Zondag 29/11/2020

'Ik denk dat ik maar eens emigreer'

In Frankrijk slepen de media haar van tv-studio naar tv-studio. Ze zien haar als de Europese evenknie van Clarice Sterling (Jodie Foster) uit Silence of The Lambs, maar dan in het echt. De Fransen laten zich vreselijk in de luren leggen, zo moest woensdag blijken uit een documentaire op RTBF. Ex-justitieministers Stefaan De Clerck en Tony Van Parys kwamen getuigen dat Carine Hutsebaut helemaal geen psychologe, victimologe of wat dan ook is. Ze is gewoon een oplichtster, heette het. 'Ik word hier zó verschrikkelijk moe van. Ik denk dat ik maar eens emigreer.'

Douglas De Coninck

Haar moeder belde net. "Ge staat in de Paris-Match!" Stem van de vader op de achtergrond: "Nee, het is La Dernière Heure! En ze schrijven dat er iets op tv is geweest waaruit bleek dat ge een oplichtster zijt, en dat ge helemaal niks hebt gestudeerd."

Zo gaat het al de hele week door. Nog altijd terend op een allang verloren reputatie, is het RTBF-programma Au Nom de la Loi in het Waalse landsdeel bij elke uitzending talk of town. In de publicaties van pakweg het steuncomité voor Julie en Mélissa is het programma een poos geleden al omgedoopt in Au Nom de Quoi?, want de makers lijken zich langzaam maar zeker een reputatie te willen opbouwen als pr-dienst voor de georganiseerde misdaad. Seizoen na seizoen speurt Au Nom de la Loi naar getuigen, politiemensen en magistraten die het hebben gewaagd iets te zeggen ten nadele van een witteboordcrimineel, een maffiabaas of een kinderontvoerder. De uitkomst van het "journalistieke onderzoek is" - verrassend - altijd identiek: deze persoon vormt een gevaar voor de maatschappij.

Woensdag was de Vlaamse Carine Hutsebaut aan de beurt. Aanleiding: de hype omtrent haar werk in Frankrijk. Het was zij die tien jaar geleden als enige inzicht verwierf in het brein van de Nederlandse tweevoudige kindermoordenaar Christian Van Geloven. Ze correspondeerde intensief met de man - zo'n 600 brieven gingen over en weer -, zocht hem meermaals op in de gevangenis en getuigde tijdens het assisenproces in Perpignan. Volgens haar hadden Van Gelovens ouders best mee in de beklaagdenbank mogen zitten. "De manier waarop ze hem hadden opgevoed kon model staan in een cursus: hoe maak ik van mijn kind een pedofiele seriemoordenaar?" Erg open stonden sommigen voor die invalshoek niet. In een Belgische kranten kreeg Hutsebaut het verwijt dat ze de kant van Van Geloven had gekozen.

Een volgende gelegenheid tot controverse was de verdwijning van de kinderen Kim en Ken Heyrman in Antwerpen. Daar vroeg een onderzoeksrechter haar om een een daderprofiel op te stellen. Achteraf haalde ze zwaar uit naar de speurders, die tegen beter weten in moeder Tiny Mast tot hoofdverdachte bleven uitroepen en het lijk van de kleine Kim, eens opgevist uit een havendok, fijnzinnig omschreven als "een hoer in een witte kist".

Carine Hutsebaut: "Dat is dus het Belgische politiewezen. Vingerafdrukken, bandensporen, een keer hard roepen tegen een verdachte tot die spontaan bekent. Dát kunnen ze. Heel macho allemaal. De meeste politiemensen en magistraten vinden vakgebieden als daderprofilering of victimologie alleen interessant in de film. Er zijn uitzonderingen, natuurlijk, zoals onderzoeksrechter Decoux in Leuven, met wie ik samenwerkte in de zaak van de verdwenen Nathalie Geijsbregts."

Studeren deed ze onder meer aan de universiteit van Liverpool (investigatieve psychologie), het Gracewell Instituut in Birmingham, de American University of Washington en het internationaal centrum voor criminele wetenschappen in Parijs (victimologie). Stage liep ze bij de FBI in Quantico. Ze kreeg les van ex-FBI-agent Roy Hazelwood, een mondiale expert in onderzoek omtrent seksuele delinquentie. Dat deed ze ook bij professor Emilio Viano in Washington. Hij geldt als een expert inzake victimologie. Viano staat de FBI geregeld bij, als die geconfronteerd wordt met een serial killer van wie men wil begrijpen waarom die net dát type slachtoffer uitkiest en geen ander. Ze is ook lid van de Academy of Behaviour Profiling in California, het orgaan dat de wereld voorziet van échte Clarice Sterlings. Daar wordt ze af en toe uitgenodigd om lezingen te geven voor laatstejaars.

In 1996 schreef ze over haar werk in Kinderen houden niet van krokodillen. Haar tweede boek, Profession: profileuse verscheen enkel in het Frans. Frankrijk is haar nu eenmaal gunstiger gezind dan België. In de Franse verkooplijstjes stond haar boek vorige week op nummer 22. Bijna alle kranten, van Le Monde over Libé tot Le Parisien, zijn vol lof. Al maandenlang wordt ze van tv-studio naar tv-studio gesleept, tot bij PPdA en Ciel mon mardi. Inmiddels is er ook een tv-serie, Brigade Spéciale, waarin Gouden Palm-winnares Isabelle Renauld de rol van Carine Hutsebaut vertolkt.

De wereld, Frankrijk op kop, laat zich echter in de luren leggen door een oplichtster, zo kon Au Nom de la Loi woensdagavond melden. In een bijna een halfuur durende reportage werd Hutsebaut genadeloos de pan in gehakt. De kinderrechtencommissaris van de Franse gemeenschap Claude Lelièvre, een journalist van Le Soir (de man die ooit het parket in Neufchâteau assisteerde bij de inval bij de zogenaamde satanische sekte Abrasax), de Brusselse substitute Marianne Thomas en ex-justitieministers Stefaan De Clerck en Tony Van Parys getuigden dat ze over "geen enkel diploma psychologie of psychiatrie" beschikt. Sterker nog, die ene keer dat ze voor justitie een expertise mocht uitvoeren, zou ze op zeer pijnlijke wijze door de mand zijn gevallen.

Hutsebaut: "Ik ben nu bezig met een drievoudige moord in de States en een verdwijningszaak in Hongarije. Ik krijg telefoon uit een of ander Aziatisch land - ik weet al niet meer welk - waar een uitgever mijn laatste boek zit te vertalen. In oktober moet ik naar New Jersey voor een lezing, georganiseerd door de Academy of Behaviour Profiling. En al die mensen, al die deskundigen verspreid over de hele wereld, die zouden allemaal te lomp zijn om in te zien dat ik eigenlijk een oplichtster ben die wat prietpraat verkoopt? Hier in België is het altijd hetzelfde. Alles gaat terug op datzelfde kringetje."

Ze doelt op kinderrechtencommissaris Claude Lelièvre, met wie ze sinds 1992 op voet van oorlog leeft. Hij richtte destijds een werkgroep op die zou gaan waken over de rechten van het kind. Hutsebaut werd erbij geroepen. Het klikte niet echt. "Een van de verantwoordelijken van dat hele gedoe was een man die in mijn dossiers door verschillende slachtofers was aangewezen als pedofiel. Dus zei ik: sorry, hier doe ik niet aan mee."

Wat volgde, was niets minder dan een vendetta. Bijna overal waar Hutsebaut opduikt, snelt Lelièvre haar achterna om haar contactpersonen te waarschuwen voor "dat mens". En als Franstaligen gaan lobbyen, dan doen ze dat met stijl. Haast overal waar ze komt, zeult ze een koffer vol diploma's mee. "Al is dat ook niet altijd de goede aanpak. Op sommige functionarissen heeft die Lelièvre zo intensief ingepraat dat ze straal de andere kant opkijken als ik hen mijn cv wil tonen. Een voorbeeld. Au Nom de la Loi zou dus die reportage maken, uitgaand van en eindigend bij de stelling dat ik totaal onbekwaam ben. Ik krijg die journalist, Georges Georges Huercano-Hidalgo, aan de lijn en zeg: 'Wel, dat treft. Toevallig is professor Emilio Viano, mijn vroegere docent in Washington, momenteel in Brussel. Als u zo graag wilt weten hoe dat zit met mijn opleiding, vraagt u het aan hem.' Kijk, het volstaat om te combinatie 'Emilio' en 'Viano' in te tikken op internet en vast te stellen welke referenties er te voorschijn komen. Anders gaan ze straks nog beweren dat ook hij fake is. Ik geef die lui dus alle informatie en zelfs zijn nummer in Hotel Arlequin in Brussel. Die vent interviewen was trouwens een vrij unieke gelegenheid, want zo vaak is die niet in Europa."

En toen?

"Toen niks meer. Van die Huercano-Hidalgo kreeg ik een mailtje terug: 'Ik dank u voor uw inlichtingen. Het spijt me dat ik uw telefoontjes niet kon beantwoorden, maar ik lag aan mijn bed gekluisterd met een zeer venijnige griep.' Mijnheer had griep. Woensdag zat hij wel, kerngezond, in de studio zijn 'journalistiek onderzoek' toe te lichten. Ja, het is algemeen bekend hé dat ons land momenteel getroffen wordt door een verschrikkelijke griepepidemie (lacht)."

Volgens u weigerde de RTBF doelbewust kennis te nemen van de realiteit?

"Hoe moet ik het anders noemen? Ik word hier zo ontzettend moe van. Kijk, hier is het nummer van Viano. Bel hem zelf."

Hallo, mijnheer Viano. Klopt het dat...

"Oh, ik heb er al van gehoord. Ik heb hier tv op mijn hotelkamer. Ik moet zeggen: ik ben héél blij voor miss Hutsebaut. Dit is zowat het mooiste compliment dat een van mijn leerlingen ooit kreeg."

Excuseer?

"Het gaat in alle minder ontwikkelde landen inzake daderprofilering zo. Gerecht, politiediensten en zogenaamde hulpverleners voelen zich bedreigd omdat daar plots iemand out of the blue met nieuwe ideeën en technieken aankomt waar zij niks van kennen. Dus gaan ze wat zitten stoken om hun eigen positie veilig te stellen. Zo'n film als Silence of the Lambs is natuurlijk fictie, maar in de praktijk krijgen deskundigen net zo goed te maken met obstructie. Het is simplistisch om te zeggen: zo'n seriemoordenaar is een monster, en moet op de elektrische stoel. Mij lijkt het interessanter dat je zo'n case bestudeert, zodat je in de toekomst door zo iemand uitgestuurde signalen beter leert te begrijpen en zijn handelswijzen kan doorgronden. Nu, het vergt een hoop overgave om je in de psyche van zo'n man te verdiepen. Er zijn er maar weinig die dat kunnen opbrengen. Miss Hutsebaut tracht dat te doen. Het is perfect logisch dat ze op zere tenen trapt. Als ik zie hoeveel energie er in België kan worden verzameld om in prime time zoiets uit te zenden, zeg ik: congratulations!"

Volgt u haar werk nog?

"Absoluut. Ze doet het prima, zoals nu wel bewezen is. Ze gaat heel eerlijk, toegewijd en professioneel te werk."

Hutsebaut beweert dat u eventueel bereid was de RTBF te woord te staan.

"Dat klopt. Ik ben nu in Europa op pad met 69 studenten van de College of Law van de American University. We hebben een zwaar programma. Dit viel een beetje slecht, maar goed. Ik heb zitten sleutelen aan mijn agenda en vond een gaatje om die mensen van dat tv-station te ontvangen. Ik heb er verder niks meer van gehoord. Toen ben ik maar een uurtje gaan wandelen in de stad."

In Au Nom de la Loi was ook heel wat te doen over de rol die Hutsebaut zou hebben gespeeld in de zaak-Dutroux. Kinderrechtencommissaris Claude Lelièvre ging in 1997 tegenover de commissie-Verwilghen getuigen dat ze zich kort na de verdwijning van Julie en Mélissa had binnen gewerkt bij de ouders en voor hen, lang voor er sprake was van Marc Dutroux, ongevraagd een "daderprofiel" had geschetst. Daarvan, aldus Lelièvre, klopte niets. Volgens hem kwam Hutsebaut melden dat de kinderen 24 uur na hun ontvoering al waren vermoord. "Ik vind het bijzonder schokkend dat zo iemand zoiets komt vertellen", aldus Lelièvre in Au Nom de la Loi. Hij kon het weten, want zelf stond hij in die periode naar eigen zeggen heel dicht bij de ouders.

Vier jaar geleden was ongeveer elk Dutroux-achtig dispuut goed voor de opening van een officieel gerechtelijk onderzoek bij het Brusselse parket. Dat was in dit geval niet anders. Na een klacht van Hutsebaut kwam er zelfs een onderzoeksrechter bij te pas, Patrick De Coster. Die liet op 13 augustus 1998 Gino Russo convoceren in zijn kabinet om een verklaring af te leggen over hoe dat nu zat met die rare mevrouw Hutsebaut. Een paar passages uit het verhoor van Gino Russo in het dossier 12/8/98: "Carine Hutsebaut heeft voor ons inderdaad een portret geschetst van de dader. Ik herinner me dat het volgens haar moest gaan om een man van in de veertig, een recidivist, die zeker bekend moest zijn bij het gerecht (...). Ik geloof dat ze ook sprak van een medeplichtige (...). Zij had het over een koppel en zei dat de dader zich minstens wist te verschuilen achter een koppel. Later, na de arrestatie van de schuldige, was ik geschokt door het feit dat de beschrijving van mevrouw Hutsebaut zo dicht bij de realiteit zat."

In de tekst van verhoor legt Gino Russo ook nog uit dat er een lid van de BOB van Seraing aanwezig was toen Hutsebaut in zijn huiskamer haar bevindingen toelichtte en dat die haar onmiddellijk wou meetronen naar de rijkswachtkazerne om daar een officiële verklaring af te leggen.

"Mijn man heeft zich daar toen nog tegen verzet", verklaart Carine Russo, wanneer zij op 13 augustus eveneens ten kantore van de onderzoeksrechter moet verschijnen. "Het waren wij en niét de rijkswacht die om de assistentie van mevrouw Hutsebaut hadden gevraagd." Over Claude Lelièvre verklaart Gino Russo: "Bij zijn tweede bezoek aan ons is hij spontaan over Carine Hutsebaut begonnen. Volgens hem was zij een soort zottin of iets van die strekking. Hij beschouwde haar als een beginnende heks, of zoiets (...). Ik heb nooit begrepen waarom hij zo'n houding aannam. Hoe dan ook, ik heb altijd mijn afstand bewaard ten overstaan van die man. Ik was veeleer geneigd om Lelièvre niet te vertrouwen (...) Mevrouw Hutsebaut heeft zich nooit, op wat voor wijze dan ook, aan ons opgedrongen."

Hallo, mijnheer Lelièvre?

"Ik heb geen kennis van die verklaringen. Luister, ik betwist ook niet dat haar daderprofiel gedeeltelijk juist was. Ik heb het wél lastig met het feit dat zij in juli 1995 in een Vlaamse krant een interview gaf om te vertellen dat Julie en Mélissa volgens haar 24 uur na hun ontvoering al waren overleden, terwijl de kinderen op dat ogenblik, zoals we nu weten, vrijwel zeker nog in leven waren."

Dat klopte dus inderdaad niet?

Hutsebaut: "Maar dat heb ik verdorie nooit beweerd! Een Vlaamse journalist heeft zoiets in mijn mond gelegd, waarop ik meteen een rectificatie heb gestuurd. Lelièvre weet dat best, maar 'vergeet' dat liever te vermelden. Die gaat gewoon door met zijn kruistocht."

Hallo, mijnheer Lelièvre?

"Ik heb geen weet van zo'n rectificatie."

Had u dat dan niet beter eerst even geverifieerd?

"Pfft. Ik heb in de commissie-Dutroux de waarheid en niets dan de waarheid gesproken. Ik ben sinds 1992 binnen de Franstalige gemeenschap belast met het waken voor het welzijn van kinderen. Dat is mijn opdracht. Als ik klachten krijg over iemand die zich 'experte' noemt en dat kennelijk niet is, dan ben ik verplicht het parket-generaal in te lichten. Wat ik dus ook heb gedaan. Et c'est tout. Mevrouw Hutsebaut mag vertellen wat ze wil."

Ook ex-justitieminister van Tony Van Parys (CVP) mocht opdraven in Au Nom de la Loi. Om te verklaren: "Slechts in één zaak is mevrouw Hutsebaut gerechtelijk expert geweest. Eén zaak slechts. Terwijl zij de indruk gaf dat zij in verscheidene dossiers penaal of gerechtelijk expert is geweest. Dus was ons antwoord zeer duidelijk: wij hadden onze twijfels bij de kwaliteiten als gerechtelijk expert van mevrouw Hutsebaut. Vanwege een gebrek aan ervaring en een gebrek aan opleiding."

Vreemd toch, zo beroemd zijn in de rest van de wereld en zo onbemind in België. Is Hutsebaut nu gerechtelijke experte of niet? We trachtten het uit te zoeken, en dat bleek helemaal niet zoveel moeite te kosten. Op 18 augustus 1998 ontvangt Carine Hutsebaut van de procureur des konings in Brussel deze brief: 'Betreft. Uw kandidatuur als deskundige. Verwijzend naar uw verzoek van 17 juni 1998 heb ik de eer U ter kennis te brengen dat uw naam zal worden opgenomen op de lijst van de deskundigen waarop de magistraten van mijn ambt een beroep kunnen doen (...). Ik dank u bij voorbaat voor uw medewerking, die ongetwijfeld zeer waardevol zal zijn voor een billijke rechtsbedeling.'

Dat is slechts één uit een hele reeks gelijksoortige erkenningen van verscheidene rechtbanken en parketten. Desgevraagd stuurt Hutsebaut ons ook nog een eindeloze sliert faxen met documenten die verwijzen naar interventies in vier grote Belgische assisenzaken en 24 door de media uitvoerig besproken correctionele zaken. "Momenteel heb ik 209 dossiers in behandeling", zegt ze. "Dat zijn lopende zaken, en daar kan ik dus weinig over kwijt. Maar ik kom tijd te kort, ik hol van hot naar her. Ik kan de aanvragen van magistraten amper verwerken."

Eén zaak, mijnheer Van Parys?

Tony Van Parys: "Ja kijk, ik heb mij gebaseerd op de informatie zoals ik die in april 1999 heb opgevraagd bij de administratie van Justitie. Ik heb dat toen laten uitzoeken, omdat ik daarover in het parlement werd geïnterpelleerd. Mevrouw Hutsebaut is één keer, in 1995, opgetreden als experte en daarna nooit meer. Haar naam kwam niet voor op de lijsten van in België erkende deskundigen."

Er ligt hier een document voor mij van 18 augustus 1998. Toen was u toch minister van Justitie?

"Ik heb geen reden om te denken dat de inlichtingen die verstrekt werden door mijn administratie niet zouden kloppen."

Dit document ziet er anders wel verdacht authentiek uit.

"Kijk, het kan natuurlijk altijd dat de informatie van de administratie net niet terugging tot augustus 1998."

Maar Hutsebaut werkte in de vroege jaren negentig al voor onderzoeksrechters in Leuven en Antwerpen?

"Wat natuurlijk altijd kan, is dat zij buiten een officiële vraag van het parket optrad. Omdat een onderzoeksrechter het interessant vond om zo iemand eens een daderprofiel te laten opstellen, of op vraag van de burgerlijke partijen. Ik vind het allemaal een beetje raar. Nadat ik in het parlement in alle eerlijkheid had meegedeeld wat mijn administratie over mevrouw Hutsebaut kon melden, heeft zij mij gedagvaard. Voor een verkeerde rechtbank (lacht). Ik dacht toen: dat zegt toch ergens wel iets over haar deskundigheid."

Maar u kunt toch niet beweren dat ze in al die jaren 'slechts één zaak' heeft behandeld?

"Nogmaals. Ik kan enkel verwijzen naar de inlichtingen zoals die mij toen door mijn administratie zijn verstrekt. Misschien is de situatie inmiddels veranderd."

Vanwaar al die energie om het licht van de zon te ontkennen?

"Dat weet ik niet. Kijk, ik ken die mevrouw niet. En als zij experte is, dan gun ik haar dat van harte. Ach, u moet weten: ik heb dit dossier geërfd van mijn voorganger, Stefaan De Clerck. Die kreeg voortdurend brieven van die Claude Lelièvre."

En daar, zegt Hutsebaut, komt het steeds weer op neer. "Die Lelièvre geniet de volle steun van het Franstalige gerechtelijke establishment en heeft daar nu eenmaal zijn missie van gemaakt. Ik weet nog goed, dat was in augustus 1995, in de periode tussen de verdwijningen van Julie en Mélissa en van An en Eefje. Dat was de periode waarin men zich in België over deze problematiek begon te bezinnen. Ik kreeg bezoek van twee officieren van de toen nog in oprichting zijnde cel-Verdwijningen van het CBO (Centraal Bureau voor Opsporingen van de rijkswacht, DDC). Ze wilden mijn cursussen en handboeken meenemen, zodat ze zich in de Amerikaanse aanpak konden verdiepen. Heb ik me daar een strijd mogen leveren om mijn studiemateriaal te kunnen behouden. Ze wilden dat ik hen dat cadeau gaf. Ze hebben wel een hoop dossiers meegenomen, 'om eens te bekijken'. Die heb ik nooit meer teruggezien."

"Ze wilden ook alles weten over dat Amerikaanse centrum voor kinderverdwijningen. Want van Child Focus was hier toen nog lang geen sprake. Ik gaf hen wat ik had, om dan achteraf telefoon te krijgen uit de VS: 'Wat vertellen ze daar in België allemaal over jou?' Ze willen dus eigenlijk wel graag al mijn expertise inpikken, om mij dan achteraf af te schilderen als een gekkin. Natuurlijk heb ik geen klassiek Belgisch diploma psychologie. Ik heb in het buitenland gestudeerd."

"En nu? Ik werk al een poos niet meer in Franstalig België. Jammer voor die ouders die mijn hulp komen vragen, maar het is gewoon niet meer doenbaar. Ik denk dat ik maar eens emigreer."

Claude Lelièvre haar achterna om haar contactpersonen te waarschuwen voor 'dat mens'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234