Donderdag 05/12/2019

'Ik ga door waar Pollock is gestopt'

BUITENBEENTJE. Opschudding in de kunstwereld: een oplichter uit New York verkocht jarenlang valse Pollocks. Ook in Vlaanderen blijft de schilder inspireren. Kunstenaar-cafébaas-bokser Denis De Gloire ziet zichzelf als het verlengde van de action painter.

et werk van Denis De Gloire mag gerust naast dat van Jackson Pollock hangen. Meer zelfs, het werk van Denis De Gloire is beter dan dat van Jackson Pollock. Het evenwicht en de spanning zijn minstens even sterk, de verf is verser.

Dixit... Denis De Gloire.

"Ik ben een fantastisch alternatief voor Pollock-liefhebbers", zegt De Gloire. "Er zijn geen originele Pollocks meer te koop, ze zijn absoluut onbetaalbaar geworden. Tot 110 miljoen euro! Ik toon zijn werk zoals het er moet hebben uitgezien toen het werd gemaakt. Ik ga door waar Pollock is gestopt."

Begin deze maand kwam in New York een schandaal aan het licht. De 54-jarige Amerikaan John Re bekende dat hij de voorbije negen jaar meer dan twee miljoen euro had verdiend door valse werken als originele Pollocks te verkopen. Met de opbrengst kocht hij een duikboot.

"Mijn werk heeft niets te maken met imitatie", aldus De Gloire. "Ik geef gewoon mijn interpretatie van Pollock weer. Ik ben bewust geïnspireerd door Pollock, het is een hommage. Imitatie wordt het nooit."

Maar waarin overstijgt zijn werk de imitatie dan?

"Mijn werk staat op zichzelf", zegt De Gloire. "En daarbij: het gaat niet om wat je schildert, maar om hoe je het doet. Iedereen kan inderdaad verf op een wit doek gooien, maar het gaat om het eindresultaat. Al mijn druppels zijn berekend. Ik weet perfect waar elke verfspat terechtkomt.

"Ik weet ook wel dat de grote kunstkenners zullen zeggen dat ik aan Pollock-imitatie doe. Dan gooi ik graag nog wat olie op het vuur. Iemand die zich kritiek persoonlijk aantrekt, moet niet aan kunst beginnen."

Denis De Gloire is 55. Hij woont en werkt in Waregem. Zijn snor is een verfkwast, zijn leven een baboesjka.

Revanche

De Gloire begon als huisschilder, net als zijn vader. Hij zegt dat hij als het ware in een verfpot is geboren. "Ik herinner me dat mijn vader op een dag razend was. In de krant had hij een artikel over Jackson Pollock gelezen. 'Die onnozelaar smijt verf op de grond en hij krijgt er miljoenen voor', riep hij. 'En ik moet me de pleuris werken voor zeventig frank per uur.' Ik was tien jaar, ik had geen flauw benul van kunst. Maar vanaf dat moment wist ik wat ik later zou gaan doen."

Na zijn legerdienst werd De Gloire bokser, trainer en promotor. Hij begon een boksclub en begeleidde de Nederlander Regilio Tuur naar de top: zeven keer wereldkampioen en eeuwige faam dankzij de Olympische Spelen van Seoel, waar Tuur in de eerste ronde de regerende wereldkampioen Kelcie Banks knock-out slaat.

"Vijftien jaar geleden ben ik uit de bokswereld gestapt en ben ik opnieuw beginnen schilderen", zegt De Gloire. "Aanvankelijk om mijn café, dat ik net had geopend, te decoreren. Maar mijn schilderijen begonnen plots te verkopen en sindsdien ben ik niet meer gestopt."

Zesentwintig jaar na Seoel is Denis De Gloire aan zijn derde café toe. Na De Kroeg en 't Stamineetje houdt hij momenteel De Niets open, een stijlvolle privébar in het centrum van Waregem. Een pint kost er drie euro. De muziek komt van Miles Davis en Mick Jagger.

Meer nog dan cafébaas is De Gloire kunstenaar. Elke dag werkt hij minstens drie uur. Zijn atelier ligt op wandelafstand van De Niets. De wereld van De Gloire is een baken van elegantie in een zee van slappe commercie. Kledingwinkels, broodjeszaken, in Waregem heerst de esthetiek van het uitstalraam.

"Toen ik met kunst begon, wist ik maar al te goed dat iedereen me zou afbreken", zegt De Gloire. "Whatever. Mijn werk is er niet minder mooi om. Het beste bewijs is dat ik na al die jaren eindelijk goed begin te verkopen. Mijn werk hangt in Moskou en Sint-Petersburg en afgelopen weekend heb ik Chinezen op bezoek gehad die zeer geïnteresseerd waren. Het succes is mijn revanche op alle kritiek."

Lepels uit Roemenië

De Gloire behandelt twee uitersten van de abstracte kunst: geometrie en action painting. Inspiratie haalt hij bij zijn grote voorbeelden. Mark Rothko, Mimmo Rotella, Joan Mitchell, Daniel Buren, de drippings van Jackson Pollock.

"Als Pollock duizend werken heeft gemaakt, zaten er misschien zestig drippings tussen", zegt De Gloire. "Allemaal gemaakt op het einde van zijn leven. Maar bij het grote publiek zal hij altijd als action painter bekend blijven. Pollock heeft de kunstwereld opengebroken, akkoord, maar de meeste mensen vergeten dat hij ook sterk beïnvloed was door andere kunstenaars. Net als ik."

Jackson Pollock stierf in 1956. Hij reed tegen een boom, dronken. Zijn aparte manier van schilderen maakte Pollock wereldberoemd. Het was jazz op doek. De doorbraak kwam er dankzij een interview in het tijdschrift Life, met als titel: 'Is dit de grootste levende artiest in de Verenigde Staten?'

De ironische ondertoon is veelzeggend; kritiek heeft Pollock altijd gehad. Zijn drippings zouden betekenisloze explosies van energie en kleur zijn, gebaseerd op toeval en geluk.

"Dat verwijt krijg ik ook vaak", zegt De Gloire. "Veel mensen zeggen dat ze het zelf ook zouden kunnen. Dat het allemaal toeval is. Dan antwoord ik met Pollocks woorden: 'There is no accident.'"

Voor zijn drippings gebruikt De Gloire houten lepels uit Roemenië, het geboorteland van zijn huidige vrouw. "Het moeilijkste is weten wanneer je moet stoppen", zegt hij. "Bij action painting maak je altijd fouten, de vraag is wat je met die fouten doet om het weer goed te maken. Dat is een voortdurend proces. Ik ben intussen meer dan twaalf jaar bezig, ik begin het te weten. Nu pas wordt het interessant, nu ik begin te voelen wanneer ik moet stoppen."

Voor Iedereen beroemd, dat vorige maand een reportage kwam draaien, maakte De Gloire een dripping met een onderlaag van pastelgroen. "Toen ik aan het werk begon, moest ik denken aan mijn vader die ooit de opdracht kreeg om de wachtkamer van een dokter opnieuw te schilderen. Hij haalde de bestaande verflaag van de muren en zo kwam er een groene pastelkleur naar boven. 'Stop maar', zei de dokter. 'Zo is het perfect.' Mijn vader moest zelfs niet beginnen met schilderen. Dat was zijn allereerste opdracht."

Eens bezig, vertrouwt De Gloire op zijn instinct. "Dan denk ik niet veel meer na. Na al die jaren weet ik perfect waar ik mee bezig ben." Het verschil tussen boksen en schilderen is klein, zegt hij. "Ook kunst is een constant gevecht. Een doek van vier meter op twee dat voor je ligt, dat is een arena in which to act. Ik moet de verf op de grond meppen. Anders krijg ik nooit de kleurenexplosie die ik op het oog heb."

De Gloire schildert schilders, zoals anderen landschappen of portretten schilderen. Hij krijgt lof, maar ook dreigmails. 'Blijf weg uit Knokke met je namaakrommel!', schrijven criticasters.

Van de erfgenamen van Jackson Pollock geen nieuws. "Twee jaar geleden heb ik contact gezocht met de Pollock-Krasner Foundation in New York. Overal werd '100 jaar Pollock' gevierd en ik wou een hommage-expo opzetten. Ik heb zeker twintig mails gestuurd, maar ze hebben nooit geantwoord. Dat toont de blasé van de kunstwereld. Ach, mijn tentoonstelling heeft toch maar mooi vierduizend man over de vloer gekregen."

Streep

Niet kwaad voor iemand die nog geen banaan kan tekenen. "Ik heb niet het geluk gehad om academie te volgen", zegt De Gloire. "Hier in Waregem hadden we daar nog nooit van gehoord en mocht ik er thuis over begonnen zijn, dan hadden mijn ouders me opgesloten. Kunstenaars, dat waren zotten. Kunst was not done." Hij heeft zichzelf alles moeten aanleren, zegt hij. De omschakeling van huis- tot kunstschilder verliep zachtjes.

De openbaring was een grijze streep. "Door een bezoek aan het Stedelijk Museum van Amsterdam heb ik beseft dat je ook creatief kunt zijn zonder tekentalent", zegt De Gloire. "Ik was zeventien en het eerste wat ik zag was een groot wit doek met een grijze streep. 'Ja hallo', dacht ik. 'Als dat al kunst is...' Maar wat is me uiteindelijk het meeste bijgebleven? Juist, die grijze streep. Bleek ze van Barnett Newman te zijn en deel uit te maken van een groter geheel dat The Stations of the Cross heet. Prachtig. Hoe langer ik bij die streep stilsta, hoe mooier ik ze vind."

Het is aandoenlijk hoe De Gloire over kunst praat. Hij heeft het over schitterende regelmaat, kleurenspektakels, horizontale en verticale drippings. Hij zegt dat hij nooit op zijn eigen werk uitgekeken raakt. "Soms sta ik naar een werk van mezelf te kijken en weet ik niet meer hoe ik het heb klaargespeeld", zegt hij. "Dan sta ik versteld van mezelf. Wanneer ik aan het schilderen ben, zit ik in een soort roes en vergeet ik alles rond mij. Schilderen is enorm geestig. Ik doe niets liever. Maar met het gedoe en de commercie eromheen lach ik graag."

350 kilogram verf

Titels geeft hij zijn doeken niet. Tenzij om te lachen. "Het is ongelooflijk welke interpretaties bezoekers aan mijn werk geven, alleen op basis van de titel. Als ik een doek After the Goldrush noem, of Start Me Up, of L'été indien, beginnen ze soms verklaringen te geven die ik zelf nooit zou kunnen bedenken. Het is om je vort te lachen."

Behalve drippings maakt De Gloire ook collages met beschilderd papier, recuperatiemateriaal en prenten uit tijdschriften. Humor is zijn handelsmerk. "Ik probeer altijd een knipoog in mijn werk te steken", zegt hij. "En ik toon mijn fouten. Ik steek het werkingsproces nooit weg. Daarom laat ik vaak lege ruimtes in mijn doeken. 'The space in the middle is for you', zei Sam Francis. De kijker mag de leegtes zelf invullen."

Een maand werken levert De Gloire vijftien nieuwe schilderijen op. "Ik werk met dure verf en dure doeken, ik ben steeds bang dat ik geld naar de kloten aan het helpen ben."

Voor een vierluik als De vier seizoenen, tweeëndertig meter lang en volgend voorjaar te zien tijdens een overzichtstentoonstelling in Zwevegem, gebruikte hij driehonderdvijftig kilo verf.

"Mijn grote voordeel tegenover Pollock is de huidige kwaliteit van acrylverf", zegt De Gloire. "Pollock moest met olieverf werken en was van nature nogal ongeduldig. Hij kon niet wachten tot zijn verf droog was. Zo kreeg hij dikwijls vieze vlekken. Ik kan acrylverf gebruiken, dat heeft een korte droogtijd. Gelukkig, want geduldig zou ik mezelf niet durven noemen."

Het werk van De Gloire hangt in de mooiste huizen. Hij verkoopt vooral aan chic volk, zegt hij, dat zijn werk vaak in de slaapkamer hangt. Vooral de kleine doeken. "Ze worden wakker en zien meteen de kleurenpracht van mijn schilderij. Je zou van minder gelukkig worden."

Thuis blijven de muren blank. "Al mijn schilderijen maak ik voor het huis dat ik niet heb en wellicht nooit zal hebben."

Vader De Gloire is al twintig jaar dood. Als kunstschilder heeft hij zijn zoon nooit gekend. Denis schildert voort tot vader op een dag het atelier binnenstapt, Jackson Pollock in zijn zog.

"Mocht Pollock hier plots binnenwandelen," zegt De Gloire, "zou hij het fenomenaal vinden. Daar ben ik zeker van. Misschien zou hij zelfs werken zien die hij graag zelf had gemaakt. Hij is verongelukt drie jaar voor ik geboren ben. Hij was radeloos, hij wist het allemaal niet meer. Waarschijnlijk wou hij een andere richting uit met zijn werk, wie weet zou hij hier zaken herkennen waar hij zelf naartoe had willen evolueren."

Denis De Gloire: color constructor is enkel verkrijgbaar via de kunstenaar zelf. Elk boek heeft een schilderij van De Gloire als kaft. Volgend voorjaar volgt onder meer een grote overzichtstentoonstelling in Transfo in Zwevegem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234