Zondag 23/01/2022

'Ik doe niets anders dan hele dagen vuilnis rapen'

David Sedaris is een fenomeen, in Amerika, waar hij de helft van het jaar volle theaterzalen de slappe lach bezorgt, en in de rest van de wereld, waar zijn boeken al miljoenen keren over de toonbank zijn gegaan. Een gelukkig man, denkt u wellicht, maar niets is minder waar, want een satiricus is altijd teleurgesteld omdat de wereld niet is zoals hij zou moeten zijn. 'Ik zit vol vooroordelen en vastgeroeste ideeën. Ik ben een onmens, ik weet het, en daar ben ik echt niet trots op.'

Voor wie denkt dat wereldwijd literair succes een kwestie is van dikke boeken schrijven, hebben we slecht nieuws: David Sedaris. De gemiddelde lengte van zijn teksten is een pagina of zes en ze zijn net zo verslavend als alcohol of nicotine. Hij schrijft over alledaagse zaken, zoals opgroeien in North Carolina, Frans leren via een postorderbedrijf, het leven in Europa en natuurlijk ook het uitoefenen van twaalf stielen en dertien ongelukken. In feite heeft hij slechts één onderwerp: zichzelf, en dat buit hij schaamteloos uit. "Zo ben ik nu eenmaal", glimlacht hij. "Als iemand mijn dagboek zou vinden, zou hij alles te weten komen over wat ik meegemaakt heb, dat ik bijvoorbeeld hier in Amsterdam een flesje Listerine gekocht heb voor tien dollar, terwijl ik er in New York maar drie voor zou betalen, wat de moeder van mijn vriend Hugh vorige week woensdag tegen me zei en welke film ik laatst zag, maar niets over de wereld buiten mij. Ik weet dat er mensen zijn die zich inzetten voor anderen, en dat zijn ongetwijfeld betere mensen dan ik. Maar jammer genoeg ben ik gewoon niet een van hen."

Moet een schrijver dan geen geweten hebben?

"Ik doe weleens aan politieke satire, maar die stukjes zijn nooit langer dan een paar pagina's. Meer heb ik daar niet over te zeggen. Maar dat betekent niet dat ik een brave schrijver ben. 'Moet dat nou?' krijg ik iedere keer weer als opmerking. Zo schreef ik ooit een kerstverhaal waarin iemand een kindje in de wasmachine stak, waarna het verdronk. In New York wilden ze er een toneelvoorstelling van maken en de regisseur had zware problemen met die scène. 'Moet dat kind nu echt in een wasmachine terechtkomen', vroeg hij, 'dat vinden mensen storend.' Precies wat ik op het oog heb, denk ik dan, dat ze het storend vinden. Ik wil geen mainstream tv brengen waarin niemand nog iets durft te zeggen uit vrees dat iemand zich op de tenen getrapt zal voelen. Neem nu het verhaal 'De berin die geen moeder had' uit mijn laatste boek, wat helemaal over mezelf gaat trouwens, over de manier waarop ik de dood van mijn moeder tot een verhaal verwerkte waarmee ik me bij iedereen zielig kon maken. Mensen vragen me steeds weer waarom ik de berin op het einde van mijn verhaal in een circuskooi laat opsluiten zodat ze voor de rest van haar leven veroordeeld wordt tot het vertellen van haar egoïstische verhaal. 'Dat is toch wreed', zeggen ze dan. En dat is het ongetwijfeld, maar het is een morele fabel. Moet je er Aesopus maar eens op nalezen, een waar bloedbad maakt die ervan. Mijn ideale verhaal maakt de lezer aan het lachen tot op het niveau dat hij zich begint te schamen om zijn lach. Ik denk trouwens dat ieder satiricus een nauwgezet beeld heeft van hoe de wereld zou moeten zijn en teleurgesteld is omdat hij anders is. Ik zit vol vooroordelen en vastgeroeste ideeën, en als je bij mij in een slecht blaadje staat, raak je er niet gauw weer uit. Ik ben een onmens, ik weet het, en daar ben ik echt niet trots op."

Toen u de voorbije zomer voor The Guardian een stuk schreef over de eet- en leefgewoonten van Chinezen, werd u zelfs beschuldigd van racisme.

"Dat was één journalist uit San Francisco, maar hij ving er wel veel aandacht mee. Ik vroeg me nadien af of ik inderdaad iets heb tegen Chinezen, en dat is niet zo. En ik denk ook niet dat China een verschrikkelijk land is. Ik hou gewoon niet van Chinees eten en ik vind het walgelijk wanneer mensen in een hoekje van de lift spuwen. Ik dacht dat we het over dat laatste allemaal eens konden zijn. Chinezen laten hun kinderen in de supermarkt gewoon op de grond schijten, midden in de winkel. Wellicht had ik niet mogen zeggen dat dat smerig is, maar had ik het een cultureel verschil moeten noemen. Wel, zo ben ik niet. Ik vind dat smerig en ik denk dat praktisch iedereen het met me eens zal zijn. Onlangs reisde ik naar de Filippijnen en stond versteld van de welvaartskloof die daar heerst. Er wonen heel rijke mensen, maar de meerderheid is straatarm, schandalig gewoon. Daar kan ik niets over schrijven. Ik kan geen arm land bezoeken en het vervolgens een trap in de rug geven. China daarentegen is een machtig land. Dat voelde anders."

Worden onze tenen steeds langer?

"In de VS is het vandaag zowat onmogelijk geworden om over ras te schrijven. Dat lukt alleen nog in clichés. Wanneer je een zwarte opvoert in een verhaal of roman moet dat een deugdzaam persoon zijn, anders gaat men uit de bol, blanken nog meer dan zwarten. En dan heb je nog het fenomeen van de fact checkers. Omdat men bang is voor de rechtbank gesleept te worden wegens onnauwkeurigheden heeft ieder mediabedrijf tegenwoordig een batterij fact checkers in dienst. Stel dat je een artikel schrijft over iemand uit Obama's kabinet die in private kring een ongenuanceerde uitspraak heeft gedaan over de president. Dan moet je eerst die man opbellen en hem vragen of hij die en die woorden letterlijk gebruikt heeft. Veel kans dat hij ontkent natuurlijk. Op die manier vind ik het verwonderlijk dat er überhaupt nog politieke artikels verschijnen."

Dus schrijft u over dieren in plaats van over mensen, zoals u in uw laatste bundel deed. Weg alle problemen.

"Dat denk je maar. Je kunt je niet voorstellen hoeveel mensen zich herkenden in die eekhoorn of die beer. Het leuke eraan is dat je menselijke personages moet beschrijven terwijl iedereen weet hoe een eekhoorn of een beer eruitzien. Je kan dus meteen beginnen met je verhaal. Vandaar dat mijn verhaal over prairiehonden er uiteindelijk niet in is gekomen. Geen mens weet hoe een prairiehond is, merkte mijn redacteur op. Niemand kan er zich iets bij voorstellen. En hij had gelijk. Mijn dieren maakten ook dat ik minder genuanceerd te werk kon gaan, spijkers met koppen slaan. Tegenwoordig wordt alles zo uitgeplozen en van alle kanten belicht dat de betekenis ervan verdwijnt. Vroeger had je een gruwelijke moordenaar die een onschuldig slachtoffer vermoordde. Tegenwoordig blijkt dat slachtoffer al jaren de dader het bloed van onder de nagels gepest te hebben en die dader heeft ook nog eens een slechte kindertijd achter de rug. Die twee waren elkaar wel waard, denk je dan."

Waar zou u nooit over schrijven?

"Seks. Ik las onlangs een stuk van een man van zestig die beschreef hoe hij een jongen pijpte en die spontaan begon te schijten. Stel je voor dat je bejaarde moeder dat leest, denk ik dan. Ik schrijf zelfs in mijn agenda niet over seks. Wanneer ik optreed is wellicht tien procent van het publiek homo. Wanneer ik het over seks met mijn vriend zou hebben, zou een deel van het publiek denken dat die Sedaris toch niet echt voor hen was. Wanneer ik daarentegen schrijf over mijn leven met Hugh, herkent iedereen zich daarin, ook een hetero. Daar struikelt niemand over. Sommigen vinden dat ik mijn ziel verkoop, maar dat is niet zo. Seks is gewoon mijn onderwerp niet."

Doet u soms weleens iets met het doel er achteraf over te kunnen schrijven?

"Hugh en ik hebben een huis gekocht in de South Downs, een prachtige streek in het zuiden van Engeland. Het is vijfhonderd jaar oud en we hebben het samen opgeknapt. Het is echt idyllisch, met een bos, een steile heuvel, smalle weggetjes en afval zo ver je kunt kijken. Iedereen gooit alles zomaar uit het autoraam, dus ga ik nooit de deur uit zonder een grote plastic zak. Ik doe niets anders dan hele dagen vuilnis rapen. Het is mijn leven geworden en op een bepaald moment dacht ik: hé, ik kan daar over schrijven. Dat is toch ook al iets. Het is op zulke momenten dat ik besef voor de mislukking geboren te zijn. Hier ben ik, in een vreemd land, en ik zal pas gelukkig zijn als ik de mentaliteit van alle inwoners van dat land veranderd zal hebben. Makkelijk toch? Wellicht voelen alle immigranten dat en denken Marokkanen die naar België komen ook: leuk land als die Belgen maar wat minder alcohol zouden drinken."

David Sedaris

°1956, Binghamton, New York.

> Zoon van een Amerikaanse protestantse moeder en een Griekse orthodoxe vader, die samen met zijn vijf broers en zussen opgevoerd worden in zijn werk.

> Werd door de befaamde radiopresentator Ira Glass ontdekt toen hij in een club in Chicago stond voor te lezen uit zijn hilarische dagboek.

> In 1994 verscheen zijn eerste boek, Barrel Fever, een bundel korte stukjes over hemzelf en zijn omgeving. Sindsdien publiceerde hij nog zeven boeken. Het recentste, Eekhrn zkt eekhrn, is een verrassende verzameling dierenfabels die de kleine kantjes van de mens laten zien.

> Woont al dertien jaar in Europa, eerst in Frankrijk en nu in Engeland.

> Werd tien jaar geleden door Time uitgeroepen tot humorist van het jaar en trekt met zijn lezingen in de VS bomvolle zalen. Afgelopen zondag was Sedaris de eerste buitenlandse auteur die optrad in het Amsterdamse theater Carré.

David Sedaris
Steek je familie in de kleren
Van je familie moet je het hebben
Eekhrn zkt eekhrn
Lebowski, resp. 10, 10 en 5 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234