Zaterdag 18/01/2020

'Ik ben grensoverschrijdend'

Op het moment dat Jan Bosschaert een nieuw boek vol schetsen en schilderijen publiceert, opent in Aarschot een overzichtsexpositie waarbij zelfs zijn prilste tekeningen te zien zijn. Zijn stripcarrière ligt ondertussen in het vriesvak.

Hij grijnst wat schaapachtig bij de vraag waarom we de laatste jaren zo weinig van hem horen, schraapt dan de keel en zegt: "Omdat ik ongelooflijk hard aan het werken ben. Ik heb vooral veel geschilderd en tentoonstellingen gedaan. Dat is toch altijd al mijn eerste passie geweest."

Zijn stripcarrière staat ondertussen op een laag pitje. Hij heeft het geprobeerd, zegt hij. Maar het mocht niet zijn. Zijn grootste succes was Sam, een jeugdreeks over een ondernemend pubermeisje. Sinds 1990 verschenen er elf albums. In 2008 hield hij het voor gezien. "Waarom? Omdat er te weinig albums verschenen. Als je in Vlaanderen van strips wil leven moet je jaarlijks, zoals dat het geval is met Suske en Wiske, een viertal albums publiceren. Had ik geen zin in. Ik ben in de eerste plaats een tekenaar, geen verteller. Van één album per jaar kon ik niet leven, dus, tja..."

Enkele maanden geleden besloot hij ook met zijn nog enige strip, De geverniste Vernepelingskes, te stoppen, een humoristische reeks waarin hij zichzelf, zijn scenarist Urbanus en talloze BV's soms letterlijk in hun blootje zette. "Ik had het gevoel dat ik andere paden moest bewandelen", argumenteert Bosschaert (55). "Op den duur krijg je de naam dat je enkel daar nog mee bezig bent."

Spijt heeft hij wel van de stopzetting van Jaguar, een minireeks uit 1998, gebaseerd op een van zijn eigen schilderijen. "Dat was echt mijn ding", mijmert hij. "Ik droom er van om nog eens zo'n reeks te maken." Jaguar werd geschreven door topscenarist Jean Dufaux en moest Bosschaerts buitenlandse carrière inluiden. Het liep enigszins anders.

"Als je een strip maakt, werk je met een hoop mensen samen. De ene tekent, de andere schrijft, kleurt in. Zelf ben je, ondanks het feit dat je er het gezicht van bent, slechts een radertje. Bij Jaguar waren er problemen tussen uitgeverij Casterman en Dufaux. Ik zat er middenin. Nu, dat soort strips wil ik wel blijven maken, want het leunt aan bij de sfeer van mijn schilderijen - zowel qua techniek als personages.

"(Denkt na) Weet je, ik zit altijd innerlijk te vechten over wat ik eigenlijk wil doen." Hij zwijgt even, spreekt zichzelf dan toch weer tegen. "Ik hoop ook dat ik ooit nog eens iets rond Sam kan doen. In Frankrijk, bijvoorbeeld. (Verontschuldigend) Ze is zo'n beetje mijn dochter, hé."

Stilzitten doet hij echter niet. Deze week verscheen Dossier J. Bosschaert, een boek vol potloodschetsen en schilderijen, terwijl dit weekend in Aarschot zijn overzichtstentoonstelling opent. "Daar is echt ontzettend veel werk te zien. Zelfs mijn eerste tekeningen voor een jeugdclub of illustraties uit de beginperiode van Humo. Het gaat zowel om strips als illustraties, boekomslagen, schilderijen en portretten. Een mooie mix van heel mijn carrière."

Prikkelende personages

Wie het boek openslaat, ziet Bosschaerts veelzijdigheid. Maar hoe wordt hij het liefst omschreven? Stripauteur, schilder, illustrator, tekenaar of prentenmaker? "Die twee laatsten leunen het dichtst aan bij wat ik doe. Had ik meer tijd, dan zou ik ook beeldhouwen, maar papier is voor mij het snelste medium. Met potlood werp je met enkele directe lijnen meteen een gevoel of sfeer op. Dat is voor mij belangrijk. Ik wil figuren tot leven wekken. En euhm, dat zijn in mijn geval meestal prikkelende personages. Zo simpel is het (grijnst)."

Op 's mans doeken komen andere emoties vrij. Met stip op één: droefenis. "Tja, dat is mijn sfeertje", klinkt het. (Toont daarbij een doek van een triest kijkende beer). Dat is geschilderd in een periode waarin ik me enorm slecht voelde. In de kunstwereld is het not done dat je je identificeert met de figuren die je schildert; maar ik wil iets laten zien, iets vertellen, een gevoel opwekken zodat men er hopelijk door geraakt wordt zoals ik er door geraakt word.

"Die schilderijen, dat is mijn wereld. Dat ben ik honderd procent. Het blijft natuurlijk wel een beetje donker. Ik ben niet iemand die echt vrolijk door het leven gaat. Ik heb nogal een donker en melancholisch kantje. In mijn schilderijen zit een flinke dosis eenzaamheid. Ik ben ook absoluut geen groepsmens. Ik was geen lid van een jeugdbeweging, liever hing ik alleen rond in een bos. Nu nog zit ik het liefst alleen."

Creatief shoppen

Op de vraag of hij zich meer met strips, dan met illustraties of schilderijen bezighoudt, komt geen eenduidig antwoord. "Dat loopt bij mij allemaal door elkaar. Ginder aan de tekentafel, in het licht, werk ik aan mijn illustraties. Wanneer ik tijdens het schilderen moet wachten om een tweede laag aan te brengen, ga ik schetsen aan mijn bureau.

"Die voortdurende afwisseling is misschien net de reden waarom men geen labelop mij kan plakken. Bij Vandersteen denk je meteen aan Suske en Wiske. Bij Bosschaert schiet er van alles door het hoofd: illustraties voor Marc de Bel, strips als De Vernepelingskes of Sam, terwijl anderen me kennen van mijn schilderijen of affiches voor Saint Amour. Dat komt wellicht omdat ik zo gefascineerd ben door de werkwijze van andere kunstenaars.

"Op vijftienjarige leeftijd wilde ik kunnen tekenen als André Franquin, toen ik later Salvador Dali ontdekte wilde ik zo kunnen schilderen. Ik heb bij het zoeken naar materiaal voor de expo een doos teruggevonden met oude Dali-achtige werken, met uitgerekte figuren, de typische landschappen en de bijbehorende kleuren. Toen ik Arthur Rackham ontdekte wilde ik gelijkaardige sprookjesachtige aquarellen maken. En nu bevind ik me weer in een periode waarin ik computertechnieken aanleer. Net als een kind dat voor het eerst in de snoepwinkel terechtkomt."

Ondertussen droomt hij verder. Ook van strips. Specifieker: van graphic novels. "Ik heb daaromtrent al vaker ideetjes op papier gezet, maar ik ben te snel afgeleid om me voortdurend bezig te houden met één groot werk. Weet je, veertig jaar geleden wilde ik al die richting uit. In Frankrijk had je auteurs als Bilal of Tardi waar ik zo naar opkeek. In Vlaanderen was daar echter totaal geen forum voor, laat staan interesse.

"De stap naar Frankrijk was voor mij ook te groot. Maar als ik nu met zo'n werk kom aanzetten, gaat iedereen zeggen dat ik de meute volg. In ieder geval zou dat op een aparte manier moeten gebeuren. Ik moet iets zoeken dat verder ligt van wat nu een graphic novel genoemd wordt. Ik denk daar steeds vaker over, want ik hoop dat ik toch meer te vertellen heb en meer ben dan enkel de tekenaar van schoon madammekes en grappige tekeningskes. Laten we het er op houden dat ik grensoverschrijdend ben."

Retrospectieve Jan Bosschaert nog tot en met 21 april in CC Het Gasthuis Aarschot. www.ccgasthuis.be.

Dossier J. Bosschaert verscheen bij Arcadia.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234