Maandag 17/02/2020

Ian Buruma pleit voor een ruime invulling van de vrijheid van meningsuiting

Laat bisschop Williamson en Geert Wilders spreken

Ian Buruma is auteur van Murder in Amsterdam: the Death of Theo van Gogh and the Limits of Tolerance. Hij is professor democratie, mensenrechten en journalistiek aan Bard College. Zijn jongste boek is The China Lover.

In een lange brief heeft paus Benedictus XVI deze week zijn beslissing toegelicht over de opheffing van de excommunicatie van vier integristische bisschoppen van de Priesterbroederschap Pius X. De paus gaf toe een vergissing te hebben begaan en wees op het belang van 'informatie zoeken op internet' om zulke misstappen in de toekomst te voorkomen. Ian Buruma vraagt zich intussen af hoe we het best omgaan met uitlatingen als die van bisschop Williamson en brengt ze in verband met de standpunten van de Nederlandse politicus Geert Wilders: 'Laat ze spreken, zodat ze beoordeeld kunnen worden.'

Bisschop Richard Williamson heeft een paar bijzondere en gewoonweg verwerpelijke ideeën: dat er geen Joden werden gedood in gaskamers tijdens de Tweede Wereldoorlog, dat de Twin Towers op 9/11 werden neergehaald door Amerikaanse explosieven en niet door vliegtuigen en dat de Joden strijden om te heersen over de wereld, om de troon van de antichrist in Jeruzalem voor te bereiden.

Het Vaticaan oordeelde dat 's mans ideeën over de rooms-katholieke doctrine zo ver van de moderne kerk afstaan dat ze hem in 1988 excommuniceerden, samen met andere leden van de ultraconservatieve Priesterbroederschap Pius X, opgericht door de met de fascisten dwepende Marcel Lefebvre. Onder de aanhangers van Williamson bevindt zich ook de Britse historicus David Irving, die onlangs in Oostenrijk in de cel vloog wegens het verheerlijken van de nazi's.

De bisschop komt dus niet meteen over als een innemende man. Maar verdient hij daarom alles wat hem nu boven het hoofd lijkt te hangen? Door zijn mening te verkondigen op de Zweedse televisie werd hem een vernieuwd lidmaatschap van de kerk ontzegd, wat hem nochtans was beloofd door paus Benedictus XVI. Misschien is dat maar goed ook. Maar hij werd ook uit Argentinië geschopt, waar hij woonde. En hij wordt mogelijk uitgeleverd aan Duitsland, waar alles in gereedheid wordt gebracht om hem te vervolgen voor het ontkennen van de Holocaust.

Laten we ondertussen ook eens stilstaan bij een andere onaantrekkelijke man, de Nederlandse politicus Geert Wilders. Hem werd vorige maand de toegang ontzegd tot Groot-Brittannië, waar hij zijn korte film Fitna zou presenteren. De film beschrijft de islam als een terroristisch geloof. Terug in Nederland hangt hem een rechtszaak aan een Amsterdams hof boven het hoofd wegens het verspreiden van haat tegenover moslims. Hij vergeleek de Koran met Hitlers Mein Kampf en wil een einde maken aan de immigratie van moslims in Nederland.

Het verbod om Groot-Brittannië te betreden en de nakende rechtszaak hebben Wilders eigenlijk populairder gemaakt in Nederland. Volgens een peiling zou zijn populistische antimoslimpartij PVV 27 zetels in het parlement bemachtigen mochten er nu verkiezingen zijn. De reden voor Wilders' toenemende populariteit is een wijdverspreid wantrouwen tegenover moslims, maar heeft ook te maken met het feit dat hij met succes een imago heeft opgebouwd als voorvechter van de vrije meningsuiting.

Het principe van de vrije meningsuiting, een van de fundamentele rechten van liberale democratieën, betekent dat we tot op zekere hoogte moeten leven met ideeën die we verwerpelijk vinden. De vraag is alleen: tot op welke hoogte? De wetten over de vrijheid van meningsuiting verschillen van land tot land. In verschillende Europese democratieën, waaronder Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk, wordt de ontkenning van de Holocaust als een misdrijf beschouwd. Vele democratische landen hebben ook wetten die het aanzetten tot haat en geweld verbieden. Sommige landen, waaronder ook Nederland, hebben zelfs wetten tegen het opzettelijk beledigen van mensen op basis van hun ras of religie.

De ideeën van bisschop Williamson mogen misschien weerzinwekkend zijn, een strafrechtelijke vervolging is wellicht een slecht idee. Hij moet worden bekritiseerd, zelfs uitgelachen, maar hij moet niet achter de tralies worden gezet. In dat opzicht was het wellicht beter geweest als Wilders zijn verachtelijke film in Groot-Brittannië had gepresenteerd dan dat hem de toegang geweigerd werd. Wat je ook van de wetten tegen het verspreiden van haat en het beledigen van mensen vindt, de wet blijft een bot instrument wat de vrijheid van meningsuiting betreft.

Toch is de vrijheid van meningsuiting niet absoluut. Zelfs Wilders, met zijn absurde oproep om de Koran te verbieden, gelooft duidelijk dat er grenzen zijn - voor zijn opponenten uiteraard, niet voor zichzelf. Maar het is niet makkelijk om precies te definiëren waar die grenzen moeten liggen, want ze worden bepaald door wie wat zegt tegen wie, en zelfs waar.

Williamsons opvattingen waren plots belangrijk, omdat deze duisterepriester door de paus in ere zou worden hersteld. Dat had institutionele legitimiteit verleend aan zijn persoonlijke ideeën. In het geval van Wilders maakt het een verschil uit dat hij een politicus is, en niet zomaar een privépersoon die gevaarlijke vooroordelen aanwakkert tegenover een kwetsbare minderheid.

In de beschaafde wereld zeggen mensen vele dingen niet, ongeacht de vraag over de wettelijkheid ervan. Woorden die jonge zwarte mensen in Amerikaanse steden onder elkaar gebruiken, zouden heel anders klinken als jonge blanke mensen ze zouden hanteren. De spot drijven met de gebruiken en het geloof van minderheden is niet helemaal hetzelfde als de gewoonten en opvattingen van de meerderheid hekelen.

Als dat naar politieke correctheid ruikt, het zij zo. Maar de beschaafdheid, zeker in landen met een grote etnische en religieuze diversiteit, zou snel eindigen mocht iedereen de vrijheid nemen om om het even wat te zeggen over om het even wie. Het probleem is waar je de lijn trekt. In wettelijk opzicht zou dat waarschijnlijk het moment zijn waarop woorden worden gekozen die aanzetten tot geweld. In maatschappelijk opzicht zijn er te veel variabelen om een absoluut, universeel principe vast te stellen. De juiste grenzen moeten voortdurend uitgetest, betwist en heronderhandeld worden.

Mensen zoals bisschop Williamson en Geert Wilders zijn nuttig in de mate waarin ze ons in staat stellen dat te doen. Laat ze spreken, zodat ze beoordeeld kunnen worden. Niet in de rechtszaal, maar via ideeën die het tegengestelde beweren. Hen de mond snoeren, geeft ze de kans zich uit te roepen tot martelaars voor de vrijheid van meningsuiting. Dat maakt het niet alleen moeilijker om hun ideeën aan te vallen, het bezorgt de vrijheid van meningsuiting ook een slechte naam.

Grenzen moeten voortdurend uitgetest, betwist en heronderhandeld worden. Mensen zoals bisschop Williamson en Geert Wilders zijn nuttig in de mate waarin ze ons in staat stellen dat te doen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234