miserie hebben gezeten om miserie te leren kennen en er mee te leren omgaan. 

Wij zijn ervaringsdeskundigen zonder diploma. Iedereen heeft zijn talenten en als je die ten goede gebruikt, dan komt er altijd iets goeds van.”

Ronald (51): ‘Aan een winkelier zeggen dat hij de factuur naar je bewindvoerder moet sturen... Je moet een drempel over, hoor’  

“Ik ben op mijn 18 naar het leger getrokken, daar ben ik zes jaar gebleven. Op mijn dertigste ben ik getrouwd, maar na zeven jaar was het huwelijk voorbij. Ze ging van mij weg omdat ik toen in de psychiatrie zat. Ik had een depressie en een burn-out, die dan later borderline bleek te zijn. Ik was manisch: hoge toppen, diepe dalen.

Beeld Damon De Backer

“Ik ben vier jaar in een psychiatrische instelling gebleven, eerst in de gesloten afdeling. Ik was suïcidaal, ik voelde me mislukt en ik ben ook een perfectionist, en die combinatie is heel gevaarlijk. De dag dat ik binnen ging, wilde ik eigenlijk een kogel door mijn kop jagen, zo erg was het met mij gesteld.

“Ik had een heel mooi inkomen, ik ben beenhouwer van opleiding en was ook Leopard-chauffeur, met zo’n grote tank. Ik vond dat heel leuk om te doen. Ik ben daarna in de horeca terechtgekomen als uitzendkracht, maar ik voelde mij daar niet goed bij. Ik had het gevoel dat de mensen mij niet vast in dienst wilden nemen omdat ze mij niet goed genoeg vonden. 

“Die afwijzing is heel moeilijk voor iemand die streng is voor zichzelf. Iedere keer opnieuw beginnen, dat vreet aan een mens.

“Toen ik uit de psychiatrie kwam, bleek dat mijn ex-vrouw geen enkele rekening meer had betaald: ik zat meteen met een put van een paar duizend euro. En ik was thuisloos en helemaal alleen. De enige oplossing die er was: beschut wonen. Onder begeleiding.

“Eerst leren ze je kennen, dan kan je op een studio gaan wonen en kom je op een wachtlijst voor een sociale woning. Dat is ondertussen gelukt en ik woon nu in een huisje. Zelfstandig. Dat helpt, voor mijn eigenwaarde.

“Ik heb een klein inkomen, zo’n 1.200 euro, maar ik heb geleerd om met weinig geld toe te komen. Ik val ook onder bewindvoering, dus mijn advocaat betaalt al mijn rekeningen en ik krijg weekgeld: 80 euro. Voor eten, tabak en mijn hobby. Daar kom ik mee toe, dat gaat net. Voor andere uitgaven moet ik contact opnemen met de advocaat. Ik vraag aan hem hoeveel ik mag besteden in de solden en dan krijg ik dat bedrag als het er van af kan.

“Ik heb de geestelijke rust om geen enkele rekening te zien. Dat is een groot comfort. Al was het wel een grote stap om de eerste keer aan een winkelier te zeggen dat hij de factuur naar de bewindvoerder moest sturen. Je moet wel een drempel over, hoor.

“Maar het goede is dat mijn schulden terugbetaald zijn en dat ik weer een klein spaarboekje heb. Ik heb weer een buffer: ik weet nu dat als de wasmachine kapot is, ik er een nieuw kan kopen.

“En ik heb een dak boven mijn hoofd. Ik kan nu zelfs voor de eerste keer in tien jaar met vakantie: tien dagen naar Spanje, in november.

“Sinds twee maanden heb ik een nieuwe vriendin. Het is allemaal heel pril, maar wel mooi, want ik heb al wat mislukte relaties gehad. Ik kreeg het gevoel dat vrouwen alleen maar een relatie met mij wilden om van mij te profiteren. Veertien jaar na mijn scheiding ben ik opnieuw op weg om gelukkig te worden. Ze is negen jaar jonger en heeft ook al haar deel van de problemen gehad. Daar kunnen we heel goed over praten.

“Het is allemaal niet vanzelf gegaan hoor, ik heb nog een tijdje in de criminaliteit gezeten. Ik voelde mij niet goed met mijn medicatie en begon drugs te gebruiken om dat te compenseren. Maar met 80 euro per week kun je geen drugs kopen, dus ben ik ook beginnen dealen. Zware drugs: cocaïne, heroïne, speed. Er was hier vroeger veel drugsmisbruik, maar men is strenger geworden en heeft de straten schoongeveegd. Maar de ene runner wordt gemakkelijk vervangen door een andere, hè.

“Ik ben vrij onder voorwaarden. Ik heb geen drang meer om op het verkeerde pad te geraken. Het is niet meer nodig. Mijn grote raad aan de mensen is: wees tevreden met wat je hebt. Dat maakt het u gemakkelijk.

“Misschien heeft uw buurman een auto, maar hoeveel schulden zitten daar op? Ik heb geen auto en geen schulden. Ik heb geleerd om niet te kijken naar hoeveel een ander heeft, maar hoe weinig. Er zijn zoveel mensen die het ondanks alles minder goed hebben dan ik. Dat maakt dat je alles kan relativeren en daardoor word je automatisch contenter.

“Het gras is niet altijd groener aan de andere kant. Ik heb de twee kanten gezien en het is niet waar. Leer tevreden zijn met wat je hebt, dat is mijn grote levensles. Dat probeer ik de mensen die naar hier komen, ook uit te leggen.”

Germaine (67): ‘Ik ben blij dat ik nu andere mensen kan helpen’

“Ik heb geen gemakkelijk leven gehad. Mijn echte papa heb ik nooit gekend, die is twee maanden voor mijn geboorte gestorven aan tyfus, net zoals twee van zijn broers. Ik heb alleen een trouwfoto van hem. En het trouwboekje van mijn oma. Daar stond in dat de drie jongens gestorven zijn aan tyfus. Mijn moeder is dan hertrouwd met een man met wie ze nog zes kinderen bij kreeg. Het was een jeugd met veel problemen. 

Beeld Damon De Backer

“Ik ben in 2005 aan mijn voet geopereerd en daarna heb ik vijf maanden alleen gezeten. Helemaal alleen. Dat was om zot van te worden. Ik zag niemand, behalve een verpleegster. Toen leerde ik iemand kennen van wie ik dacht dat ze een vriendin was, maar die heeft mij gepluimd. Zij ging voor mij boodschappen doen en ik had haar ook mijn bankkaart gegeven. Ze was mijn poetsvrouw. Meer dan 3.000 euro ben ik zo kwijtgespeeld.

“Toen had ik bijna niets meer om van te leven. Ik ben al invalide sinds 1979 en kan niet meer werken wegens zenuwpijnen, waarvoor ik elke dag medicatie neem. Ik ben naar het OCMW gegaan en nu zit ik in bewindvoering, maar dat vind ik niet erg. Ik begin veel te vergeten en dan is zo’n regeling wel handig. En ik kom toe met mijn weekgeld van 100 euro.

“Ik ben in 2009 naar Onder Ons gekomen. Mijn huisdokter zei: ‘Ofwel ga je naar Onder Ons, ofwel laat ik je opnemen.’ Ik was totaal vereenzaamd. De eerste paar keren zat ik hier in mijn hoekje en zei niets, maar dat is voorbijgegaan en nu staat mijn bebber niet meer stil. (lacht)

“Ik ben blij dat ik andere mensen kan helpen. Ik heb een jonge, blinde Marokkaanse vrouw leren kennen die ik help. Ik ga met haar winkelen. Dan zeg ik hoe de dingen eruitzien en als ze iets nodig heeft, zegt ze dat. En dan drinken we daarna een tasje koffie samen.

“Ik kom elke dag naar Onder Ons, elke voormiddag. Dan komen de mensen binnen, die nemen een tas koffie en gaan aan tafel zitten. Sommigen zeggen niets, maar ik snap dat, zo ben ik ook geweest. Maar na een tijd komt iedereen los.

“Geleidelijk aan ben ik hier opengebloeid. Ik ben heel actief en spreek soms zelfs zalen van 250 man toe. Dat zouden ze me vroeger niet moeten gevraagd hebben. Ik zou nu niet meer zonder kunnen.”

De Week van Verbondenheid loopt tot en met 9 juni. Wie zich wil inschrijven, kan dat op weekvanverbondenheid.be.

Wie met vragen zit over zelfdoding kan terecht bij de Zelfmoordlijn op het gratis nummer 1813 en op www.zelfmoord1813.be.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234