Dinsdag 12/11/2019

hooverphonic stak voor nieuwe cd no more sweet music zijn centen vooral in de muziek

'Mijn vriendin heeft twee miskramen gehad. Zo'n tegenslag kan ik alleen via de muziek verwerken'

'Goedkope hotels kun je ook afbreken'

Met No More Sweet Music heeft Hooverphonic opnieuw een verzameling songs bedacht die de ongeschreven wetten van de de popmuziek met de voeten treedt. Na een liveplaat zonder publiek en een concept-cd - sowieso not done - heeft de trots van het Waasland een cd gemaakt waar elk nummer twee keer op staat. Het lijkt commerciële zelfmoord, maar kijk, nog voor de plaat geperst is, werd ze al met goud bekroond. 'Onze sterkte ligt in het feit dat we alle drie compleet anders zijn. Mochten er twee Alex Calliers in Hooverphonic zitten, dan waren we nu al lang met een groot egoprobleem uit elkaar gegaan.' DOOR BART STEENHAUT

Het is tien uur 's ochtends en Alex Callier zit ons op te wachten in de lobby van het Brusselse Amigo Hotel. Hij heeft samen met gitarist Raymond Geerts al een paar uur in de file gestaan en roert in een bakje koffie. Geike Arnaert komt pas halverwege het gesprek binnen, maar veel verschil maakt dat niet. Callier is de woordvoerder van de groep en de inbreng van de anderen beperkt zich tijdens interviews meestal tot wat instemmend geknik. Toch is er iets veranderd. Voor het eerst graven de songs van Hooverphonic diep onder het oppervlak en de rol van Arnaert is groter dan ooit. "Aanvankelijk beschouwden we haar stem gewoon als een instrument, maar intussen is ze tot Een Zangeres geëvolueerd. En ik ben wat zachter geworden, dat wel. Ik fixeer me louter op de essentie."

Je bent intussen meer muzikant dan popster?

"Dat is een goeie analyse, ja. Wanneer je als jong groepje bij een platenfirma terechtkomt die bereid is vier miljoen in je eerste videoclip te investeren, dan kun je dat niet zomaar naast je neerleggen. In die periode hebben ze ons in first class naar New York overgevlogen en in dure hotels laten logeren en dat was allemaal cool en fantastisch. Tot je achteraf de rekening gepresenteerd krijgt en constateert dat je de helft uit eigen zak mag betalen. Dan is de lol er snel af, hoor. Ik heb er absoluut geen moeite mee om veel geld te spenderen aan een groot orkest of een goeie studiotechnicus. Kwaliteit mag wat kosten. Maar ik wil niet meer afdokken voor onnozele futiliteiten. Trouwens: rock-'n-roll hoeft niet duur te zijn. Een goedkope hotelkamer kun je ook afbreken."

Zei hij in het chicste hotel van Brussel.

"(lacht) Kijk, dat is het voorrecht van creatievelingen. Ik hoef nooit consequent te zijn, ik kan het me veroorloven van mening te veranderen zoals de wind. Wat ik de ene dag briljant vind, kan ik de dag nadien met hetzelfde gemak afbranden."

Ik heb de indruk dat Geike alsmaar meer als het echte gezicht van de groep wordt uitgespeeld. Ze staat bijvoorbeeld voor het eerst alleen op de hoes van de cd.

"Absoluut. Een zangeres wordt sowieso sneller als frontvrouw naar voren geschoven en Geike is de laatste jaren enorm in haar rol gegroeid. Vroeger stond ik zelf meer op de voorgrond, maar dat was vooral uit noodzaak. Als je een fragiele zangeres hebt waar bijna niks uitkomt, is er iemand die het woord moet voeren. Toen Geike destijds onze zangeres werd, verklaarde iedereen ons gek. Want ze was piepjong en ontzettend onzeker. En ze zong lang niet altijd even perfect. Maar we hadden toen al in de gaten dat ze gewoon wat tijd nodig had. Dat is eigen aan de groep, denk ik. Iedereen mag zichzelf zijn. Geike is wat schuchter en timide, ik ben de grote muil en de ambetante kloot."

Ondanks je grote muil vond ik de meeste van jullie teksten vroeger vrij vaag. Dit is de eerste keer dat je de luisteraar een blik in je ziel gunt.

"De nieuwe nummers zijn extreem persoonlijk, dat klopt. Jackie Cane was een heel bombastische conceptplaat over een verhaal dat we uit onze duim hadden gezogen. Niets van wat daar verteld werd, hadden we zelf meegemaakt. Het voorbije jaar zijn we in ons privéleven allemaal door een heel donkere periode gegaan en het cliché wil dat je daar meestal heel mooie nummers aan overhoudt. Dit keer hebben Geike en ik samen aan teksten gewerkt en toen bleek dat ik een grote bek opzet om mijn onzekerheid te verbergen, terwijl zij zich om dezelfde reden net heel timide opstelt."

Mij lijkt samen met iemand anders schrijven een heel intiem procédé. Je moet elkaar door en door kunnen vertrouwen wanneer je je diepste zielenroerselen aan elkaar voorlegt.

"We zeggen nooit tegen elkaar waarover we het hebben. Dat geven we pas achteraf en vaak heel schoorvoetend aan elkaar toe. Dan blijkt dat we elk iemand totaal anders verloren hebben, terwijl het resultaat toch vrij universeel klinkt. Dat verklaart waarom 'Mad about You' destijds zo populair was: het gevoel iemand te haten van wie je tegelijk zielsveel houdt, is iets waar iedereen zich in kan herkennen. Daar moet je als songschrijver rekening mee houden. Ik zal nooit een nummer maken over gaan winkelen in de Stationsstraat van Sint Niklaas. Die Stationsstraat vliegt eruit en ik beperk me tot het winkelen. Dat kan bij Chanel zijn of bij de Delhaize. Dat hangt van het referentiekader van de luisteraar af. De kunst van een goed nummer bestaat erin op een persoonlijke manier universeel te zijn. Burt Bacharach en Hal David waren daar fenomenaal in. 'What do you get when you kiss a guy / You get enough germs to catch pneumonia.' Ik denk dat heel wat vrouwen dat met de glimlach meezingen in de auto."

In 'You Love Me to Death' gaat het over de miskraam van je vriendin, een thema dat je wellicht niet vlotjes in een popsong van vier minuten giet.

"Dat is een manier om die periode te verwerken. Mijn vriendin heeft in de aanloop van de nieuwe cd twee miskramen gehad en op dat moment verbijt ik mijn verdriet door een grote klep op te zetten en vooral geen emoties te tonen. Mijn vriendin was daar trouwens serieus voor op haar tenen getrapt. Die kreeg de indruk dat het me allemaal niet zoveel kon schelen. Mijn manier om zo'n schok te verwerken is daar een song over te schrijven. Of twee. Want in 'My Child' gaat het daar nog explicieter over."

Ligt daar niet de voornaamste functie van muziek, dat ze troost kan bieden in de zwartste periodes in je leven?

"Dat vind ik ook, ja. Weet je, ik vind het echt raar dat veel mensen uit je omgeving dichtklappen wanneer je zo'n tegenslag te verteren hebt. Dan kruipen ze gegeneerd weg in hun zetel, zitten ze wat ongemakkelijk naar het plafond te staren. Terwijl de beste manier om iets te verwerken is: erover praten. Ik krijg regelmatig mails van mensen die ons zeggen dat onze platen hen door een moeilijk moment heen hebben geholpen. Wel, ik vind het een voorrecht om die steun te mogen zijn. Dat compenseert voor de zatte Club Bruggesupporters die de behoefte voelen ons op het hart te drukken hoe verschrikkelijk slecht we wel zijn."

'Ginger' is na een paar draaibeurten mijn favoriete nummer. Waar gaat het over?

"Over de zoektocht naar evenwicht, zoals de meeste van mijn nummers. En over mensen die naast elkaar praten, die de gave om met elkaar te communiceren verloren hebben. In de versie op de eerste plaat hoor je dat de vrouw van het koppel beseft dat haar relatie in het slop zit, maar ze gelooft dat het weer goed kan komen. Op de tweede cd komt de man aan het woord en daar kom je te weten dat die de hoop definitief heeft opgegeven."

Was die tweede plaat heel noodzakelijk?

"Ze bewijst in ieder geval dat een goeie song in elke vorm overeind blijft. Bovendien hadden we achteraf moeite om van elke song de definitieve versie te kiezen. Je kunt de plaat als een tweeling zien waarbij er eentje eerst geboren wordt en de andere wat later uit de moederschoot kruipt."

Na het internationale succes van 'Mad about You' - nummer een in Israël! - is de echte doorbraak toch wat uitgebleven. Dat ligt wellicht niet zozeer aan de songs, maar aan het feit dat jullie Belgen zijn. Een Amerikaanse groep had gegarandeerd wereldhits gescoord met 'Eden', 'Vinegar & Salt' en '2Wicky'.

"Tja. Of je nu dEUS, Hooverphonic of Soulwax bent, het blijft ontzettend moeilijk om de Britse en de Amerikaanse markt binnen te dringen, terwijl je net daar moet zijn als je veel impact wilt hebben."

Is talent dan minder belangrijk dan waar je vandaan komt?

"Natuurlijk. Als Amerikaanse groep hadden we al veel verder gestaan. Live kunnen we de ene hit aan de andere rijgen en er zijn weinig Belgische bands die dat kunnen zeggen. Maar laat ons wel wezen, we hebben een fantastisch luxeleven en we maken de muziek die we willen maken. In Groot-Brittannië zouden we die vrijheid nooit gekregen hebben. Ik zou me veel ongelukkiger voelen mochten we 900.000 exemplaren verkopen van een cd waar we zelf niet achterstaan. En geloof me, zo lopen er veel groepen rond."

Ten slotte: luister je nog voor je plezier naar een Hooverphonicnummer?

"Ik word vooral met mijn muziek geconfronteerd wanneer we een restaurant binnenstappen waar onze plaat wordt gedraaid. Bij Frascati, een restaurant vlak achter de studio waar we de plaat hebben opgenomen, kwam Gigi - de baas - me regelmatig iets in het oor fluisteren. Hein, tu connais un peu le football? Een klein beetje, ja. Waarna hij druk begon te gesticuleren. Walter Baseggio, là-bas! En vijf minuten later zie je hem dan aan Baseggio vragen of hij popmuziek een beetje volgt, want: Hooverphonic, là-bas! (lacht) Maar het is er vreselijk lekker, dus dat soort ongemakken neem ik er met plezier bij."

(No) More Sweet Music van Hooverphonic ligt vanaf zaterdag in de winkel. De tournee start op 3 december in Tongeren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234