Dinsdag 22/10/2019

"Iemand anders zijn, dat is wérken"

Volgende week vrijdag opent in Namen het Festival van de Franstalige film met de uitstekende prent Préjudice, de debuutfilm van Antoine Cuypers, waarin we een familiebijeenkomst pijnlijk zien ontsporen. Arno speelt de vader des huizes. 'Ik dacht: ik ga dat proberen.' Kurt Vandemaele

Het gezin uit de film heeft altijd de problemen genegeerd van de enige zoon die nog thuis woont, een dertiger, die nu eist dat iedereen die rond de tafel zit naar hem luistert. Hij wil liefde, warmte, genegenheid en zal die desnoods brutaal opeisen.

De vader des huizes wordt vertolkt door Arno, die zich hier, ontdaan van alle franjes, van alle tics en stoere poses, toont als een tedere vader, die weggevreten wordt door schuldgevoel. Arno voelt zich ook schuldig. Hij heeft de avond voordien een glas te veel gedronken en die morgen meldt hij zich aan met een houten kop. "Hoog tijd dat ik weer op tournee mag, dan blijf ik nuchter... Het is als ik niets te doen heb dat ik op café blijf hangen..." Zo zet hij zijn mijmering in.

"Jongen toch, vent toch, mijn kop. Excusez-moi, mademoiselle, est-ce que je peux avoir un thé svp, un thé au lait. Parfait.

"Jaja, ik heb een film gedaan. Het is al mijn elfde langspeler. Ik had eerst een kortfilm gedaan met Antoine, de regisseur, en dat was me bevallen. Hij had me toen gevraagd: 'Arno, als ik een langspeelfilm maak, doe je dan mee?' Ik heb toen ja gezegd. Ik had dus mijn woord gegeven.

"Maar ik ben geen acteur. Acteren is voor mij een therapie. Dat is een kans om eens niet zelf te moeten denken. Het werk is voor iemand anders. Als ik op tournee ben, heb ik de verantwoordelijkheid. I'm the boss. Op een filmset doe je gewoon wat de regisseur van je verlangt. Ik krijg zo'n vijftal scenario's per jaar, maar ik weiger veel. Doordat ik vaak op tournee ben, en geen tijd heb, of omdat ik denk dat ik het niet kan. Ik zeg altijd: een koe geeft melk maar geen champagne. Hier dacht ik: 'Ik ga dat proberen.'"

Zieke man

"Mijn personage, Alain, is een man die ziek is. En hij ziet af. Hij voelt zich op een bepaalde manier schuldig aan wat zijn zoon doormaakt. Hij heeft de problemen nooit aangepakt. En nu is het te laat. Het moet verschrikkelijk zijn om je zoon zo te zien doorslaan. Alain wil nog iets goedmaken, maar dat kan niet meer. Hij zegt: 'Ik wil met jou op reis, dat je mooie herinneringen aan me hebt.'

"Ik snap dat. Vroeger nam ik mijn zonen mee op tournee, toen het schoolvakantie was. Ze waren roadies bij mij. Hoeveel zonen ik heb? Genoeg. Twee. Toen ik in de States speelde, is een van hen ook meegeweest. En naar Praag ook. En Italië. Overal een beetje. Ik heb het geluk gehad dat ik dat kon doen. Maar nu zijn ze al in de twintig. Ik krijg ze niet meer mee. Ze hebben hun eigen leven.

"Ik hoor het ook zeggen, dat het niet Arno is die je ziet in de film. Gelukkig. Ik ben niet als dat personage van Alain. Het makkelijkste is jezelf zijn. Mijn moeder zei altijd: 'Je moet nooit trachten iemand anders te zijn, want dat is werken.' En nu heb ik gewerkt. Het is een rol die ik speel. Eigenlijk is het makkelijk gegaan. Ik heb dat gewoon gedaan.

"Maar je ziet dus mij niet op het scherm. Mijn personage is introvert. En ja, ik heb zelf ook wel een stille kant. En ik heb die gebruikt. Maar ik ben geen acteur, ik ben nooit naar de toneelschool geweest. De eerste keer dat ik in een film te zien was, was in de jaren 70, Concert d'un homme seul. En toen heeft het geduurd tot eind de jaren 80 voor ik nog eens een aanbieding kreeg, voor een film van Guido Henderickx, Skin. Iedereen die iemand was, speelde daar toen in mee: Frank Aendenboom, Josse De Pauw, Gene Bervoets...

"Michel Piccoli, dat is een hele goeie maat van mij, die pusht me voortdurend om in films te spelen. De eerste film die hij zelf geregisseerd heeft, Alors voilà, daar zit ik ook in. En vorig jaar nog zat ik in Le goût des myrtilles, een Belgische film met Piccoli en Natasha Parry, de vrouw van Peter Brook. Piccoli zegt altijd: 'T'es un acteur, Arno.' Josse De Pauw zegt dat ook over mij. Maar ik zeg: 'Ik ben geen acteur, ik ben een chanteur de charme raté.'"

Voyeur

"Ja, Alain, de man die ik speel, is eenzaam. En natuurlijk heb ik ook weleens een moment dat ik me eenzaam voel, wie niet? Maar ik vind mijn inspiratie vooral in andere mensen. Ik ben een voyeur. Het mensdom is een ras dat verschrikkelijk is. Dat maakt oorlogen, dat vermoordt, dat maakt kinderen, dat doet alles wat niet goed is.

En ik kijk daar op toe. Ik steel van de mensen, met mijn ogen en mijn oren, als ik liedjes schrijf en ook wanneer ik acteer. Ik zie hoe ze zijn.

"Ik heb Alain eerst elders gezien. Er is hier vlakbij een terras waar ik elke dag zit. En ik kijk er naar mensen. Zelfs als ik niet kijk, voel ik ze. Een goudvis, een kat of een hond inspireren me niet. Maar mensen wel. Alain gelijkt niet op mij, en ook niet op mijn vader. Ik heb niemand zoals hij in mijn familie. Nog een geluk. Het moet verschrikkelijk zijn om te zien hoe je eigen zoon, je eigen kind begint door te slaan. Ik zou dat niet willen meemaken.

"Maar die machteloosheid van een vader herken ik wel. Toen ik achttien, negentien jaar was en mijn haar begon te laten groeien, had mijn vader het ook even moeilijk. Je moet weten, in die tijd kwam je met lang haar de school niet binnen. Er stond iemand aan de schoolpoort die zei: 'Mijnheer Hintjens, morgen moet je haar geknipt zijn, of je kunt buiten blijven.' En ik werd gestraft. Er waren restaurants en cafés waar je met lang haar niet binnenkwam. Mijn vader was bang dat ik aan de drugs zou geraken, shit en dope en al dat spul. En ik heb het allemaal geprobeerd. Ik ben heel snel alleen gaan wonen. Ik had een fantastische jeugd gehad, maar ik wou mijn eigen weg gaan. En mijn vader heeft toen eventjes geflipt. Nu besef ik dat. Ik weet nog, toen ik veertig werd, het was mijn verjaardag, belde hij me op en hij zei: 'Wanneer ga je nu eens een echte job doen?' (lacht) Ik zei: 'Pa, het is te laat.'

"Hij wou altijd dat ik niets tekort zou komen. Maar in mijn tijd en bij de mensen met wie ik optrok was geld hebben niet cool. En geld kan me nog altijd niets schelen. Een auto heb ik nooit gehad. Ik heb zelfs geen rijbewijs. Zet me achter een stuur en ik ben een gevaar voor mijn medemens. Terwijl je in die tijd gewoon je rijbewijs kon afhalen op het stadhuis. Ze vroegen het letterlijk: 'Moet je geen rijbewijs hebben?' Maar dat interesseerde me niet. En nog altijd niet. Luxe, dat is last. Ik ben content met wat ik heb. Dat is mijn rijkdom.

"Ik heb horen zeggen dat wie in Luxemburg gaat stempelen, 2.400 euro per maand krijgt. Dat is een raar land hé. We hebben de film helemaal op locatie gedraaid in een huis in Rodange, in Luxemburg. Een huis met een heel raar sfeertje. Luxemburg voelt sowieso een beetje surrealistisch aan. Dat is een land waar een hoek af is. Ik kende het alleen van concerten, altijd aller-retour. Maar als je daar een maand zit, dan voelt het raar aan. En dat gevoel zit ook in de film. We hebben daar zeven weken gedraaid. Op de duur waren we een echte familie. Nathalie Baye speelt mijn vrouw. Ja, een vriendelijk meisje, heel goeie actrice. Zij was vroeger met Johnny Vakantie. Euh, Johnny Hallyday. Propere dame, geen klachten over. En die jongen die mijn zoon speelt, die speelt fantastisch. Allemaal Franse acteurs."

Talenknobbel

"Hoe komt het dat ik meestal in het Frans acteer? Ik heb ook Vlaamse films gedaan. Camping Cosmos en natuurlijk daarvoor Skin van Guido Henderickx. Waarin ik op een moto zat, een Harley-Davidson. Ik heb nadien nooit meer op een moto gezeten. Ik vraag niet om in films te spelen. Zij vragen mij.

"Ik weet niet waarom het vooral de Fransen zijn die me vragen. Het is ook een toeval. Ik moet de tijd vinden om het te doen. Ik ben een muzikant, ik ben altijd op tournee. Ik heb ook al eens een aanbieding gehad voor een Engelse film. En een Zweedse. En één keer wilden ze me waanzinnig veel geld geven om in een film te spelen.

"En de taal? Geen probleem. Ik spreek niet met een accent. Het zijn de anderen die met een accent spreken. In Franse films moet ik nooit van dat Frans Frans spreken. Ze laten me begaan. In Vlaanderen word ik nu ook niet meer aangekeken op mijn taal. Ik herinner me nog toen ik in de jaren 60 en 70, als je op de radio West-Vlaams sprak, werd uitgekafferd. Ze noemden me een boer. Ik kreeg haatbrieven. Maar (rekt zijn mond en articuleert) 'wij', 'zij', 'hij', 'jij', 'mij', ik krijg daar geen erectie van. Ik spreek geen Nederlands, ik spreek Oostends."

Suzie van Sussex

"Ben ik een andere mens in het Frans? Ik weet het niet. Als ik Frans spreek, dan spreek ik misschien wel geen Frans als een Fransman, maar ik moet mijn woorden niet zoeken. Ik kom uit een stad waar ze vier talen spreken. Ik heb nog geweten dat de straatnamen in Oostende in twee talen waren. Zoals hier in Brussel.

"Ik ben geboren in '49. Als ik in de jaren 60 uitging in de Langestraat, toen waren er cafés waar er uitsluitend Frans gesproken werd en uitsluitend Engels. En het jonge volk uit het Noorden van Frankrijk, uit Rijsel en zo, zakte af naar Oostende, want een nightlife als dat van Oostende kenden ze daar niet. Zelfs de Engelsen kwamen feesten bij ons. De goedkope vluchten naar Torremolinos bestonden toen nog niet.

"Mijn talen heb ik geleerd op straat. En bij mijn liefjes. Ik heb twee zonen met een Française. Niet mijn fout. En ik ben ontmaagd door een Engelse. Door Suzy. Van Sussex. Ik kom uit een tijd dat we talen spraken. Dat is een rijkdom die wij hadden, die de jonge Vlamingen niet meer hebben. Ze spreken geen Frans meer. Terwijl de Walen bezig zijn met een Marshallplan. De jonge Walen spreken Vlaams. En ze kijken naar Vlaamse films.

"En deze film voelt wel een beetje Belgisch aan, en een beetje Frans ook, maar heeft vooral iets noordelijks van toon. Hoe familie er soms niet in slaagt te communiceren, dat was ook een onderwerp in die films van Bergman van vroeger. Niemand kent die nog. En Festen zit er ook wat in. Ik vind het een noordelijke film waarin er Frans gesproken wordt.

"Vroeger ben ik met TC Matic wel vaker op tournee geweest in Scandinavië, in Zweden, Noorwegen, Finland, en zo, en ik herinner me: Zweden, dat was koud. Niet alleen van temperatuur, maar het publiek was even kil, het leek autistisch. Ze spraken er dan wel vrij over de liefde, dat is nu ook veranderd, maar een tournée générale kon daar niet. Elk betaalde zijn eigen pint. En als je naar een winkel ging om alcohol te kopen, moest je je paspoort tonen. Je moest 21 jaar zijn. Zelfs als je 85 was, moest je nog je paspoort tonen. Begrijp je? Maar iedereen was er zat. Ik heb daar mensen gezien bij min vijf graden in bloot bovenlijf, dronken als een orgel. Dat was een klimaat van links conservatisme. Het was er socialistisch hé.

"Bij Bergman zag je rare families. Dat was vreemd voor ons. Maar toen ik over mijn personage nadacht, moest ik soms aan die sferen denken. Alain is ook koud. Het is geen slechte mens. Vind je hem mooi? Ik weet het niet. Ik ben op mijn mooist als ik alleen ben. Ik moet alleen zijn. Dan ben ik mooi. En in de film, ben ik ja, een beetje sul ook hé. Ik zie mezelf niet graag bezig. Als ik mezelf op tv zie, zap ik. Dat is niet goed voor mijn moraal."

Dinosaurus

"Het zijn rare tijden. Ik voel me een dinosaurus. Alles verandert. Ik denk dat we in een cross-over zitten. Ik weet niet wat er binnen een jaar zal gebeuren. We zitten in een cowboyfilm en alles is mogelijk in een cowboyfilm. Bestaat Europa over een jaar nog? Ik weet het niet. Die onzekerheid maakt me bang. Niet voor mezelf, maar voor hen die na ons komen. Wij hebben met ons gat in de boter geleefd. De jaren 60, de jaren 70, de jaren 80.

The sky was the fuckin' limit.

"Mijn zoon zei twee jaar geleden nog: 'Papa, wij studeren voor iets dat binnen vijf jaar misschien niet meer bestaat.' Hij studeert aan de kunstacademie, hij maakt muziek, hardcoretechno, hij schildert. Het is een artiest. En mijn andere zoon studeert informatica.

"Maar wij hebben met ons gat in de boter geleefd. Er was nog solidariteit. Vroeger een café, dat was een meeting point. Maar nu, mensen van beneden de twintig, die gaan niet meer op café. Wij wisten dat Jean, Louis of Linda daar zouden zitten. Nu zitten ze allemaal op het internet. Heel bizar. Die film gaat over nu. Wat er nu gebeurt. En misschien, binnen 20 jaar, gaan ze die film bekijken om ons tijdperk te bestuderen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234