Zaterdag 18/01/2020

'Ik dacht gewoon dat het overal oorlog was'

'Dit verhaal had zich in om het even welk land kunnen afspelen. Daarvoor zijn de problemen van deze familie universeel genoeg. In dit geval versnelt de burgeroorlog ze alleen maar'

l De Libanese Danielle Arbid over haar Dans les champs de bataille / Maarek Hob HHH

Jan Temmerman

Beiroet, 1983: de burgeroorlog woedt in volle hevigheid. Toch is dit niet het slagveld waarvan sprake in de titel. Die oorlog is uiteraard aanwezig, maar voornamelijk als achtergrond. Het echte slagveld situeert zich in de familie van de twaalfjarige Lina. Maar ook, en misschien vooral, in het meisje zelf.

Dans les champs de bataille (Maarek Hob), het opmerkelijke bioscoopdebuut van de jonge Libanese (maar nu in Parijs wonende) cineaste Danielle Arbid, werd vorig jaar in Cannes gepresenteerd in de Quinzaine des Réalisateurs-sectie. Arbid werd in 1970 in Beiroet geboren en woonde daar tot ze op haar zeventiende naar Frankrijk trok, in eerste instantie om er literatuur en journalistiek te studeren.

Net als het jonge tienermeisje Lina (Marianne Feghali) groeide Arbid dus op tijdens de burgeroorlog, maar toch wil ze Dans les champs de bataille niet zomaar een autobiografische film noemen. Lina's verhaal is niet het hare, maar ze heeft in dat personage wel haar eigen ideeën en gedachten, emoties en gevoelens van toen verwerkt. De zorgvuldig gekadreerde interieurs, waarin hoeken en deuren allerlei mysteries lijken te verbergen, de donkere fotografie, de gestileerde en vaak door vensters of tralies geobserveerde ruïnes van de stukgeschoten stadswijk, de verfrissende adempauze van een rit langs de zee, met muziek van Blondie of Boney M. op de radio, de detailopnames en close-ups van lichamen en gezichten: het draagt allemaal bij tot een intens geladen, maar beheerste terugblik op een jeugd in oorlogstijd. Een oorlog waarbij de film geen historische context schetst of voor een politieke stellingname kiest, want zoiets kan of wil de twaalfjarige Lina toch niet begrijpen.

Het is niet meteen een gelukkig gezin waarin Lina opgroeit. Iedereen heeft er zijn eigen problemen en niemand lijkt veel tijd of aandacht te hebben voor het meisje, dat zich sowieso buitengesloten voelt uit die volwassen wereld. Ze zoekt dan maar de vriendschap van Siham (Rawia Elchab), het Syrische dienstmeisje dat Lina's autoritaire tante 'gekocht' heeft. Lina volgt Siham ook tijdens haar heimelijke amoureuze uitstapjes. Haar eigen ontluikende seksualiteit is trouwens veel spannender, maar ook angstaanjagender dan het ritueel van de dagelijkse beschietingen. Maar als Siham laat weten dat ze van plan is om weg te lopen met haar vrijer, staat kleine Lina voor een verscheurend dilemma. Ook op het slagveld van de vriendschap of de liefde moet er gekozen worden tussen verraad en loyauteit.

"De Arabische titel Maarek Hob betekent zoveel als 'slagveld van de liefde' en dat sluit eigenlijk dichter aan bij het verhaal", verduidelijkt Arbid. "Ik heb geen oorlogsfilm gemaakt. Of toch wel: een familiale oorlogsfilm. De burgeroorlog in Libanon fungeert daarbij als een soort klankkast voor de innerlijke oorlog. De uitdaging, eerst bij het scenario schrijven en dan bij het draaien van de film, was precies duidelijk te maken dat de innerlijke oorlog, voor Lina en haar familie, in feite wreedaardiger is dan de oorlog rondom hen. Die oorlog blijft helemaal buiten beeld. Je ziet hem niet, men hoort hem alleen maar."

Zonder die burgeroorlog waren die familiale conflicten er misschien ook wel geweest? Arbid: "Absoluut. Dit verhaal had zich overal, in om het even welk land kunnen afspelen. Daarvoor zijn de problemen van deze familie universeel genoeg. Een gokverslaafde vader, een depressieve moeder, een hautaine tante, die haar dienstmeid als een slavin behandelt: dergelijke zaken kun je ook in Europa, in Zuid-Amerika of in Canada vinden. In dit geval versnelt de burgeroorlog die familiale problemen alleen maar. Ze zouden zich hoe dan ook gemanifesteerd hebben.

"Ik heb gedurende die hele periode van de burgeroorlog in Beiroet gewoond en ik heb gemerkt dat het leven gewoon het leven blijft. De oorlog versnelt het alleen maar, omdat je je realiseert dat het morgen afgelopen kan zijn. Onbewust weet je dat het risico groot is dat je zult sterven. En dus doe je bepaalde dingen op een radicalere manier. En dat geldt ook voor het lachen, het liefhebben, het vrijen."

Dat soort carpe-diemmentaliteit is nog zo slecht niet. Maar anderzijds zijn veel verhoudingen en gedragingen ook veel harder, veel scherper. Arbid: "We zijn weliswaar menselijke wezens, maar we gedragen ons toch vaak als dieren. In een 'normale' maatschappij wordt dat gemaskeerd. Maar dat is vaak niet meer dan een laag vernis. Ik wou mensen laten zien zonder die laag vernis. Voor de jonge Lina is dat trouwens de norm. Zij heeft nooit anders gekend. Zij is als een jong dier dat alles en iedereen bespiedt.

"Toen ik in Libanon woonde, dacht ik ook dat het er in andere landen net zo aan toeging als bij ons. Dat was voor mij de norm. Daarom zeg ik ook dat die oorlog voor mij geen tragedie was. Als je gedurende vijftien jaar in een oorlog leeft, wordt dat normaal. Anders kun je ook niet leven en pleeg je zelfmoord. De mens is een wezen dat alles kan aanvaarden, zelfs de zaken waarvan je dat nooit had gedacht. Je past je aan om te overleven. Op dezelfde manier dacht ik ook dat het in andere families net zo was als bij ons, al had ik wat dat betreft toch soms mijn twijfels. (lacht) Maar als die oorlog en de moeilijke familie waarin ik opgegroeid ben iets in mij hebben losgeweekt, dan wel het verlangen om het leven zo passioneel mogelijk te beleven."

Is deze film dan een vorm van exorcisme geweest? Arbid: "Het was in ieder geval noodzakelijk. Daarmee bedoel ik niet dat ik mijn eigen leven in een film vertel om orde op zaken te zetten. Voor mij is film een soort bestaansreden. Als ik film, voel ik me vrij. Het is een parallel leven, het bestaat op zich. In die zin is deze film dus toch autobiografisch, maar tegelijk weet ik zelf niet meer wat echt is en wat ik verzonnen heb. Het is niet het verhaal van mijn leven, maar van een leven waarin ik de sensaties heb verwerkt die ik ooit ervaren heb. Sommige van die sensaties waren reëel en andere heb ik gefantaseerd."

De film is trouwens op locatie in Beiroet gedraaid. Arbid: "In een wijk die nog grotendeels in puin ligt, een van de weinige buurten waar de littekens van de oorlog vandaag nog zo zichtbaar zijn. De stad is grotendeels heropgebouwd, maar dat betekent nog niet dat de oorlogsherinneringen verdwenen zijn. Er is nog geen sprake van een solide, verenigde samenleving."

REGIE Danielle Arbid VERTOLKING Marianne Feghali, Rawia Elchab, Carmen Lebbos, Laudi Arbid-Nasr, Aouni Kawass LAND Libanon SPEELDUUR 90 minuten

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234