Donderdag 29/07/2021
Hilde Van Mieghem. Beeld DM
Hilde Van Mieghem.Beeld DM

ColumnHilde Van Mieghem

‘Ik besef nog maar pas hoe onmisbaar liefde is’, zei ik in gedachten tegen de vrouw met de boodschappenkar

Hilde Van Mieghem heeft het druk, maar neemt de tijd voor een gloedvolle blik achter de schermen van haar leven.

Ze moet een van mijn nabije buren zijn. Ik had haar nooit eerder opgemerkt, maar door corona zit ik binnen en kijk ik meer naar buiten, naar wat zich aan de overkant van mijn huis op het pleintje met de beuk afspeelt.

Ze is niet veel ouder dan ik, vermoed ik, maar ze ziet er ouder uit. Een beetje onderkomen. Dun, grijs, vet haar, naar achteren gekamd met een ouderwetse diadeem erop. Een gezwollen kalkoenlel, van het puntje van haar kin tot aan haar sleutelbeen. Ze draagt een verfomfaaid mouwloos jurkje vol vetvlekken, dikke buik, magere armen en benen, maar haar enkels en voeten zijn gezwollen en de bandjes van haar sandalen snijden in het vlees. Haar huid is wit als karnemelk. Ze is niet gezond.

Sinds de hittegolf zie ik haar elke dag. Ze sleept een gammele boodschappentrolley achter zich aan waarvan één wieltje kaduuk is. Ze loopt tot bij het standbeeld van Gerard Walschap, haalt wat spullen uit de kar en begint dan de voet van de sokkel schoon te vegen. Vol toewijding, als de grafzerk van een geliefde.

Vanmorgen kruiste ik haar toen ik terugkwam van de wandeling met mijn hondje Mr. Wilson. Ik zag dat ze met bakjes water in de weer was.

‘Wat doet u?’, vroeg ik vriendelijk en geïnteresseerd. Even keek ze me verbaasd aan, alsof ze ervan opkeek dat ze aangesproken werd.

‘Ik zorg voor drinken voor de vogeltjes’, zei ze.

‘Wat lief van u om daaraan te denken.’

‘Mevrouw’, zei ze ernstig, ‘vogeltjes hebben water nodig.’ En na een kleine pauze, zacht: ‘En liefde.’

‘Ja, net als mensen’, zei ik, terwijl ik haar in de waterige, blauwe ogen keek.

Ze slikte – de kalkoenlel beefde even – zei geen woord, greep haar boodschappenkar en liep van me vandaan. Na een tiental stappen draaide ze zich om, keek me peinzend aan. Ze wist niet goed wat ze met me aan moest. Opende haar mond, sloot hem weer, glimlachte ineens – ik zag het meisje dat ze ooit was – en dan plots: ‘Ja, inderdaad mevrouw, net als mensen.’ Ze stak haar hand op, maakte een beweging die zwaaien moest voorstellen en wandelde weg.

‘Liefde’, zei ik zacht terwijl ik in gedachten naast haar meeliep. ‘U weet wat het is om zonder liefde te leven, niet? Ik ook.’ Geen antwoord.

‘Ik besef nog maar pas hoe onmisbaar liefde is. Ik hou van iemand en die iemand houdt ook van mij. We kunnen, om redenen die er niet toe doen, niet samen zijn. Het is een onmogelijke liefde.’ ‘O, wat erg’, hoor ik haar mompelen.

‘Nee hoor’, zeg ik stoer, ‘onmogelijke liefdes hebben iets heroïsch. Ze zijn even groots als Romeo’s en Julia’s liefde, of als dat van die twee koningskinderen, waar het water veel te diep was. Maar sinds hij en ik van elkaar houden voel ik mijn hartslag weer, zie ik alleen schoonheid.’ Ze zucht diep.

In de verte kijkt ze even om voor ze eenzaam een deur binnengaat.

Leven zonder liefde, is niet leven.

null Beeld Jenna Arts
Beeld Jenna Arts
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234