Zaterdag 07/12/2019

'Ik heb evenveel voor de Antwerpse economie gedaan als Patrick Janssens'

In de woonkamer staat, naast een mooie foto, een urne met de as van zijn overleden dochter Marie-Rose. Zo is ze toch nog dichtbij. Chris Morel is, als eerbetoon aan zijn dochter, bij de gemeenteraadsverkiezingen opgekomen voor N-VA. Nu wacht de voormalige topmanager, als de Vlaamse Franklin D. Roosevelt, in zijn rolstoel op een schepenambt bij de stad Antwerpen.

Bart De Wever heeft u voor de gemeenteraadsverkiezingen in Antwerpen, als het witte konijn van N-VA, uit zijn hoge hoed getoverd. Bent u tevreden met het resultaat?

"Het konijn is tevreden. Ik ben met 3.166 voorkeurstemmen verkozen in Antwerpen, iets minder dan mijn dochter Marie-Rose zes jaar geleden in Schoten. Met mijn resultaat bezet ik de vijfde plaats binnen N-VA-Antwerpen. De naam 'Morel' heeft gewerkt."

Een omgekeerd testament, noemde u het.

"In de laatste maanden van haar leven heeft Rose het contact met Bart De Wever hersteld. Hoe het is gegaan, weet ik niet, maar het gaf haar kracht, het fleurde haar op. Mijn kandidatuur is ingegeven door dankbaarheid jegens Bart. Als politiek hierboven nog een rol speelt, is Rose er blij mee."

Bart De Wever is het wel zelf aan u komen vragen.

"Na de begrafenis had ik hem niet meer gezien. Maar eind april 2012 nam hij opnieuw contact op, en ik heb één maand bedenktijd gevraagd: ik wilde eerst met de familie overleggen. Eind mei heb ik toegezegd de lijst te duwen."

Waarom is uw dochter in 2004 van N-VA naar het VB overgestapt?

"Bij de verkiezingen van 2003 had N-VA nipt de kiesdrempel gemist; Rose stond als tweede op de lijst, achter Bart De Wever. Zij kon zich niet verzoenen met het bestaan van een cordon sanitaire - op die manier werden veel Vlaamse stemmen waardeloos. Maar het kartel CD&V-N-VA volgde haar niet. En daarop heeft zij zich door Filip Dewinter laten misleiden."

U hebt zelf, uw leven lang, een CVP-stempel gehad. Hebt u haar gewaarschuwd toen ze N-VA verliet?

"Rose had toen nog haar eigen zaak, More Elle, een evenementenbureau. Ik zeg: 'Je weet niet wat je je met het VB op de hals haalt: er zullen véél deuren dichtgaan.'

"We hebben ons alledrie vergist. Ik heb haar de overstap niet duidelijk genoeg afgeraden, zij dacht ten onrechte dat ze het VB salonfähig zou kunnen maken, en Dewinter verkeerde valselijk in de overtuiging dat hij met Rose een leeg- hoofdig poppemieke in huis had gehaald.

"In 2007 heeft ze al verklaard dat de plaat van Dewinter was grijsgedraaid. Toen ze later vragen ging stellen over de wijze waarop Dewinter de partijfinanciën misbruikte, was het hek helemaal van de dam."

De uit de hand gelopen ruzie met Dewinter is haar zuur opgebroken. In een Humo-interview suggereerde ze meermaals dat de politiek haar ziek had gemaakt.

"Ik ben geen medicus, maar ze heeft veel slechte dagen gekend; vanaf 2009 ging het voorgoed verkeerd. Stress zal een impact op haar gezondheid hebben gehad, kan ik me voorstellen."

De begrafenis van uw dochter was, hoe cru dat ook klinkt, voor veel waarnemers een politiek statement. Alleen al het feit dat niemand van de VB-top was uitgenodigd. En Bart De Wever als enige mocht spreken.

"Ze heeft in mijn bijzijn gezegd: 'Valkeniers, Dewinter en Annemans mogen níét op mijn afscheid aanwezig zijn.' Dat Bart zou spreken, heb ik pas achteraf vernomen - na haar dood."

Het moment waarop Bart De Wever voor een volle kathedraal zegt: 'Frank Vanhecke, je bent een grote meneer', en: 'Roosje, blijf in de harten van de Vlamingen tronen als hun hoogste koningin', pakt hij tien procent van het VB binnen.

"Zou kunnen - Rose had een grote aanhang. Het beste bewijs: meer dan 34.000 mensen hebben een doodsprentje van haar aangevraagd."

Misschien heeft ze postuum het cordon sanitaire gebroken?

"Denkt u? Het VB wordt nog altijd niet in coalities meegenomen."

Een veertigtal VB'ers zijn inmiddels bij N-VA onder de pannen.

"De redelijken zijn overgestapt. Dat heeft zij in gang gezet, dat klopt."

Hebt u ja tegen N-VA gezegd op voorwaarde dat Jurgen Ceder ook mocht meekomen?

"Ik heb het uitsluitend voor mijn dochter gedaan, zonder voorwaarden of exclusieven van mijn kant. Maar Jurgen en Rose kwamen uitstekend overeen, dat is waar."

Hebt u inhoudelijke problemen met het VB?

"Het VB heeft zijn verdienste: ze hebben be- paalde thema's op de agenda gezet. Maar zoals die partij zich de laatste jaren profileert: je reinste onzin. Het idee dat je de wereld kunt deglobaliseren, hoe haal je het in je hoofd? Ik heb me boos gemaakt toen het VB, naar aanleiding van de sluiting van Opel, tekeerging tegen de Arabieren, de Chinezen, enfin, tegen zowat iedereen die uit het buitenland kwam. Als je de Chinezen ten onrechte aanvalt, word ik boos."

Sprak de ereburger van Peking en Shanghai.

"Die eretitels heb ik gekregen voor mijn correcte handelswijze en ook wel opdat ik voor hen zou blijven ijveren. Zo slim zijn de Chinezen wel (lacht)."

Een Chinese wijsheid luidt: 'Wat je niet kunt vermijden, moet je omarmen'.

"In een omarming leer je van elkaar. Pas op, ik heb het over een omarming - géén wurging. Je moet leren samen te leven."

Het blijft een raadsel: hoe kan een man van de wereld zoals u, een manager die met ongeveer alle volkeren op deze planeet heeft onderhandeld, sympathie koesteren voor een partij die een terugkeer naar de kerktoren bepleit?

"Laten we wel wezen: ik ben nooit lid van het VB geweest. In 2004 was het antimoslimdiscours van het VB ook niet zo dominant als nu.

"Met Alcatel hadden we twee fabrieken in Istanbul. Nooit heb ik daar iemand met een hoofddoek zien rondlopen. Maar dan kom je hier, en zie je dat het gebruik van hoofddoeken wijdverbreid is. Ik heb de indruk dat wij het zelf in de hand werken, door er zo fel tegenin te gaan. Wat is het probleem als je de ander niet stoort?"

De RTBF noemde uw dochter na haar dood 'een extremiste'.

"Het stoorde me amper. Ik dacht: ze weten niet waarover ze het hebben. Rose was allesbehalve een extremiste."

Zegt u nu: mijn dochter was niet racistisch?

(knikt) "Met haar evenementenbureau had ze een bestand van honderden medewerkers. Velen onder hen waren van buitenlandse origine, jongens en meisjes. Er telde maar één ding: ze moesten hun job goed doen. Rose kon geen raciste zijn, als je ziet waar ze vandaan kwam: hier zijn mensen van alle slag en gezindte over de vloer gekomen."

Na haar begrafenis heeft prinses Astrid u gecomplimenteerd met uw dappere dochter.

"Dat heeft me hogelijk verbaasd, dat compliment in het bijzijn van mijn vrouw én Frank Vanhecke, op een bijeenkomst van 'Kom op tegen Kanker'. U moet weten: ik heb veel handelsmissies onder leiding van Albert meegemaakt. Albert was, voor hij koning werd, voorzitter van de Dienst voor Buitenlandse Handel. Ook Filip hebben we verscheidene keren mee op missie genomen. Hij heeft nog een maand lang in onze fabriek van Shanghai verbleven, samen met ambassadeur Jan Hollants van Loocke. De fabriek was, halfweg de jaren tachtig, hun uitvalsbasis in China. Maar toen ging Rose bij het VB, en verzuurde de relatie.

"Filip heeft in 2004 geprobeerd te verhinderen dat Rose mee op missie naar China ging. Een ijdele poging, want ze ging mee om mijn rolstoel te duwen. Gevolg: Rose mocht wel mee, maar ze moest op vijftig meter afstand van de prins blijven. Een klucht: als we in het hotel ontbeten, zaten we op twee meter van elkaar!

"De Chinezen snapten er niks van. Ik was 28 jaar lang over en weer gevlogen tussen België en China: ze wisten wat we samen hadden gedaan. En dan keek de Belgische prins de andere richting uit als hij mij tegenkwam. Onderschat de Chinezen niet: op zulke momenten kunnen ze stout zijn. Ze haalden mij extra aan om de prins op zijn nummer te zetten.

"Prinses Astrid heeft indirect allusie gemaakt op die trip: 'Iedereen maakt in zijn leven wel eens een fout.'"

Was u indertijd een adviseur van prins Albert?

"Ik werkte voor Bell Telephone (ITT), een van de grootste exportbedrijven van België. Als de prins op missie naar Mexico, Zuid-Korea, China, India of Turkije ging, werden de grootste contracten met Bell Telephone getekend. Dikwijls was ik daarbij. En Albert leverde uitstekend werk."

Is prins Filip van hetzelfde kaliber?

"Nee. Maar mag je iemand verwijten dat hij minder slim is dan zijn vader? Albert was ook uitstekend omringd. En hij wist hoe je met mensen omgaat. Het had zijn charme, met de prins aan het zwembad zitten kletsen."

Bent u een republikein?

"Een koning of een president... (blaast) Zolang ze hun job maar goed doen."

U hebt voluit voor het bedrijfsleven gekozen, al hebt u in het begin van uw carrière even aan politiek gedaan. U bent zelfs OCMW-voorzitter van Merksem geweest. Hebt u getwijfeld?

"Geen moment. Ik heb in de loop van mijn carrière een zevental lucratieve aanbiedingen van andere bedrijven gekregen, maar ik ben er nooit op ingegaan - om één reden: China. Dat land was te fascinerend. Ik kon daar geen afscheid van nemen.

"Wij hebben in China in 1983 de zesde joint venture opgericht - nu zijn er een half miljoen. Het was een totaal andere wereld. De luchthaven van Peking was kleiner dan die van Deurne. Daar haalde je Chinese partner je op, en hij besliste ook in welk hotel je sliep. Als we in een goed hotel lagen, dachten we: de onderhandelingen zitten goed. Een slecht hotel stemde ons ongerust."

Waar komt het op aan, als je met Chinezen onderhandelt?

"Save face, dat is de sleutel. De eer van de onderhandelaar mag niet in het geding komen. Je mag niet vrank en vrij zijn. Wij huldigden één gulden regel: geen Amerikaanse advocaten bij de onderhandelingen - véél te direct (lacht).

"Chinezen hebben ook de neiging onderhandelingen eindeloos te rekken, in de hoop dat hun gesprekspartner zal plooien. Ze gaan daar heel ver in, zo ver zelfs dat westerse onderhandelaars al zelfmoord hebben gepleegd."

Maar u dus niet.

"Ik kwam maandag aan, en ik zei: 'Vrijdag vlieg ik terug.' In het begin geloofden ze me niet, maar mijn eerste contracten heb ik getekend op vrijdagmiddag, in de taxi terug naar de luchthaven. Zoiets doet snel de ronde."

Was u gebrieft over hoe u zulke onderhandelingen moest aanpakken?

"Nee. Telecommunicatie in China, dat waren wij, de ploeg van Antwerpen. Dat was ook mijn troef in Parijs, op het hoofdkwartier van Alcatel (dat ITT heeft overgenomen, red.). Men kon mij niks doen, omdat de Chinezen zeiden: 'Meneer Morel is onze man.' Het maakte me natuurlijk niet populair in Parijs.

"Het cliché over China luidt dat ze je technologie kopiëren: 'Ze tricheren.' Natuurlijk doen ze dat, maar alleen als ze weten dat jouw technologie niet snel genoeg verandert. Dan loont het namelijk. Je móét voortdurend innoveren.

"Onze grootste concurrent in China waren de Japanners. Zij waren goedkoper, maar wij verkochten onszelf beter.

"Laat ik even stout zijn: ik heb evenveel voor de Antwerpse economie gedaan als Patrick Janssens. Hij met woorden, ik met daden. Ik heb in de loop der jaren elfduizend Chinezen één week lang naar Antwerpen laten komen. En wanneer ze naar huis gingen, kregen ze een souvenir: een oorbel met een steentje erin. Met de boodschap: 'Uw vrouw heeft twee oren, het tweede steentje kunt u zelf nog kopen.' In het begin kochten die Chinezen voor kleine bedragen, maar op het eind hadden ze géld."

Het devies van Alcatel was lange tijd: 'Wij exporteren technologie, wij importeren welvaart.' Geldt dat nog altijd? Hebben wij nog technologie te exporteren?

"Export kan alleen blijven bestaan, als je voortdurend nieuwe dingen maakt. Alleen, tegenwoordig moeten we ingenieurs uit het buitenland aantrekken omdat we er te weinig hebben. Dat stel ik me de vraag: waar faalt ons onderwijs? We moeten dringend naar nieuwe toepassingen gaan. Engineering! Een bedrijf als Santens, dat badlinnen produceert, kon het in deze geglobaliseerde wereld niet meer redden."

Bert De Graeve, Julien De Wilde, Jo Cornu, Martin De Prycker, uzelf: Alcatel was vroeger een kweekvijver van talent. Ze zijn intussen allemaal weg.

"Ik kan de neergang ook niet verklaren. Maar als ik op de voorbije dertig jaar terugkijk, moet ik vaststellen dat Singapore, China, Turkije veel sneller zijn gegroeid dan wij. Maar niemand heeft zo'n goed uitgebouwde sociale zekerheid als wij. Onze eerste bekommernis moet zijn: hoe kunnen wij dat systeem in leven houden?"

In De Standaard pleitte u voor een tikje minder democratie.

"Het voordeel van een totalitaire staat is dat je sneller beslist. Je gaat sneller vooruit. Wij moeten ons afvragen: hoe kunnen wij, met ons systeem, nog competitief blijven met de rest van de wereld?

"Als gehandicapte geniet ik ook van het systeem. Maar het verhindert me niet de vraag te stellen: is dat terecht? Heeft iemand anders niet meer behoefte aan steun dan ik? Oké, ik heb veel afgedragen in mijn actieve leven. Maar wat mijn generatie heeft afgedragen, is er nu al lang niet meer. Dus hoe sterk is dat systeem dan nog?

"We moeten onze economie weer aan de draai krijgen. En dan is het niet logisch dat inwijkelingen meteen van de verworvenheden van ons systeem mogen genieten, zonder dat ze zelf hebben bijgedragen. Ons welvaartspeil is nog niet zo erg gezakt als in het zuiden van Europa, maar we moeten onze schulden aanzuiveren. Je kunt vraagtekens zetten bij het globale systeem: moet het altijd meer zijn? Moeten we het niet eerst even opkuisen? Is de indexsprong niet gerechtvaardigd? Moeten de hoge inkomens nog geïndexeerd worden?"

In '84 werd u door ITT wereldwijd verkozen tot 'manager van het jaar'. Het hoogtepunt van uw carrière?

"Een beloning voor het contract met China. Twintigduizend dollar bedroeg de prijs, maar ik zei: 'Ik aanvaard de prijs mits dat we hem met de hele ploeg mogen afhalen.' We zijn met zijn zessen naar New York gevlogen, hebben de prijs gedeeld, en ik kon bij mijn mensen niet meer stuk (lacht)."

Waarom was u goed in zakendoen?

(zucht) "Als ik naar de facts and figures kijk, heb ik het goed gedaan. In een aantal gevallen was ik ook de pionier. Dat vergeten mensen niet: eerlijk duurt het langst."

En dat voor een jongen van 'bachten de kupe'.

"Ik kom uit een West-Vlaams middenstandsgezin. Mijn ouders hadden drie confectiewinkels: in Poperinge, Ieper en Diksmuide. Wij waren met vier kinderen thuis, af en toe staken wij een handje toe in de winkels: ik heb nog modeshows gepresenteerd en als fournisseur met de wagen rondgereden. Zo leer je handel drijven."

En onderhandelen.

"Dat heb ik aan de universiteit van Antwerpen geleerd, eerst als preses, later als voorzitter: je moet met iedereen overeenkomen, maar je probeert wel je slag thuis te halen. Ik kon mensen overtuigen en motiveren. Soms blafte ik ook, maar niet te veel. Blaffen mag je alleen als iedereen inziet dat het fout gaat."

Kickte u op macht?

"Om bepaalde zaken voor elkaar te krijgen, ja. Instrumentele macht. Leiding geven aan mensen in 32 landen lijkt heel wat, maar als je die mensen niet positief benadert, breng je er zelf niks van terecht. Je kunt dreigen met ontslag, maar wat schiet je daarmee op? Intussen kelderen je cijfers en jij gaat mee de dieperik in. Ik geloof meer in motivatie dan in macht. En in de bottom line van Rose: opgeven is geen optie."

U lijdt aan een ongeneeslijke spierziekte. Hoe lang is dat al zo?

"De eerste keer heb ik gesukkeld op Heathrow, toen ik zat te wachten op een verbinding met China. Opeens kon ik niet meer opstaan uit mijn stoel: ze hebben me letterlijk het vliegtuig ingedragen. Bij aankomst in Shanghai heb ik me laten masseren, het leed was geleden. Dat was halfweg de jaren 90. Enkele jaren later kwam het terug: bij een bezoek aan Arlington, het kerkhof van J.F.K., kwam ik geen stap meer vooruit. Mijn vrouw heeft me in een taxi geduwd. 's Anderendaags was het alweer voorbij.

"Ik ben pas echt gaan sukkelen in 2000. Daarom heb ik in 2003, bij de reorganisatie van het bedrijf, gezegd: 'Ik houd ermee op.' Ik kon toen nog een béétje uit de voeten. Maar sinds 2004 zit ik in een rolstoel."

Waar lijdt u precies aan?

"Men weet het niet. Mijn spieren luisteren niet meer naar de instructies die van mijn hersenen komen. Het omhulsel van de zenuwen die langs mijn rug lopen is beschadigd. Ik ben een maand lang door twaalf topspecialisten onderzocht in de kliniek van de communistische partij in Shanghai. 'Wij zullen het wel uitklaren', zeiden ze. Nee, dus. Ze stelden voor dat ik nog zes maanden voor onderzoek zou blijven, maar daar heb ik voor bedankt. Een van de specialisten heeft het vermoeden uitgesproken dat het jarenlange langeafstandsvliegen de zenuwbanen naar mijn onderste ledematen zou hebben beschadigd."

Gaat u achteruit?

(schouderophalend) "Ik kan, naar verluidt, honderd jaar worden."

Hebt u daar vrede mee?

"Heb ik keus? Sinds 2002 heb ik geen ziekenhuis meer bezocht. En ik neem bijna geen medicijnen. Eén injectie per maand: vitamine B-12."

Een mens die de hele wereld heeft bereisd is nu de gevangene van zijn eigen haperende lichaam. En u blijft daar bloednuchter onder.

"Ik ben blij met wat ik heb gehad. Maar prettig is het niet, afhankelijk zijn. Alleen, ik mag daarover niet zagen en zeuren en rouspeteren, dat zou oneerlijk zijn tegenover de mensen die me dertig jaar lang overeind hebben gehouden."

Uw vrouw, dus.

"Ik heb het recht niet te klagen tegenover haar. Zij is het grootste slachtoffer. Wij hadden andere plannen na mijn pensioen.

"Soms discussieer ik over mijn toestand met mijn oudste dochter, die longarts is. 'Papa', zegt zij dan, 'geneeskunde is geen exacte wetenschap.' Als er nog een grote doorbraak komt, zal zij het mij wel melden. Maar om nog een keer alle mogelijke scans te laten nemen? Nee, het is voorbij, ik moet het aanvaarden."

Kunt u wel schepen worden?

"Alles is te organiseren. Ik had mijn auto al willen laten aanpassen, om bij het uitstappen mijn zetel naar buiten te kunnen laten draaien, maar het portier gaat net niet ver genoeg open. Nu wacht ik tot ik zeker ben dat ik iets actiefs in de politiek ga doen, iets wat de moeite waard is. Om één keer per maand naar de gemeenteraad te rijden laat ik mijn wagen niet ombouwen."

Maar voor een ambt als schepen?

"Bouw ik 'm om."

Schepen van Sociale Zaken?

"Zegt me wel wat, ja."

Het voorzitterschap van het OCMW zou, volgens hardnekkige geruchten, naar CD&V gaan. Dan kunt u geen schepen van Sociale Zaken worden.

"Het is niet mijn bedoeling daar met Bart De Wever over te gaan discussiëren. Ik stel mijn kennis en ervaring als bedrijfsleider ter beschikking."

U bent net 67 geworden. Hebt u nog de energie voor lange en zware dagen?

"Mijn programma is een beetje ongewoon: mijn dag buitenshuis begint pas om twaalf uur 's middags. 's Ochtends moet ik, met de hulp van de thuisverpleging, eerst een beetje bijgewerkt worden."

Hoe vervelend is dat?

"Wat je niet kunt vermijden, moet je omarmen."

Spiegelt u zich aan mensen als Franklin D. Roosevelt en Wolfgang Schäuble?

"Zij hebben bewezen dat mensen in een rolstoel ook toppolitici kunnen zijn, ook al horen wij volgens de goegemeente geen politieke functie meer na te streven."

U maakt een statement met uw rolstoel, zoals uw dochter dat met haar ziekte heeft gedaan?

"Ik wil bewijzen dat het kan. Lange werkdagen, van twaalf tot twaalf, zeven dagen per week, ben ik gewend. Alleen zullen de mensen rond mij bereid moeten zijn zich aan te passen.

"Wat ik niet doe, is socializen. Een receptietijger ben ik nooit geweest. Ik ga voor de job."

U hebt de afgelopen jaren zware klappen gekregen met uw ziekte, maar de dood van uw dochter...

(snel) "...was het ergste. Daarmee vergeleken betekent de rest niks. Ik heb een leven voor en na 8 februari 2011."

Hebt u uw dochter soms getroost met uw fysieke problemen?

"Wij moesten Rose niet troosten, ze was van nature een vechter. Toen ze in december 2009 vertelde dat ze kanker had, geloofden we het eerst niet. Het drong niet tot ons door, omdat Rose voorop ging in de strijd: 'Ik heb tien procent kans om te overleven, dat is niet niks.' Wat ze bij zichzelf dacht, weet ik niet. Tegenover ons was ze altijd moedig en combattief. Ze twijfelde niet aan een goede afloop."

Haar zus, die dokter is, zal toch andere dingen hebben vastgesteld.

"Ann-Marie had wel twijfels, maar op den duur ging zij ook meer haar zus geloven dan de medische bulletins.

"Rose is gestorven op dinsdagavond 8 februari. Diezelfde dag stond er nog een column van haar in Het Laatste Nieuws, een stuk dat ze aan haar zus had gedicteerd, met een opgewekte toon: 'Drie kilo winst!' Dinsdagmiddag twaalf uur stak ze in het ziekenhuis haar duim nog om- hoog: alles prima! Maar om drie uur is ze in een coma geraakt.Ze wou ons niet belasten, zeker?"

U hebt haar urne in de woonkamer staan. Is dat niet geweldig confronterend?

"Nee. Zo is ze nog bij ons. Haar as kunnen we later wel verstrooien. 'Doe het maar in Baden-Baden', zei ze. Dat vond ze een prachtige plek. 'En verstrooi het tegen de wind in, zodat de mensen in het zwembad ook nog een deeltje van mij meekrijgen.' Dat was haar humor.

(stil) "Hopelijk kunnen we haar later aan haar zoontjes - haar 'prinsjes', zei ze zelf - toevertrouwen, zodat zij hun mama op gepaste wijze terugkrijgen en weer kunnen loslaten."

Helemaal op het eind is ze ook nog getrouwd met Frank Vanhecke.

"Eén maand voor haar dood."

Een erfeniskwestie, of de bezegeling van hun liefde?

"Uit liefde. En om Frank in de structuur van haar familie onder te brengen. De dag van haar huwelijk was ze zo ziek dat de schepen van Burgerlijke Stand zélf naar Frank thuis is gekomen. Ze is alles bij elkaar een halfuur beneden geweest. De rest van de tijd heeft ze boven op bed doorgebracht. Enkele dagen later zijn ze nog naar Wenen gevlogen voor de ultieme therapie. 'Mijn huwelijksreis', zei Rose, maar drie dagen later waren ze alweer terug thuis. Het ging niet meer. Dat huwelijk was verschrikkelijk intens, op de grens van vreugde en verdriet."

Frank Vanhecke is, door de relatie met uw dochter, alles kwijtgeraakt wat hij in de politiek had verworven.

"Eerst vonden we dat hij, als voorzitter van het VB, een meisje dat meer dan tien jonger was dan hij met rust had moeten laten. Maar de laatste jaren waren we vooral dankbaar dat hij zo goed voor haar heeft gezorgd: hij heeft álles voor haar opzijgezet, om mee te reizen in de odyssee van ziekenhuis naar ziekenhuis. En hoe hij nu met de kleinkinderen omgaat, fantastisch."

Wanneer gaat Frank Vanhecke naar N-VA?

"Over twee jaar? Geen idee."

Spreekt Vanhecke nog met Dewinter?

"Bij mijn weten niet. Hij heeft het VB verlaten voor de wijze waarop Dewinter Rose heeft behandeld. Als ik Dewinter straks in de gemeenteraad tegenkom, geef ik hem een hand maar meer ook niet. Ik kan begrijpen dat je bepaalde dossiers gesloten wilt houden, maar hij is te ver gegaan. En Bart Debie, die champagne dronk op de ziekte van Rose, dat vergeet ik evenmin."

Deed het plezier dat het VB bij de gemeenteraadsverkiezingen door uw partij werd gedecimeerd?

"Ik dacht: de Vlamingen hebben het eindelijk door."

Bart De Wever leek heel gespannen na zijn eclatante succes. Begrijpt u waarom?

"De druk, neem ik aan. Bart ziet er stilaan weer beter uit, al is hij wel veroordeeld om te slagen in Antwerpen. Maar makkelijk zal het niet zijn, zolang Patrick Janssens zijn voet dwars zet. (sneert) "Janssens houdt van 't Stad, zegt hij. Maar hij dwarsboomt wel de duidelijke keuze van de Antwerpenaar."

Het is geen makkelijke combinatie: partijvoorzitter én burgemeester, oproerkraaier én verzoener.

"Hoelang moet hij dat volhouden? Twaalf maanden."

U bedoelt dat Liesbeth Homans De Wever opvolgt?

"Nee, Bart De Wever zal het voorzitterschap opgeven, dat heeft hij gehad. Ook vanuit Antwerpen kan hij zijn mensen in de regeringen en de parlementen sturen. Als hij zich als burgemeester door Homans laat opvolgen, ken ik hem echt niet goed. Op de verkiezingsavond sms'te mijn voormalige secretaresse: 'Zeg aan mevrouw Homans, een ferme madame, dat ze niet doodgaat van het lachen.'

"Volgens mij wil Bart De Wever voor twaalf jaar als burgemeester gaan. Dat zie je aan zijn aanpak: eerst bestudeert hij de cijfers, om een fundament te leggen voor een tweede termijn.

"Enfin, ik zal Bart De Wever melden dat ik geen enkele functie aanvaard als hij niet minstens zes jaar lang aanblijft. En ik wil het op papier."

Playing hard to get.

"Ik hoef er niet van te leven."

En als hij na twee jaar toch naar Brussel vertrekt?

"Dan haal ik mijn papier boven (lacht)."

Intussen wacht u op een ambt dat uw richting moet uitkomen. Bent u zenuwachtig?

"Ik wacht op een werkbare coalitie, zoals ik destijds wachtte op de afloop van een onderhandeling. Dan was ik ook niet nerveus. Dat heb ik van het leven geleerd: plusjes en minnetjes noteer je pas als je aan het eind bent."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234