Dinsdag 15/06/2021

'Ik ben niet trots op wat ik gepresteerd heb'

Praga Khan bestaat vijfentwintig jaar. Dat is langer dan Maurice Engelen zelf ooit voor mogelijk had gehouden, maar wél een jubileum om te vieren. Een terugblik met de man die een onuitwisbare impact op de Belgische popmuziek heeft gehad.

Na twee uur gesprek moet Maurice Engelen (54) even naar het toilet, en word ik aangesproken door een Canadese dj die toevallig het tafeltje naast ons bezet in het Leuvense café waar het interview plaatsvindt. Of dit écht de man achter Lords of Acid is? Dat Engelen ook door buitenlanders wordt herkend, ligt voor de hand. Lang voor Praga Khan in 2000 als eerste Belgische dance-act het hoofdpodium van Rock Werchter afsloot, had hij in Groot-Brittannië, Japan en de Verenigde Staten al een succesvolle carrière achter de rug. Engelen was een van de grondleggers van de new beat, ontdekte als platenbaas zowel The Neon Judgement, Belle Perez als Chris Whitley, introduceerde zichzelf in 2008 aan een heel ander publiek als spraakmakend jurylid bij X Factor, en leidde Tom Dice twee jaar later naar een verdiende zesde plaats op het Eurovisiesongfestival in Oslo. Een man, kortom, die van alle markten thuis is.

Als er vandaag een nieuwe Praga Khan-cd verschijnt, is dat eigenlijk te danken aan de Amerikanen. "Twee jaar geleden kreeg ik vanuit de VS de vraag om een nieuwe Lords of Acid-plaat te maken. In eerste instantie stond ik daar niet om te springen, want als ik aan zo'n project begin, slorpt het al mijn energie op. Om zeker te zijn dat ze het meenden, daagde ik hen uit om eerst een tournee op te zetten. In een mum van tijd lagen er dertig optredens vast - in zeer behoorlijke zalen, bovendien - en die raakten bijna allemaal uitverkocht.

"Daarna ben ik aan die plaat begonnen. Ik wilde er graag een gast bij - altijd spannend - en dat werd uiteindelijk Zak Bagans, een ghosthunter die ginds een tv-show heeft met 8 miljoen kijkers. Het klikte, en hij stelde voor om samen een hele plaat op te nemen. Met die cd zijn we op één geraakt in de electronic charts van de Amerikaanse iTunes. En op twee in de dancecharts, tussen Skrillex en Swedish House Maffia. Toen zat ik toch in die flow, en heb ik in één moeite door ook maar een nieuwe Praga Khanplaat gemaakt."

Hoe groot is het onderscheid tussen Lords of Acid en Praga Khan?

Maurice Engelen: "Lords of Acid opereert binnen afgelijnde parameters. De band is destijds ontstaan uit de new beat, en ons eerste nummer, 'I Sit on Acid', is zowat de blauwdruk van die hele stroming geworden. We hebben altijd vastgehouden aan dezelfde formule: traag, heavy, met veel sequencers, daar dan nog een erotisch sausje over, én met veel fun. Vooral dat laatste was belangrijk. Begin de jaren negentig was Tipper Gore, de vrouw van Al, druk in de weer met muziek censureren dankzij haar 'parental advisory'-stickers. Wij ontsnapten daaraan, en dat is ons grote geluk geweest. Lords of Acid was de verboden vrucht die iedereen wilde proeven.

"Eigenlijk hebben we pas heel laat ontdekt dat de belangstelling uit de States kwam. Op dat moment waren we onder de naam Praga Khan al populair in Japan en Groot-Brittannië. Eerlijk gezegd: die interesse uit Amerika kwam ons slecht uit. Uiteindelijk hebben we op drie weken tijd een Lords of Acid-cd opgenomen. Ik herinner me de fax nog met de Amerikaanse charts. Onze single stond op één en de b-kant op twee. Daardoor nam de vraag naar liveoptredens toe. Leuk, alleen hadden we geen band. Uiteindelijk hebben we in de studio van de Pet Shop Boys audities gedaan voor een zangeres en in België wat muzikanten bij elkaar gezocht.

"Lords of Acid is een format. Die band kan toeren zonder dat ik daar bij hoef te zijn. Dat is al honderden keren gebeurd, trouwens. Praga Khan is persoonlijker. Die nummers komen uit mezelf, gaan over mijn leefwereld en ervaringen."

De vorige Praga Khan-tournee werd destijds als een soort afscheid aangekondigd. Waarom ben je zo lang weggebleven?

"We waren op een dood punt aanbeland. We hadden alles bereikt waar we ooit van durfden te dromen. Drie keer goud in Amerika, want met 'Mortal Kombat' hadden we ook nog een hit gehad. Maar uiteindelijk blijft wat je ziet altijd hetzelfde: een zaal en een publiek. Geloof me: de charme om voor de honderdste keer naar Spinal Tap te kijken in de bus slijt snel. De enige manier om Praga Khan nieuw leven in te blazen, was er mensen van andere kunstvormen bij te brengen. Een choreograaf, een regisseur... Iedereen verklaarde ons gek omdat we als danceband de theaters in trokken, maar het is een enorm succes geworden."

Je zoon werkt mee op de nieuwe cd. Is dat een soort compensatie voor het feit dat je vroeger vaak een afwezige vader bent geweest?

"Dat sowieso. Hij heeft twee nummers meegeschreven op de plaat, maar muziek maken is niet echt zijn ding. Glen schrijft liever computerprogramma's. Ik probeer hem af en toe wel de studio in te krijgen, want dat is de biotoop waarin hij is opgegroeid. Dat was zijn speeltuin, en hij blijft daar enorm goed in. We dj'en ook wel eens samen en dat is enorm plezierig. Het voelt heel natuurlijk aan, maar voor hem is het niet meer dan een hobby. Jammer, maar ik kan het hem niet kwalijk nemen dat hij zijn eigen pad wil uitstippelen. Dat heb ik zelf ook altijd gedaan."

Wat weinig mensen weten, is dat je begin de jaren tachtig ook nog manager bent geweest. Van 2 Belgen, onder meer, bekend van Belpopclassics 'Lena' en 'Operation Coup de Poing'.

"Alan Gevaert - nu bij dEUS - speelde toen bas, en Rudy Cloet van TC Matic was de drummer. Weet je wie toen de gitarist van 2 Belgen was? Chris Whitley! Ik heb toen onder de naam A Noh Rodeo nog zijn eerste mini-elpee uitgebracht. Ik was samen met Roland Beelen in een varkensstal in Wezemaal een label begonnen: Antler. We tekenden vooral heel alternatieve muziek: The Klinik, A Split Second, The Neon Judgement... Na verloop van tijd begonnen we ook rockgroepen binnen te halen. Zo heb ik 2 Belgen ontdekt.

"Later kwamen Nacht Und Nebel, Chow Chow, Won Ton Ton en The Pop Gun. De deal met mijn moeder was: ik zorgde ervoor dat ik een diploma haalde, en daarna mocht ik doen waar ik zin in had. Voor mij was het een uitgemaakte zaak dat ik iets wilde doen voor de Belgische muziek. Er was niets op dat moment. Met uitzondering van Raymond en The Kids was er geen enkele band die zelfs maar een parochiezaal kon vullen. Dat was ook een drijfveer om naar Londen te gaan. Daar ontstond toen net een independent-scene, met labels zoals Rough Trade, Cherry Red en 4AD. Dat vond ik enorm inspirerend."

Je creatieve partner werd Olivier Adams, met wie je tot vandaag samenwerkt. Hoe heb je hem leren kennen?

"Hij was me getipt door Pat Krimson. Olivier had zijn eigen studio in Tienen. Het klikte meteen, en in die periode werd bijna alles wat we uitbrachten een hit. We rolden van het ene avontuur in het andere, en op de duur begon het te lukken in Engeland. Onder de naam Digital Orgasm brachten we 'Running out of Time' uit, goed voor 330.000 exemplaren. Twee weken later volgde 'Injected with a Poison' onder het pseudoniem Praga Khan. Weer 250.000 singles buiten. Het werd wat ingewikkeld toen we met onze verschillende acts twee weken na elkaar op Top Of The Pops werden uitgenodigd. Toen hebben we er voor Digital Orgasm snel twee Duitse grietjes bij gehaald, zodat de gelijkenis minder opviel. Op een gegeven moment stonden we met vijf singles in de Britse top 75. Onder vijf andere namen, bij vijf andere platenfirma's."

Wat is je overheersende gevoel als je terugblikt op je leven?

"Heel hard werken, heel veel druk, heel veel stress. Ik kan er niet bij dat we inmiddels vijfentwintig jaar bestaan. Het is met vallen en opstaan gegaan, maar ik heb nooit iemand genaaid. Ik kan mezelf in de spiegel kijken. De eerste vier jaar heb ik geen cent verdiend aan Antler. Toen moest ik een job in een koekjesfabriek nemen om het hoofd boven water te houden. Er zwermen veel mensen in de muziekbusiness rond die geen goede bedoelingen hebben. Artiesten zijn sowieso gemakkelijke slachtoffers. Ik heb destijds bij X Factor louche types zien rondlopen, en ik garandeer je dat die er bij The Voice ook zijn."

Je hebt een veelzijdige carrière achter de rug. Wat beschouw je zelf als je belangrijkste verwezenlijking?

"Het succes van Lords of Acid in Amerika. Ik moet de eerste Belgische band nog zien die ons dat nadoet. We hebben honderden uitverkochte concerten gespeeld. Een Belgische band met Belgische muziek die in België is opgenomen, en toch twee keer goud in de Verenigde Staten, telkens goed voor meer dan een half miljoen exemplaren. Natuurlijk: nu teert Lords of Acid op het verleden, maar in de jaren negentig waren we hip en cutting edge.

"Als kind keek ik op de Nederlandse televisie naar Toppop, en telkens als een Belgische band optrad - Octopus, Tjens Couter, Ivan Heylen, Raymond van het Groenewoud - was ik daar superfier op. As ik denk aan wat we met Lords hebben gedaan, is dat dus niets om beschaamd over te zijn. Veel verhalen van Belgische bands in het buitenland zijn flink aangedikt. Maar bij ons gebeurde het echt. Net zoals het succes van Milow ook echt is. En die krijgt nu ook veel stront over zich heen.

"Dat is iets typisch Belgisch: hier zien ze je liever op je bek gaan. In Amerika bestaat dat niet. Wie het daar maakt, krijgt respect en waardering. Eerlijk: ik heb ook een tijdje overwogen om naar de States te verhuizen. Er is een periode geweest dat het merendeel van mijn werk bestemd was voor de Amerikaanse markt, en de aanbiedingen stroomden binnen. Er staat muziek van ons op de soundtrack van Basic Instinct, Strange Days en we belandden zelf in een aflevering van Beverly Hills 90210. Maar ik werkte toen ook nog als platenbaas van Antler-Subway, en ik wilde mijn artiesten hier niet zomaar in de steek laten."

Iets anders: je bent na dertig jaar huwelijk gescheiden van je vrouw. Ik schrok me rot toen ik dat hoorde.

"Ik ook. Ze vond dat het welletjes was geweest, wilde wat meer van het leven genieten. Reizen. Wat rondtrekken. Maar net op dat moment waren we druk ik de weer met Sonic Angel, een nieuw label waarvoor ik met een hoop jonge, beginnende artiesten aan de slag zou gaan. Daar is het op misgelopen. Ik begrijp haar wel. Kijk: ik heb fantastisch mooie dingen meegemaakt en een groot stuk van de wereld gezien. Maar alles wel beschouwd ben ik echt niet zo trots op al die verwezenlijkingen, omdat ik er op andere vlakken een zware prijs voor heb betaald. Ik vind het ook niet zo'n geweldige verdienste dat ik nu, op mijn vierenvijftigste, nog altijd als een gek loop te werken."

Goed, maar dat doe je jezelf aan. Financieel ben je al lang uit de zorgen.

"Het gaat me niet om dat geld. (denkt na) Al van jongs af - en zéker nadat mijn vader gestorven was - heb ik het gevoel dat ik me extra moet bewijzen. Er zijn nog zo veel dingen die ik zou willen doen, en er rest steeds minder tijd. Vandaar dat kritiek op mijn werk zo'n pijn doet. Ik heb er altijd voor gezorgd dat de mensen die ik graag zag - mijn vrouw, mijn zoon, mijn groep, de artiesten op mijn label - het goed hadden. Ik zweer het je: al die jaren heb ik niet één keer aan mezelf gedacht. Ik ben zo veel met het geluk van andere mensen bezig geweest dat ik mezelf vergat. En voor je het weet, ben je zo oud als ik en is je leven al voor een groot deel voorbij."

Nu klink je alsof je jezelf mislukt vindt.

"Dat is te sterk uitgedrukt, maar ik zou wel voor één keer in mijn leven iets willen doen zonder druk, verantwoordelijkheid, stress of spanning. Ik ben een selfmade man, heb nooit iets cadeau gekregen. Terwijl de halve culturele sector op subsidies teert, heb ik voor mijn theatertournees zélf sponsoring gezocht. Die projecten kostten handenvol geld, en dat bracht altijd druk met zich. En nu zit ik dus weer met al die jonge artiesten die geholpen moeten worden. Eigenlijk is het simpel: ik kan gewoon niet chillen. Als ik een jaar vakantie zou willen, moet ik dat ver van tevoren plannen. En dan nog komt er altijd iets tussen. Ik kan je zo voorspellen hoe mijn leven zal eindigen. Ik zal een hartaanval krijgen, en mijn laatste gedachte zal zijn: zie me hier nu liggen. Op een vrijdag zal mijn dood in de kranten staan, en wordt het misschien een item op het televisiejournaal. Maar de zaterdag erna zijn de mensen dat vergeten. Nog een geluk dat ik me daar nooit veel illusies over heb gemaakt."

Soulsplitter van Praga Khan verschijnt dit weekend bij ARS/ Universal. Later dit jaar volgt een nieuwe tournee.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234