Woensdag 25/11/2020

'I'm a lucky man'

Een speling van het lot bracht journalist Koen Vidal op het pad van Wolfgang 'Wolf' Suschitzky. Met zijn 102 jaar (en net nog een nieuw boek uit) stond deze fotograaf op de eerste rij van de 20ste eeuw. 'Ik overleefde de Holocaust, leefde met een fantastische vrouw, kreeg prachtkinderen en mocht wereldleiders en actrices ontmoeten. Mij hoor je niet klagen'

Londen, drie weken geleden. Het interview met Ben Okri is net afgelopen. Het voorbije anderhalf uur hield de beroemde Nigeriaanse schrijver een vurig pleidooi voor meer verbeeldingskracht en mentale vrijheid. Hij had gevloekt op het bandeloze kapitalisme en ook op al die angstberichten over terreur.

'Mijn goede riend'

Maar nu is Okri even zwijgzaam. We genieten van het kleine Italiaanse restaurant dat uitkijkt op het kanaal van Little Venice. Woonbootjes, bomen, meeuwen. Het plaatje lijkt meer op Amsterdam dan op Londen. Okri zet zich recht en met een frons vraagt hij hoe we dat nu gaan doen met de foto's. Want de fotograaf die een Eurostar later had genomen, is nooit gearriveerd. Ergens tussen Dover en Londen heeft iemand zich onder de locomotief gegooid, waardoor de trein nu al urenlang stilstaat op het Engelse platteland. Ik antwoord Okri dat hij zich geen zorgen hoeft te maken. Dat onze fotomensen in Brussel wel een mooi portret van hem zullen vinden bij een van de agentschappen.

Hij knikt van neen. "Ik heb een beter idee. Hier vlakbij woont mijn goede vriend Wolf. Fantastische fotograaf. Hij heeft net een nieuw boek uit. Ja, laten we dat doen. We vragen het aan Wolf!"

Verzet lijkt zinloos.

Even later staan we voor Douglas House, een mooi appartementsgebouw aan het kanaal. Uit de parlofoon klinkt een zachte stem. "Kom maar naar boven, Ben. Ik zal zien wat ik voor jou kan doen."

Madame Tussauds

Met een geheimzinnige glimlach zegt Okri dat Wolf 102 jaar oud is. Ik kijk hem ongelovig aan. Als we op de bovenste verdieping de lift uitstappen, worden we inderdaad begroet door een oude, tengere man. "Wolf Suschitzky is mijn naam, nice to meet you." Waarop hij nog even mijn hand vasthoudt en begint te glimlachen. "Sommige gasten kijken me aan alsof ik een beeld van Madame Tussauds ben. Ik hoop dat u dat niet gaat doen."

Wolf leidt ons binnen in zijn woonkamer. Overal boeken. Kunstboeken, fotoboeken, romans. Aan de muur hangt een indrukwekkend zwartwitportret van een gorilla. En daarnaast een mooie foto van een vrouw in zwarte jurk die over een plas springt. Wolf overhandigt me zijn nieuwe boek: Wolf Suschitzky, Seven Decades of Photography. Ik begin te bladeren en zie foto's van het reuzenrad in Wenen (1930), de toeristische dijk van Scheveningen (1938), een militaire parade langs de Seine (1939), de ravage van de Blitzkrieg in Londen (1940), een dromerig meisje in Trinidad (1960) en een toeristenkudde voor de Mona Lisa in het Louvre (1982). Op de achterflap staat een foto van Wolf zelf met een oude Zeiss Ikoflex-camera in zijn handen.

Gelukkigste dag

Ondertussen vertelt de fotograaf over zijn leven. Geboren in 1912 in Wenen, van joodse afkomst, zijn vader voedt hem vrijzinnig op en opent de eerste progressieve boekhandel van het land. In 1934 vlucht Wolf voor de nazi's naar Amsterdam, waar hij met een Nederlandse huwt.

"Amper een jaar later verliet ze me voor een ander. Maar achteraf gezien was dat de gelukkigste dag van mijn leven. Want daardoor ben ik bij mijn zus in Londen gaan wonen en ontsnapte ik aan de Holocaust."

Wolf opent een kast en haalt een Ilford-fotomap tevoorschijn. Hij legt de map op tafel, doet ze open en haalt er de ene foto na de andere uit. Een portret van Israëls founding father David Ben-Gurion.

De beroemde schrijver Aldous Huxley ook, India's eerste premier Jawaharlal Nehru, filosoof en Nobelprijswinnaar Bertrand Russell, War of the Worlds-schrijver H. G. Wells, Nobelprijswinnaar en penicilline-uitvinder Alexander Fleming, Oscarwinnaar Michael Caine.

Het wordt stilaan duizelingwekkend. Wolf Suschitzky zat op de eerste rij van de geschiedenis en kan het nog allemaal navertellen.

Een wat ongeduldige Ben Okri vraagt wanneer Wolf nu dat portret van hem gaat maken. Ik probeer Wolf duidelijk te maken dat hij zich zeker niet verplicht moet voelen en dat er geen probleem is als hij deze opdracht weigert. Maar ondertussen heeft hij al een digitale Canon-camera uit de kast gehaald. Hij legt het toestel op zijn schoot en begint met grote beheersing op knopjes te duwen en aan het radertje te draaien.

Een 102-jarige man die als een twintigjarige een digitaal toestel bedient, met alle respect, maar het is een opmerkelijk zicht. Ondertussen gaat Wolf verder met zijn levensverhaal. "Ik fotografeerde het liefst dieren en kinderen. Waarom? Omdat die achteraf nooit klagen." Dan tilt hij z'n Canon op en met zachte stem vraagt hij of Okri zijn hoofd even kan draaien. Wolf drukt af. Klik, klik...klik, klik. Tien seconden duurt het, niet langer. Even later laat hij ons op het schermpje vier mooie portretten zien.

"Ha, mijn ogen en mijn vingers doen het nog steeds goed. Nu de rest nog." Wolf is een man van de lach. Als Ben Okri hem bij het buitengaan vraagt naar het geheim van zijn ouderdom, heeft hij zijn antwoord klaar: "Een beetje sport, lief zijn voor je medemens, humor and plenty of sex."

Boek in levenden lijve

Terug in België blijft Wolf Suschitzky door mijn hoofd spoken. Hoe dicht kun je bij de 20ste eeuw geraken? Wolf is als het indrukwekkende boek In Europa van Geert Mak, maar dan in levenden lijve, van vlees en bloed. Op internet lees ik dat hij een van de belangrijkste fotografen en documentairemakers is van de 20ste eeuw, en drie jaar geleden nog een BAFTA-award won voor zijn filmwerk.

In een opwelling bel ik hem met de vraag of ik nog eens mag langskomen, deze keer voor een uitgebreid interview. "Of course, young man. If I don't break my neck you can come next Thursday." Hij waarschuwt me dat zijn lift defect is en dat ik op eigen kracht naar de vierde verdieping moet klimmen. Maar hoe doet híj dat dan, vraag ik. "O, voor een 102-jarige is dat inderdaad wel een behoorlijke inspanning. I'm still kicking but not so high anymore." Waarna hij me in zijn Nederlands van de jaren dertig nog een fijne dag wenst. "Goeiedag en tot ziens."

Een week later sta ik opnieuw in Wolfs flat. Deze keer vergezeld door fotograaf Stephan Vanfleteren en met een doos Belgische pralines als attentie. Wolf weet niet goed waar hij zijn verhaal moet aanvatten. "Zal ik beginnen met mijn allereerste jeugdherinnering?"

Wolf vertelt over het einde van de Eerste Wereldoorlog en de dag dat het Oostenrijks-Hongaarse rijk ten val kwam. "Die dag herinner ik me nog heel goed. Ik wandelde met mijn vader over de Ringstraße. Aan het parlement nam mijn vader me op zijn schouders en kon ik die enorme mensenmassa zien. Leiders hielden toespraken. Niet dat ik er iets van begreep. Maar het maakte een onuitwisbare indruk op me. Pas achteraf besefte ik dat het de dag was dat de 19de eeuw voorgoed werd begraven en de 20ste eeuw pas echt begon."

Wolfs vader speelt een belangrijke rol in zijn jeugd en die van zijn vier jaar oudere zus Edith. "Mijn vader was een heel progressieve man. Een humanist die bewust gebroken had met de religieuze joodse gemeenschap. Hij wilde zijn kinderen opvoeden zonder druk van een of andere religie. Hij opende de eerste progressieve boekhandel van de stad en in de etalage lagen onder andere boeken over vrouwenrechten en abortus. U kunt zich al voorstellen dat dat voor behoorlijk wat commotie zorgde. Het stadsbestuur vond dat mijn vader de geesten van de jongeren verpestte."

Het gezin woont in een driekamerflatje boven de boekhandel. Kleine Wolf ontmoet er de belangrijke auteurs van dat moment. "En als hij niet moest werken, nam vader ons mee naar musea. Mijn favoriete plaats was het Belvedere met de beroemde schilderijen van Gustav Klimt, Egon Schiele en Oskar Kokoschka. Je had er ook een mooi uitzicht op de stad Wenen."

Atoomenergie

Het zijn gelukkige tijden. Wolf loopt school op een gerenommeerd internaat.

"Het was een fascinerende periode. Alles was nieuw. Onze leraar natuurkunde vertelde over een nieuwe uitvinding: de atoomenergie. Met minuscule atomen zouden weldra hele steden verlicht worden. Het klonk als een fantastisch avontuur. Wisten wij veel dat er ooit atoombommen zouden komen die Hiroshima en Nagasaki in de as zouden leggen. Dat er nooit een oplossing zou gevonden worden voor het nucleaire afval van kerncentrales.

"Als onze leraar fysica toen voorspeld had dat de grootmachten over voldoende kernbommen zouden beschikken om elkaar meerdere malen uit te moorden, we zouden hem voor gek hebben verklaard. De mogelijkheid dat er ooit een nucleaire oorlog kan plaatsvinden, blijft ook voor een 102-jarige een verschrikkelijk vooruitzicht."

Eind de jaren twintig gaat zus Edith Suschitzky in het Duitse Dessau fotografie studeren aan de befaamde Bauhauskunstschool. De strakke Bauhauslijnen, gecombineerd met een voorkeur voor sociaal geëngageerde straatfotografie maken van Edith Suschitzky eveneens een van de meest opmerkelijke fotografen van de 20ste eeuw. Grote zus zou een beslissende invloed hebben op Wolf.

"Maar er is nog een reden waarom ik fotografie ging studeren. Ik was gek op wilde dieren en had graag zoölogie gestudeerd. Maar toen kantelde de Weense samenleving. Begin jaren dertig, op enkele jaren tijd, veranderde Wenen van een progressieve stad in een fascistisch en uitgesproken antisemitisch oord. Het werd een plaats waar ik steeds minder levenslust kon vinden en waar ik niet langer wilde leven. Als progressieve jood besefte ik dat ik een beroep moest kiezen dat ik makkelijk overal ter wereld kon uitoefenen. Een camera is klein en foto's maken kan je overal. Mijn levenskeuze was gemaakt."

Amoureuze omweg

Uiteindelijk is het de Oostenrijkse burgeroorlog van 1934 die Wolf en zijn zus uit Wenen drijft; een ondertussen vergeten conflict dat het leven kost aan tweeduizend mensen, waarbij het parlement wordt ontbonden en de leiders van de sociaal-democratische partij en de vakbonden worden opgepakt. Er komt een fascistisch bewind à la Mussolini aan de macht.

"Er was geen plaats meer voor ons in Wenen. Edith en ik namen onze camera, een koffer en we vertrokken. Edith onmiddellijk naar Londen, en ik zou via mijn korte amoureuze omweg in Amsterdam uiteindelijk ook in Londen terechtkomen."

Wolfs vader zou in de nasleep van de fascistische staatsgreep zelfmoord plegen. "Zijn droom van een progressief Wenen lag aan diggelen en zijn twee kinderen waren naar het buitenland gevlucht. Hij raakte in een zware depressie en zou zich uiteindelijk door het hoofd schieten.

Anschluss

"Toen Edith en ik dat verschrikkelijke nieuws hoorden, waren we kapot van verdriet. We hielden verschrikkelijk veel van hem. Maar wat we toen nog niet ten volle beseften, was hoe belangrijk hij zou zijn in ons verdere leven. Pas doorheen de jaren voelde ik hoe zijn moderne ideeën, zijn humanisme, zijn zachtheid en onze tochtjes naar het Belvedere diep in mij waren doorgedrongen."

Vijf bizarre jaren

Dan volgen er voor Wolf vijf bizarre en onwerkelijke jaren. Hitler die met de Anschluss Oostenrijk annexeert, de nazi's die het hele Europese continent veroveren en zes miljoen joden vermoorden. "Ik voelde me verschrikkelijk. Zes miljoen joden, zigeuners en homoseksuelen die in gaskamers vernietigd werden. Toen dat na de oorlog bekend raakte, was ik onthutst en ik blijf het nog steeds onbegrijpelijk vinden dat een zogenaamd beschaafd land tot zoiets in staat was.

"Edith en ik waren er in 1939 nog net in geslaagd om moeder naar Londen te halen, maar mijn oom en zijn vrouw hebben we niet kunnen redden. Ze waren naar Frankrijk gevlucht, maar de Franse politie heeft hen uitgeleverd aan de nazi's. Ze zijn verdwenen in Auschwitz."

Het feit dat hij de grootste moordpartij van de 20ste eeuw overleefde, geeft Suschitzky ook een zekere levenskracht.

"Ik heb echt altijd geluk gehad. Ik overleefde twee wereldoorlogen, de Holocaust. Het leven is me altijd gunstig gezind geweest: mijn vader heeft me bevrijdende ideeën gegeven en na de oorlog ontmoette ik een fantastische vrouw die me prachtkinderen schonk. Ik deed interessant werk, reisde enorm veel en ontmoette Nobelprijswinnaars, wereldleiders en actrices. I'm a lucky man."

'Vooruitgang kan verlies zijn'

Londen brengt Wolf inderdaad voorspoed. Hij komt er in contact met de bekende bioloog Julian Huxley die hem vraagt om portretten van de dieren van de Londense zoo te maken. "Fotografie en zoölogie! Mijn twee grote passies kwamen samen."

Wolf ontmoet ook Paul Rotha, een van de pioniers van de Britse documentairefilm. Als fotograaf-cameraman is zijn carrière nu pas echt gelanceerd. Onder andere voor NBC-New York zou hij de halve wereld afreizen. "Welk land het meest indruk op me maakte? Ik denk India. De schoonheid van dat land, de fijne mensen met de zon in hun ogen, maar helaas ook dat verschrikkelijke kastesysteem. Dat het ene kind meer rechten had dan het andere: dat kon er bij mij niet in!

"Tegenwoordig is het natuurlijk fascinerend om te zien hoe India tot een opkomende natie is geëvolueerd. Alleen: we moeten opletten dat we ons daardoor niet laten verblinden. Door vooruit te gaan, kunnen landen ook verliezen. Kijk maar naar de pollutie in India en China. Die is ondertussen al veel erger dan in Londen. De idee dat we deze planeet ongebreideld kunnen vervuilen, is echt levensgevaarlijk."

Het valt op. Wolf is nog steeds gevoelig voor het lot van de wereld. Hij blijft de actualiteit volgen en staat open voor nieuwe dingen. Met hem kun je zowel over de nieuwe Griekse regering als over American Sniper praten.

"Ja, ik vind het belangrijk om op de hoogte te blijven van de belangrijke zaken die rondom mij gebeuren. Onwetendheid vind ik gevaarlijk. Laatst was ik in een restaurant en naast mij zat een jong koppel Oostenrijkers. Ik herkende hen aan hun Weense accent. Ik geraakte met hen aan de praat. Bleek dat ze nog nooit over de Oostenrijkse burgeroorlog van 1934 en het austro-fascisme hadden gehoord. Ik kon hen dat niet eens kwalijk nemen, want het is de Oostenrijkse overheid en het onderwijs die de hele aanloop naar het nazisme al jaren onder de mat proberen te vegen.

Tony Blair

"Maar toch: een mens is sterker als hij geïnformeerd is en zijn stem laat horen. Vandaar dat ik vaak deelnam aan belangrijke betogingen op Trafalgar Square. In 1962 stond ik daar toen Bertrand Russell speechte tegen nucleaire wapens, in 2003 stond ik opnieuw op Trafalgar, samen met twee miljoen andere mensen; niet enkel om foto's te nemen maar ook omdat ik vond dat Tony Blair niet zomaar in onze naam Irak kon binnenvallen.

"Precies daar vond ik mijn professionele geluk: ik wou mooie foto's maken, maar ook foto's die getuige waren van iets belangrijks. Met foto's kun je de essentie van een leven of een tijdperk vasthouden."

Wolf kijkt even stil voor zich uit. "Als ik mensen één advies mag geven, dan dit: houd een familiealbum bij. Niet op de computer of op de iPhone, maar in een écht boek. En nauwkeurig; met de namen en de jaartallen. Onze kinderen en kleinkinderen willen weten waar ze vandaan komen. Ze willen weten hoe hun ouders er in hun kindertijd uitzagen. Dat is heel belangrijk."

Opnieuw wordt het stil. "Mooi zo. Dan zijn we rond, denk ik. Can I invite you for lunch?"

Het fotoboek Wolf Suschitzky, Seven Decades of Photography kan voor 40,40 euro bij de Brusselse boekhandel Passa Porta besteld worden (Antoine Dansaertstraat 46, Brussel, www.passaporta.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234