Maandag 28/11/2022

Iedereen vlucht voor de victator

De Hongaarse premier Viktor Orbán (52) zette deze week traangas in tegen oorlogsvluchtelingen. Wie is deze zelfverklaarde antiliberaal, die van een christelijk en 'etnisch' Groot-Hongarije droomt? 'Een man van macht en manipulatie, niet van ideeën en ideologie.'

"Acht jaar jong was ik in 1956. De Sovjets onderdrukten met geweld de opstand in Boedapest. Aan de hand van mijn ouders vluchtten we in het diepst van de nacht naar Oostenrijk. Eens over de grens werden we een aantal uren gegidst door enkele dronken boeren. In ruil gaven we ze al ons geld. We waren met duizenden. Allen kregen we een georganiseerd, warm welkom in Europa. Sindsdien leef ik in Groot-Brittannië."

George Szirtes (67) laat aan de telefoon een stilte vallen. De Hongaars-Britse dichter is somber gestemd nadat hij deze week zag hoe de vluchtelingenstroom aan de Servisch-Hongaarse grens aan het prikkeldraad tot staan werd gebracht door oproeragenten, traangas en het waterkanon. Het stemt hem treurig dat zijn landgenoten hun eigen vluchtgeschiedenis zijn vergeten.

"Sinds 1984 reis ik regelmatig terug naar Hongarije. De laatste keer, twee weken terug, wandelde ik op het Keleti-station van Boedapest tussen de Syrische vluchtelingen. In hun kinderen herkende ik mezelf, bijna zestig jaar geleden. Politiek interesseert een kind niet op zo'n moment, want je bent kwetsbaar, moe en hongerig. Zelf denk ik nog terug hoe vervelend het was toen ik hollend over de Hongaars-Oostenrijkse grens een van mijn schoenen verloor. Deze kinderen verdienen te worden getroost en verzorgd, niet om speelbal te worden van Orbáns angstpolitiek."

De Hongaarse premier sloot deze week niet alleen zijn geografische grens, hij balanceert ook op de limiet van het internationaal recht. Politoloog András Bozóki (56, Central European University) waarschuwt: "Orbán gebruikt de vluchtelingencrisis om buitengewone wetten te introduceren (die meer macht geven aan leger en politie, MR). Dat is het echte en verdere gevaar voor onze democratie."

Propagandazender

Overdreven is die vrees voor meer autoritarisme niet. Orbán kreeg van zijn tegenstanders al de bijnaam 'Victator' sinds hij na zijn herverkiezing in 2010 (na ook aan de macht te zijn geweest van 1998 tot 2002) alle macht naar zijn partij trok. Hij herschreef de Hongaarse grondwet op zo'n wijze dat er geen onafhankelijke media, magistratuur en cultureel middenveld meer is. Overal zwaaien zijn getrouwen nu de plak. De liberale en linkse oppositie is verdeeld en staat zogoed als buitenspel.

Bozóki: "Er is door zijn toedoen geen democratische controle meer op onze instellingen. De meeste Hongaren durven de regering niet meer openlijk te bekritiseren omdat ze hun baan kunnen verliezen. Onderwijzers, artsen en journalisten moeten de regeringslijn volgen. De staatstelevisie is geen openbare omroep, maar een propagandazender. Jongeren kijken wel naar internet, maar op het platteland worden tv-kijkers geïndoctrineerd. Succes hangt niet langer af van verdiensten, maar van loyauteit aan zijn Fidesz-partij."

George Szirtes: "Bij mij roept Orbán herinneringen op aan donkere periodes in onze geschiedenis. Het zorgwekkendst vind ik zijn gelijkenis met het Hongarije van 1920 tot 1944, toen mijn land bestuurd werd door de autoritaire generaal Miklos Horthy (die een tijd met Hitler collaboreerde, MR). Onder Orbán is er nu een tendens om figuren zoals Horthy in eer te herstellen.

"In de praktijk zie ik ironisch genoeg ook parallellen met de communistische periode, toen autoritaire leiders zoals János Kádár (1956-'88) ook burgerlijke vrijheden onderdrukten."

Ommezwaai naar antiliberaal

Nochtans bracht het verzet tegen de communisten in 1989 de jonge Orbán in de politiek. Door Oost-Europa denderde een democratische revolutie die overal het IJzeren Gordijn neerhaalde. In Boedapest werd Imre Nagy, de leider van de revolte tegen de USSR in '56, herbegraven.

Een jonge, ongeschoren voetballer met lang haar (een speler van FC Felcsút) durfde het aan om op de plechtigheid van Sovjetleider Mikhail Gorbatsjov te eisen dat de Russische tanks zouden worden teruggetrokken. Zijn naam was Viktor Orbán. Hij stond mee aan de wieg van Fidesz, een coalitie van jonge liberalen. Korte tijd later rolden de Russische tanks weg. Orbán werd na de eerste vrije verkiezingen parlementslid.

"Ik was op de herbegrafenis van Nagy en luisterde aandachtig naar Orbán", vertelt Szirtes. "Hij verpersoonlijkte toen een 'revolutionair liberale' reactie op de bezetting. Toch ontging het ook mij toen niet dat hij in zijn toespraak soms nogal agressief uit de hoek kwam."

Een kwarteeuw later werd Orbán zijn eigen antithese. "Hongarije wordt een antiliberale staat", verklaarde hij na de verkiezingen van april 2014.

Politoloog Bozóki keek daar niet vreemd van op. Zelf politicus geweest bij Fidesz van '88 tot de partij conservatief werd in '93, leerde hij Orbán kennen als nietsontziende machtspoliticus: "Voor Orbán is politiek conflicten creëren en gevechten winnen. Hij is een man van macht en manipulatie, maar geen man van ideeën en ideologie. Onze burgers maakt hij altijd wijs dat we een onafhankelijkheidsoorlog voeren tegen externe vijanden, vroeger van buitenlandse banken tot eurocraten en nu zijn het vluchtelingen."

Volgens Oost-Europakenner Raymond Detrez speelt Orbán ook steevast in op diepgewortelde historische trauma's. "Voor mij is hij van nature uit altijd een nationalist geweest, zoals veel Hongaren trouwens. Er heersen tot vandaag nog steeds grote frustraties over het Verdrag van Trianon (4 juni 1920) toen de overwinnaars van de Eerste Wereldoorlog het land inkrompen tot minder dan één derde van zijn oorspronkelijk grondgebied."

Orbán maakte van 4 juni zelfs een 'dag van nationale eenheid'. Onder zijn impuls hangen overal in Hongarije ook weer kaarten aan de muur van Groot-Hongarije, dat tussen 1867 en tot na WO I in 1919 een gelijkwaardige status had als Oostenrijk in de Habsburgse dubbelmonarchie. Daartoe behoorden Transsylvanië (in het huidige Roemenië), maar ook gebieden in het huidige Slovakije en de Servische regio Vojvodina waar de vluchtelingen nu toestromen.

Voorbeeldfunctie

Onschuldig zijn de kaarten niet. Orbán maakt er geen geheim van dat hij Hongaarse staatsgrenzen ondergeschikt acht aan de natie. Hij voert een politiek van 'nationale hereniging', waarvan de meest verregaande maatregel het toekennen is van het Hongaarse burgerschap en stemrecht aan de Hongaars-sprekende minderheden in zijn buurlanden. "Een heel kwalijke zaak", noemt Detrez dat.

Orbán bouwde er de voorbije jaren een extraterritoriaal stemmenreservoir mee uit. Tegelijk zaaide hij de kiemen voor grensgeschillen. Het EU-lidmaatschap kanaliseert tot dusver deze spanningen, zolang hem dat uitkomt.

Politoloog Bozóki: "Orbán gelooft dat het EU-lidmaatschap en een politiek bondgenootschap met het Westen enkel belangrijk zijn zolang ze zijn prioriteit van 'nationale hereniging' niet in de weg staan."

In Orbáns visie wordt de natie gedefinieerd door bloedbanden. De Roma-minderheid - veelvuldig slachtoffer van racisme - en moslims horen niet in zijn volksconcept thuis. Onder Orbán is de islam geen erkende religie. Sterker, zijn stalen hek dient voor Orbán ook als dam tegen de religie. Een Hongaarse EU-attaché vertelde ons deze maand in Brussel nog bloedernstig dat zijn land zich beschermt "om niet zoals in de 16de eeuw veroverd te worden door de Ottomanen, die ons ook eerst infiltreerden".

De Hongaarse premier gelooft zelf dat hij de EU een dienst bewijst door de 'christelijke identiteit' van het continent te beschermen. Behalve een flauw grapje - waarbij hij Orbán begroette met de woorden "hallo dictator" - floot Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker hem dit jaar in het openbaar nog niet terug. Beiden zijn lid van de overwegend christelijke Europese Volkspartij (EVP), die Orbán ondanks zijn omstreden beleid nog steeds als 'familie' beschouwt.

Bozóki: "Alle centrumrechtse Europese politici die hem nu zijn spel laten spelen, zouden zich moeten schamen."

Waarnemers wijzen erop dat toespraken van Orbán in het Hongaars steevast nog een stap verder gaan. Op 5 september sprak hij in Kötcse parlementsleden van Fidesz toe, ver van de camera's, maar de speech werd wel verspreid door zijn kabinet. Orbán vertelde er dat het hek ook de Hongaarse etnie moest beschermen. "Hongarije moet zijn etnische en culturele samenstelling beschermen", zei hij. "In de ogen van de liberalen is dit vandaag onze grootste zonde, maar we hebben het recht om een artificiële, versnelde en opgelegde bevolkingssamenstelling niet te aanvaarden."

Detrez wijst er wel op dat Orbán lang niet meer de enige is die aan zulke framing doet: "Multiculturaliteit bestempelen als een 'gevaar' is een retoriek die we niet alleen in Hongarije, maar ook overal elders in Oost-Europa tot zelfs in westerse lidstaten als Frankrijk horen (door het Front National, MR). Orbán is niet zo'n geïsoleerd figuur als men soms denkt, wel de strafste uit een grotere groep politici. Ik ben net terug uit Bulgarije waar velen Orbán als inspiratie beschouwen. 'Zo zouden wij het ook moeten doen', hoor je daar. Ik zie toch een gevaar dat hij een voorbeeldfunctie krijgt in andere Oost-Europese lidstaten."

Bozóki is het daar mee eens. "Orbán gebruikt de vluchtelingencrisis nu niet alleen om zijn interne macht te versterken in aanloop naar 2018, hij is ook gaan geloven dat een meerderheid van Europese kiezers denkt zoals hij. Voor de eerste keer ziet hij zichzelf als een Europees leader, op een groter podium."

Word wakker, EU

Volgens Detrez ziet men hem ook als iemand die 'nee' durft te zeggen tegen Brussel, tegen een EU die niet meer zo populair is door de betutteling tijdens de financiële crisis. "Soms hoor je zelfs zeggen: 'vroeger was het Moskou, nu Brussel' - al is dat uiteraard een verkeerde voorstelling van zaken omdat ze door democratische inspraak zelf mee 'Brussel' vormen. Populisten als Orbán vermelden dat nooit."

De EU zou Orbán moeten terechtwijzen door hem op zijn financiële afhankelijkheid van Brussel te wijzen, vindt Bozóki. "Weinigen willen onder ogen zien dat de grootste truc van Orbán is om EU-belastinggeld te gebruiken voor een beleid dat regelrecht indruist tegen de gedeelde EU-waarden en -verdragen. Hij heeft paradoxaal genoeg nood aan de inkomende EU-fondsen om zijn Hongaarse clientèle te bevredigen en zijn anti-EU-beleid te sponsoren.

"Er is nood aan een principiëler en vastberadener EU-leiding die deze hefboom gebruikt. Er moet een bredere discussie op gang worden gebracht over Hongarije. Men zou zich niet telkens moeten concentreren op kleine stapjes van zijn beleid, maar wel op zijn systeem, dat in toenemende mate afglijdt naar dat van een autoritaire maffiastaat in de EU."

De EU kan in principe ook overwegen om Orbáns stemrecht in de Raad te ontnemen als hij fundamentele rechtsregels overtreedt, maar dat is risicovol. Dichter Szirtes vreest in dat geval voor een boemerangeffect: "Onder de Hongaren bestaat nu al zoiets als een 'belegerd fort'-mentaliteit. Als de EU premier Orbán bestraft, dreigt het nationalisme alleen maar toe te nemen. Daarvan zou vooral Jobbik profiteren."

Jobbik is, net zoals Gouden Dageraad in Griekenland, een neonazipartij die verkozen is in het parlement. Orbán wil officieel niets met Jobbik te maken hebben, maar legt hen tegelijk ook geen strobreed in de weg. Hij gaat met hen om zoals admiraal Horthy aan het begin van WO II de nazistische 'Pijlkruisers' (Nyilaskeresztes Párt) tolereerde. Maar in 1944 verdreven ze met hulp van Hitler uiteindelijk Horthy van de macht en deporteerden Roma, Joden en dissidenten naar de concentratiekampen.

Veeg teken

Onder Orbán zag Hongarije naast het politieke Jobbik ook al de oprichting van paramilitaire milities, zoals de Magyar Gárda (Hongaarse Wacht), Védero (Beschermingsmacht) en Betyársereg (Wettelozen) die gewelddadige strafexpedities uitvoeren tegen de Roma-minderheid.

Bozóki: "Orbán beweert dat zijn beleid Jobbik marginaliseert. In feite maakte hij van hun ideeën het centrumdenken. In West-Europa kan extreemrechts gestopt worden omdat het centrum democratisch is. In Hongarije hebben we twee extremistische partijen: Fidesz en Jobbik. Orbán noemt zich centrum, maar hun politiek verschilt nauwelijks."

Waar stevent Hongarije op af zonder koerswijziging? Bozóki: "Als hij verder de Jobbik-weg inslaat, riskeert hij een exit uit de EU, ook al wil hij dat niet."

Dichter Szirtes: "Zoals Spanje onder Franco, vrees ik, of actueler zoals Rusland onder Poetin misschien. Merk op dat Orbán goede relaties heeft met het Kremlin. Beiden wijzigden hun kieswetten om herverkiezing te vergemakkelijken, werpen zich op als sterke man, staan sceptisch tot vijandig tegenover West-Europa en richten zich op hun minderheden in buurlanden."

Nog een veeg teken vindt Szirtes dat steeds meer jonge Hongaren het in eigen land voor bekeken houden. "Wist je dat een geschatte 500- tot 700.000 Hongaren het land verlieten sinds Orbáns verkiezing in 2010? Velen om economische redenen, maar velen stemden uiteindelijk ook met de voeten. Orbán stopt niet alleen vluchtelingen, hij jaagt ook opnieuw Hongaren op de vlucht. Zoals ook ik ooit moest vluchten."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234