Woensdag 13/11/2019

Iedereen vreest de Steppenwolf

Alle kranten noteerden het netjes: Karel De Gucht is alleen nog in naam voorzitter. De politieke lijn wordt voortaan door Guy Verhofstadt bepaald. Alsof dat nieuws was. Alsof Verhofstadt niet al jaren de echte politieke leider is van de VLD. Zo kennen we hem: succesvol, maar bovenal genadeloos.

'Vanaf nu gaan we aanvallen'. Het was januari 1982, en met die zin besluit Guy Verhofstadt zijn maidenspeech als voorzitter van de PVV. Aanvallen: vanaf de eerste dag is zijn liberalisme agressief.

Aanvallen, en zo snel het gaat. Hij had dat al gedaan bij de eerste verkiezingen waar hij werkelijk iets te zeggen had, in 1981, als politiek secretaris van de PVV en rechterhand van voorzitter Willy De Clercq. De PVV schokt de concurrentie met de slogan 'Niet u, maar de staat leeft boven zijn stand'. De socialisten spuwden op die naar de toenmalige normen ongewoon agressieve slogan. Maar aanvallen loont, want vanaf 1981 zit de PVV weer in de regering. De Clercq wordt vice-premier, en ook Verhofstadt schuift door.

Op zijn 28ste is hij de jongste Belgische partijvoorzitter ooit. Al gebeurt er iets vreemds bij zijn verkiezing. Het PVV-congres kiest de jonge en ultraliberale kandidaat... met een stalinistische meerderheid van 85,7 procent. Er was immers geen tegenkandidaat. Normaal gezien krijgt een kandidaat van de jongeren altijd tegenwind, zeker in een partij als de PVV. Met Verhofstadt was dat plots anders. Even zag het ernaar uit dat ex-minister Gustaaf De Winter in de ring zou treden. Maar die had vlug begrepen dat er voor hem niets te winnen viel met een strijd tegen Verhofstadt. Nog voor zijn officiële installatie als nummer één was er binnen de PVV al niemand meer die tegen hem op durfde.

'Aanvallen', dus. Verhofstadt had het eerst met ideeën gedaan. Het verhaal is bekend, hoe onder zijn leiding de PVV-jongeren al in 1979 de gezapige PVV-hiërarchie knock-out sloegen op het Congres te Kortrijk. Veel medelijden kwam daar toen al niet bij kijken. In hun Verhofstadt-biografie Numero Uno noteren Boudewijn Vanpeteghem en Olivier Mouton in een halfverloren zinnetje: "De minder fraaie kanten - de jongeren kunnen heel hard optreden - zijn al te zien, maar de opmars van de nieuwe generatie behoudt een zweem van romantisme."

Er is nochtans weinig romantisch aan de jonge en brutale voorzitter. Verhofstadt is in die jaren een apologeet van de kille rekenkunde. Inleveren en besparen zijn de sleutelwoorden. Goed, de hogere belastingen zinnen ook de jonge liberaal niet echt. Maar dat de regering snoeit en hakt in de (sociale) uitgaven, dat strookt helemaal met zijn plan om 'de staat te ontvetten'. Ze noemen hem Baby-Thatcher, de Belgische propagandist van de reaganomics. Toen al vergeleek men hem met buitenlandse politici met een uitgesproken offensieve, zoniet agressieve stijl en strategie.

Wie bokst, incasseert zelf ook klappen. In 1983 publiceren tekenaar Jan Bosschaert en scenarist Guido Van Meir Pest in 't Paleis, een scherpe satire op de Wetstraat, waarin de hardste persiflage die is van een sadistisch, eigenkennig, haast autistisch joch: Verafstoodt. Ook in de echte politiek krijgt hij een klap. De Europese verkiezingen van 1984, de eerste met Verhofstadt als voorzitter, betekenen voor de PVV meteen een optater van formaat. De affiche van toen is een spiegel voor de partij vandaag. Slogan: 'De blauwe versnelling'. Kijken aan de zijkant toe, schouder aan schouder: Willy De Clercq en Guy Verhofstadt. Staat vooraan op de affiche, de lijsttrekker, met als speciale vermelding: 'Nu met Karel De Gucht'. De PVV verliest één derde van haar kiezers.

Ook bij de parlementsverkiezingen van 1985 krijgt de PVV kletsen. En Verhofstadt? Verhofstadt valt aan. Hij wordt vice-premier en minister van Begroting en onderhandelt tijdens het regeerakkoord zo hard met de CVP, dat de regering Martens-Verhofstadt inhoudelijk die van hem is. Het is deze regering die beslist tot een van de hardste inleveringsrondes ooit: het beruchte Sint-Annaplan. De minister van Begroting pakt niet alleen de bevolking aan, hij spaart evenmin zijn collega-ministers. In de ministerraad vloeien er tranen, zowel bij Paula D'Hondt als Miet Smet, nochtans geen kamerplantjes.

Tranen vloeien er een paar jaar later ook in eigen rangen. In 1987 behaalde de PVV dan eindelijk een forse verkiezingsoverwinning, maar de CVP-PSC dumpt de PVV (en dus Verhofstadt) en gaat met de SP en de PS in zee. Verhofstadt is razend. Op een partijcongres valt hij Wilfried Martens persoonlijk aan. Hij werpt zich op als leider van een liberaal 'schaduwkabinet'. Maar de titels 'schaduwpremier' of 'fractieleider' volstaan niet. Verhofstadt wil ook naar buiten zijn wat hij écht is, de nummer één van de PVV. Is Annemie Neyts niet partijvoorzitter? Wel, die werd dit alleen omdat voorzitter Verhofstadt in 1985 vice-premier werd, en dus iemand anders de PVV moest beheren. Een intermezzo dat nu afgelopen is. Neyts moet naar af. Ze wil niet, ze stribbelt tegen, maar Verhofstadt is ongenadig. Officieel valt voor Neyts het doek, in werkelijkheid was het de bijl.

Deed Neyts het slecht? Neen, maar Verhofstadt wil een veel hardere oppositie. In die jaren schiet hij op alles wat bewoog. Het Vlaams Blok boekt een grote winst bij de Europese verkiezingen van 1989? Nog tijdens de verkiezingsshow bepleit Verhofstadt een strenger optreden tegen migranten: moslim-meisjes zijn verplicht zwemlessen te volgen, zei hij - en nu komt het - "zo niet zullen wij hen eigenhandig in het water smijten". Overdreven agressieve retoriek, tot (jawel) Annemie Neyts zich afvroeg of ze voor een blauwe dan wel een bruine partij militeerde.

En het kon nog harder, zeker toen Verhofstadt na de verkiezing van 1991 even de staatsmacht in handen leek te hebben, maar mislukte als formateur. Dan maar mokeren op de hoofden en geesten van de kiezers. Zijn Burgermanifest (januari 1991) en De weg naar politieke vernieuwing (juni 1992) waren één lange kritiek op de Belgische politiek, snoeihard en meedogenloos. Verhofstadt kondigde ook de stichting van een nieuwe partij aan. Een 'partij van de burger', volstrekt onafhankelijk van 'de zuilen': de VLD. In de liberale familie voelen velen zich oprecht gekwetst, overtuigde PVV'ers die werken bij de liberale vakbond of mutualiteit. "Het hangt hier mijn kloten uit", riep Emile Flamant, en hij beende woedend weg uit het partijcongres. Verhofstadt, zelf zoon van een werknemer van het ACLVB, ziet niet om. Hij heeft nieuwe vrienden. Jaak Gabriels bijvoorbeeld, die zich met een aantal andere ex-VU'ers bij de liberalen aansluit.

Met de verkiezingen van 1995 beleeft Verhofstadt zijn zwanenzang. De liberale campagne is nóg harder dan voorheen - het bureau Saatchi & Saatchi kopieert de campagne die het voor de Britse Conservatives voerde, compleet met gebrandmerkte werklozen. Het helpt een beetje, maar te weinig. De VLD blijft in de oppositie. Voor het eerst sinds 1981 moet Verhofstadt er even tussenuit. Herman De Croo wordt de nieuwe voorzitter. Journalisten die hem opzoeken, brengen wonderbaarlijke verslagen uit bij hun redacties: "Verhofstadt is menselijker geworden, milder ook." Menselijk, mild: in zijn geval is dat 'nieuws'.

Terwijl senator Verhofstadt als (hardwerkende) secretaris van de Rwanda-commissie zijn nieuwe, compassieuze imago verzorgt, voert hij intern een guerrillaoorlog tegen voorzitter Herman De Croo. Zo snel hij kan grijpt Verhofstadt weer de macht, net op tijd om Dehaene te zien struikelen over de kippencrisis. Een crisis die Verhofstadt mee regisseerde. Voor één keer eens niet agressief, maar geslepen. De oppositieleider overhandigde de premier in zijn ambtswoning de nota-Destickere (met cruciale informatie over de dioxinebesmetting), "ter wille van het staatsbelang", in plaats van er op een persconferentie triomfantelijk mee te zwaaien. Hij kreeg de allure van een staatsman, werd ook de nieuwe premier.

Zeker in het begin was zijn paars-groene coalitie geschapen naar het beeld van zijn premier: voluit voluntaristisch. Maar macht, het is bekend, haalt niet het fraaiste boven in mensen. Verhofstadt heeft het ook meegemaakt. In het begin werden zijn vrienden bedankt en gewaardeerd: bondgenoot Jaak Gabriels werd minister, net zoals ex-woordvoerder Guy Vanhengel, ex-woordvoerder Bart Somers, alsook Annemie Neyts. Een paar jaar later rest vooral een boulevard of broken dreams: Gabriels, Vanhengel, Neyts. Allemaal voelden ze zich gedumpt, te weinig erkend, ook wel gebruikt. Maar ze hielden de kaken op elkaar. Nu heten de nieuwe favorietjes Miguel Chevalier of Hilde Vautmans. Zelfs Rik Daems gaf geen kik telkens als hij voor schut werd gezet door zijn baas. Hij zweeg bij het funeste hotelakkoord van Sabena, hij klaagde niet toen Vande Lanotte en Di Rupo zijn beleid op de Post mochten onderuithalen van Verhofstadt. En hij zelf daarvoor de politieke rekening moest betalen.

Verhofstadt verbrandt mensen, op het meedogenloze af. Akkoord, politiek is niet voor koorknapen, maar moet het zo brutaal? Hij stuurt Hugo Coveliers uit voor een nummertje SP.A-pesten in Antwerpen en knalt hem in één beweging af. Senatoren Coveliers en Jean-Marie Dedecker krijgen het consigne te filibusteren. Niemand die gelooft dat dit plan buiten Verhofstadts medeweten geconcipeerd werd, en bovendien zo tergend lang mocht duren. Een paar weken later: Bart Somers stuntelt in het Vlaams Parlement, door out of the blue te vragen een cruciale stemming uit te stellen. Hij snauwt journalisten en uitgevers af, zeker als hij denkt dat hij hen kan raken. De verzamelde assemblee fluit hem terug: een ongezien verlies van prestige van een minister-president. Nu had Somers niet op eigen initiatief gehandeld, maar op verzoek - bevel - van de premier. Zoals afgelopen week Karel De Gucht de (zij het wat onhandige) uitvoerder was van een strategie die met Verhofstadt was doorgepraat. Ook hij kreeg het lemmet in de rug. Of beter: werd met het hoofd onder de guillotine geschoven - bij een guillotine dondert het mes van boven naar beneden, net zoals in de VLD.

Iedere liberaal met ambitie heeft het begrepen: als Verhofstadt in twee dagen tijd zelfs De Guchts kop eraf krijgt, dan kan hij dat met iedereen. Almachtiger dan een partijvoorzitter, deze premier, een man die met een vingerknip beslist over politiek leven en dood. Neyts? Knip. Vanhengel? Knip. De Gucht? Knipknipknip. Je zag ze ook buitenkomen na dat liberale topoverleg, Herman De Croo en Rik Daems, net zo gemaakt, zo gedwee en onderdanig voor Verhofstadt als de lakeien die in de Kamer voor hen buigen en knippen. Op dat interne topoverleg eerder deze week zag De Gucht al dat hij niet één lettergreep steun kreeg van jonge politici van wie hij toch enig medeleven had verwacht: Marino Keulen en Bart Somers. Verhofstadt wreef hem onder de neus dat hij zich had laten opjagen door Tobback ('toogstrateeg'). De Gucht zweeg en sprak dat niet tegen. Over en uit.

Verhofstadts favoriete boek isSteppenwolf van Herman Hesse. Een wolf - een dier dat doodt en vrees aanjaagt. De Romeinen zeiden: homo homini lupus - de mens is een wolf voor de mens. Hij verscheurt wie dicht bij hem staat. Weer liet de Steppenwolf zijn tanden zien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234