Woensdag 22/09/2021

IBF laat boksers betalen voor goede klassering

De wereldtitelkamp tussen Evander Holyfield en Lennox Lewis van 13 maart was geen goede propaganda voor de boksssport. De match eindigde onbeslist terwijl de toeschouwers een duidelijke zege voor Lewis hadden gezien. De commotie zorgde ervoor dat verschillende onderzoeken naar onregelmatigheden werden gestart. Het boksmilieu wordt echter al lang niet enkel bevolkt door liefhebbers van de sport, maar ook met figuren met minder edele bedoelingen. Zo zou, volgens de krant The New York Times, de Grand Jury in Newark in een onderzoek naar corruptie getuigenissen verzameld hebben die omkoping aan het licht brengen bij de International Boxing Federation (IBF), één van de drie grote boksbonden. De federatie zou geld aanvaard hebben om boksers een betere ranking te bezorgen.

Robert Lee, stichter en hoofd van de IBF, ontkent in alle toonaarden. Volgens hem richt het onderzoek zich naar hem omdat de andere bonden buiten schot blijven van de onderzoekers. De WBA en WBC zijn respectievelijk in Venezuela en Mexico gevestigd, de IBF heeft haar thuisbasis in East Orange, New Jersey.

Nochtans is Lee zelf niet onbesproken. Hij richtte in 1983 de IBF op om de sport te zuiveren van onregelmatigheden, zo beweerde hij. Voordien was hij werkzaam bij de New Jersey Athletic Commission, een overheidsorganisatie die toezicht hield op het boksen in de staat. Een federaal onderzoek naar corruptie in de bokssport begin jaren '80 bracht echter bewijzen aan het licht dat Lee in zijn hoedanigheid als overheidsfunctionaris steekpenningen aannam. Lee hield vol dat niets bewezen werd, maar hij moest er wel zijn job opgeven.

Nu zou zijn organisatie geld aanvaarden om boksers een betere ranking te bezorgen. Minstens één boksmanager, Ron Wheaters, heeft inmiddels toegegeven aan de Grand Jury dat zijn taak erin bestond steekpenningen te geven aan de IBF om zijn boksers op de ranking te krijgen. "Je kan slechts zaken doen met hen als je ze betaalde", vertelde Wheaters over de IBF en andere boksbonden.

Het huidige onderzoek is een uitvloeisel van een klacht uit 1994 van voormalig wereldkampioen bij de zwaargewichten, Michael Moorer. Hij beweerde toen de eerste positie in de rankings ontzegd te zijn en voorbijgestoken te zijn door twee mindere boksers, onder wie Francis Botha, een poulain van bokspromotor Don King. Volgens Moorer zou Lee dit geweten hebben aan het feit dat Moorer te weinig wedstrijden bokste.

Moorer verzamelde aantijgingen tegen Lee. Zo verklaarde promotor Dan Duva onder ede dat Doug Beavers, de IBF-verantwoordelijke van de rankings beweerde door Lee bevolen te zijn Botha op plaats één te zetten. Seth Abrahams, baas van Time Warner-HBO Sports, liet optekenen hoe Don King hem zijn methode om Botha voor Moorer te krijgen uitlegde. "Don King weet beter dan wie ook hoe de organisaties te gebruiken", beweerde Abrahams. "Maar alle promotors doen wat hun toegelaten wordt door de bonden."

Moorer trok, na een premie van drie miljoen dollar en een belofte voor een titelkamp, zijn klacht in, maar de getuigenissen intrigeerden de onderzoekers zodanig dat ze besloten een eigen onderzoek te starten. (FC)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234