Donderdag 22/08/2019

'Ik doe niet aan verjaren. Ik vier dat ik er nog ben'

Ze noemt zichzelf een zondagskind. Toch is er heel veel in het leven dat de beroemde Nederlandse zangeres Liesbeth List nooit heeft gekregen. Een vader en een moeder bijvoorbeeld. 'Als kind merk je dat niet. Later komen de vragen.'

Door Koen De Meester

Een grande dame, dat is wel het minste wat je van de Nederlandse chansonnière Liesbeth List kunt zeggen. Niet dat ze groot is, maar ze spreekt lichtjes aristocratisch en gebruikt de u-vorm. Toch is ze de vriendelijkheid zelve. Sinds de jaren zestig is haar stem een van de meest kenmerkende van het hele Nederlandstalige gebied. De poëtische kracht die eruit opborrelt, bekoorde niet alleen generaties luisteraars, maar ook een paar van de grootste componisten van onze tijd. List werkte met Jacques Brel, Mikis Theodorakis, Juliette Gréco, Gilbert Bécaud, Charles Aznavour en vele anderen. Inmiddels is ze 65, maar verjaren doet ze niet meer. Niet uit ijdelheid, maar uit een diepgeworteld vergeten van de tijd.

"Ik doe niet aan verjaardagen of getallen. Het heeft te maken met het feit dat ik meestal moet optreden als ik jarig ben. Daarna of daarvoor geef ik geen verjaardagsfeest. Ik heb het zelfs gepresteerd om mezelf een jaar jonger toe te dichten omdat ik het vergeten was. Het gebeurde in een Duits radioprogramma waar ze me met mijn leeftijd confronteerden en ik dat ontkende. Toen zijn ze het voor mij gaan uitrekenen! Als vriendinnen de 30 passeerden, raakten ze helemaal ziek. Vreemd hoor. Op een bepaald moment werd ik 50 en toen dacht ik: nou, en? Alleen het getal is er. Je moet eigenlijk vieren dat je er nog bent."

Zijn er voordelen aan ouder worden?

"Jazeker. Je hebt alles al een keer meegemaakt. Je komt niet meer voor verassingen te staan. Je weet problemen op te lossen. Als je jong bent, raak je vooral in paniek."

Uw start in deze wereld was anders niet gemakkelijk. Uw eerste levensjaren bracht u in een Japans gevangenenkamp door en daarna heeft uw moeder zelfmoord gepleegd. Later kwam u in een weeshuis terecht en uiteindelijk bij pleegouders. Hoe zwaar was dat?

"Ik heb het overleefd. Kijk, als kind merk je dat allemaal niet. Je hebt nog geen vergelijkingsmateriaal. Een kind is soepel. Als je veel meemaakt in het begin, dan is alles wat er later op je pad komt normaal. Pas in je puberteit ga je nadenken... Ik moest mijn jeugd nooit verdringen, want ik heb die gebeurtenissen niet bewust meegemaakt. Op een bepaald moment komen de vragen echter wel: wie zijn mijn vader en mijn moeder? En dan rijzen de problemen. Gelukkig had ik mijn vak en kon ik mijn vreugde en leed uitschreeuwen op het toneel."

Was de ontmoeting met Ramses Shaffy een redding?

"Niet echt, ik was altijd een heel positief ingesteld jong mens. Ik wou beroemd worden, dat had ik zo besloten. Als tiener was ik een grote fan van Shaffy, maar dat was iedereen. Ik heb het geluk gehad door hem ontdekt te zijn. Wat mijn vak betreft, ben ik een zondagskind. Ik heb nooit hoeven te vechten en als je dat beseft, dan kun je het leed verdragen. Mijn vader of moeder waren weg, dat was mijn lot, maar ik heb wel al de rest gekregen."

U hebt sinds kort contact met uw halfzussen.

"Ik wilde nooit met ze praten omdat we niet samen opgegroeid waren. Tien jaar terug zat ik als de hoofdgast in een programma van Astrid Joosten, De show van je leven. De verrassing was dat mijn halfzus uit Nieuw-Zeeland op een groot scherm verscheen. Je zag me in elkaar krimpen, ik wilde dat niet. Toen ze het had over 'mijn vader' werd ik zelfs innerlijk boos, het was immers 'onze vader'. Mijn gezicht sprak boekdelen. Astrid vroeg of ik mijn zus wilde zien en ik heb nee gezegd.

"Later bleek dat de redactie een video van het programma naar mijn zuster had gestuurd. Ik hoorde dat en vond het heel erg, want ze zou mijn blikken ook wel begrepen hebben. Maar een half jaar later belde ze me op vanuit Duitsland en dat kwam zo verschrikkelijk vertrouwd over, alsof ik haar al die tijd had gekend. Toen heb ik gezegd: kom maar. Via haar heb ik mijn vader leren kennen en dat was heel bijzonder. Hoe hij was, wat hij deed... Die drie dagen vielen enorm mee, het bleek dat we dezelfde inborst hadden. Sindsdien houden we voortdurend contact."

Je zus valt ook te zien in de alomgeprezen documentaire Liesbeth List - Heb me lief, die eind 2006 uitgezonden werd. Maakte dat veel los?

"Deborah Van Dam was al maanden aan het filmen toen mijn zuster kwam. Deborah is zo goed in het zichzelf en haar camera wegcijferen dat we voluit praatten. Daardoor is die documentaire ook zo sterk geworden. Ik heb er duizenden mails over gekregen, mensen met dezelfde achtergrond. Mannen en vrouwen die ook een gat in hun ziel hadden omdat ze hun vader en moeder niet hebben gekend. Kinderen die hun ouders niet kunnen traceren of waarvan de vaders of moeders geen zin hadden om hun weggegeven kind te ontmoeten... Het programma is in Nederland als een bom ingeslagen."

U hebt met een aantal van de allergrootsten gewerkt, onder meer Jacques Brel en Mikis Theodorakis. Hoe kwam u bij hen terecht?

"Ik heb ze niet opgezocht, ze kwamen op mijn pad. Brel is zelfs naar Nederland gekomen om een film met mij op te nemen. Het script werd geschreven door Hugo Claus en de regie was in handen van Harry Kümel. Het betrof een kleine liefdesgeschiedenis over twee mensen die uit elkaar zijn gegaan en elkaar toevallig weer in een hotel ontmoeten. Prachtig. Brel was een geweldenaar. Bij film moet je vooral wachten en hij was ondertussen toch zo aimabel. De man was een genie zonder sterallures. Later heeft hij me nog de gouden lp voor mijn Brelplaat uitgereikt en ik ben naar de première van L'homme de la Mancha in Brussel geweest."

En Theodorakis?

"Hij heeft mij uitgekozen om zijn Mauthausencyclus te zingen. Ik heb heel veel contact met hem gehad, telkens als hij naar Nederland kwam, bracht hij een bezoek. Ook hij is wars van alle pretentie. Muziekmaken is zijn grote passie, maar dat hebben ze allen, Brel, Shaffy..."

Hoe gaat het nu met de gezondheid van Ramses Shaffy?

"Hij heeft Korsakov, maar slaat zich er wonderwel doorheen. Zijn geheugen van de dag van gisteren is er weer en daar zijn de dokters heel verrast over. Normaal komt dat niet meer terug. We treden weer samen op. Eén liedje maar, want dan is het genoeg. We hadden vorig jaar een hit met het liedje 'Laat me/Vivre'. Hij zingt dan in het Nederlands en ik neem het Frans voor mijn rekening. Wij zitten vaak in het programma van Paul De Leeuw. Dan komt Ramses als een oude man op, gaat op een kruk zitten en zingt nog steeds als vroeger. Iedereen staat enthousiast recht, want het is een wonder. Ik neem hem vaak mee, omdat hij dan helemaal opveert.

Zullen we hem nog zien bij ons?

"Een producent heeft bij ons een vedettengala opgericht omdat oudere sterren in Nederland niet zo gekoesterd worden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Frankrijk, waar Aznavour of Gréco ook nu nog op handen gedragen wordt. Bij ons is men een zangeres vergeten zodra ze een jaar niet op de tv verscheen. We hebben er zo heel wat en men heeft mij gevraagd om de spits af te bijten. Afgelopen september heb ik een eerste vedettengala gedaan met Ramses Shaffy, Frank Boeijen, Paul De Leeuw, en dat gaan we ook in Antwerpen en Gent doen, in september. Ik graai uit ruim 40 jaar repertoire en dan blijken er toch heel veel prachtige liederen voor mij geschreven te zijn."

Een ervan is 'Pastorale' door Boudewijn de Groot en Lennart Nijgh. Is dat een hoogtepunt?

"Het is een van de klassiekers. Terwijl wij - Ramses en ik - indertijd niet begrepen waar het over ging: 'Mijn hemel, blauw met gouden hallen, mijn wolkentorens, ijskristallen, kometen, manen en planeten, ah, alles draait om mij.' Dat was pure rederijkerstaal!"

Frank Boeijen wordt vaak de architect van de renaissance in uw carrière genoemd. Klopt dat?

"Zeker en vast. Er was een periode waar de grote shows en musicals in waren en ik niets meer goed kon doen. De kritieken waren allemaal vernietigend en de mensen kwamen niet meer naar de zalen. Toen had ik iets van: nu moet ik ophouden. Ik ging met loden schoenen naar de voorstellingen en tobde eindeloos over wat de plaatselijke kranten nou weer over me gingen schrijven. Ramses heeft me gezegd dat ik de kritieken niet meer mocht lezen, omdat ik met die woorden in mijn hoofd op het toneel ging staan. Ik besloot te stoppen, maar toen kwam Boeijen. Hij heeft me weer op de kaart gezet, schreef een cd voor mij en produceerde die. De plaat kreeg een Edison en ineens kwam iedereen opnieuw langs. Ik kreeg ook een rol in de musical Piaf en sindsdien heb ik niet meer omgekeken. Zelfs België heeft me weer ontdekt, ik denk aan de tournee van het Kleinkunsteiland. Op dit moment zit ik ook in de show van Ivo Niehe."

Wat was de beste periode uit uw leven?

"Er zijn er heel veel, maar de allerbeste was toen ik en mijn man een kind hebben gekregen. Dat valt niet te beschrijven. Vooral omdat het op de valreep gebeurde en ik geacht was geen kind te kunnen krijgen. Dat maakte het allemaal nog veel intenser en mooier."

U bent ook door de Franse staat tot Ridder gekroond. Hoe vond u dat?

"Ik besefte vooral dat ik in dezelfde rij sta als Spielberg, Karel Appel, Josephine Baker, Edith Piaf. Ik was al tweemaal geridderd in Nederland, maar toch meer onder de indruk van mijn Franse titel. Ik vraag me nog steeds af hoe ze bij mij terecht zijn gekomen."

Bij uw komende show in de Roma zult u ook Vlaamse gasten ontvangen.

"Johan Verminnen ken ik natuurlijk al heel lang. Ik ben ook blij dat Kathleen Vandenhoudt meedoet. Ik heb haar leren kennen tijdens de Kleinkunsteilandtournee. Daar heeft ze Eva Deroovere vervangen. Ik wist niet wie ze was. Toen begon ze te zingen en ik vond het zo mooi. Dat heb ik haar gezegd en ze werd daarop heel verlegen, maar ze heeft een prachtige stem. Ik kijk er echt al naar uit."

Liesbeth List treedt zondag 4 februari 2007 om 15 uur op in De Roma in Borgerhout, met gastoptredens van Johan Verminnen, Mich Walschaerts (Kommil Foo) en Kathleen Vandenhoudt.

www.nekka.be

Oudere sterren worden in Nederland niet zo gekoesterd als bijvoorbeeld in Frankrijk. Bij ons is men een zangeres vergeten zodra ze een jaar niet op de tv verschenen is

Een weeskind met een onvergetelijk en bruisend leven

Liesbeth List werd op 12 december 1941 als Ellie Driessen geboren in Bandoeng in Indonesië. Haar kleuterjaren brengt ze door in een Japans interneringskamp. Als haar moeder na de terugkeer in Nederland zelfmoord pleegt, wordt Ellie door haar vader in een weeshuis geplaatst. Wanneer echter blijkt dat ze geen wees is, moet ze er weg en wordt ze ondergebracht bij betaalde ouders in Alkmaar. Haar stiefmoeder hoort tijdens een vakantie op het eiland Vlieland dat een vrouw graag een kind zou adopteren. Zo komt Ellie terecht bij vuurtorenwachter List, die haar de nieuwe voornaam Liesbeth geeft.

Als ze 18 is, vertrekt ze naar Amsterdam en in 1962 komt ze in contact met de Nederlandse zanger Ramses Shaffy. Met hem zingt ze tal van bruisende, onvergetelijke nummers. Ook in Vlaanderen maakt ze een grote indruk, onder meer op het razend populaire Knokkefestival in 1965. Twee jaar later verschijnt Liesbeth List zingt Theodorakis. De lp met daarop de beroemde Mauthausenliederen over de concentratiekampen is een van de eerste artistieke hoogtepunten van de Nederlandstalige muziek. In 1968 verschijnt Pastorale, waarop het schitterende duet van dezelfde naam met Ramses Shaffy. Een andere onvergetelijke Listplaat is Liesbeth List zingt Jacques Brel, waarop ze Brel in het Nederlands brengt, met onder meer 'Brussel'.

In de jaren zeventig blijft ze hits scoren, waaronder nog een heerlijk duet met Shaffy, 'Aan de andere kant van de heuvel'. Ondertussen zingt ze ook samen met buitenlandse artiesten als Rod McKuen en Charles Aznavour. Tevens komt er werk van haar uit in de VS, Frankrijk, Italië, Duitsland en Engeland. Na 1980 wordt het stiller rond haar persoon. Pas halfweg het vorige decennium leeft haar carrière weer op, mede dankzij Frank Boeijen, die een paar cd's voor haar produceert. Later speelt ze in diverse musicals, waaronder Piaf en Het hemelbed. Eind vorig jaar werd de ophefmakende documentaire Liesbeth List - Heb me lief in de week van haar 65ste verjaardag uitgezonden. (KoDM)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden