Maandag 20/01/2020

Meester van het doek

"Ik ben vandaag meer Chris Lomme dan vroeger"

Chris Lomme Beeld Stephan Vanfleteren

Dat meisje met het blonde haar | Chris Lomme is met haar 77 lentes nog steeds een meisje dat niets liever wil dan spelen. Maar ook: een vrouw die geboorte, verouderen en de dood recht in de ogen keek en er een hoogsteigen twist aan gaf. 'Het is vervelend, maar ouder worden is de enige manier om lang te leven.'

"Ik denk te weinig na", zegt Chris Lomme een paar keer tijdens het gesprek. "Bij mij is het altijd actie en reactie en dat is niet altijd goed. 'Chris, ben je nu zo oud geworden om nog altijd zulke stoten uit te halen? Of: Chris, zou je niet eens zeven keer je tong in je mond draaien voor je iets zegt? Moet je op jouw leeftijd werkelijk nog zo'n flapuit zijn?', zeg ik dan tegen mezelf. De ene keert helpt het, de andere keer niet...

"Weet je dat ik voor het eerst in mijn leven een rijverbod van een week heb gekregen? Ik reed 85 kilometer per uur op de Brusselse Allée Verte. Maar de Groendreef is bebouwde kom. Dat wist ik niet. Daar had ik niet bij nagedacht. Erg natuurlijk. En het zal niet meer gebeuren. Maar zo zie je dus maar dat je zelfs op je 77ste nog iets voor de eerste keer kunt meemaken!

"Mijn vader zei dat vroeger trouwens altijd tegen me; dat van die draaiende tong in die mond. En hij zei ook: 'Houd je hand boven je hoofdje. Kijk eens hoe jij je gedraagt. En zie dan of het aan jou is om de anderen te beoordelen of te veroordelen.' Ze hebben thuis met mij hun werk gehad. Ook al verbleef ik vanaf mijn negende bij de zusters ursulinen in Doornik, in Wallonië. Ik heb een Franse en West-Vlaamse opvoeding gekregen: thuis, in het francofone bourgeoismilieu van Kortrijk, spraken we Frans; op mijn kostschool in Wallonië natuurlijk ook. Ik ben zes jaar bij de nonnen gebleven. Ze hebben me een paar keer op het matje moeten roepen.

"Eén keer was dat de schuld van Bernadette. Ik herinner me dat nog heel goed. Eén keer per maand werd onder de internen, die ook maar eens per maand een weekend naar huis gingen, het snoep uitgedeeld dat onze ouders opstuurden. Bernadette ontving altijd hele ladingen. Er waren ook kinderen die amper iets ontvingen. Maar telkens wanneer Bernadette haar pakket openmaakte, pronkte ze, op een haast onuitstaanbare manier, met al haar lekkernijen - regarde ce que j'ai reçu. Daarna stopte ze alles in de schuif van haar lessenaar. Ik vond dat zo erg en zo gemeen.

"Op een dag heb ik alles van haar afgepakt en opgegeten. Ik was nadien zo ziek als een hond. Al moet ik zeggen dat ik van de chocolade heb genoten. Ik was dol op chocola, dus ik haalde zeker ook een persoonlijk voordeel - Toblerone, ik weet het nog - uit mijn stoutmoedigheid. Maar mijn daad werd door de zusters als onaanvaardbaar beschouwd en ik werd gestraft. En toch ook weer niet, want na dit voorval veranderden de zusters die hele snoepregeling, omdat ze beseften dat die niet eerlijk was. Dus ik kreeg, ondanks die straf, toch ook groot gelijk.

"Och, zo kan ik je duizenden verhalen geven en dit is het onschuldigste. Het gros van mijn daden en verhalen is natuurlijk niet voor publicatie vatbaar. Al schrijf ik veel op. For my eyes only."

Beeld Stephan Vanfleteren

Als u het grootste deel van uw opvoeding in het Frans heeft genoten, denkt u dan ook nog in het Frans?
"Meer dan dat. Ik schrijf een deel van mijn intieme zielenroerselen nog altijd in het Frans neer. Dat is de taal die, naast het Nederlands, geregeld in de pen van mijn dagboeken kruipt. Rond de tijd dat mijn man stierf, heb ik veel geschreven, in het Nederlands vooral. In die passages ben ik vooral onverbiddelijk voor mezelf. Ik maak mezelf kapot. Vind niets van wat ik deed voldoende.

"Ik schrijf, vlammend, dat ik niet goed genoeg voor Nand ben geweest. Dat ik hem onvoldoende verzorgd heb in zijn laatste fase. Dat ik veel meer had kunnen doen... Het zijn de schuldgevoelens waarmee elke mens die een dierbare heeft verloren, worstelt. Had je iets kunnen voorkomen? Had je iets beter kunnen doen? Had je meer aanwezig moeten zijn? Op zijn 86ste is hij gestorven... Hij had het heel moeilijk met ouder worden. We hebben een halve eeuw samen geleefd. En toch kende ik hem niet. Hij gaf zichzelf niet bloot. Aan niemand. Hij was een geheim, een prachtig geheim."

Geven acteurs (m/v) zich ooit wel bloot?
"Ach, alles zal van de aard van het beestje afhangen, is het niet? Denk je dat ik Jo De Meyere, met wie ik in Achter de wolken, het theaterstuk en de film, heb samengewerkt, goed ken? Nee. Jo is een stille man, lief en warm, maar ook tamelijk gesloten. Dat is geen kritiek. Het is een vaststelling: sommige mensen blijven gesloten boeken.

"Met betrekking tot mezelf: mijn privé is mijn privé. En los daarvan draagt iedereen geheimen met zich mee. Ook ten opzichte van zijn partner. Je deelt niet alles. Omdat dat niet hoeft."

Uw man had het moeilijk met ouder worden, geeft u aan. Hoe gaat u met de kwalen van een zeventigplusser om?
"Je zult mij nooit horen beweren dat het fijn is om je lichaam te zien verwelken, dat je als mens baat hebt bij een geheugen dat niet meer optimaal functioneert, en dat het verrijkend is om almaar meer mensen om je heen te verliezen. Ik ervaar geen echt voordeel aan het toenemen der jaren. Ik zie er nog goed uit; ja. Maar het is niet plezierig om te weten dat de weg die voor me ligt veel korter is dan de weg die zich achter me bevindt.

"Ik zeg het vaker: 'Het is vervelend om oud te worden, maar ouder worden is de enige manier om lang te leven.' En dus zorg ik goed voor mezelf. Ik doe aan gymnastiek. Ik train mijn spieren en mijn geheugen; alleen al het instuderen van teksten is keihard werk. Ik wéét, in tegenstelling tot Nand, die niets zo erg vond als geen werk meer hebben, dat ik op een dag met dit werk zal kunnen stoppen. Ik bereid me nu al voor op die dag. 'Nu al' zeg ik, en ik ben zevenenzeventig en heb nog werk voor de boeg.

"Daarnaast vul ik mijn dagen met sociaal engagement. In Wemmel zet ik me als vrijwilligster in voor de palliatieve zorgen van dagopvangcentrum Topaz. Ik ben betrokken bij de holebivereniging. En mijn familie is belangrijk voor me: ik heb mijn twee zussen met wie ik graag en goed opschiet. Om dan nog te zwijgen van die hele schare fantastische vrienden. Dus dat zwarte gat, nee, dat vrees ik niet."

Is er echt geen enkel voordeel aan verouderen?
"Niet dat ik weet. Op dat ene voordeeltje na dat ik net al heb vernoemd: dat ik minder heftig en roekeloos ben dan toen ik jong was. Heb je Achter de wolken gezien, met Jo De Meyere en ikzelf? De filmversie bedoel ik, niet het succesvolle theaterstuk dat we voordien hebben gemaakt. Toen ik die film voor de eerste keer zag, heb ik moeten huilen. Niet van ontroering. Maar omdat ik mezelf in dat bad zag zitten. Dat oude, verlepte lijf dat ik daar zag, dat was van mij, dat was ik. Blij werd en word ik daar niet van. Ook al vind ik mezelf in de film Achter de wolken écht goed, en dat vind ik niet vaak.

"Ach, waarschijnlijk zie ik dit voordeel over het hoofd: ik geloof dat ik vandaag meer Chris Lomme ben dan vroeger, en dat ik minder en minder ben gaan spelen. Ook op dat vlak ben ik schatplichtig aan mijn man. Nand zei altijd: 'Alles staat in de tekst, probeer hem te zeggen én weet wat je zegt, dat is al meer dan genoeg.' Mijn authenticiteit is met de jaren toegenomen en dat vind ik heel fijn.

"Ik denk zelfs dat ik nu, terwijl ik hier tegenover jou zit, niet anders ben dan op de set of op het podium. Ik ben niet bang meer om mezelf te tonen, snap je, ik voeg geen toeters en bellen toe aan wat ik doe. Ik sta er, en ik ben. Wat niet wil zeggen dat ik mezelf helemaal blootgeef. Ik toon, zoals iedereen, alleen datgene wat ik wil."

Beeld Stephan Vanfleteren

U spreekt een prachtig, bijna zeldzaam geworden algemeen Nederlands. En uw stem, die doorrookt klinkt zoals die van Marianne Faithfull, is legendarisch.
"Toen ik begon te acteren, sprak ik Nederlands met een Frans accent! Dat Frans heb ik eruit moeten persen. Vergeet niet dat ik mijn loopbaan in het Théâtre National hier in Brussel ben begonnen. Maar Frans theater lag me niet zo. Ik houd van het Nederlands en wil die taal met liefde behandelen. Jammer genoeg is het algemeen Nederlands vandaag niet meer geliefd! Dat betreur ik heel erg, dat enorme maatschappelijke verlies dat daarin vervat zit.

"Allez. België is een meertalig land. En binnen die talen streeft men dus nu kennelijk naar een nog grotere meertaligheid, die er uiteindelijk voor zal zorgen dat het ene dialect door het andere niet meer begrepen kan worden? Dat de ene mens niet weet wat de andere zegt? Dat kan toch niet de bedoeling van taal zijn! En dan raar opkijken als allochtonen niet weten hoe ze zich moeten uitdrukken? Een nieuwkomer die zich in Antwerpen vestigt, denkt als hij naar West-Vlaanderen gaat, dat hij in een totaal ander land terecht is gekomen. Ik heb niets tegen dialecten, hoor. Hoegenaamd niet. Ze hebben zeker hun bestaansrecht. Zullen we in het West-Vlaams, een van mijn moedertalen, verdergaan, zoals dat tegenwoordig 'in' is? Ik beheers dat dialect niet meer zoals vroeger, maar als ik oefen, heb ik het zo weer onder de knie."

In uw rol als Marieke, in Schipper naast Mathilde (1959), spreekt u anders, hoger, dan als Mie in Hard Labeur, of als moeder overste in Soeur Sourire, of als Leni in Leni (Riefenstahl) en Susan (Sontag). En zo kan ik nog honderd rollen doorgaan.
"In Schipper naast Mathilde, waarin ik in 1958 begon te spelen, zit mijn stem niet op de juiste plaats. Mijn moeder was zangeres, sopraan. Zij raadde ons aan om boven onze natuurlijke toon te spreken. Dat deden vrouwen toen. Ze probeerden zo hoog en zo licht mogelijk te spreken. Als Marieke doe ik dat dus ook, ik gebruik mijn stem helemaal verkeerd. We speelden die eerste afleveringen Schipper naast Mathilde ook live in studio 6 in Flagey; kun je je dat voorstellen?

"Pas later in mijn acteercarrière ben ik, dankzij een opleiding van Jasperina De Jongs stemleraar in Nederland, lager en beter gaan spreken. Die leraar wist het onmiddellijk: 'Jij bent een altkind.' En inderdaad. De alt is mijn natuurlijke stemtoon.

"Een kleine cosmetische ingreep heeft mijn manier van spreken ook gunstig beïnvloed. Mijn mond stond in die jaren helemaal vooruit, echt lelijk, geloof me. Mijn ondertanden duwden mijn bovenlip helemaal vooruit. Ik durfde niet te lachen zonder mijn hand voor mijn mond te houden. Het leed geen twijfel dat ik me, door dit complex, altijd beperkt zou voelen in mijn doen en laten, en in mijn acteerwerk. Ik heb geen spijt van die ingreep, die fantastisch is gelukt. Ik ben me er veel beter door gaan voelen, als vrouw en als actrice."

Waarom willen vele acteurs, in een wereld waarin mensen voor vervroegd pensioen ijveren, liefst van alles doorwerken tot op de dag waarop ze op het podium sterven?
"Omdat we een zwaar en fantastisch vak hebben! Omdat ons werk zo veeleisend is, en de voldoening van een goed resultaat zo groot! Omdat we van het publiek zo eindeloos veel krijgen! Omdat het publiek van ons houdt en vice versa! Wij gaan maar door, ook als we veertig graden koorts hebben, ook als we een dierbare hebben verloren... Alle acteurs hebben en kennen deze bovenmenselijke kracht.

"De laatste theatervoorstelling van Achter de wolken heb ik met een gebroken enkel gespeeld. Ik moest en zou er die avond staan. En de adrenaline heeft me een handje geholpen. Pas nadien, na de voorstelling, kwam de pijn. En daarna volgde het gips. Acteren is plezierig, maar het is ook keihard werken, vergeet dat niet. Ik ben altijd al een trage geweest. Ik ken een tekst niet snel uit het hoofd. Memoriseren duurt lang bij mij, het is een moeizaam proces.

"Er zijn weken waarop ik dagelijks twee tot drie uur teksten uit het hoofd probeer te leren. En maar herhalen, herhalen, herhalen, tot ik de tekst ken. De eerste keer dat je met je tekst op de scène repeteert, is heel lastig. Maar dan - het gebeurt zomaar - voel je plots dat de vorm en de inhoud beginnen te kloppen. Dan begint het te klikken. En vanaf dan schijnt de zon en kun je echt beginnen te spelen. Ik denk ook dat we het daarom blijven doen: omdat we het voorrecht hebben om met ons werk zo veel mensen te beroeren.

"En omdat we kunnen rekenen op een schare mensen die ons trouw bewondert om wat we doen en om hoe we dat doen."

Heeft uw schuldgevoel naar aanleiding van de dood van uw man ervoor gezorgd dat u zich in het palliatief centrum van Wemmel voor terminaal zieke mensen bent gaan inspannen?
"Nee, ik deed het omdat ik vond dat ik het moest doen. En ik deed het al lang voor Nand stierf. Het is vooral de dood van mijn mama die me heeft doen inzien dat ik graag dichter bij de mensen wil zijn. Dichter in de zin van: meer betrokken, meer verzorgend, meer als de verpleegster die ik nooit ben geworden maar die wel in me zit.

"Om de drie weken - een beurtrol met de zussen - bracht ik een weekend met mijn moeder door. We hebben alle drie heel goed voor haar gezorgd, elk op onze eigen manier. Mijn mama was een prachtige vrouw. Pas toen ze ziek werd, zijn we met elkaar beginnen te praten. Ze heeft me veel verteld. Onder andere dat ze altijd het gevoel had gehad dat mijn vader onvoldoende van haar hield. Toch heeft mijn moeder, zo'n beauté, er nooit een amant op nagehouden. 'Waarom niet?', vroeg ik haar. "Omdat ik mijn kinderen dat niet wilde aandoen", zei zij. Dat antwoord raakte me.

"Mama had terminaal kanker. Ze werd in het bejaardentehuis, waar ze per uitzondering maandenlang als zieke mocht verblijven, door een schitterende palliatieve verzorgster begeleid, door een vrouw die overliep van liefde en toewijding, van warmte en geduld. Mijn moeder was dol op klassieke muziek, en deze vrouw waakte er bijvoorbeeld over dat ze dus zoveel mogelijk naar klassieke muziek kon luisteren. En dat is maar één voorbeeld.

"Met deze bewonderenswaardige verpleegster is het dus begonnen. Dankzij haar werk ben ik een avondcursus palliatieve verzorging gaan volgen.

"Tegen het einde van haar leven aan was mijn moeder erg mager en leed ze pijn, veel pijn. Ze kon niet meer. Er kwamen veel mensen over de vloer, ook bezoekers van andere bejaarden uit het rusthuis. Er viel ook altijd wat te smullen, taart, pralines, porto...

"Tijdens mijn laatste bezoeken nam ik een zakdoekje van batist mee en een fles Veuve Clicquot. Mijn moeder kon niet meer eten en drinken. Ze kon alleen nog sabbelen. En ze hield van champagne. Ze legde haar hoofd op mijn schouder. Ik depte het zakdoekje in de champagne en zij zoog eraan en zei, genietend en gelukkig: 'Tei lekker hè'. Daar, aan dat ziekbed, maakte ik de mooiste momenten in mijn leven met mijn mama mee. En als ik aan haar terugdenk, zie ik vaak juist dat beeld voor me: mijn moeder die weer kind wordt en het kind dat haar als een moeder verzorgt."

U hebt geen kinderen.
"Nee. Ik heb wel ooit, toen dat nog algeheel verboden was, een abortus laten uitvoeren. Ik weet niet van wie het kind was. De pil als anticonceptie bestond in Vlaanderen nog niet. Maar ik was zwanger. Ik moest naar een of ander privéhuis. Daar legde de verpleegster na afloop de vrucht op mijn buik met de woorden: 'Kijk eens wat je gedaan hebt.'

"Zoiets vergeet je niet. Ik was negentien. Maar ik heb mijn kinderloosheid nooit echt betreurd. We leidden een zeer druk en onregelmatig leven, we gaven ons helemaal over aan ons werk dat onze passie was, dat mijn passie nog altijd is. Met een kind had ik een heel ander leven geleid. Ik ben zelf groot geworden met gouvernantes en in een pensionaat. Als ik een kind zou hebben gehad, zou ik dat vooral zelf hebben willen opvoeden. Ik denk niet dat ik het op een andere manier zou hebben gekund.

"Ik bewonder collega's die daarin zijn geslaagd, en die dat kunnen: werk en gezin optimaal combineren. Mij zou dat toen, in die tijd, nooit zijn gelukt. Ik ben zeer tevreden met het rijke en bevoorrechte bestaan dat ik heb mogen leiden. Mijn moeder wou graag operazangeres worden. In haar tijd kon dat niet. In die laatste periode van haar leven heeft ze me nog bekend dat ze jaloers was dat ik mijn passie had kunnen volgen.

"Pas op: in het begin van mijn carrière kreeg ik niet veel steun van mijn ouders, hoor, die nochtans volop aan amateurtheater deden. Spelen voor het vermaak, als hobby, vonden ze prima. Maar spelen als beroep? Dat vonden ze gevaarlijk, en dat ik dan ook nog eens naar Brussel ging, dat was wel het allergevaarlijkste dat ik kon doen. Op dat vlak zijn ze geleidelijk aan bijgedraaid. En eenmaal dat ik bekend werd, en dat werd ik al vlug, waren ze bijzonder trots op mij."

Was uw abortus ook een bewuste, feministische daad? Baas over eigen buik was zestig jaar geleden veel minder vanzelfsprekend dan vandaag.
"Nee. Als ik toen zwanger was geworden, was ik mijn werk als Marieke kwijtgeraakt, zo simpel is dat. Dan had ik het acteren mogen vergeten. De vorige actrice die Marieke speelde, was op straat gezet omdat ze zwanger was. Zo ging dat in die tijd, die niet eens zo heel lang geleden is.

"Ik ben nooit een uitgesproken feministe geweest, en ik zal het ook nooit worden. Maar ik verdedig vrouwen wel als het erop aankomt. Ik duld niet dat vrouwen minder verdienen dan mannen die hetzelfde werk verrichten. Ik kan het niet verdragen als vrouwen in hun beroep achtergesteld worden ten opzichte van mannen. Maar ik houd te veel van de mannen om feministe te zijn." (lacht)

O, maar veel feministen houden van mannen. En meer en meer mannen zijn feministen.
"Zo stel ik me een feministe niet voor. 'Blijf van mijn billen', riepen de vrouwen in de feministische optochten in Nederland, waar ik in de jaren zestig twee jaar werkte en waar ik voor het eerst met die verdedigsters van vrouwenrechten in contact kwam. Ik voelde me niet met hen verwant. Ik dacht: Hoe is dat mogelijk, ik wil juist dat ze aan mijn billen komen! (lacht)

"Maar ik was graag in Nederland. Ik heb er een hele gelukkige tijd beleefd. Door mijn overpopulaire rol als Marieke in Schipper naast Mathilde werd ik in Vlaanderen als actrice niet meer gevraagd. Iedereen zag in mij Marieke. Daarom ben ik naar Nederland getrokken. Zeker twintig films heb ik er gedraaid: Dokter Vlimmen, Het meisje met het rode haar, et cetera."

Is bekendheid een vloek of een zegen?
"Beide. Ik geniet er nu van om bekend te zijn. Bekend om mijn werk. In de tijd van Schipper naast Mathilde was het soms wel zwaar.

Ik kon nergens komen of ik moest honderden handtekeningen uitdelen. Er was in die tijd maar één programma, en de televisie werd nog als een wonder beschouwd. Op straat werd ik aangeklampt door mensen die me wilden aanraken, en sommigen verzochten me om 'dag te zeggen aan dat andere meisje met haar paard'. Dat was dan Elizabeth Taylor, ik geloof in National Velvet. Ze dachten dat ik samen met Elizabeth Taylor in die beeldbuis zat.

"Tientallen postzakken vol brieven van bewonderaars heb ik die jaren ontvangen. Tot huwelijksaanzoeken toe. Een van die aanzoeken staat me nog helder voor de geest: 'Ik ga u op handen dragen, ik werk bij Bruggen & Wegen, ik drink niet, ik rook niet en mijn mama is akkoord. Ik zal op de zoveelste om zo laat op de Grote Markt van Brussel staan met een roos en een Humo in mijn handen.'

"Heerlijk allemaal. Wonderlijke tijden, waaraan ik mooie herinneringen heb, maar heimwee voel ik niet."

Bent u die dag naar de Grote Markt gegaan?
"Euh... Ik ben in de Le Roy d'Espagne gaan zitten en heb vanaf de eerste verdieping naar de man met de roos en de Humo gekeken. Daarna? Alles daarna is privé." (lacht)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234