Zaterdag 16/01/2021

'Ik denk nog steeds in krantenkoppen'

Pieter Broertjes was vijftien jaar lang hoofdredacteur van de Volkskrant. Een dik jaar geleden werd hij tot verrassing van velen én van hemzelf burgemeester van mediastad Hilversum. Sindsdien wordt hij genadeloos aangevallen in De Telegraaf en leert hij hoe het is aan de andere kant van de journalistieke slagboom. 'Ze hebben me neergezet als een laffe PvdA'er.' Michel Vandersmissen

De 60-jarige Broertjes houdt kantoor in het fraaie stadhuis in het Dudok-park. Volgens sommigen is het gele, modernistische raadhuis van architect Dudok een van de mooiste van Nederland. Zijn tv-toestel staat op het livedebat in de Tweede Kamer waar Mark Rutte en Diederik Samson hun tweede regeerakkoord verdedigen. Niet onbelangrijk voor Hilversum vermits het nieuwe kabinet flink gaat bezuinigen bij de omroepen. En die zijn allemaal in Hilversum gevestigd. "Hier werken rechtstreeks 6.000 mensen voor radio en tv en onrechtstreeks nog eens 13.000. 25 procent van onze inkomsten komt van die mediabedrijven." Broertjes vreest ontslagen en meer werklozen in Hilversum.

Het is 17 uur en het raadhuis loopt stilaan leeg. "Onze burgemeester doet hier meestal het licht uit", lacht zijn secretaresse. "En 's morgens doe ik vaak het licht weer aan, want net als in mijn tijd bij de Volkskrant sta ik om 5.30u op om mijn vijf kranten te lezen."

De gewezen hoofdredacteur is niet groot, maar zijn strak lijf en grijze kop staan op zelfvertrouwen. Broertjes is een vent die alles onder controle wil hebben. Hij heeft het interview, een van de eerste sinds zijn aantreden, goed voorbereid. Twee kantjes papier volgeschreven met enkele gedachten die hij belangrijk vindt om de wereld in te sturen.

Vroeger kookte deze socioloog van opleiding eenmaal per jaar voor de redactie van de Volkskrant. Vanavond wil hij dat nog eens overdoen voor zijn Vlaamse gast. Dat gebeurt in zijn appartement in Hilversum en ook daar is alles prima geregeld. De gehaktballetjes zijn gedraaid. De jus moet enkel worden opgewarmd en voor het witlof heeft hij een recept uit een krant geknipt. Als ik hem zeg dat het recept uit hetNRC Handelsbladkomt, de oude vijand van deVolkskrant, grijnst hij breeduit. "Nou, als het eten je niet bevalt, kun je altijd zeggen dat het komt door die rotzooi uit de krant van Peter Vandermeersch."

Bijna drie jaar geleden kreeg u de boodschap dat de mediagroep PCM, waarvan de Volkskrant een onderdeel was, werd overgenomen door De Persgroep van Christian Van Thillo. Was dat schrikken?

"Ze hadden enkele jaren eerder ook al eens belangstelling getoond, maar toen was het te duur. In het begin was er veel weerstand bij de Volkskrant: Moeten we dat wel willen, vroegen velen zich af. Ik heb die tegenspraak laten gebeuren. Maar na twee, drie gesprekken met Christian Van Thillo heb ik min of meer intuïtief de knoop doorgehakt. Toch beter dan dat De Telegraaf hier aan boord was gekomen.

"Met Van Thillo en zijn entourage kreeg je het gevoel dat het echte krantenmakers waren. Dat was voor mij doorslaggevend. En dat vind ik nog steeds. Bij hetNRC werd hij heel koel en kil ontvangen. Bij ons hartelijker. Daar is Van Thillo gevoeliger voor dan je zou denken."

Denkt u dat dit bij hem heeft meegespeeld om nadien hetNRC te verkopen en niet de Volkskrant?

"Zeker. Hij vond dat hij niet naar waarde werd geschat bij hetNRC. Toen we eenmaal de beslissing genomen hadden, zijn we er dan ook meteen helemaal voor gegaan. Dat is mijn stijl. Natuurlijk zijn er later meedogenloze gevechten met hem gevoerd over hoeveel mensen eruit moesten en zo. Maar al bij al had en heb ik toch het gevoel de Volkskrant in een veilige haven te hebben aangemeerd."

Toch moet het pijn gedaan hebben, overgenomen te worden door 'die Belgen'. Toen Belgacom de Nederlandse sectorgenoot KPN wilde kopen, verklaarde een topman dat hij nog liever werd overgenomen door Amerikanen dan door Belgen.

"We hebben er toch even over moeten doen om dat te aanvaarden. Het was natuurlijk opmerkelijk dat de eigenaar van De Morgen, toch een kleine krant in onze ogen, sorry (lacht), ons overnam. In België is het legaal dat een krantenuitgever een tv-station mag runnen. Dat kan niet in Nederland. Daardoor waren de Nederlandse krantenuitgevers veel kwetsbaarder geworden."

Ook omdat PCM door de vorige eigenaar, het Britse durfkapitaalfonds Apax, financieel leeg gevreten was.

"Natuurlijk. De stichtingen die de kranten bezaten, hebben de maatschappelijke en commerciële veranderingen nooit kunnen opvangen. Die stichtingen waren ook geen partij voor Apax."

Uitgever Jaak Smeets vertelde later in Vrij Nederland dat de betere krantenmakers in Vlaanderen zaten en de betere journalisten in Nederland. Bent u het met hem eens?

"Op een bepaald ogenblik moesten we overschakelen naar het formaat van een tabloid. Ik was daar eerst niet voor. Ik vond dat formaat niet passen bij een kwaliteitskrant. Dat beeld is in tien jaar tijd helemaal gedraaid.

"Maar hoe maak je zo'n ding? Daar heeft Jaak Smeets ons goed geholpen. We moesten een enorme spurt plaatsen om dat snel te realiseren. Dat gaf een goed gevoel. De overnemer komt ook iets brengen, in plaats van alleen maar iets halen."

Wat voor een soort hoofdredacteur was u?

"In mijn idee heel hands on. Terwijl ik de laatste jaren steeds meer in beslag werd genomen door andere niet-journalistieke taken. Het echt maken en samenstellen van de krant liet ik over aan mijn adjuncten en chefs, maar ik had dag en nacht contact met hen."

Het is een vak dat niet iedereen aankan, zei u bij uw afscheid.

"Het is topsport. Je moet constant rekening houden met veel belangen en natuurlijk is er die dagelijkse deadline. Daar ben ik nu uit. Mijn god, wat een slopend ritme. Elke dag maak je goede en slechte keuzes en daarop word je meteen afgerekend. De mensen zeggen dat ik er beter uitzie. Ik denk omdat die deadline er niet meer is. Op een krant moet je elke dag leveren. Hier in het stadhuis zijn de termijnen langer, maar is het actieveld breder."

De traagheid van bestuur moet u toch mateloos ergeren.

"Ergeren is een te groot woord. Werken in een gemeentelijke bureaucratie is wel iets waaraan je moet wennen. Er zijn mensen die zeggen: hij loopt harder dan de gemiddelde ambtenaar, hij denkt sneller en hij is eigenlijk nog steeds een krant aan het maken. Daar word ik ook regelmatig op teruggefloten. Dan vertelt een wethouder mij: 'Burgemeester, daar ga je niet over. Daar zijn inspraakprocedures voor en die duren zeker zes maanden. Ik ben al een ongeduldig mens, dus die termijnen zijn lastig.

"Maar ze zien ook wel dat er hier en daar snelheid in komt. Ik denk heel oplossingsgericht. Als je een brief krijgt, dan kun je een brief terugschrijven, maar je kunt ook de telefoon nemen. Dat doe ik. Ik zeg dat vaak tegen mijn medewerkers: 'Heb je al gebeld? Doe dat nou even.' Dat versnelt enorm. Dat is ook een beetje journalistiek: wat op je afkomt, wegwerken. 's Avonds moet je bureau leeg zijn.

"Je kunt het verschil maken door je aanpak. Door burgers bij elkaar te brengen. Na ruim een jaar in Hilversum kan ik zeggen dat wij als bestuur niet genoeg leveren, niet accuraat genoeg optreden. Tegen burgers met klachten, mag je niet zeggen dat ze een jaar moeten wachten op een oplossing. Zo verliezen ze het vertrouwen in het bestuur.

"De vroegere staatssecretaris Jacques Wallage zei onlangs dat onze samenleving nog te verticaal is georganiseerd. Hiërarchisch. We lossen alles op van boven naar beneden. Maar de mensen zijn horizontaal georganiseerd. En ze zijn relatief autonoom. De kiezer van vroeger die om de vier jaar zijn stem gaf, is verdwenen. Hij wil elke dag zijn stem laten horen. Dus als je niet communiceert of slecht communiceert, dan krijg je een volksopstand zoals net gebeurde bij de VVD (De Nederlandse liberale partij, red.) die een slecht regeerakkoord onderhandelde over de zorgpremie. We moeten van een regelgedreven naar een resultaatgerichte maatschappij."

U heeft ooit gezegd: hoofdredacteur zijn is ook een beetje Tweede Kamertje spelen.

"(lacht) Ja. Ik ben een man van draagvlakken. Dat werd me ook wel eens verweten. Neem toch gewoon een besluit, zei men. Maar dat deed ik niet graag als ik niet zeker was dat daarvoor een breed draagvlak was. Ik probeer mijn zin te krijgen, maar gesteund door de kritische massa. Ik maak graag en veel ruzie met bazen, maar bijna nooit met mijn met mijn redactie."

Nochtans beschreef uw adjunct Arie Elshout in zijn afscheidsspeech...

"O god, heb jij dat gelezen?"

...dat u aardig beledigend kon uithalen. Is dat zo?

"Ik kon wel eens uit mijn heup schieten. Mijn zoon Bas zat eens naast mij in de auto. Hij was een jaar of tien en ik kreeg ruzie met mijn uitgever aan de telefoon. Hij kon dat volgen. Ik was woedend over een of andere campagne die mislukt was. Hij had mij nooit zo gezien. Later zei hij me: met jou moet je echt geen ruzie krijgen. Toch was ruzie maken niet echt mijn stijl."

Wanneer u 's morgens de Volkskrant leest, foetert u dan?

"Dat valt mee. Ik vind de krant heel plezierig. Een enkele keer erger ik me over een columnist die er wat mij betreft niet in gehoeven had. Ik mis soms een invalshoek. Bijvoorbeeld recent met die zorgpremie. Ik had wel een verhaal willen lezen over hoe alle ministers van die regeling persoonlijk beter werden omdat ze in de hoge inkomens zaten. Dat systeem klopte niet. Dan moet ik me bedwingen. Vroeger stuurde ik nog wel eens een mail naar de redactie. Daar ben ik mee gestopt. Ik sms nog wel, maar alleen om een compliment te geven."

Heeft u nog contact met de huidige hoofdredacteur Philippe Remarque?

"Laatst nog tijdens de zomer. Hij nodigde me uit voor een diner. Hij had wat proefpagina's mee van de nieuwe lay-out. Wat vind jij ervan?, vroeg hij. Dat vond ik geweldig. Ik voelde meteen weer kippenvel."

Toen ik u onlangs zag in Brussel en we over de krant spraken, dacht ik: die man mist zijn vroegere baan elke dag.

"Ik volg de actualiteit natuurlijk nog bovenmatig. Die verslaafdheid aan het nieuws is er nog steeds. Maar ik leer nieuwe facetten kennen. Ik wil bewijzen aan de journalisten en bestuurders dat ik dit vak echt wel beheers. Dat is een erezaak. Maar ja, ik mis het soms. Ik was laatst op werkbezoek bij de plaatselijke krant Gooi en Eemlander. Ik had zin om naast de eindredacteur te gaan zitten en me te bemoeien waarmee hij de volgende dag de krant zou openen.

"Ik denk nog steeds in koppen. Als we een discussie hebben met de raad of met de communicatiemensen, dan zeg ik wel eens: als je dat zo naar buiten brengt dan lees je morgen die kop in de krant. Wil je dat of wil je dat niet?"

Zijn er dingen waarvan u nu zegt: dat had ik beter niet gedaan bij de Volkskrant?

"Ik heb nog een gratis krant Dag gelanceerd. De vierde gratis krant in Nederland, maar we waren te laat. Daar hebben we veel geld mee verbrand."

Hoe doet uw oude vijand het? HetNRC van Peter Vandermeersch?

"Ik ken Peter redelijk goed. Het NRC is extreem veranderd sinds zijn komst. Wij hebben dat geleidelijker gedaan. Ik heb altijd geleerd dat je journalistieke veranderingen op tempo moet doen. Niet te veel gelijk. Het is als een vliegtuig: als je te veel verandert, dan stort het ding neer. Het NRC doet wel heel veel tegelijkertijd en ik vind ze soms op hol geslagen.

"Toch is het knap dat je als buitenstaander, zoals Peter uit België, de zaak zo snel aanpakt. Vandermeersch is echt wel een macher. Hoe hij in een jaar de krant totaal verandert, zodat van het DNA van de krant weinig meer overblijft. Het gevolg is dat het NRC en de Volkskrant dichter bij elkaar zijn gekomen."

De kranten gaan door zwaar weer. Hoe moet dit verder?

"Ik ben ervan overtuigd dat de papieren krant alleen kan overleven als ze goed gecombineerd wordt met een digitale versie. Maar we weten nog steeds niet goed hoe we die digitale versie moeten verkopen. Ik vertelde je daarstraks dat ik blij ben verlost te zijn van de dagelijkse deadline, maar ik ben ook blij dat ik me 's nachts niet langer suf pieker over de vraag of mijn krant er over tien jaar nog zal zijn. Er blijft zeker een behoefte aan goede journalistiek, want mensen zijn hongerig naar nieuws en duiding ervan. Alleen is de vraag welk platform ze daarvoor gebruiken: hun iPad of hun krant? Maar in beide gevallen is dat verdienmodel cruciaal en dat is nog onduidelijk.

"Tien jaar geleden dacht ik nog: alles gratis. Toen mijn zoon vijftien was, zei hij tegen mij: laat me niet betalen voor die vk.nl, want dan kom ik er nooit en ik geloofde hem.

"Nu zie je wel dat steeds meer kranten delen van hun aanbod achter een betaalmuur steken, maar dat betekent dat je daarmee geen redactie op de been kan houden zoals in de beginperiode van mijn hoofdredacteurschap."

Hoe bent u burgemeester geworden?

"Ik heb gesolliciteerd. De vorige burgemeester, Ernst Bakker, kende ik goed. Hij wist dat ik weg was bij de Volkskrant, dat ik de media goed ken en Hilversum is een mediastad. Hij vertelde mij dat hij over een jaar ging stoppen en dat zijn baan echt iets voor mij leek. Ik moest er eerst om lachen. Eigenlijk lachte iedereen met dat idee, ook mijn echtgenote, maar tegelijkertijd zei iedereen dat ik het moest doen.

"Ik zat thuis als zelfstandige en ik miste de mensen om mij heen en dus heb ik die sollicitatiebrief maar geschreven. Mijn eerste zin in die brief aan de commissaris van de koningin was: kan een oud-hoofdredacteur burgemeester van Hilversum worden? In twee bladzijden heb ik die vraag positief beantwoord. Er waren dertig kandidaten, elf gingen door naar de tweede ronde en uiteindelijk ben ik het geworden. Tot verrassing van velen. Mijn vrouw had me nog gezegd: 'Pieter je bent te oud, je hebt de verkeerde vooropleiding en lid van de verkeerde partij, de PvdA (De Nederlandse sociaaldemocratische partij, red.)'."

U was lid van de PvdA, als hoofdredacteur?

"Ja. Iedereen wist het, maar dat hebben ze me altijd gegund. Ik ben lid sinds Den Uyl in 1974, mijn groot idool."

Maar u werd burgemeester, hetgeen bedoeld was als een halve grap.

"Een redacteur schreef me een mail: 'Mooie stunt, Broertjes'. Zo voelde ik het ook aan. Maar ik heb het zelf gedaan. Al dat gedoe in De Telegraaf dat ik het te danken had aan mijn lidmaatschap van dePvdA, klopt gewoon niet."

U bent aangeduid als burgemeester. In België moet je verkozen worden door de inwoners. Dat lijkt me  democratischer.

"Ik ben daar sterk voor. Omdat je dan je eigen team en je eigen programma kan kiezen en dan kan je vier jaar rammen. Hier worden de wethouders (de schepenen, red.) verkozen en word ik daar bovenop geplakt. Sommigen vinden dat prima, anderen helemaal niks. Zij hebben een democratische legitimatie en ik niet en dat wordt soms in vergaderingen tegen mij gebruikt."

Nu staat u aan de andere kant van de journalistieke grens. U wordt geïnterviewd en men schrijft over u en niet omgekeerd zoals vroeger. Vooral in De Telegraaf wordt u flink aangevallen. U zou te laks optreden tegen herrieschoppers. Een afrekening van uw gewezen journalistieke tegenstanders?

"Zo ervaar ik dat niet. Ik heb er wel last van. Ze hebben me neergezet als een laffe PvdA'er. Het tegendeel is waar. Ik heb meteen cameratoezicht georganiseerd, meer blauw op straat, een beter contact met de horeca, met de portiers, etcetera. Want ik had wel in de gaten wat er aan de hand is. Ik zat er er bovenop. Dat is mijn aard.

"Maar ik heb geen bewijs dat het om een afrekening ging. Ik heb ook aan de verleiding weerstaan om contact te nemen met de hoofdredacteur van De Telegraaf ."

Uw ouders vonden het niet prettig dat u voor een linkse krant ging werken. Bent u nog zo links als vroeger?

"(zonder aarzelen) Neen, maar ik ben wel een keurig lid van de PvdA. Toen ik jonger was, geloofde ik in Che en in de maakbare maatschappij. Ik ben nog wel een even grote idealist als vroeger, maar pragmatischer."

Mijnheer Broertjes, u bent onlangs 60 geworden. Wat komt er nog?

'Ik blijf hier burgemeester tot mijn 65ste en zou dan kunnen doorgaan tot mijn 70ste. Maar mijn echtgenote vermoordt me als ik dat doe."

Maar u gaat dat wel doen. Want u bent burgemeester geworden om erbij te horen, om mee te tellen.

"(denkt lang na) Ja, dat klopt, maar ook om het verschil te maken."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234