Zaterdag 28/11/2020

‘Ik ben al zo vaak van nationaliteit veranderd’

‘Hij is een acteur die, als hij gewoon een blanke Belg was geweest, in de categorie zou zitten van de Josse De Pauws en Jan Decleirs van dit land’, vindt Jan Goossens, centrale theatergast van TAZ. ‘Ik ben geflatteerd door die vergelijking, het sterkt me in het idee dat mijn stam, de Baluba, iets Vlaams heeft’, repliceert Kabongo met een knipoog.

Kabongo kwam op zijn twintigste naar België om zijn opleiding elektromechanica te vervolmaken, maar in plaats daarvan ondervond hij ‘de elektroshock van de scène’. Zijn carrière nam een vlucht toen hij in 1984 het Rochefort Comedy Festival won met het programma Méfiez-vous des tsé-tsé. Daarbij kwam ook het serieuzere theaterwerk en was hij te zien in tal van films, waaronder Lumumba, Dief! en Het paradijs, en in Vlaamse series als Diamant en Terug naar Oosterdonk.De passie voor het acteren kreeg Kabongo van een oom die bijzonder goed verhalen kon vertellen. “Ik was als kind gefascineerd door de manier waarop hij erin slaagde je ademloos te doen luisteren naar verhalen waar je dan zelf je beelden bij maakte. Het verklaart waarom een goede film vaak het resultaat is van een mooi verteld en goed geschreven verhaal.”Een goed verhaal: het is ook dat wat Kabongo fascineerde aan L’invisible, een theatertekst van de Belgische auteur Philippe Blasband die een verhaal vertelt over integratie en desintegratie. Twee broers, een leerjongen hoefsmid en een leerling-tovenaar, vluchten door de oorlog naar België. Hoe beter de ene zich integreert, hoe meer de ander vervaagt, tot hij onzichtbaar wordt.

Identiteitenkaart

“Hoe meer je je integreert op de plek waar je bent, hoe verder je letterlijk en figuurlijk verwijderd bent van waar je vandaan komt. Daar kun je niet onderuit”, aldus Kabongo. “Blasband slaagt erin om met zijn tekst van iets bijzonder pijnlijks pure poëzie te maken. Wat een louter individueel gegeven lijkt, blijkt iets universeels. Je hebt de indruk dat het de taal van ‘het kleine negertje’ is, tot je beseft dat zelfs de Vlaming die voor het eerst in Kinshasha belandt op dezelfde manier praat. Zijn grootste zorg op dat moment is begrepen te worden en hij vindt op slag een manier om zich uit te drukken. Die woordenmagie leunt aan bij poëzie.“Ik herken mijn eigen levensverhaal in dat van L’invisible. Niet als zijnde de Congolees die naar België trok, maar wel als een mens die worstelt met zijn identiteiten. Ik herinner me nog hoe ik eens na lange tijd in België te hebben verbleven terugkeerde naar Congo om er een voorstelling te spelen. Ik keek er enorm naar uit om nog eens de vis te proeven die mijn moeder bereidde toen ik klein was en ik probeerde de geur terug te vinden die ik verloren had door voortdurend waterzooi en andere Belgische gerechten te eten. Aan tafel was ik verbaasd toen ik zag dat al mijn broers en zussen vis op hun bord kregen, terwijl ik de enige was die steak met frieten geserveerd kreeg. Toen begreep ik dat de dingen veranderd zijn, zelfs voor mijn eigen moeder. Die ervaring heeft me enorm geholpen om me te ‘integreren’ in het verhaal van Blasband.”

‘Gewoon artiest’

Wordt Kabongo vaak omschreven als een zwarte artiest, hijzelf noemt zich gewoon artiest. “De waarheid is dat ik geen behoefte heb om mezelf Afrikaan te noemen, dat zie je zo met het blote oog.” Hoewel Kabongo al vele jaren in België woont, heeft hij nooit de Belgische nationaliteit aangenomen. “Ik voel me Belg zonder de Belgische nationaliteit te hebben. Een papier bepaalt iemand niet. Trouwens, ik ben al zo vaak van nationaliteit veranderd: ik was een Congolees van Belgisch-Congo, ik werd Congolees van onafhankelijk Congo, dan Zaïrees en nu ben ik weer Congolees, maar dan wel een van België. Het is die vreemde realiteit die mee de basis vormt van L’invisible.”Hoe ziet Kabongo de toekomst van zijn vaderland? “Als je over het Congo van mijn voorouders praat met al zijn rijkdom, zowel materieel als menselijk, is het verboden om pessimistisch te zijn. Zeker als je indachtig bent tot op welk punt de bevolking al jaren leed heeft weten te incasseren. Als je die capaciteit hebt, kun je je niet laten meeslepen door degenen die beweren dat ze allang zelfmoord hadden gepleegd mochten zij Congolees zijn. Zoals John F. Kennedy al zei: ‘Een mens definieert zich niet door wat men zegt of niet zegt over hem, maar door de capaciteit om zich weer op te richten wanneer men hem ten val heeft gebracht’.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234