Maandag 18/11/2019

Wielrennen

"Ik ben een freak. Ik ken hier elke bocht"

Iljo Keisse geniet van de voorjaarszon tijdens zijn verkenningstocht door de Vlaamse heuvels. 'Parcourskennis is mijn corebusiness.' Beeld Photonews

De hartslag stijgt, het bloed gaat sneller stromen. Nog twee keer slapen en het is tijd voor de Ronde van Vlaanderen. Wij kruipen een dag in het spoor van Iljo Keisse, meesterknecht bij de beste klassieke ploeg ter wereld.

Iljo Keisse (35) woont in een knap huis in Destelbergen, bij Gent. Het is kwart na acht en zijn zoontjes Jules (7) en René (4) staan te trappelen om met papa naar school te gaan. "Dat is mijn vaste taak als ik thuis ben", zegt Keisse. "Ik probeer een goede vader te zijn, maar dat is niet makkelijk als je wielrenner bent. Ik ben vaak wekenlang weg van huis."

Nadat hij zijn twee kinderen aan de schoolpoort heeft afgezet, begint de werkdag. Dit keer staat er een uitgebreide verkenning richting Vlaamse Ardennen op het programma. Keisse doet iets wat wij nog niet kenden: hij rijdt een groot stuk met de auto. "Ik doe dat vaak", zegt hij. "De meeste renners verkennen de finale van de koers op hun fiets, maar ik wil het hele parcours gezien hebben. Als je dat allemaal met de fiets doet, wordt het wel heel erg veel."

Waarom het hele parcours? "Omdat de eerste honderd kilometer eigenlijk belangrijker voor me zijn dan de laatste honderd." Keisse is een knecht. Hij moet zijn kopmannen bijstaan en uit de problemen houden in het begin van de koers. Eenmaal de finale begint, is zijn rol uitgespeeld.

Keisse neemt de verkenning heel ernstig. "Normaal draai ik nu de radio uit en laat ik me door niks afleiden, maar omdat jullie erbij zijn, zal ik een beetje normaal doen."

Hij kondigt een vervelende bocht twee straten op voorhand aan. Honderden meters voor we er zijn, vertelt hij over drie gele verkeerspaaltjes die aan de rechterkant van de weg zullen opduiken en een versmalling aankondigen. Hij wijst links op een gevaarlijke stoeprand en rechts op een verborgen verzakking. Het lijkt alsof hij elke put in de weg weet liggen. "Niet elke put, maar wel elke bocht. Ik ben een freak. Als ik mijn ogen dicht doe, kan ik het hele parcours van start tot finish meter per meter oproepen."

Het is een erezaak, zegt Keisse. Hij rijdt voor QuickStep, de ploeg die al twintig jaar de toon aangeeft in het klassieke werk. Wie de selectie wil halen, moet ze eerst waard zijn. "Het doet me nog elke keer iets als ze op de ploegvergadering zeggen dat ik de wegkapitein ben. Maar het leidt ook tot stress. Parcourskennis is mijn corebusiness, het is mijn meerwaarde voor de ploeg. Als Stybar bij de start van de E3 zegt dat hij mijn schaduw zal zijn, dan weet ik dat hij me 100 procent vertrouwt."

Zo onthult Keisse dat het geen toeval was dat QuickStep tijdens de E3 met zijn hele ploeg op de eerste rijen zat toen de finale losbarstte. "Er waren wegenwerken in die zone, waardoor we een nieuw lusje moesten volgen en daar werd de weg plots wat smaller. Gevaarlijk, vond ik, en dus heb ik de ploeg gevraagd om daar zeker vooraan te zitten. Exact daar zijn ze gevallen. Na al die jaren gaat die koers me toch bijblijven. Echt een topdagje."

Belangrijkste dag van het jaar

Omdat Keisse coureur is, moet hij natuurlijk ook fietsen. In café d'Oude Hoeve in de Ronde van Vlaanderenstraat, dicht bij de top van de Oude Kwaremont, kleedt hij zich om voor zijn trainingstochtje. Hij bestelt nog een koffie en bewondert het oude interieur. De wielerprullaria aan de muur krijgen meer aandacht dan de Leuvense stoof. Plots herkent hij een bekend gezicht op een van de foto's. "Maar, dat is de grote baas. Dat is Patrick." Jawel, Patrick Lefevere, op het podium van het BK voor amateurs in 1975. Lefevere werd er tweede na Pol Verschuere.

De training loopt vlot. De Taaienberg en Kruisberg passeren de revue. Keisse neemt ze in een matig tempo. Zijn hoofd zit bij de stormloop die hier zondag volgt. "Voor een Vlaamse ploeg is de Ronde van Vlaanderen misschien wel de belangrijkste dag van het jaar", zegt hij. "Milaan-Sanremo en Parijs-Roubaix hebben dezelfde waarde, maar dit is thuis. Hier zijn we maanden mee bezig geweest. Als je in november begint te trainen, is dat om in april top te zijn. Als je op stage vertrekt naar Spanje en gaat koersen in Argentinië, Colombia en Italië, is dat allemaal in voorbereiding op dit."

In deze periode moet alles wijken, ook privé. "Ik heb net gehoord van An-Sofie (zijn vrouw, BA) dat ik een egocentrische mens ben", zegt Keisse met beteuterd gezicht. "Het draait inderdaad allemaal om mij. Ik kan nu echt niet met mijn zoontjes gaan zwemmen. Als ik thuis ben, lig ik op mijn bed of in de zetel."

Liefde voor de fiets

Vijf uur nadat hij thuis vertrokken is, parkeert Keisse zijn BMW X5 opnieuw voor de deur. Etenstijd. Er komen rijst met groentjes en roerei op tafel. "Ik kook vaak met maaltijdboxen die je aan huis kan laten bezorgen. De ingrediënten komen vers en in de juiste hoeveelheid bij je toe, je hoeft ze alleen nog klaar te maken. Het gebeurt ook geregeld dat ik 's middags alleen een proteïne-shake drink. En soms eet ik een broodje."

De eeuwige strijd tegen de calorieën; Keisse ervaart het niet meer als een opoffering. "Na al die jaren fiets ik nog heel graag", zegt hij. "Niet elke dag meer, want slecht weer kan mijn goesting serieus onderuithalen, maar ik weet goed hoe mooi dit beroep is. In 2010 en 2011 heb ik een hele tijd niet mogen koersen (hij was in een procedureslag verwikkeld met de UCI over gecontamineerde voedingssupplementen en werd uiteindelijk vrijgesproken, BA). Die zaak heeft me de waarde van geld doen beseffen. Ik heb ook geleerd hoezeer ik de fiets miste. Ik ken mannen van mijn leeftijd die de koers echt beu zijn, maar ik voel dat zo niet. Ik heb nog anderhalf jaar contract bij QuickStep. Als ik dat uitdoe, zal ik tien jaar voor deze ploeg gereden hebben. Voor mij hoeft dat geen eindpunt te zijn."

Hoewel hij voelt dat zijn explosiviteit en snelheid zachtjesaan beginnen te lijden onder de jaren, merkt Keisse dat de leeftijd ook voordelen met zich meebrengt. "Ik moet in de koers vaak de achtervolging organiseren. Als ik bij de kopmannen van de andere ploegen ga vragen om ook een mannetje bij te zetten, word ik niet weggelachen. Ze zeggen niet altijd ja, maar ze nemen mijn vraag wel ernstig."

Het is al na drie uur als Keisse zijn valies pakt om te vertrekken naar het ploeghotel. "Op tijd komen is een van mijn minder sterke punten. Vorig week heeft Wilfried Peeters (ploegleider, BA) nog aan mijn oor getrokken. Letterlijk. Ik was te laat voor de massage, waardoor een andere renner niet meer kon worden gemasseerd. Ik denk dat het Gilbert was, maar ik ben niet zeker."

Deze keer is Keisse ruim op tijd voor zijn massage. Ook voor het avondeten met de ploegmaats is hij stipt. De Gentenaar zit nu in zijn natuurlijke biotoop: midden in de 'wolvenroedel'. "Ploegleider Brian Holm was de eerste om die naam te gebruiken, en nu doet iedereen dat. Ik ben er zeker van dat de ambiance bij QuickStep uniek is. Wij trainen hard en wij amuseren ons hard. Wij zijn soms luid, maar we hangen enorm aan elkaar.

"Ik offer me dag in, dag uit op voor de kopmannen. Dat zou ik niet kunnen blijven doen in een ploeg die niet wint. Ik moet me deel voelen van de overwinning. Ik zit bij een ploeg die respect afdwingt. Als ik door het peloton wil opschuiven, maken ze plaats. Ik heb het gevoel dat dat door die blauwe trui komt. Je hebt iets extra's nodig om voor deze ploeg te rijden: een winnaars-gen.

"Wij ergeren ons eraan hoe laf en laks andere ploegen soms koersen. Er wordt verwacht dat wij altijd en overal op kop rijden. Het is absurd, maar blijkbaar is dat de ongeschreven wet. Wat dat betekent voor de Ronde? Dat Tim Declercq, Florian Sénéchal en ik de druk op onze schouders krijgen."

Het is niet evident om deel uit te maken van de wolvenroedel. Het leven is er mooi, maar ook hard. "Er is wat veranderd na het vertrek van Tom Boonen", zegt Keisse. "Er is meer onrust, de hiërarchie is niet altijd duidelijk. Dat is ook de wolvenroedel: als het alfamannetje verdwijnt, vechten de andere mannetjes voor zijn positie. Gilbert, Terpstra, Stybar en Lampaert hunkeren er allemaal naar. Dat heeft iets positiefs, want het biedt kansen, maar het leidt ook tot onderlinge rivaliteit.

"Het zou makkelijker zijn met minder kopmannen, ja. Als er iemand voorop is, wordt die altijd beschermd, dat heb je de voorbije dagen wel gezien. Het zal moeilijker zijn als er een keer een groepje met favorieten wegrijdt waar niemand van ons bij zit. Wie gaat zich dan opofferen voor wie?

"Wellicht zullen ze het in de volgauto moeten beslissen, want ik denk niet dat ze er onderling zullen uitgeraken. Met Boonen erbij was de rangorde duidelijk: ook als hij conditioneel niet de beste was, was hij de leider."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234